Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBUTR:2006:AZ5018

Instantie
Rechtbank Utrecht
Datum uitspraak
21-12-2006
Datum publicatie
21-12-2006
Zaaknummer
16/510739-05
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Raadkamer
Inhoudsindicatie

Toekenning schadevergoeding boven het gebruikelijke bedrag, omdat verzoeker "stevig aan de tand is gevoeld". Ex. art. 89 Sv.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
NJFS 2007, 75
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK UTRECHT

Sector strafrecht

Parketnummer: -16/510739-05

Rekestnummers:-

Beschikking van de enkelvoudige raadkamer in strafzaken, op de op 13 juni 2006 ter griffie van deze rechtbank ingekomen verzoekschriften, op grond van het bepaalde in de artikelen 89 (rekestnr.-) en 591a (rekestnr. -) van het Wetboek van Strafvordering (Sv), van

(verzoeker)

domicilie kiezende te [adres], [woonplaats],

ten kantore van zijn raadsman, mr. B.J. Tieman,

(hierna te noemen: verzoeker).

De verzoekschriften zijn in openbare raadkamer behandeld op 8 november 2006.

Gehoord zijn de officier van justitie, verzoeker en zijn raadsman, mr. Tieman voornoemd, advocaat te Utrecht.

Het verzoekschrift ex artikel 89 Sv strekt er toe dat de rechtbank een vergoeding toekent van

€ 15.000,-- voor de tijd door verzoeker in het kader van voormelde strafzaak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, alsook een vergoeding toekent van de kosten ten bedrage van € 597,19 van de consulten bij de traumatherapeut, de reiskosten voor het bezoek aan de traumatherapeut ten bedrage van € 112,50, het stomen van vier pantalons van verzoeker, zijnde een bedrag van € 27,60, alsmede toekent een bedrag van € 18,90 voor het zes weken geen gebruik kunnen maken van een inbeslaggenomen GSM.

Het verzoekschrift ex artikel 591a Sv strekt er toe dat de rechtbank een forfaitaire vergoeding toekent van € 540,-- voor het indienen en behandelen van het verzoekschrift ex artikel 89 Sv.

De rechtbank heeft kennis genomen van de inhoud van het dossier in de strafzaak tegen verzoeker als verdachte (met opgemeld parketnummer) en van voornoemde verzoekschriften.

De rechtbank gaat bij de beoordeling van de onderhavige verzoeken uit van de navolgende feiten en omstandigheden:

- verzoeker is op 15 november 2005 in verzekering gesteld en hij is op 1 december 2005

heengezonden;

- in totaal gaat het om 16 (hele) dagen doorgebracht met beperkingen, waarvan 3 dagen in een politiebureau en 13 dagen in een huis van bewaring;

- op 14 maart 2006 is aan verzoeker een kennisgeving van niet verdere vervolging

betekend, inhoudende dat hij niet verder vervolgd zal worden.

Overwegingen

Nu de strafzaak van verzoeker is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel, kan hij aanspraak maken op een vergoeding zoals hierna is vermeld.

Ter zake het verzoekschrift ex artikel 89 Sv

Verzoeker kan aanspraak maken op een vergoeding van de schade die is geleden ten gevolge van ondergane verzekering en voorlopige hechtenis. Schadevergoeding wordt toegekend indien en voorzover daartoe, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn.

De rechtbank ziet in deze bijzondere strafzaak aanleiding om een hogere dan de gebruikelijke vergoeding van 16 dagen à € 95,-- toe te kennen. De rechtbank komt tot een hogere vergoeding, nu verzoeker gedetineerd is geweest wegens verdenking van het gepleegd hebben van een zeer ernstig delict jegens een familielid en de rechtbank ervan uitgaat dat in het kader van het strafrechtelijk onderzoek verzoeker “stevig aan de tand is gevoeld”.

De rechtbank is van oordeel dat verzoeker alles in aanmerking genomen een vergoeding voor ondergane verzekering en voorlopige hechtenis toekomt van € 8.000,--.

De rechtbank acht in de onderhavige zaak aannemelijk dat de gemaakte kosten voor de consultering van de traumatherapeut een rechtstreeks verband houden met de ondergane vrijheidsbeneming. De rechtbank is dan ook van oordeel dat de kosten van € 597,19 geheel voor toewijzing vatbaar zijn, alsook de reiskosten ten bedrage van € 112,50.

De kosten van de stomerij, alsook de kosten met betrekking tot de GSM zijn naar het oordeel van de rechtbank geen kosten in de zin van artikel 89 Sv en derhalve zijn deze kosten niet voor toewijzing vatbaar.

In totaal is derhalve naar het oordeel van de rechtbank, alle omstandigheden in aanmerking nemend, een vergoeding toewijsbaar tot een bedrag van € 8.709,69.

Het verzoek ex artikel 89 Sv zal dus worden toegewezen als na te melden.

Ter zake het verzoekschrift ex artikel 591a Sv

De rechtbank is van oordeel dat aan kosten van de raadsman voor het indienen en mondeling toelichten van het verzoekschrift een vergoeding op zijn plaats is zoals die gewoonlijk wordt toegewezen, te weten € 540,-- (inclusief BTW).

Het verzoek ex artikel 591a Sv zal dus worden toegewezen als na te melden.

Beslissing

De rechtbank beslist als volgt:

Op de voet van artikel 89 Sv:

kent verzoeker ten laste van de Staat een vergoeding toe ten bedrage van € 8.709,69

(zegge: achtduizend zevenhonderd negen euro en negenenzestig cent);

wijst het verzoek voor het overige af.

Op de voet van artikel 591a Sv:

kent toe aan verzoeker uit 's Rijks kas een vergoeding ten bedrage van € 540,--

(zegge: vijfhonderd veertig euro).

Beveelt de griffier van deze rechtbank voormelde bedragen aan verzoeker uit te betalen op rekeningnummer -

Deze beslissing is gewezen door mr. P. Bender, rechter, als lid van de enkelvoudige raadkamer, in tegenwoordigheid van A.J.M. Spruijt, griffier, en uitgesproken in openbare raadkamer van deze rechtbank van 21 december 2006.