Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSHE:2011:BU6537

Instantie
Rechtbank 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
09-11-2011
Datum publicatie
01-12-2011
Zaaknummer
759009
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Woningruil. De weigering van een nieuwe huurder enkel en alleen op haar etnische achtergrond is in strijd met de antidiscriminatiebepaling in artikel 1 van de grondwet. Een beroep op leefbaarheidsproblematiek in de omgeving van de te ruilen woning levert geen rechtvaardiging op om daar van af te wijken. Bijzondere omstandigheden ten aanzien van de voorgestelde nieuwe huurder mogelijk wel, maar die moeten dan wel aangevoerd worden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
WR 2012/91

Uitspraak

Kantonrechter te Helmond*

Zaaknummer : 759009

Rolnummer : 2084/11

Uitspraak : 9 november 2011

in de zaak van:

B. S.,

wonende te Helmond,

eiseres,

met rechtsbijstand procederende ingevolge toevoeging van

de Raad voor Rechtsbijstand d.d. 17 november 2010, nr. 1FH0576,

gemachtigde: mr. S.J.L.M. van den Reek,

Parkweg 22, 5701 PS Helmond,

t e g e n :

de vereniging Woningbouwvereniging Volksbelang,

gevestigd te Helmond,

gedaagde,

gemachtigde: van Seggelen & Partners Gerechtsdeurwaarders,

Postbus 365, 5700 AJ Helmond.

1. De procedure.

Eiseres heeft bij dagvaarding gesteld en gevorderd als na te melden. Naar aanleiding van haar mondelinge toelichting bij de introductie van de zaak ter zitting van 25 mei 2011 heeft de kantonrechter een comparitie van partijen gelast, welke heeft plaatsgevonden op 14 juni 2011. Gedaagde is bij die gelegenheid verschenen en heeft de vordering weersproken. Vervolgens is zij in de gelegenheid gesteld tot het nemen van een conclusie van antwoord. Vervolgens werden de conclusie van repliek en de conclusie van dupliek gewisseld. Daarna is vonnis bepaald. Onder de genoemde processtukken bevonden zich tevens de in die stukken nader aangeduide producties.

Partijen zullen verder worden aangeduid als “S.” en “Volksbelang”.

2. Het geschil.

1. S. vordert een machtiging op voet van het bepaalde in artikel 7:270 BW om een ander, de familie A., in haar plaats te stellen als huurder van de woning aan de Xstraat 31 te Helmond, één en ander op verbeurte van een dwangsom van € 500,= per dag dat Volksbelang na betekening van het vonnis nalatig blijft om haar medewerking hieraan te geven en met veroordeling van Volksbelang in de kosten van het geding.

S. legt daaraan ten grondslag dat zij een zwaarwegend financieel belang heeft bij een verhuizing naar een goedkopere woning. Zij is op zoek gegaan naar kandidaten voor een woningruil en is aldus in contact gekomen met de familie A.. Die woont in een woning van de Stichting Woonpartners aan de Ylaan 35 te Helmond. Stichting Woonpartners heeft een verklaring van geen bezwaar afgegeven, zodat medewerking van die zijde is verzekerd. De familie A. is ook voldoende draagkrachtig om de huur voor de nu nog door S. bewoonde woning te kunnen betalen. Volksbelang weigert echter haar medewerking, waartoe zij zich beroept op de leefbaarheidssituatie, meer in het bijzonder een probleemsituatie met Marokkaanse jongeren. Dat dat een criterium is bij de beoordeling van de vraag of woningruil kan worden toegelaten, blijkt echter niet uit de informatie op de internetsite van Volksbelang. Anders dan gebruikelijk, heeft Volksbelang mevrouw A. niet eens uitgenodigd voor een intakegesprek. De weigering zou naar objectieve maatstaven als discriminatie worden beschouwd.

S. heeft een zwaarwegend belang bij de voorgestelde woningruil. Haar huidige inkomen is niet vol-doende om alle maandelijkse vaste lasten te kunnen betalen. Bij verhuizing naar de woning aan de Ylaan 35 te Helmond zou S. ongeveer € 110,= per maand minder aan huur gaan betalen. De familie A. heeft belang bij de woningruil, omdat zij de extra ruimte in de woning van S. goed kunnen gebruiken. Bij afweging van deze belangen tegen het door Volksbelang aangevoerde belang dient aan het belang van S. het meeste gewicht te worden toegekend.

Op de woningen is hoofdstuk II van de Huisvestingswet van toepassing. De gemeente Helmond heeft – na bezwaar tegen een eerdere weigering - toegezegd dat aan de familie A. een huisvestingsvergunning zal worden gegeven op het moment dat de woning van S. aan haar zal worden toegewezen. Een kopie van die beslissing is bij dagvaarding in het geding gebracht.

2. Volksbelang voert tegen de vordering tot verweer aan dat zij S. twee andere woningen, kleiner en goedkoper dan haar huidige woning, heeft aangeboden. S. heeft die in afwachting van het resultaat van deze procedure geweigerd. Volksbelang erkent het feit dat S. financieel in de problemen zit en daarom belang heeft bij een goedkopere woning, maar de omvang van haar inkomensverlies is niet aangetoond en nu zij twee andere woningen heeft geweigerd, heeft zij geen zwaarwegend belang meer bij de woningruil.

Voor wat haar belangen betreft wijst Volksbelang op de omstandigheid dat zij in samenspraak met de gemeente Helmond voor de wijk waarin de huidige woning van S. is gelegen haar toewijzingsbeleid heeft aangepast. Het doel van die aanpassing was en is het verkrijgen van een betere balans tussen de verschillende bevolkingsgroepen in de wijk. Het algemeen belang dat Volksbelang dient te waarborgen (zoals haar is opgedragen in artikel 12 van het Besluit Beheer Sociale Huursector) weegt in dit geval zwaarder dan het individueel belang van S..

3. Bij repliek en dupliek hebben partijen volhard in hun standpunten en deze nader feitelijk onderbouwd.

3. De beoordeling.

4. De kantonrechter stelt vast dat hetgeen partijen aan feiten hebben aangevoerd niet wordt weersproken. Volksbelang heeft erkend dat S. een financieel belang heeft bij verhuizing naar een goedkopere woning en S. heeft bij repliek afdoende aangetoond dat haar inkomenssituatie zodanig is gewijzigd dat daartoe ook alle aanleiding bestaat. Dit belang acht de kantonrechter ook voldoende van gewicht om te kunnen spreken van een zwaarwichtig belang in de zin van artikel 7:270 BW. Terecht merkt Volksbelang in dit verband overigens op dat in deze kwestie alleen het belang van S. een rol speelt en niet dat van de familie A.. Het belang van die familie laat de kantonrechter dan ook verder buiten beschouwing.

5. Voorts is tussen partijen niet in geding dat de familie A. voldoende draagkrachtig is om de huur voor de woning die S. nu huurt te voldoen. Deze grond voor afwijzing doet zich dus niet voor.

6. Nu voldaan is aan de voorwaarde voor toewijzing en niet is gebleken dat de grond voor afwijzing zich voordoet, rest nog slechts de vraag of de omstandigheden van het geval nopen tot afwijzing of toewijzing van het gevorderde. Daarbij gaat het dan in deze zaak om de vraag of bij afweging van de wederzijdse belangen van S. en Volksbelang aan het laatste meer gewicht toekomt dan aan het eerste.

7. Voor zover Volksbelang zich beroept op de leefbaarheidssituatie in het Zonnekwartier, merkt de kantonrechter op dat zij zelf aangeeft dat zij in overleg met de gemeente Helmond op dit punt specifiek beleid heeft ontwikkeld. Nu de gemeente Helmond echter geen gronden aanwezig acht om aan de beoogde nieuwe huurders een huisvestingsvergunning voor de woning van S. te weigeren, doet de vraag zich voor waarom Volksbelang desondanks weigert de familie A. toe te laten. Concrete bezwaren tegen deze huurders (zoals bijvoorbeeld de omstandigheid dat zij kinderen meenemen waarvan in het verleden is gebleken dat zij overlast veroorzaken) zijn door Volksbelang niet aangevoerd. De weigering van Volksbelang lijkt dus enkel te worden ingegeven door de etnische achtergrond van de beoogde nieuwe huurders. Daarmee handelt Volksbelang in beginsel in strijd met het in artikel 1 van de Grondwet neergelegde discriminatieverbod.

8. Afwijking of beperking van in de Grondwet neergelegde grondrechten is mogelijk, zij het dat daartoe een wet in formele zin vereist is. Die wet bestaat in de vorm van de Huisvestingswet, waarin aan de gemeenteraad bevoegdheden worden toegekend om te bepalen welke categorieën personen in aanmerking komen voor welke categorieën woningen. Het Besluit Beheer Sociale Huursector legt weliswaar bij organisaties als die van Volksbelang een taak neer met betrekking tot de leefbaarheid in wijken, maar schept formeel geen bevoegdheid om in dat verband en in strijd met het bepaalde in artikel 1 van de Grondwet onderscheid te maken naar etnische afkomst van een beoogd huurder.

9. De kantonrechter is van oordeel dat in een geval als het onderhavige, waarin de gemeente geen bezwaar aanwezig acht dat zich verzet tegen afgifte van een huisvestingsvergunning, een woningcorporatie niet met een verwijzing naar een algemeen leefbaarheidsprobleem in een wijk mag overgaan tot weigering van een concrete huurder. Daartoe zal zij ten aanzien van die huurder concrete bezwaren moeten aanvoeren en – bij betwisting – het bestaan daarvan moeten aantonen welke bezwaren van dien aard zijn dat zij (en niet de etnische afkomst van de huurder) aanleiding kunnen geven om tot weigering van de huurder over te gaan. De enkele omstandigheid dat de voorgestelde nieuwe huurder van Marokkaanse afkomst is vormt – vanwege de strijdigheid met de antidisciminatiebepaling in de Grondwet - een argument waaraan bij de afweging van de wederzijdse belangen geen gewicht kan worden toegekend. Concrete bezwaren tegen de voorgestelde huurder zijn niet aangevoerd.

10. Rest ten slotte de omstandigheid dat S. twee andere woningen heeft afgewezen. In beginsel kan het gewicht aan het belang van S. bij toewijzing van het verlangde worden ontnomen, wanneer Volksbelang een alleszins passend (en dus redelijk) alternatief aanbiedt waarmee het financieel belang van S. evenzeer is gediend als met de voorgestelde woningruil. Volksbelang heeft dienaangaande aangevoerd dat zij aan S. woningen heeft aangeboden aan de …straat en op de …..

11. S. heeft, in afwachting van het oordeel in deze zaak de woningen niet willen accepteren. Als bezwaar tegen de woning aan de …straat merkt S. op dat ook dat een eengezinswoning betreft. De huur daarvan mag dan wellicht lager zijn, maar de vaste lasten in de vorm van energiekosten zullen volgens haar nagenoeg gelijk zijn. De huidige woning stamt uit 2008 en de woning aan de ….straat is volgens haar tientallen jaren oud, zodat deze qua isolatie niet kan tippen aan haar huidige woning. De woning aan de …. betreft een seniorenwoning. S. is 39 jaar oud en voldoet daarmee niet aan de criteria voor een dergelijke woning, terwijl evenmin is gebleken dat de huur voor die woning lager zou zijn dan wat S. nu moet betalen.

12. Volksbelang heeft daarop aangevoerd dat de huur voor de beide woningen € 412,= bedroeg en dat de woning aan de ….straat voor wat betreft het aantal m³’s beduidend kleiner was dan de thans gehuurde ruimte.

13. De kantonrechter oordeelt nu als volgt. Blijkens het “Formulier aanvraag woningruil” (productie 1 bij antwoord) verzoekt S. om haar woning te mogen ruilen met een woning in de Ylaan met een huurprijs van € 450,= per maand. De door Volksbelang aan haar aangeboden woonruimtes waren (aanzienlijk) goedkoper. Aangezien enkel en alleen het financieel belang door S. aan haar verzoek ten grondslag is gelegd en geen andere omstandigheden die maken dat zij een zwaarwegend belang heeft om in de Ylaan te gaan wonen, kan zij in dat belang ook tegemoet gekomen worden wanneer Volksbelang haar op een andere locatie een goedkopere woning aanbiedt. Niets in het door S. aangevoerde belang maakt immers dat zij nergens anders dan in de Ylaan zou kunnen gaan wonen.

14. Het voorgaande brengt met zich mee dat, wanneer S. het aanbod van een passend alterna-tief weigert, in ernstige mate getwijfeld kan worden aan het gewicht van haar belang om kosten te beperken. Nu Volksbelang zich eerder bereid heeft verklaard om andere, goedkopere woonruimte beschikbaar te stellen, zal de kantonrechter haar toelaten om zulks nogmaals te doen, er van uitgaande dat de eerder aangeboden alternatieven niet meer beschikbaar zijn.

15. Dit betekent voor de zaak dat de kantonrechter partijen in feite een keuze geeft. Volksbelang zal een termijn worden geboden om aan S. passende alternatieve woonruimte aan te bieden, waarmee tegemoet gekomen wordt aan het door haar aangevoerd belang, te weten: kostenreductie. Mocht Volksbelang een dergelijk aanbod binnen die termijn niet kunnen of willen doen, dan ligt toewijzing van het gevorderde voor de hand, omdat aan het door Volksbelang daartegen aangevoerde belang geen gewicht kan worden gehecht (zie r.o. 7 tot en met 9).

Mocht Volksbelang een aanbod doen dat S. niet wenst te accepteren, dan kunnen partijen hun standpunten over de vraag of het door Volksbelang geboden alternatief passend is of niet nader komen toelichten op een comparitie van partijen die, voorwaardelijk, voor het geval dat een dergelijk geschil inderdaad zou rijzen, reeds nu zal worden gelast. Met het oog op het spoedeisend belang van S. bij een beslissing zij reeds nu medegedeeld dat van de te bepalen datum geen uitstel zal worden verleend. Zo nodig zal dan op de kortst mogelijke termijn na die comparitie een eindvonnis worden gewezen.

16. In afwachting van de actie die partijen op deze beslissing zullen ondernemen, wordt elke verdere beoordeling en beslissing in deze zaak aangehouden.

4. De beslissing.

De kantonrechter, alvorens nader te beslissen:

Gelast partijen in persoon dan wel vertegenwoordigd door een ter zake behoorlijk geïnformeerde en tot het aangaan van een dading bevoegde persoon of personen, partijen desgewenst vergezeld van hun raadslieden, om op woensdag 21 december 2011 om 11.00 uur in het Kantongerecht aan de Weg op den Heuvel 9 te Helmond te verschijnen voor de kantonrechter die dit vonnis heeft gewezen tot het geven van inlichtingen en het voeren van een mondeling debat als overwogen in r.o. 15;

Houdt elke verdere beslissing aan.

Aldus gewezen te Helmond door mr. R.J.M. Cremers, kantonrechter, en aldaar uitgesproken ter openbare terechtzitting van 9 november 2011, in tegenwoordigheid van de griffier.