Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSHE:2010:BN2273

Instantie
Rechtbank 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
22-07-2010
Datum publicatie
23-07-2010
Zaaknummer
658892
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Verzetzaak. Geopposeerde geeft tijdens de procedure aan dat zij het verstekvonnis niet ten uitvoer zal leggen en dat zij ervan uitgaat dat de geplande comparitie van partijen geen doorgang zal vinden, waaruit de kantonrechter opmaakt dat geopposeerde haar vordering op opposant laat vallen. Verstekvonnis wordt vernietigd met veroordeling van geopposeerde in de proceskosten. Kosten verzetdagvaarding ook voor rekening van geopposeerde vanwege onzorgvuldig gebruik van het procesrecht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK 'S-HERTOGENBOSCH

DE KANTONRECHTER TE EINDHOVEN

In de zaak van:

[opposant],

wonende te Eindhoven,

opposant,

procederend in persoon,

t e g e n :

de besloten vennootschap UPC Nederland B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

geopposeerde,

gemachtigde: J.D. Kuik, deurwaarder te Eindhoven,

heeft de kantonrechter het navolgende vonnis gewezen, als vervolg op het door de kantonrechter op 1 april 2010 tussen partijen gewezen vonnis.

1.Het verdere verloop van het geding

Op grond van een op 15 april 2010 van de gemachtigde van UPC ontvangen brief is de aanvankelijk op 22 april 2010 vastgestelde comparitie van partijen uitgesteld tot 8 juli 2010. Op 2 juli 2010 is opnieuw een brief ontvangen van de gemachtigde van UPC en daarop is vonnis bepaald op heden.

2. De reden voor de beslissing

In de beide hierboven genoemde brieven laat UPC weten dat zij het toewijzend (verstek-, kantonrechter)vonnis van 24 september 2009 niet ten uitvoer zal leggen. Daardoor behoeft, zo vervolgt UPC, de comparitie van partijen geen doorgang te vinden. UPC meldt vervolgens dat zij dit voorstel niet met opposant heeft kunnen bespreken omdat deze telefonisch niet bereikbaar is. UPC verzoekt dan om vonnis en refereert zich aan het oordeel van de kantonrechter. Mocht de kantonrechter van mening zijn dat opposant recht heeft op een vergoeding, dan verzoekt UPC deze vergoeding vast te stellen conform het geldende tarief in rolzaken sector kanton.

UPC besluit haar brief met de opmerking dat zij ervan uitgaat dat de comparitie van partijen geen doorgang zal vinden en dat zij een afschrift van de brief stuurt aan opposant.

De kantonrechter begrijpt dat UPC haar vordering tegen [opposant] laat vallen. Het verstekvonnis van 24 september 2009 dient te worden vernietigd en UPC zal worden verwezen in de proceskosten, ook in de kosten van de verzetdagvaarding, vanwege de onzorgvuldige wijze waarop UPC gebruik maakt van het procesrecht.

3. De beslissing

De kantonrechter:

verstaat dat UPC haar vordering tegen [opposant] heeft ingetrokken;

vernietigt het vonnis dat de kantonrechter te Eindhoven op 24 september 2009 tussen partijen heeft gewezen;

veroordeelt UPC in de proceskosten aan de zijde van [opposant] gevallen en tot op heden begroot op € 85,97 wegens dagvaardingskosten en € 200,-- wegens kosten zoals bedoeld in artikel 238 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

Aldus gewezen door mr. W.E.M. Leclercq, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van donderdag 22 juli 2010, in tegenwoordigheid van de griffier.