Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBUTR:2003:AF7096

Instantie
Rechtbank Utrecht
Datum uitspraak
10-04-2003
Datum publicatie
10-04-2003
Zaaknummer
158479 KG ZA 03-200
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

zaaknr./rolnr. 158479 KG ZA 03-200

RECHTBANK UTRECHT

Sector handels- en familierecht

VONNIS van de voorzieningenrechter

in het kort geding van:

1. de stichting

SLOTERVAART ZIEKENHUIS,

gevestigd te Amsterdam,

2. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid

ABVA KABO FNV,

gevestigd te Zoetermeer,

3. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid

CNV PUBLIEKE ZAAK,

gevestigd te 's-Gravenhage,

4. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid

FHZ (Federatie van verenigingen voor hogere functionarissen in de Gezondheids- en Bejaardenzorg),

gevestigd te Utrecht,

5. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid

NU'91 (beroepsorganisatie van de verpleging en de verzorging),

gevestigd te Utrecht,

6. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid

UNIE ZORG EN WELZIJN,

Gevestigd te Houten,

7. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid ANBO, de bond voor vijftig-plussers,

gevestigd te Utrecht,

8. de stichting

Stichting Vrienden van het Slotervaartziekenhuis,

gevestigd te Amsterdam,

eiseressen,

procureur: mr. Y.M.J.I. Baauw-de Bruin,

advocaten : mr. G.G.J. Knoops en

mr. C.J. Knoops-Hamburger

beiden te Amsterdam,

- tegen -

1. de onderlinge waarborgmaatschappij

AGIS ZORGVERZEKERINGEN U.A.,

gevestigd te Amersfoort,

2. de naamloze vennootschap

AGIS ZIEKTEKOSTENVERZEKERINGEN N.V.,

gevestigd te Utrecht,

3. de vereniging met volledige rechtsbevoegdheid

ZORGVERZEKERAARS NEDERLAND,

gevestigd te Zeist,

gedaagden,

procureur: mr. E.N. Bouwman,

advocaat: mr. A.J.H.W.M. Versteeg te Amsterdam.

1.

Het verloop van de procedure

1.1

Eiseressen (hierna: Slotervaart c.s., dan wel het Slotervaart Ziekenhuis, dan wel Slotervaart) hebben gedaagden (hierna: Agis c.s., dan wel Agis) in kort geding doen dagvaarden. Op de dienende dag, 21 maart 2003, hebben Slotervaart c.s. van eis geconcludeerd overeenkomstig de inhoud van de gelijkluidende exploten van dagvaarding, waarvan er één in fotokopie aan dit vonnis is gehecht. Bij die gelegenheid hebben zij hun eis gewijzigd zoals hierna onder 3.2 zal worden weergegeven. Tegen deze wijziging als zodanig hebben Agis c.s. geen bezwaar gemaakt.

1.2

Slotervaart c.s. hebben hun vordering bij monde van hun advocaten doen toelichten, mede aan de hand van producties en pleitnotities.

Agis c.s. hebben daarop bij monde van hun advocaat verweer doen voeren, mede aan de hand van producties en pleitaantekeningen.

1.3

Na voortgezet debat is met partijen de mogelijkheid van een mediation besproken. De behandeling is korte tijd geschorst teneinde partijen in de gelegenheid te stellen zich hieromtrent nader te beraden. Nadat de mondelinge behandeling was hervat, hebben partijen te kennen gegeven dat zij aansluitend op een door hen op 28 maart 2003 te voeren gesprek, zullen beslissen of zij gebruik wensen te maken van het mediationtraject dan wel vonnis zullen vragen. Partijen hebben bij separaat schrijven van 31 maart 2003 vonnis gevraagd.

2.

De feiten

2.1

Het Slotervaart Ziekenhuis en de zorgverzekeraars, waaronder Agis, hebben op 21 december 2001 een intentieverklaring over een toekomstscenario voor het Slotervaart Ziekenhuis ondertekend. Daarbij zijn de navolgende intenties weergegeven:

"o Teneinde de medische basisfuncties bijeen te houden wordt de mogelijkheid

onderzocht om deze functies van het Slotervaartziekenhuis op termijn te integreren

met die van het Flevoziekenhuis te Almere;

o In Amsterdam West wordt op de locatie van het Slotervaartziekenhuis geïnvesteerd:

a. in de nieuwbouw van een dagziekenhuis met aandacht voor innovatie van de

eerstelijnsgezondheidszorg in samenwerking met de tweedelijnsgezondeheids-

zorg en (….)"

Partijen zijn daarbij onder meer overeengekomen dat in de periode tot uiterlijk 1 april 2002 een onderzoek zal plaatsvinden over de wijze waarop tot planvorming wordt gekomen voor de ontwikkeling en bouw van een innovatief poliklinische, dagbehan-delings-, huisartsen en transmuraal-centrum. Ten slotte is de verwachting uitgesproken dat het Slotervaart Ziekenhuis als instelling en rechtspersoon ultimo 2006 zal worden gesaneerd en opgeheven.

2.2

Naar aanleiding van een brief van het Slotervaart Ziekenhuis gedateerd 6 maart 2002, zijn partijen nadien overeengekomen dat de intentieverklaring van 21 december 2001 vervalt, wanneer onder meer mocht blijken dat de totstandkoming van het dagziekenhuis, dan wel de intregratie van de klinische capaciteit van het Slotervaart Ziekenhuis met die van het Flevo Ziekenhuis niet mogelijk is.

2.3

In de loop van 2002 is partijen duidelijk geworden dat de overdracht van klinische capaciteit naar het Flevo Ziekenhuis te Almere niet mogelijk was.

2.4

Partijen hebben op 3 september 2002 opnieuw overleg gevoerd over de toekomst van het Slotervaart Ziekenhuis. Het Slotervaart Ziekenhuis heeft bij die bespreking een eigen concept gepresenteerd. De betreffende nota "Het Nieuwe Slotervaartziekenhuis; Het transmuraal diagnose- en interventiecentrum, teaching hospital en multifunctioneel zorgcomplex in Amsterdam West" is bij die gelegenheid aan Agis ter hand gesteld.

Partijen hebben onder meer afgesproken dat een neutrale commissie van deskundigen de financiële positie van het Slotervaart Ziekenhuis zou toetsen.

2.5

Agis heeft naar aanleiding van dit overleg, in haar brief aan het Slotervaart Ziekenhuis gedateerd 30 september 2002 het standpunt van de zorgverzekeraars verwoord en aangegeven onder welke voorwaarden en aanvullingen zij bereid is met het Slotervaart Ziekenhuis verder vorm te geven aan de door het ziekenhuis beoogde vernieuwingen.

2.6

Op 12 december 2002 heeft een daartoe aangezochte Commissie van Drie bestaande uit een door Agis aangewezen accountantskantoor (PWC), het accountantskantoor van het Slotervaart (KPMG) en een derde, het college Sanering, namens het Ministerie van Volkshuisvesting, een concept-rapport aangeleverd inzake het onderzoek naar de financiële situatie van het Slotervaart Ziekenhuis.

2.7

Bij brief van het Slotervaart Ziekenhuis aan Agis gedateerd 31 oktober 2002, doch eerst verzonden op 17 december 2002 heeft het Slotervaart onder meer aangegeven dat het een beroep wenst te doen op de ontbindende voorwaarde behorende bij de intentie-verklaring van 21 december 2001 en dat het aan de hand van het door de Raad van Bestuur en de Raad van Toezicht goedgekeurde toekomstscenario van het Slotervaart Ziekenhuis (de onder 2.4 bedoelde nota) verdere onderhandelingen met Agis c.s. wenst te voeren.

2.8

In december 2002 heeft bureau Prismant haar rapport "Contouren ziekenhuiszorg Zuidwest Amsterdam terug naar de feiten" gepresenteerd. Uit dit rapport komt onder meer naar voren dat de patiëntenstromen bij het wegvallen van de klinische capaciteit van het Slotervaart Ziekenhuis kunnen worden opgevangen door de omliggende ziekenhuizen.

2.9

Agis c.s. hebben het Slotervaart Ziekenhuis bij brief van 16 december 2002, welke brief het ziekenhuis op 17 december in de namiddag is aangereikt, onder meer, het volgende medegedeeld:

"Zoals u bekend heeft Agis en de regiovertegenwoordiger ZN/KPZ voor de zomer

Prismant opdracht gegeven voor een onderzoek in Amsterdam Zuidwest naar de

patiëntenstromen en de noodzakelijk klinische beddencapaciteit. Dit onderzoek is

door ons geïnitieerd ter ondersteuning en onderbouwing van het noodzakelijk

herstructureringsproces in Amsterdam Zuidwest.

Bijgaand ontvangt u van ons een exemplaar van het rapport "Contouren zieken-

huiszorg Zuidwest Amsterdam terug naar de feiten".

Het rapport is tot stand gekomen door de medewerking van de ziekenhuizen in

Amsterdam Zuidwest (VU, Amstelveen, Lucas Andreas en AVL) met één uitzondering.

Als enige partij heeft u géén machtiging voor het LMR-bestand gegeven, maar ver-

wezen naar uw eigen deelrapportage. Het Prismant onderzoek is hierdoor weliswaar

belemmerd, maar toch bleek het mogelijk onafhankelijk en samenhangend over de

feiten te rapporteren.

(…)

Met deze bevindingen van een onafhankelijk onderzoeksbureau worden nogmaals de

feiten bevestigd die ook door de commissie Simons in 2001 al zijn vastgesteld.

In december 2001 hebben wij met u in een gezamenlijke intentieverklaring gepro-

beerd een uitweg te vinden voor de patstelling. Met name door verplaatsing van

klinische capaciteit naar Almere zou personeel, opleiding en kennis in samenhang

worden behouden en kon investering in leegstand worden voorkomen. Nu de eerste

optie niet meer aan de orde is, formuleren wij nu ook schriftelijk onze uitgangspositie:

o Géén goedkeuring voor nieuwbouw van klinische bedden voor het Slotervaart.

o Investering in vernieuwing en samenwerking in Amsterdam Zuidwest in plaats van

leegstand.

o Opgaan van de huidige organisatie Slotervaart in een netwerkverband en daarmee

het opgeven van de eigen zelfstandigheid in de eindsituatie.

o Het werken aan garanties voor het personeel.

o Het veilig stellen van de opleidingen.

(…)

Maatschappelijk gezien achten wij het niet aanvaardbaar om in een tijd, waarin op

alle mogelijke manieren de kosten voor de gezondheidszorg onder druk staan en

burgers met grote premiestijgingen worden geconfronteerd, vast te houden aan

een nieuwbouwplan voor een zelfstandig ziekenhuis met klinische beddencapaciteit.

De gezamenlijke zorgverzekeraars zullen deze investering nu en in de toekomst niet

goedkeuren. (…)"

2.10

Agis heeft op 17 december 2002 een persbericht doen uitgaan met -voor zover relevant- de volgende inhoud:

"Plan Slotervaart voor nieuwbouw ziekenhuis is investering in lege bedden.

Onderzoek toont aan dat er in de regio Amsterdam structureel teveel ziekenhuis-

bedden zijn. Zelfs als er voldoende personeel zou zijn om alle zorg te verlenen, dan

nog zijn lang niet alle thans aanwezige bedden noodzakelijk. Ook als rekening wordt

gehouden met de toekomstige behoefte aan zorg en bedden blijven circa 500 van de

ruim 2.100 bedden in Amsterdam Zuid-West leeg. Dit blijkt uit onafhankelijk onder-

zoek dat bureau Prismant uitvoerde in opdracht van Agis Zorgverzekeringen en

namens de overige zorgverzekeraars, ZN/KPZ-regiovertegenwoordiger. Gezien de

uitkomsten van het onderzoek zien de zorgverzekeraars geen heil in de plannen van

het Slotervaartziekenhuis om een nieuw ziekenhuis te bouwen met een paar honderd

bedden.

(…)

De zorgverzekeraars vrezen dat er weer een patstelling ontstaat indien het Slotervaart

blijft vasthouden aan haar plannen voor nieuwbouw. En dat terwijl er nu een besluit

moet worden genomen over de zorg in Amsterdam-West en de toekomst van het

ziekenhuis. Want ondanks de huidige renovaties en renovatieplannen van het

Slotervaartziekenhuis, voldoet het gebouw niet meer aan de officiële eisen die

tegenwoordig aan een ziekenhuis gesteld worden. Op deze manier kan het ziekenhuis

dan ook niet oneindig verder. De zorgverzekeraars roepen de bestuurders van het

Slotervaartziekenhuis daarom op hun verantwoordelijkheid te nemen en een

realistische koers voor het ziekenhuis uit te stippelen.

(…)

Op dit moment loopt in samenwerking met het Slotervaartziekenhuis nog een

onafhankelijk onderzoek naar de financiële positie van het ziekenhuis. Over die

positie bestaat onduidelijkheid en het onderzoek is erop gericht om objectief vast te

stellen hoe het Slotervaartziekenhuis er financieel voor staat. De uitkomsten van dat

onderzoek worden uiterlijk eind januari 2003 verwacht.

Aan het onderzoek van Prismant hebben alle Amsterdamse ziekenhuizen met

uitzondering van het Slotervaart hun medewerking verleend. De zorgverzekeraars

hebben dinsdag 17 december het rapport en hun standpunt kenbaar gemaakt aan de

Raad van Bestuur van het Slotervaartziekenhuis, gemeente Amsterdam, provincie

Noord-Holland en het ministerie van VWS."

2.11

Agis c.s. hebben bij brief van 16 januari 2003 aan het Slotervaart te kennen gegeven dat het Slotervaart de tussen partijen gemaakte afspraken van 3 september 2002 niet juist heeft weergegeven in zijn brief van 31 oktober 2002.

2.12

Tussen OWM ZAO Zorgverzekeringen u.a., per 1 januari 2003 opgegaan in OWM AGIS Zorgverzekeringen u.a. en Zorgverzekeraars Nederland/KPZ-regiovertegenwoordiger handelend namens een aantal zorgverzekeraars enerzijds en het Slotervaart Ziekenhuis anderzijds is vanaf 1 januari 2001 tot en met 31 december 2002 een "overeenkomst zorgverzekeraar-ziekenhuis" (hierna: de Overeenkomst) van kracht geweest. De betreffende overeenkomst is door partijen op 30 januari 2003 ondertekend.

Deze overeenkomst vindt haar oorsprong in artikel 44, eerste lid, van de Ziekenfondswet.

Ingevolge lid 8 van genoemd artikel wordt de geldingsduur van een dergelijke overeenkomst verlengd met een periode van 6 maanden indien voor de beëindiging van de overeenkomst geen nieuwe overeenkomst tot stand komt.

Tussen partijen is nog geen nieuwe Overeenkomst gesloten. De huidige Overeenkomst behoudt zijn gelding tot 1 juli 2003. Ingevolge deze Overeenkomst rust op de zorgver-zekeraars de verplichting aan hun financiële verplichtingen jegens het Slotervaart Zie-kenhuis te voldoen en betaalt Agis voorschotten op het aan het ziekenhuis toegekende budget.

3.

De vordering

3.1

Slotervaart c.s. stellen dat het persbericht van 17 december 2002 onrechtmatig dan wel onzorgvuldig jegens het Slotervaart Ziekenhuis is, aangezien het persbericht zonder zijn instemming dan wel medeweten is uitgebracht, waardoor het essentiële recht van hoor en wederhoor is geschonden. Een en ander klemt te meer nu het persbericht samenviel met het uitbrengen van het Prismant onderzoek waarin het Slotervaart niet was gekend. Slotervaart c.s. stellen dat het persbericht sterk afbreuk doet aan de reputatie van het Slotervaart en dat het door Agis c.s. gebruikte bronnenmateriaal, het Prismant onder-zoek, eenzijdig is en feitelijke onjuistheden en vooronderstellingen bevat. Daarnaast stellen zij dat het persbericht tevens de suggestie wekt dat de sluiting van het Slotervaart als ziekenhuis onafwendbaar is, hetgeen tot een grote onrust bij het personeel en onder het patiëntenbestand heeft geleid. Slotervaart c.s. hebben in dit verband aangevoerd dat een besluit tot eventuele sluiting dan wel het publiekelijk ter discussie stellen van de positie van het Slotervaart niet tot de bevoegdheidssfeer van Agis c.s. behoort.

Voorts stellen Slotervaart c.s. dat op Agis juist vanwege haar monopoliepositie een verhoogde pre/postcontractuele goede trouw rust om met het Slotervaart Ziekenhuis voort te onderhandelen over de toekomst van het ziekenhuis, waarbij onder meer als uitgangspunt dient te worden genomen dat AGIS op 3 september 2002 de verwachting heeft gewekt dat het door het Slotervaart zelf opgestelde toekomstscenario in die onderhandelingen zou worden betrokken, indien de financiële situatie van het Slotervaart Ziekenhuis zich gunstig zou hebben ontwikkeld. Slotervaart stelt dat zijn exploitatie thans een gunstig resultaat vertoont.

Wegens de aantasting van haar eer en goede naam en wegens de schade voortvloeiend uit het Prismant rapport en de onrechtmatige publicatie, bestaande uit kosten die het Slotervaart heeft moeten maken in het kader van inhuren van uitzendkrachten, productieverlies, meerkosten management, advies en werkingskosten wegens het vertrek van personeel, stelt het Slotervaart Ziekenhuis recht en belang te hebben bij een voorschot op die schade.

Tenslotte stellen Slotervaart c.s. dat Agis vanaf 7 augustus 2002 weigert nadere afspraken te maken en weigert deel te nemen aan het contactueel vastgelegde locale overleg dat nodig is voor de invulling van productieafspraken om tot een volledige dekking van het budget en financiën van het ziekenhuis te komen. Slotervaart stelt dan ook recht en belang te hebben bij een veroordeling tot nakoming van Agis c.s. van de "Overeenkomst tussen de zorgverzekeraar en het ziekenhuis".

3.2

Op grond van het voorgaande vorderen Slotervaart c.s. na wijziging van eis, kort weergegeven, Agis c.s. (dan wel een of meerdere gedaagden) te bevelen c.q. te veroordelen om:

1. het persbericht van 17 december 2002 binnen vijf dagen na het ten deze te wijzen vonnis te doen rectificeren door de plaatsing van de in het petitum van de dag-vaarding aangegeven tekst in de in de dagvaarding nader genoemde dagbladen, alsmede Agis c.s. te bevelen c.q. te veroordelen zich in de toekomst te onthouden van soortgelijke publicaties, dan wel publicaties of bekendmakingen waarbij direct dan wel indirect wordt gesuggereerd dat het Slotervaart Ziekenhuis in zijn huidige vorm geen toekomst meer zal hebben dan wel gesloten zal moeten worden, telkens op straffe van een dwangsom van € 10.000,-- voor iedere dag dat Agis in gebreke zal zijn aan deze veroordeling te voldoen;

2. de met de Raad van Bestuur van het Slotervaart Ziekenhuis vigerende onderhande-lingen omtrent de toekomst van het ziekenhuis, binnen vijf dagen na de datum van dit vonnis, te hervatten, daarbij uitgaande van de vaststaande premisse dat het Slotervaart Ziekenhuis niet als ziekenhuis gesloten zal worden, c.q. de intrekking van de toelating op grond van artikel 18a WZV niet (meer) in het geding is, alsmede uitgaande van de afspraken zoals op 3 september 2002 tussen het Slotervaart Zieken-huis en Agis zijn gemaakt;

3. aan het Slotervaart Ziekenhuis te voldoen een bedrag van € 1.000.000,-- als voorschot op een nader vast te stellen schadevergoeding voortvloeiende uit de toerekenbare tekortkoming van Agis c.s. in de nakoming van de wettelijke en contractuele verplichtingen, dan wel wegens onrechtmatige daad, een en ander vermeerderd met wettelijke rente vanaf 29 januari 2003 tot de dag der voldoening;

4. binnen vijf dagen na de datum van dit vonnis integraal na te komen de overeenkomst bekend als "Overeenkomst voor 2002 tussen de zorgverzekeraar en het ziekenhuis" over het jaar 2002 almede dezelfde overeenkomst voor het jaar 2001, en meer speciaal Agis te veroordelen alle op grond van deze overeenkomsten aan eiseres sub 1 toekomende vergoedingen onverwijld uit te keren, op straffe van een dwangsom van € 10.000,-- voor iedere dag dat Agis hiermee in gebreke blijft.

Een en ander met veroordeling van Agis c.s. in de kosten van dit geding.

3.3

De grondslag van de vorderingen alsmede de daarop gevoerde verweren, worden hierna voor zover nodig besproken.

4.

De beoordeling van het geschil

4.1

Aanvankelijk is mede gedagvaard de naamloze vennootschap AGIS ZORGVERZEKE-RINGEN N.V. te Amersfoort. Agis c.s. hebben het bestaan van deze vennootschap gemotiveerd betwist en hebben gesteld dat Agis Zorgverzekering één van de handelsnamen is waarvan Agis Ziektekostenverzekeringen N.V. (gedaagde sub 2) gebruik maakt. Nu Slovertaart c.s. het bestaan van bedoelde vennootschap niet hebben aangetoond, wordt deze vennootschap in dit geding niet als procespartij aangemerkt.

4.2

Ten aanzien van het door Agis uitgegeven persbericht van 17 december 2002 wordt het volgende overwogen.

In het algemeen staat het eenieder vrij een persbericht uit te brengen. Deze vrijheid is evenwel niet onbeperkt. Bij de beantwoording van de vraag of het onderhavige persbe-richt geheel dan wel ten dele toelaatbaar is dient onder meer rekening te worden gehouden met de aard van de mededelingen en met de belangen welke Agis c.s. met de publicatie beogen te dienen. Daarbij dienen de mededelingen in hun samenhang en context te worden beoordeeld, waarbij niet alleen op de gebruikte feiten moet worden gelet maar ook op de tussen die feiten gelegde of gesuggereerde verbanden en de daaraan uitdrukkelijk of impliciet verbonden gevolgtrekkingen. Daarbij is in het bijzonder van belang dat de mededelingen niet op onjuiste, onnodig grievende of suggestieve wijze mogen plaatsvinden.

4.3

Slotervaart c.s. hebben voorshands niet aannemelijk gemaakt dat de wijze van totstandkoming van het gewraakte persbericht onrechtmatig is. Niet valt in te zien op welke grondslag Agis c.s. instemming van het Slotervaart Ziekenhuis behoefden of het op voorhand in kennis hadden moeten stellen van hun voornemen een persbericht met de onderhavige strekking te doen uitgaan. Slotervaart c.s. hebben gesteld dat zij op voorhand in de gelegenheid hadden moeten worden gesteld haar visie op het standpunt van Agis c.s. kenbaar te maken aangezien in het persbericht werd verwezen naar de uitkomst van het Prismant onderzoek, in welk onderzoek zij niet waren gekend. Voor zover al rechtens relevant kan dit argument Slotervaart niet baten. Uit de overgelegde producties en het ter zitting behandelde is in voldoende mate aannemelijk geworden dat het Slotervaart Ziekenhuis vooraf op de hoogte was van een door Prismant te verrichten onderzoek alsmede van de strekking van de onderzoeksopdracht. De enkele omstandig-heid dat Slotervaart c.s. de inhoud en aanbevelingen van dat rapport niet kunnen onder-schrijven, leidt als zodanig niet tot een verplichting zijdens Agis c.s. om Slotervaart c.s. op voorhand in de gelegenheid te stellen hun visie kenbaar te maken.

4.4

De inhoud van het persbericht wordt voorshands niet onrechtmatig geacht.

Slotervaart c.s. hebben onvoldoende aannemelijk gemaakt dat Agis in haar persbericht onjuiste informatie heeft verstrekt. Uit de overgelegde producties en het ter terechtzit-ting behandelde is voldoende aannemelijk geworden dat het Slotervaart Ziekenhuis geen volledige medewerking aan het Prismant Onderzoek heeft verleend. De verwijzing naar het financiële onderzoek dat werd uitgevoerd, is als zodanig niet onjuist en voor zover die vermelding de suggestie zou kunnen wekken dat de financiële situatie van het ziekenhuis niet rooskleurig zou zijn, is voorshands, gelet op de hiervoor onder 2.6 bedoelde rapportage dienaangaande, evenmin gebleken dat deze gevolgtrekking apert onjuist is.

Ook is niet gebleken dat het standpunt van Agis slechts gebaseerd is op het Prismant onderzoek, waarvan de onderzoeksresultaten door Slotervaart c.s. worden betwist.

Aannemelijk is dat reeds lange tijd bekend is dat de huidige vorm van het Slotervaart Ziekenhuis ter discussie is. Het persbericht geeft dienaangaande geen ander beeld en wekt ook geen andere suggestie. Voorts is niet gebleken dat het persbericht enig ander onjuist beeld van het Slotervaart Ziekenhuis geeft dan wel afbreuk doet aan zijn reputatie.

Evenmin is gebleken dat Agis op enigerlei wijze rechtstreeks in het beleid van het ziekenhuis is getreden dan wel de positie van het ziekenhuis publiekelijk heeft ondermijnd. Tenslotte is ook niet gebleken dat het persbericht is uitgeven om het Slotervaart Ziekenhuis schade te berokkenen. Agis heeft voldoende aannemelijk gemaakt dat met dit persbericht is beoogd om duidelijkheid te creëren omtrent het door haar reeds langere tijd ingenomen standpunt dat het voortbestaan van het Slotervaart in zijn huidige vorm niet wenselijk is. Het staat haar in beginsel vrij om die mening kenbaar te maken. De daarbij gebruikte bewoordingen en toonzetting zijn als zodanig niet onnodig grievend of suggestief.

Voor de toewijzing van een bevel tot rectificatie als gevorderd is in dit geding derhalve geen plaats.

4.5

Voor de toewijzing van de vordering strekkende tot een verbod voor toekomstige uitlatingen is geen aanleiding nu het persbericht voorshands niet onrechtmatig is en omdat Agis c.s. niet op voorhand kunnen worden beperkt in hun vrijheid om uitdruk-king te geven aan hun opvattingen.

4.6

Met betrekking tot de vordering strekkende tot het voeren van onderhandelingen op basis van de vaststaande premisse dat het Slotervaart Ziekenhuis niet als ziekenhuis zal worden gesloten, wordt het volgende overwogen.

Een gebod strekkende tot het onderhandelen op basis van een standpunt van één van partijen is, wat er verder ook van dit standpunt moge zijn, in het algemeen een te verregaande maatregel in kort geding. Bijzondere omstandigheden welke tot een ander oordeel zouden kunnen leiden zijn in deze gesteld noch gebleken. Dit brengt mee dat in een procedure als de onderhavige het dan ook niet mogelijk is door middel van een vonnis een rechtstoestand in het leven te roepen, waarbij partijen er vanuit moeten gaan dat het ziekenhuis in zijn huidige vorm niet behoeft te worden gesloten. Daar komt nog bij dat voorshands niet is komen vast te staan welke afspraken partijen op 3 september 2002 precies hebben gemaakt. De standpunten van partijen dienaangaande, zoals onder meer ook verwoord in hun brieven gedateerd respectievelijk 30 september 2002 en 31 oktober 2002, staan diametraal en gemotiveerd tegenover elkaar. In dit geding kan niet worden vastgesteld welke van beide standpunten onjuist is.

4.7

De gevorderde nakoming van de Overeenkomst wordt ook afgewezen.

Het Slotervaart Ziekenhuis heeft zijn vordering op dit punt volstrekt onvoldoende onderbouwd. In dit geding is op geen enkele wijze inzicht verkregen in de aard van de door het Slotervaart Ziekenhuis gestelde tekortkomingen in de uitvoering van de Overeenkomst zijdens Agis c.s.

Daarnaast is niet betwist dat de Overeenkomst haar geldigheid behoudt tot juli 2003. Ook is niet betwist dat de uit die Overeenkomst voortvloeiende betalingsverplichtingen tot op heden worden nagekomen. Evenmin bestaan er concrete aanwijzingen die er op duiden dat er geen nieuwe overeenkomst tot stand zal komen. Daarmee ontbreekt derhalve tevens het spoedeisend belang dat het Slotervaart Ziekenhuis bij dit onderdeel van de door hem gevraagde voorzieningen heeft.

4.8

Slotervaart c.s. vordert verder een voorschot op de in een bodemprocedure toe te wijzen schadevergoeding. In het licht van het hiervoor gestelde is voorshands onvoldoende aannemelijk geworden dat schadevergoeding in een bodemprocedure wordt toegewe-zen. De onderhavige procedure biedt reeds hierom geen ruimte voor toekenning van een voorschot daarop.

4.9

Al het voorgaande leidt er toe dat de gevraagde voorzieningen worden geweigerd.

Slotervaart c.s. zullen, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van dit geding.

5.

De beslissing

De voorzieningenrechter:

5.1

weigert de gevraagde voorzieningen;

5.2

veroordeelt Slotervaart c.s. in de kosten van de procedure, tot aan de uitspraak van dit vonnis aan de zijde van Agis c.s. begroot op € euro 703,-- voor salaris van de procureur en op euro 205,-- griffierecht, en verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.N. Brouwer, en in het openbaar uitgesproken op 10 april 2003.