Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBUTR:2008:BC4452

Instantie
Rechtbank Utrecht
Datum uitspraak
13-02-2008
Datum publicatie
15-02-2008
Zaaknummer
16/711747-07
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte heeft in Amersfoort voor een lange periode in cocaine en heroine gehandeld. Voorts heeft hij zich schuldig gemaakt aan heling en bedreiging.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK UTRECHT

Sector strafrecht

Parketnummers: 16/711747-07, 16/610876-07 [t.t.z. gevoegd] en 16/617131 05 [t.u.l.]

Datum uitspraak: 13 februari 2008

Vonnis van de meervoudige kamer voor strafzaken op tegenspraak gewezen in de gevoegde zaken tegen:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] (Marokko) op [geboortedatum] 1985,

wonende te [woonplaats],

thans gedetineerd in de P.I. Utrecht, HvB locatie Nieuwegein, te Nieuwegein.

Raadsvrouwe: mr. M. Veldman.

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van

30 januari 2008.

De tenlastelegging

Aan verdachte is, na wijziging van het onder 2 ten laste gelegde feit van de dagvaarding met het parketnummer 16/711747-07, het volgende ten laste gelegd:

Parketnummer 16/711747-07

1.

hij op één of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van

01 juli 2005 tot en met 06 november 2007 te Amersfoort, althans in het arrondissement Utrecht, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk heeft verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad, een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne en/of heroïne, zijnde cocaïne en/of heroïne (een) middel(en) vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I;

2.

hij op of omstreeks 06 november 2007 te Amersfoort, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een DVD speler (van het merk Centurion) en/of twee, althans één, beeldscherm(en) heeft verworven, voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen, terwijl hij ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die DVD speler en/of beeldscherm(en) wist, danwel had moeten weten, dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof;

Parketnummer 16/610876-07

Primair

hij op of omstreeks 27 september 2007 te Amersfoort, althans in het

arrondissement Utrecht, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan [aangever 1] opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, met dat opzet met een moersleutel/bandenlichter, althans een soortgelijk voorwerp, een of meer slaande beweging(en) naar, althans in de richting van, (het hoofd van) die [aangever 1] te maken, zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid;

Subsidiair

hij op of omstreeks 27 september 2007 te Amersfoort, althans in het

arrondissement Utrecht, [aangever 1] heeft bedreigd met enig

misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend met een moersleutel/bandenlichter, althans een soortgelijk voorwerp, een of meer slaande beweging(en) gemaakt naar, althans in de richting van, (het hoofd van) die [aangever 1].

Vrijspraak

Niet wettig en overtuigend is bewezen hetgeen aan verdachte onder parketnummer 16/610876-07 primair is ten laste gelegd.

De rechtbank heeft op grond van wettige bewijsmiddelen niet de overtuiging verkregen dat verdachte het feit heeft begaan. Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

De bewezenverklaring

Handel in harddrugs

Verdachte heeft tijdens de behandeling van de zaak op de zitting bekend dat hij gedurende enige tijd, mogelijk vanaf juli 2007 tot en met 6 november 2007, heeft gehandeld in cocaïne en heroïne. Hij heeft ontkend dat hij zich hiermee heeft beziggehouden vanaf 1 juli 2005, zoals door de officier van justitie is ten laste gelegd.

De rechtbank overweegt wat dat betreft als volgt.

In de maanden september en oktober 2007 is bij de Criminele Inlichtingen Eenheid van de politie Utrecht vijf keer informatie binnengekomen waaruit, na verricht onderzoek, onder meer bleek dat er door verdachte op grote schaal werd gedeald in heroïne en cocaïne . Naar aanleiding daarvan heeft de politie een onderzoek ingesteld, ondermeer door middel van

video-observatie , stelselmatige observatie op 30 oktober 2007, 1 en 6 november 2007 en het uitluisteren van telefoongesprekken . Uit dat onderzoek is gebleken dat verdachte zich waarschijnlijk op grote schaal bezighield met de handel in verdovende middelen.

Op 6 november 2007 heeft de politie een aantal personen, die verdacht werden van het kopen van verdovende middelen bij verdachte, aangehouden en verhoord. Deze personen verklaarden onder meer dat zij in de voorgaande periode, variërend van anderhalf tot tweeënhalf jaar heroïne en/of cocaïne van verdachte hadden gekocht.

Op grond van het bovenstaande is de rechtbank van oordeel dat verdachte gedurende de periode zoals ten laste is gelegd, te weten de periode van 1 juli 2005 tot en met

6 november 2007, op grote schaal heeft gehandeld in verdovende middelen, te weten

heroïne en cocaïne.

Auto-dvd-speler

Tijdens de doorzoeking in de woning van verdachte op 06 november 2007 is o.a. een auto dvd-speler van het merk Centurion met de daarbij behorende twee beeldschermen, een afstandsbediening en bevestigingstoebehoren in beslag genomen. Deze goederen zijn aangetroffen in de slaapkamer van de ouders en broers van verdachte. De afstandsbediening zat in een ongeopende verpakking.

Uit het bedrijfsprocessensysteem van de politie regio Utrecht bleek dat er op 01 april 2006 door [aangever 2] aangifte is gedaan van een inbraak in een automaterialenzaak, genaamd […] te Amersfoort. Daarbij is o.a. een auto-dvd-speler van het merk Centurion weggenomen.

Door de politie is de onder verdachte in beslag genomen auto-dvd-speler aan aangever getoond. Aangever verklaarde dat de bij de inbraak weggenomen auto-dvd-speler soortgelijk was aan het aan hem getoonde exemplaar. Aangever verklaarde tevens dat hij in Amersfoort de enige leverancier was van het merk Centurion.

Verdachte, ter zitting gehoord, heeft geen aannemelijke verklaring kunnen geven voor de aanwezigheid van de auto-dvd-speler in de slaapkamer van zijn ouders.

De rechtbank overweegt als volgt.

De rechtbank heeft hierboven reeds geoordeeld dat verdachte zich gedurende een lange periode heeft schuldig gemaakt aan de verkoop van harddrugs. Uit de observatieverslagen en de verklaringen van de op 6 november 2007 aangehouden kopers van drugs blijkt dat verdachte dat veelvuldig vanuit zijn woning deed. Tijdens de doorzoeking van die woning is gebleken - hetgeen door verdachte ter terechtzitting van 30 januari 2008 ook is bevestigd - dat alle bewoners vrije toegang hadden tot de kamers van die woning. De auto-dvd-speler is aangetroffen in de slaapkamer van de ouders en broers van verdachte. In die kamer is tevens een geldbedrag van € 3.050,-- aangetroffen in een portemonnee, waarin ook een bolletje

“wit” zat. Voorts is het een feit van algemene bekendheid dat kopers van verdovende

middelen deze regelmatig “betalen” met gestolen goederen. Uit voormelde omstandigheden, alsmede omdat verdachte voor de aanwezigheid van de dvd-speler, waarvan de afstandsbediening nog in de verpakking zat, geen aannemelijke verklaring heeft kunnen geven, kan de rechtbank niet anders concluderen dan dat het de dvd-speler betreft die op 1 april 2007 bij een inbraak in Amersfoort is weggenomen en dat verdachte zich derhalve schuldig heeft gemaakt aan opzetheling.

Bedreiging

Aangever [aangever 1] heeft verklaard dat verdachte op 27 september 2007 bij hem aan de deur kwam, omdat verdachte nog geld van aangever zou krijgen. Aangever is naar buiten gegaan, alwaar hij en verdachte elkaar duwden. Aangever zag vervolgens dat verdachte naar zijn auto liep, de achterklep opendeed en daaruit een moersleutel pakte. Verdachte is met deze moersleutel in zijn rechterhand naar aangever toe gelopen. Aangever zag dat verdachte zijn rechterhand naar achter deed en deze vervolgens direct en met kracht in de richting van aangevers hoofd bracht. Aangever bukte snel om de klap te ontwijken. Aangever heeft verdachte uit zelfverdediging geslagen en heeft hem op zijn wang geraakt. Vervolgens is verdachte in zijn auto weggereden.

Verdachte heeft ter zitting verklaard dat hij naar de woning van aangever is gegaan om te praten. Hij heeft erkend dat hij een moersleutel uit de auto heeft gepakt en die in zijn hand heeft gehad, maar hij heeft daarmee niet geslagen. Hij heeft ontkend aangever bedreigd te hebben; hij wilde alleen maar praten.

De verklaring van aangever is bevestigd door getuige [getuige 1] en door een anonieme getuige die het incident heeft waargenomen.

Uit al deze verklaringen is naar het oordeel van de rechtbank vast komen te staan dat er onenigheid bestond tussen verdachte en aangever en dat verdachte met een moersleutel in de hand aangever heeft bedreigd. De rechtbank acht onvoldoende bewijs aanwezig dat verdachte het voornemen heeft gehad om aangever daadwerkelijk met de moersleutel te slaan. De rechtbank acht op grond van de hiervoor vermelde verklaringen wel wettig en overtuigend bewezen dat, zoals subsidiair ten laste is gelegd, verdachte het slachtoffer [aangever 1] heeft bedreigd met zware mishandeling.

Concluderend acht de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de ten laste gelegde feiten onder parketnummer 16/717747-07 onder 1 en 2 en onder parketnummer 16/610876-07 subsidiair heeft begaan en wel op de volgende wijze.

parketnummer 16/711747-07

1.

hij op tijdstippen in de periode van 01 juli 2005 tot en met

06 november 2007 te Amersfoort, opzettelijk heeft verkocht en

afgeleverd en verstrekt en vervoerd, een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne en heroïne, zijnde cocaïne en heroïne middelen vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I;

2.

hij op 06 november 2007 te Amersfoort, een DVD speler van het merk Centurion en twee beeldschermen voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het voorhanden krijgen van die DVD speler en beeldschermen wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;

parketnummer 16/610876-07

Subsidiair

hij op 27 september 2007 te Amersfoort [aangever 1] heeft bedreigd met zware mishandeling, immers heeft verdachte opzettelijk dreigend met een moersleutel een slaande beweging gemaakt in de richting van het hoofd van die [aangever 1].

Voor zover in het bewezen verklaarde deel van de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

Hetgeen onder parketnummer 16/711747-07 onder 1 en 2 en onder parketnummer 16/610876-07 subsidiair meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. Verdachte moet hiervan worden vrijgesproken.

De strafbaarheid van de feiten

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het onder parketnummer 16/711747-07 onder 1 en 2 en onder parketnummer 16/610876-07 onder subsidiair bewezenverklaarde uitsluit, zodat dit strafbaar is.

Het onder parketnummer 16/711747-07 onder 1 en 2 en onder parketnummer 16/610876-07 onder subsidiair bewezenverklaarde levert de navolgende strafbare feiten op.

parketnummer 16/711747-07 onder 1:

Opzettelijk handelen in strijd met het in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod;

parketnummer 16/711747-07 onder 2:

Opzetheling;

parketnummer 16/610876-07 subsidiair:

Bedreiging met zware mishandeling.

De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dus strafbaar.

Motivering van de op te leggen sanctie

Bij het bepalen van de op te leggen straf heeft de rechtbank rekening gehouden met de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de persoon van verdachte.

Wat betreft de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan, heeft de rechtbank in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich gedurende een lange periode beziggehouden met het op grote schaal verkopen van heroïne en cocaïne. Met deze handel voorzag hij verslaafden van verdovende middelen, terwijl hijzelf niet verslaafd is. De rechtbank rekent verdachte dit zwaar aan, nu hij puur uit winstbejag heeft gehandeld. Het is een feit van algemene bekendheid dat verdovende middelen de gezondheid van personen ernstig schaden. Voorts is het bekend dat verslaafden strafbare feiten – voornamelijk diefstallen en inbraken - plegen om met de opbrengst daarvan in hun verslavingsbehoefte te voorzien.

Verdachte heeft zich tevens schuldig gemaakt aan bedreiging van iemand die naar zijn zeggen hem geld schuldig was en hij heeft hem daartoe thuis opgezocht.

Wat betreft de persoon van verdachte heeft de rechtbank in het bijzonder gelet op:

- de inhoud van een verdachte betreffend uittreksel uit de justitiële documentatie d.d. 08 november 2007, waaruit blijkt dat verdachte eerder is veroordeeld tot voorwaardelijke vrijheidsbenemende straffen;

- een voorlichtingsrapport betreffende verdachte van de Reclassering Nederland d.d. 25 januari 2008, opgemaakt door M. Bongenaar, reclasseringswerker.

De officier van justitie heeft ter terechtzitting gevorderd dat verdachte voor het onder parketnummer 16/610876-07 primair ten laste gelegde feit wordt vrijgesproken en ter zake van de onder parketnummer 16/711747-07 onder 1 en 2 en onder parketnummer

16/610876-07 subsidiair ten laste gelegde feiten wordt veroordeeld tot - kort gezegd - een gevangenisstraf voor de duur van dertig maanden met aftrek van het voorarrest, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren en met verplicht reclasseringstoezicht als bijzondere voorwaarde.

Voorts heeft de officier van justitie gevorderd dat het in beslag genomen geld, twee mobiele telefoons en de auto van verdachte zullen worden verbeurd verklaard en dat de in beslag genomen dvd-speler en toebehoren zullen worden teruggegeven aan de rechthebbende.

Tenslotte heeft de officier van justitie gevorderd dat ten aanzien van het parketnummer 16/617131-05 de proeftijd met één jaar zal worden verlengd.

De rechtbank acht, alles afwegende, een gevangenisstraf, waarvan een deel voorwaardelijk, van na te melden duur passend en geboden. De rechtbank heeft, gelet op de lange periode

waarin in verdovende middelen werd gehandeld, overwogen om een hogere straf dan gevorderd op te leggen. De rechtbank zal dit echter niet doen, omdat dit de eerste keer is dat verdachte gedetineerd is. De rechtbank houdt ook rekening met de door de verdediging ter

zitting overgelegde brief van de geestelijk verzorger van verdachte in de penitentiaire

inrichting, waaruit blijkt dat detentie verdachte zwaar valt.

Een taakstraf is naar het oordeel van de rechtbank, gelet op de ernst van de feiten, met name de handel in verdovende middelen, niet gepast.

Verbeurdverklaring:

In beslag genomen geld

Het in beslag genomen en niet teruggegeven geld dat aan verdachte toebehoort, bestaande uit:

- € 5.350,00, afkomstig uit een leren tasje, uit de slaapkamer verdachte

- € 3.050,00, afkomstig uit een portemonnee uit de slaapkamer van de ouders van verdachte

- buitenlands valuta Bank of England/Guernsey 1x10, 2x5 en 5x1, afkomstig uit een leren tasje, uit de slaapkamer verdachte

- € 158,45, afkomstig uit de fouillering van verdachte

zal worden verbeurd verklaard, aangezien dit geld geheel of grotendeels door middel van het onder parketnummer 16/711747-07 onder 1 bewezenverklaarde is verkregen.

Met betrekking tot het in beslag genomen geld ter waarde van € 5.350,00 is door de verdediging gesteld dat dit geld eigendom was van ene [naam]. Deze stelling is door de verdediging echter niet met stukken onderbouwd, terwijl daarvoor ook anderszins geen aanknopingspunt is te vinden in het dossier.

Voorts is gesteld dat het geld ten bedrage van € 3.050,00 eigendom was van de ouders. Dit geld zou afkomstig zijn van de kinderbijslag en de teruggave van de belasting.

De rechtbank acht deze stelling niet aannemelijk. Ter terechtzitting heeft verdachte en/of zijn raadsvrouwe immers verklaard dat de ouders van verdachte een uitkering van de Sociale Dienst ontvangen en voorts in een schuldsaneringstraject zitten. Het is een feit van algemene bekendheid dat in een situatie van schuldsanering een eventuele belastingteruggaaf plaatsvindt door tussenkomst van de bewindvoerder. Daarbij komt nog dat het betoog niet met (fiscale) stukken is onderbouwd.

De rechtbank gaat er daarom van uit dat bovengenoemd geld met de handel van verdovende middelen verkregen is, zodat dit geld moet worden verbeurd verklaard.

Overige in beslag genomen voorwerpen

De in beslag genomen en niet teruggegeven voorwerpen die aan verdachte toebehoren, te weten:

- 1 mobiele telefoon, merk Nokia, kleur: zwart, in de fouillering van verdachte

- 1 mobiele telefoon, merk Nokia, kleur: zilver, in de fouillering van verdachte

- 1 personenauto, merk Volkswagen, type Golf, kenteken: [kenteken], kleur: zwart

- 1 kentekenbewijs, deel I van kenteken [kenteken]

- 1 kentekenbewijs, deel II van kenteken [kenteken]

- 3 stuks sleutels met 2 afstandsbedieningen, behorende bij de Volkswagen met kenteken [kenteken]

worden verbeurd verklaard, omdat met behulp van deze voorwerpen het onder parketnummer 16/711747-07 onder 1 bewezenverklaarde is begaan.

Teruggave in beslag genomen goederen:

Met betrekking tot het in beslag genomen voorwerp, te weten:

- 1 auto-dvd-speler met twee losse beeldschermen,

merk Centurion, kleur: grijs,

acht de rechtbank [aangever 2], p/a […], [adres] te [plaats], degene die redelijkerwijs als rechthebbende kan worden aangemerkt. De rechtbank zal gelasten dat dit voorwerp aan genoemde persoon wordt teruggegeven.

De vordering tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke veroordeling met het parketnummer 16/617131-05

Bij onherroepelijk geworden vonnis van de politierechter in deze rechtbank van

16 december 2005 is verdachte veroordeeld tot een werkstraf voor de tijd van 100 uren subsidiair 50 dagen hechtenis, waarvan 40 uren subsidiair 20 dagen hechtenis voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaren en de voorwaarde dat veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit.

Blijkens een kennisgeving als bedoeld in artikel 366a, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering is de proeftijd ingegaan op 10 oktober 2006.

De officier van justitie vordert ter terechtzitting dat de in dat vonnis bepaalde proeftijd met één jaar wordt verlengd.

Nu veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd opnieuw aan strafbare feiten heeft schuldig gemaakt, te weten de hiervoor onder parketnummer 16/711747-07 onder 1 en 2 en onder parketnummer 16/610876-07 subsidiair bewezen verklaarde feiten, heeft veroordeelde voornoemde voorwaarde overtreden.

De rechtbank zal overeenkomstig de vordering van de officier van justitie de proeftijd met één jaar verlengen.

De rechtbank heeft acht geslagen op artikel 14g van het Wetboek van Strafrecht.

De toepasselijke wettelijke voorschriften

Behalve op de reeds vermelde wetsartikelen zijn de op te leggen straf en bijkomende straf voorts gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 14d, 27, 33, 33a, 45, 57, 285, 426 van het Wetboek van Strafrecht en op artikel 10 van de Opiumwet.

DE BESLISSING

De rechtbank beslist als volgt:

Verklaart niet bewezen dat verdachte het onder 16/610876-07 primair ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart bewezen dat verdachte de onder parketnummer 16/711747-07 onder 1 en 2 en onder parketnummer 16/610876-07 subsidiair ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor vermeld, heeft begaan.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte onder parketnummer 16/711747-07 onder 1 en 2 en onder parketnummer 16/610876-07 subsidiair meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij.

Verklaart dat het onder parketnummer 16/711747-07 onder 1 en 2 en onder parketnummer 16/610876-07 subsidiair bewezenverklaarde strafbaar is en dat dit de hierboven vermelde strafbare feiten oplevert.

Verklaart verdachte daarvoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 2 (twee) jaren en

6 (zes) maanden.

Bepaalt dat van deze gevangenisstraf een gedeelte, groot 6 (zes) maanden, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij later anders mocht worden gelast.

Stelt daarbij een proeftijd vast van twee jaren.

Bepaalt dat de tenuitvoerlegging kan worden gelast, indien:

- veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd aan een strafbaar feit schuldig maakt.

- veroordeelde na te melden bijzondere voorwaarde niet naleeft:

Veroordeelde zal zich gedurende de proeftijd gedragen naar de door of namens de Reclassering Nederland te geven aanwijzingen, zolang die reclasserings-instelling dat nodig acht.

Geeft opdracht aan voornoemde instelling veroordeelde bij de naleving van de

voorwaarden hulp en steun te verlenen.

Beveelt dat de tijd die veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht.

Verklaart verbeurd:

- € 5.350,00, afkomstig uit een leren tasje, uit de slaapkamer verdachte

- € 3.050,00, afkomstig uit een portemonnee uit de slaapkamer van de ouders van verdachte

- buitenlands valuta Bank of England/Guernsey 1x10, 2x5 en 5x1, afkomstig uit een leren tasje, uit de slaapkamer verdachte

- € 158,45, afkomstig in de fouillering van verdachte

- 1 mobiele telefoon, merk Nokia, kleur: zwart

- 1 mobiele telefoon, merk Nokia, kleur: zilver

- 1 personenauto, merk Volkswagen, type Golf, kenteken: [kenteken], kleur: zwart

- 1 kentekenbewijs, deel I van kenteken [kenteken]

- 1 kentekenbewijs, deel II van kenteken [kenteken]

- 3 stuks sleutels met 2 afstandsbedieningen, behorende bij de Volkswagen met kenteken [kenteken].

Gelast de teruggave van:

- 1 auto-dvd-speler met twee losse beeldschermen,

merk Centurion, kleur: grijs,

aan [aangever 2], p/a […], [adres] te [plaats].

Ten aanzien van parketnummer 16/617131-05

Verlengt de proeftijd van twee jaren die is vastgesteld in voornoemd vonnis d.d.

16 december 2005 met één jaar.

Dit vonnis is gewezen door mrs J.R. Krol, D.A.C. Koster en J. Schwillens, bijgestaan door S.E. Lim als griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 13 februari 2008.

Mr Schwillens is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.