Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSHE:2012:BY4969

Instantie
Rechtbank 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
05-12-2012
Datum publicatie
05-12-2012
Zaaknummer
01/855009-06
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verlenging tbs met twee jaar.

Indexdelicten: voortgezette handeling van afpersing en diefstal met bedreiging met geweld en brandstichting.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK 's-HERTOGENBOSCH

Sector Strafrecht

Parketnummer: 01/855009-06

Uitspraakdatum: 5 december 2012

Beslissing verlenging terbeschikkingstelling

Beslissing in de zaak van:

[terbeschikkinggestelde],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1979,

verblijvende in [kliniek].

Het onderzoek van de zaak

Bij arrest van het gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 2 juni 2008 is betrokkene ter beschikking gesteld. Deze terbeschikkingstelling is voor het laatst, bij beschikking van deze rechtbank van 26 oktober 2010 met twee jaar verlengd.

De vordering van de officier van justitie bij deze rechtbank van 17 juli 2012 strekt tot verlenging van de termijn van terbeschikkingstelling voor de duur van twee jaar.

Deze vordering is behandeld ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van

21 november 2012. Hierbij zijn de officier van justitie, de deskundige D.J.A. Teirlinck en de terbeschikkinggestelde en zijn raadsman gehoord.

In het dossier bevinden zich onder andere:

- het advies van dhr. drs. D.J.A. Teirlinck, hoofd behandeling van de inrichting waar betrokkene verblijft, dhr. P. Schoor, psychiater en dhr. drs. J.C.J.M. Koolen, locatiedirecteur Behandeling en Zorg/ plaatsvervangend hoofd van de inrichting, d.d.

20 juni 2012;

- de omtrent de terbeschikkinggestelde gehouden wettelijke aantekeningen;

- het persoonsdossier van terbeschikkinggestelde.

De beoordeling

De terbeschikkingstelling is toegepast ter zake van

- voortgezette handeling van afpersing en van diefstal, voorafgegaan, vergezeld of gevolgd van bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken en om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren;

- opzettelijk brand stichten, terwijl daarvan levensgevaar voor een ander te duchten is en opzettelijk brand stichten, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten is,

terwijl de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen het opleggen van die maatregel eiste. Deze misdrijven betreffen misdrijven die gericht zijn tegen of gevaar veroorzaken voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen.

In voornoemd advies van het hoofd behandeling van de inrichting is, zakelijk weergegeven, onder meer het navolgende gesteld:

Betrokkene heeft een persoonlijkheidsstoornis NAO met paranoïde, borderline, obsessief-compulsieve, narcistische en antisociale kenmerken en enige kenmerken van psychopathie zijn tevens aanwezig. Bovendien is er sprake van een psychotische stoornis. Bij betrokkene is sprake van een beperkt zelfinzicht en er is geen ziektebesef. Hij is van mening dat er geen sprake is van een psychiatrische stoornis en hij weigert gedurende lange tijd medicatie, maar is sinds korte tijd bereid tot het nemen van Oxazepam. Er is de afgelopen periode sprake geweest van een instabiel toestandsbeeld met vele afzonderingen als gevolg. Bijgaand gevolg is dat betrokkene in beperkte mate blokken en therapieën heeft kunnen volgen. De afgelopen periode is betrokkene meer in staat gebleken zich op meer adequate wijze op de leefgroep te bevinden. Er is geen sprake geweest van actieve psychotische symptomen, maar wel van een hoge mate van achterdocht en waanideeën. Betrokkene heeft op de afdeling regelmatig impulsief gedrag laten zien, waarbij spanningen in een hoog tempo opliepen.

Bij beëindiging van de TBS-maatregel wordt de kans dat plannen zullen slagen als laag geschat. Er is buiten deze kaders geen sprake van een dagbesteding, woning en een voldoende steunend netwerk. Betrokkene zal binnen een kort tijdsbestek bloot worden gesteld aan verschillende destabiliserende factoren, zoals middelen en een veelheid aan prikkels die de achterdocht en waanideeën van betrokkene zullen aanwakkeren. Vanwege het instabiel toestandsbeeld van betrokkene is betrokkene niet in staat gebleken om een volledig dagprogramma en zijn therapieën te kunnen volgen. Dit zal buiten de TBS kaders niet anders zijn. Tenslotte heeft betrokkene onvoldoende copingvaardigheden ontwikkeld om zelfstandig zijn spanningen te kunnen reguleren, waardoor de mate van ervaren stress als hoog zal worden ervaren.

De aandacht zal zich ook de komende periode richten op het stabiliseren van betrokkene (mede aan de hand van medicatie en het aanbieden van voldoende structuur en begeleiding).

Er zal onderzocht worden op welke wijze het medicatiebeleid ingezet kan worden binnen de

behandeling van betrokkene, daar betrokkene de aangeboden medicatie tot op heden veelal

geweigerd heeft (betrokkene is wel bereid om Oxazepam te gebruiken). Spanningen en frustraties, achterdocht en agressieve gedachten zullen onderwerp van gesprek zijn binnen sociotherapie. Het middelengebruik wordt gecontroleerd middels urinecontroles. Tenslotte zal betrokkene gestimuleerd worden een dagprogramma te volgen dat is afgestemd op zijn

draagkracht.

Vanuit de problematiek van betrokkene is de prognose dat externe bescherming door middel van het huidige risicomanagement nog minimaal twee jaar nodig zal zijn. Op de langere duur zal een vorm van begeleiding waarschijnlijk noodzakelijk blijven.

Wanneer de TBS-maatregel nu beëindigd zou worden, wordt het recidivegevaar op basis van de gebruikte risicotaxatie instrumenten en klinisch beeld als hoog ingeschat.

Bij het wegvallen van de structuur zal betrokkene niet in staat zijn adequaat om te gaan met

spanningen/stress, waarin hij dan terecht komt. Het gebruik van middelen zal een grotere rol gaan spelen. Ten gevolge van deze factoren kan er bij teveel spanning en stress een te gebrekkige beheersing van agressieve impulsen en verdere ontwikkeling van een psychotische decompensatie ontstaan. Zodat de kans op herhaling van het indexdelict groot is. Hij zal geldproblemen hebben, behoefte aan middelen (alcohol, drugs) en geen woonplek. Om aan de middelen en inkomsten te kunnen komen zal hij overgaan tot diefstal, mogelijk met geweld. Na een langere onttrekking (enkele maanden) zal verdere deraillering optreden en risico op geweld steeds groter worden.

De nog aanwezige risicofactoren, het nog niet ingesteld zijn op de juiste medicatie door het ontbreken van ziektebesef, het nog niet bezitten van enige vorm van verlof, het niet hebben van werk of een woning, het nog onvoldoende bewerkt hebben van het middelengebruik, de onvoldoende copingvaardigheden bij stress en spanningen, de nog aanwezige psychotische stoornis inclusief de hoge kans op psychotische decompensatie hetgeen leidde tot verschillende afzonderingen en het ontbreken van een voldoende doorwerkt delictbewerking, maken dat de behandeling nog verder vorm gegeven dient te worden binnen het TBS-kader. De risicotaxatie-instrumenten onderschrijven het nog aanwezige gevaar voor recidive. Het advies is om de TBS-maatregel met twee jaar te verlengen.

De terbeschikkinggestelde heeft verklaard, kort en zakelijk weergegeven:

Ik ben hier voor maar één ding, namelijk overplaatsing naar een andere kliniek.

Ik wil geen andere medicatie dan Oxazepam gebruiken, omdat ik geen anti-psychotische medicatie nodig heb. Ik ben niet psychotisch. De kliniek wil mij alleen maar medicatie geven, omdat ze mij mak en stil willen krijgen.

Er is een vertrouwensbreuk tussen [kliniek] en mij. De vertrouwensbreuk is zo groot dat de enige mogelijkheid voor een geslaagde behandeling is bij een andere kliniek. Ik zit al twee jaar lang 24 uur per dag op mijn cel. Ik doe nergens meer aan mee, omdat ik weg wil uit deze kliniek.

Bij een andere kliniek zal ik wel meewerken aan urinecontroles, maar anti-psychotica of anti-depressiva zal ik ook in een andere kliniek pertinent niet slikken.

De deskundige dhr. drs. D.J.A. Teirlinck, optredend namens voormelde inrichting, heeft bij de behandeling ter terechtzitting gepersisteerd bij voornoemd advies. Hij heeft voorts het navolgende verklaard, verkort en zakelijk weergegeven:

Wij hebben het verzoek tot overplaatsing serieus genomen, maar zijn tot de conclusie gekomen dat het nog te vroeg is voor een overplaatsing. Er is te weinig ontwikkeling gezien bij betrokkene. We zien echter wel vooruitgang. We hebben ook een ingang gezien voor medicatie, maar deze medicatie (oxazepam) kan enkel tijdelijk gebruikt worden.

Wij verwachten dat een andere kliniek ook op medicatie zal aansturen. Daarnaast zal overplaatsing tijd kosten. Op dit moment hebben wij daarom gezegd dat een overplaatsing geen positieve gevolgen zal hebben.

Mocht een en ander zo door gaan en blijkt dat we inderdaad geen stap verder komen, dan kunnen we alsnog overplaatsing overwegen. Ik kan geen uitspraak doen over binnen welk tijdsbestek dit mogelijk is.

Een behandeling zonder medicatie zal heel moeizaam zijn. De spanning is namelijk soms zo hoog opgelopen dat de veiligheid in gevaar kwam.

De medicatie die wij betrokkene voorschrijven, is bedoeld om de stemmingswisselingen te dempen. Dit kan met antipsychotica, maar ook met antidepressiva.

De officier van justitie heeft aangevoerd, verkort en zakelijk weergegeven:

Vandaag moet beoordeeld worden of nog steeds aan de voorwaarden voor een terbeschikkingstelling wordt voldaan. Gelet op de persoonlijkheidsproblematiek en de drugsproblematiek van de terbeschikkinggestelde, acht ik het recidiverisico nog steeds erg groot. De terbeschikkinggestelde heeft nog behandeling nodig.

De overplaatsingsproblemen zal de terbeschikkinggestelde elders moeten uitvechten, samen met zijn advocaat.

Ik verzoek de terbeschikkingstelling te verlengen met een periode van twee jaar.

De raadsman van de terbeschikkinggestelde heeft aangevoerd, verkort en zakelijk weergegeven:

De terbeschikkingstelling dient verlengd te worden met een periode van twee jaar.

Mijn cliënt heeft geen vertrouwen meer in de kliniek, omdat hij niet serieus genomen wordt. Als het zo doorgaat, komt er geen vooruitgang. Er is meerdere malen overplaatsing aangevraagd. Het laatste overplaatsingsverzoek bevindt zich thans in de beroepfase. Ik denk dat een overplaatsing moet worden aangegrepen om mijn cliënt de mogelijkheid te geven te laten zien dat hij het wel kan.

Ik verzoek de rechtbank om een overweging te wijden aan het overplaatsingsverzoek. Wellicht legt dit wat meer gewicht in de schaal.

De rechtbank verenigt zich met het advies van voornoemde inrichting, met de daarop ter terechtzitting gegeven toelichting door de deskundige.

Gelet op het vorenstaande, gezien artikelen 38d en 38e van het Wetboek van Strafrecht, is de rechtbank van oordeel dat de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de terbeschikkingstelling eist.

De rechtbank zal zich niet uitlaten over het door de raadsman genoemde overplaatsingsverzoek. De rechtbank is van oordeel dat op dit punt in deze procedure geen taak voor de rechtbank is weggelegd.

DE BESLISSING

De rechtbank:

verlengt de termijn gedurende welke [terbeschikkinggestelde] ter beschikking is gesteld met twee jaar.

Deze beslissing is gegeven door

mr. W.A.F. Damen, voorzitter,

mr. N.M. Spelt en mr. S.J.W. Hermans, leden,

in tegenwoordigheid van mr. A. de Boer, griffier,

en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 5 december 2012.