Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSHE:2012:BV1931

Instantie
Rechtbank 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
19-01-2012
Datum publicatie
25-01-2012
Zaaknummer
774709
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Verordening (EG) nr. 861/2007

- Procespartij ontbreekt op formulier A; zijn vordering kan niet in deze procedure worden behandeld

- Artikel 6:89 BW gaat voor op artikel 8:1853 BW; er is sprake van een tekortkoming en er is niet tijdig geklaagd door twee van de eisers, de vorderingen ten aanzien van deze eisers worden afgewezen

- Vertraging van een vlucht geeft ingevolge de EG-Verordening 261/2004 geen recht op compensatie. Het Sturgeonarrest doet daaraan niets af. Het Hof van Justitie is niet de Europese Wetgever en zijn arresten kunnen geen recht scheppen.

- Bij vertraging van een vlucht bestaat geen recht op geldelijke compensatie.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
S&S 2012/64
Prg. 2012/240 met annotatie van P.J.M. Ros
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK 's-HERTOGENBOSCH

Sector Kanton, locatie Eindhoven

Beschikking op grond van Verordening (EG) nr. 861/2007 in de zaak van:

1. [eiseres 1]

wonende te [plaats],

2. [eiser 2]

wonende te [plaats],

3. [eiseres 3],

wonende te [plaats],

eisers,

gemachtigde: mr. F. Niemöller van EUclaim B.V. te Brummen,

t e g e n

de vennootschap naar Iers recht Ryanair Limited,

gevestigd te Dublin,

verweerster,

gemachtigde: mr. drs. L. aan den Toorn.

Partijen zullen hierna worden aangeduid als "eisers" en "verweerster".

De procedure

De kantonrechter heeft kennis genomen van de volgende stukken:

* het standaard vorderingsformulier A, met producties, van bijlage I van Verordening (EG) nr. 861/2007 tot vaststelling van een Europese procedure voor geringe vorderingen (hierna: de Verordening), ingekomen ter griffie op 4 augustus 2011;

* het verweerschrift ex Verordening nr. 871/2007 inzake Europese geringe vorderingen;

* de reactie op het verweerschrift ex Verordening nr. 871/2007 inzake Europese geringe vorderingen

* de reactie op de reactie op het verweerschrift ex Verordening nr. 871/2007 inzake Europese geringe vorderingen

* de akte tot reactie op producties.

De beschikking is bepaald op heden.

Vordering

Eisers vorderen dat verweerster wordt veroordeeld tot betaling aan eisers van een bedrag ad € 1.750,-- vermeerderd met de wettelijke rente en een vergoeding voor buitengerechtelijke kosten,

Eisers leggen het navolgende aan hun vordering ten grondslag.

Zij zouden op 5 augustus 2009 om 11.55 met Ryanair vliegen van Eindhoven naar Pisa. Deze vlucht is geannuleerd zonder dat sprake was van een bijzondere omstandigheid. Op grond van EG-verordening 261/2004 hebben passagiers van geannuleerde vluchten recht op compensatie. Op basis van het Sturgeon-arrest hebben passagiers ook recht op compensatie bij een vertraging van meer dan drie uur, waarbij de hoogte van de compensatie afhankelijk is van de te vliegen of gevlogen afstand. Gezien de afstand van de vlucht, 943 kilometer, hebben eisers recht op een vergoeding van € 250,-- per persoon. Verweerster heeft niet gereageerd op brieven en sommaties waarin haar wordt verzocht eisers te compenseren.

Verweer

Ryanair stelt daar het volgende tegenover:

- [M] komt wel in de stukken voor, maar heeft de vordering niet mee ingesteld; hem kan dus niets worden toegewezen

- de vorderingen van [eiser 2] en Nieuwkerk stuiten af op BW 6:89; zij hebben hun vordering pas op 2 augustus 2011 voor het eerst geldend gemaakt

- de overige vorderingen moeten worden afgewezen omdat van een annulering geen sprake is geweest; er was alleen een vertraging; de Verordening kent voor vertraging geen recht op compensatie toe; het Sturgeon-arrest moet niet gevolgd worden, want dat is fout om allerlei in het verweerschrift beargumenteerde redenen; het Hof is verder gegaan dan waartoe het bevoegd was; zie ook de annotator Mok onder het arrest

- bovendien deden zich de buitengewone omstandigheden voor waarin volgens de Verordening geen verplichting tot geldelijke compensatie bestaat

- voor zover de vorderingen niet aanstonds worden afgewezen moet de beslissing worden aangehouden totdat het Hof in Luxemburg heeft beslist op prejudiciële vragen die het Engelse High Court aan het Hof van Justitie heeft gesteld; een van die vragen is of de EG Verordening 261/2004 zo moet worden uitgelegd dat de verplichting bestaat om compensatie te betalen aan passagiers van wie de vlucht is vertraagd en zo ja, onder welke omstandigheden

- [eiseres 1] c.s. dienen in de proceskosten en de nakosten veroordeeld te worden.

De beoordeling

1. Bevoegdheid

1.1 De Europese procedure voor geringe vorderingen is - zakelijk weergegeven - in grensoverschrijdende gevallen van toepassing in burgerlijke en handelszaken, indien de waarde van een vordering, alle rente, kosten en uitgaven niet meegerekend, op het tijdstip dat het vorderingsformulier ter griffie van de rechtbank wordt ontvangen, niet meer bedraagt dan € 2.000,00, en zowel verzoeker als verweerder in een lidstaat wonen waarvoor de verordening geldt (artikel 2 lid 3 Verordening), een en ander behoudens de in artikel 2 lid 2 van de Verordening genoemde uitzonderingen.

1.2. De kantonrechter stelt vast dat de vordering binnen het toepassingsbereik van de Verordening valt, nu eisers in Nederland wonen en Ryanair in Ierland gevestigd is, en beide landen lidstaten zijn waarvoor de Verordening geldt.

1.3. Voorts dient de kantonrechter aan de hand van de Verordening betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken EG/44/2001(hierna EEX-Verordening) te bepalen of hij als Nederlandse rechter bevoegd is, nu een aparte bevoegdheidsregeling in de Verordening ontbreekt.

1.4. De kantonrechter is bevoegd als Nederlandse rechter van de vordering kennis te nemen op grond van artikel 5 lid 1 sub b tweede streepje EEX-Vo. Zie ook LJN: BJ2979, Hof van Justitie van de EG/EU, 09-07-2009, C-204/08, waarin is bepaald dat artikel 5, punt 1, sub b, tweede streepje EEX-Vo zo moet worden uitgelegd dat in het geval van luchtvervoer van personen van een lidstaat naar een andere lidstaat op grond van een overeenkomst die is gesloten met één enkele luchtvaartmaatschappij, die de vlucht uitvoert, het gerecht dat bevoegd is om kennis te nemen van een vordering tot compensatie gebaseerd op die vervoerovereenkomst en Verordening EG (261/2004), naar keuze van eiser het gerecht is in het rechtsgebied waarvan zich de plaats van vertrek of de plaats van aankomst van het vliegtuig bevindt, zoals deze plaatsen in die overeenkomst zijn overeengekomen.

1.5. Omdat de plaats van vertrek Eindhoven betreft is de kantonrechter relatief bevoegd.

2. [M]

2.1. [M] staat niet als procespartij op het Formulier A vermeld, zodat de vorderingen voor zover deze [M] betreffen, niet in deze procedure kunnen worden behandeld.

3. Overige vorderingen

3.1. De vorderingen van [eiser 2] en [eiseres 3] worden afgewezen, omdat die berusten op een gebrek in de geleverde prestatie terzake waarvan niet binnen bekwame tijd geprotesteerd is zoals BW 6:89 eist; het gebrek is van 5 augustus 2009 en het protest - dat is de aanspraak op compensatie - is van 2 augustus 2011. Een aanmaning zonder namen kan niet als protest gelden.

3.2. De vertraging in kwestie is een tekortkoming; dat de vordering berust op de EG- Verordening 261/2004 maakt dat niet anders.

4.1. De vordering van [eiseres 1] wordt afgewezen.

4.2. De gebeurtenis in kwestie is een vertraging in de vlucht; [eiseres 1] is met de oorspronkelijke vlucht naar Pisa gevlogen, zij het later dan gepland en uit niets van wat zij heeft aangevoerd blijkt dat zij is omgeboekt naar een andere vlucht.

4.3. De Verordening in kwestie geeft haar voor het geval van vertraging geen recht op geldelijke compensatie. Het Sturgeonarrest doet daaraan niets af, aangezien het Hof van Justitie niet de Europese wetgever is en zijn arresten dus geen recht kunnen scheppen.

5. In de omstandigheid dat [eiseres 1] in redelijkheid kon menen dat zij een aanspraak kon geldend maken ziet de kantonrechter grond, de proceskosten te compenseren.

De beslissing

De kantonrechter:

Wijst de vorderingen af;

Compenseert de proceskosten; ieder drage de eigen kosten.

Gewezen door mr. P.M. Knaapen, kantonrechter, en op 19 januari 2012 uitgesproken ter openbare terechtzitting in tegenwoordigheid van de griffier.