Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSHE:2009:BJ4879

Instantie
Rechtbank 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
11-08-2009
Datum publicatie
11-08-2009
Zaaknummer
01/825163-09 en 20/0044558-06
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Toewijzing van de vordering van de KLPD als benadeelde partij nadat verdachte op heter daad was aangehouden bij een diefstal uit een "lokvrachtwagen" van de KLPD, waarbij verdachte het zeil van die "lokvrachtwagen" kapot had gesneden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK 'S-HERTOGENBOSCH

Sector Strafrecht

Parketnummer: 01/825163-09

Parketnummer vordering: 20/0044558-06

Datum uitspraak: 11 augustus 2009

Verkort vonnis van de rechtbank ’s-Hertogenbosch, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971,

wonende te [woonplaats], [adres],

thans gedetineerd te: [PI]

Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van 28 juli 2009.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van hetgeen van de zijde van verdachte naar voren is gebracht.

De tenlastelegging.

De zaak is aanhangig gemaakt bij dagvaarding van 22 mei 2009.

Aan verdachte is tenlastegelegd dat:

1.

hij op of omstreeks 18 maart 2009 in de gemeente Cranendonck, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening uit een vrachtwagen (de 'lokvrachtwagen' toebehorende aan de KLPD) heeft weggenomen veertien (14), althans een of meer, LCD-scherm(en), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan een (niet bij naam genoemde) consumenten-elektronica producent, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte(n), waarbij verdachte(n) zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft/hebben

verschaft en / of de / het weg te nemen goed(eren) onder zijn/hun bereik heeft/hebben gebracht door middel van braak, verbreking en / of inklimming, te weten door het lossnijden van het zeil van voornoemde vrachtauto en/of het verbreken van het zegel aan de achterzijde/achterdeur(en) van de vrachtwagen, voornoemd, en/of het aldus betreden van de laadruimte van de vrachtwagen;

art. 310 Wetboek van Strafrecht

art. 311 Wetboek van Strafrecht

2.

hij op of omstreeks 18 maart 2009 in de gemeente Cranendonck, althans elders in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk en wederrechtelijk een vrachtwagen (een 'lokvrachtwagen' toebehorende aan de KLPD), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de KLPD, in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), heeft vernield en/of beschadigd en/of onbruikbaar gemaakt, door met een mes, althans een scherp voorwerp, in een zeil van die vrachtwagen te snijden;

art. 350 Wetboek van Strafrecht

art. 47 Wetboek van Strafrecht

Voorzover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad.

De vordering na voorwaardelijke veroordeling.

De zaak met parketnummer 20/0044558-06 is aangebracht bij vordering van 23 juli 2009. Deze vordering heeft betrekking op het vonnis van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch d.d. 22 juni 2007. Een kopie van de vordering is aan dit vonnis gehecht.

De formele voorvragen.

Bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de dagvaarding geldig is. De rechtbank is bevoegd van het tenlastegelegde kennis te nemen en de officier van justitie kan in haar vervolging worden ontvangen. Voorts zijn er geen gronden gebleken voor schorsing van de vervolging.

De bewezenverklaring.

De rechtbank acht, op grond van de feiten en omstandigheden die zijn vervat in de bewijsmiddelen, wettig en overtuigend bewezen, dat verdachte

1.

op 18 maart 2009 in de gemeente Cranendonck, tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening uit een vrachtwagen, de 'lokvrachtwagen' toebehorende aan de KLPD, heeft weggenomen veertien (14), LCD-schermen, toebehorende aan een (niet bij naam genoemde) consumenten-elektronica producent, waarbij

verdachte zich de toegang tot de plaats des misdrijfs heeft verschaft door middel van braak, en inklimming, te weten door het lossnijden van het zeil van voornoemde vrachtauto en het verbreken van het zegel aan de achterzijde/achterdeur(en) van de vrachtwagen, voornoemd, en het aldus betreden van de laadruimte van de vrachtwagen;

2.

op 18 maart 2009 in de gemeente Cranendonck, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk en wederrechtelijk een vrachtwagen een 'lokvrachtwagen’ toebehorende aan de KLPD, heeft beschadigd, door met een mes, althans een scherp voorwerp, in een zeil van die vrachtwagen te snijden;

De bewijsmiddelen worden slechts gebezigd met betrekking tot het feit waarop zij in het bijzonder betrekking hebben.

Hetgeen meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. Verdachte zal hiervan worden vrijgesproken.

De kwalificatie.

Het bewezenverklaarde levert op de in de uitspraak vermelde strafbare feiten.

De strafbaarheid.

Er zijn geen feiten of omstandigheden gebleken die de strafbaarheid van de feiten of van de verdachte uitsluiten. Verdachte is daarom strafbaar voor hetgeen te zijnen laste bewezen is verklaard.

Toepasselijke wetsartikelen.

De beslissing is gegrond op de artikelen:

Wetboek van Strafrecht art. 10, 14a, 14b, 14c, 14d, 24c, 27, 36f, 47, 55,

310, 311, 350.

DE OVERWEGINGEN DIE TOT DE BESLISSING HEBBEN GELEID

De eis van de officier van justitie.

De officier van justitie eist een gevangenisstraf voor de duur van 190 dagen, met aftrek van de tijd die verdachte reeds in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, waarvan 92 voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.

Ten aanzien van de vordering van de benadeelde partij KLPD eist de officier van justitie dat deze vordering geheel wordt toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 maart 2009 tot de dag ter algehele voldoening en dat ten aanzien van de vordering de schadevergoedingsmaatregel wordt opgelegd.

Een kopie van de vordering van de officier van justitie is aan dit vonnis gehecht.

Tenslotte heeft de officier van justitie gevorderd dat de straf voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 22 juni 2007 geheel zal worden tenuitvoergelegd.

De op te leggen straf.

Bij de beslissing over de straffen die aan verdachte dienen te worden opgelegd heeft de rechtbank gelet op:

a. de aard van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan,

b. de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.

Bij de strafoplegging zal de rechtbank in het bijzonder rekening houden met de volgende uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren gekomen omstandigheden ten bezware van verdachte:

- de ernst van de door verdachte gepleegde strafbare feiten in verhouding tot andere strafbare feiten, zoals tot uitdrukking komt in het wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd;

- verdachte werd ter zake van een strafbaar feit soortgelijk aan de door hem gepleegde feiten blijkens een hem betreffend uittreksel uit het algemeen documentatieregister reeds eerder veroordeeld;

- verdachte heeft de onderhavige strafbare feiten gepleegd tijdens de proeftijd van een eerdere veroordeling;

- diefstal van lading uit vrachtwagens is een delict dat veel overlast en financiële schade veroorzaakt voor de maatschappij;

De rechtbank is van oordeel, dat in verband met een juiste normhandhaving niet kan worden volstaan met het opleggen van een andersoortige of geringere straf dan een gevangenisstraf welke vrijheidsbeneming meebrengt voor de duur als hierna te melden.

Met betrekking tot een deel van de op te leggen gevangenisstraf zal de rechtbank bepalen dat dat deel van die straf niet zal worden tenuitvoergelegd mits verdachte zich tot het einde van de hierna vast te stellen proeftijd aan de voorwaarde houdt dat hij zich niet aan een strafbaar feit zal schuldig maken en de hierna te melden bijzondere voorwaarde naleeft. De rechtbank wil met een en ander enerzijds de ernst van de door verdachte gepleegde strafbare feiten tot uitdrukking brengen en anderzijds door invloed uit te oefenen op het gedrag van de verdachte het door verdachte opnieuw plegen van een strafbaar feit tegengaan.

De vordering van de benadeelde partij KLPD.

De rechtbank acht de vordering in haar geheel toewijsbaar, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf datum delict tot de dag der algehele voldoening.

De rechtbank zal voor het toegewezen bedrag tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, nu de rechtbank het wenselijk acht dat de staat schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf datum delict tot de dag der algehele voldoening.

De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Aangezien aldus aan verdachte meer verplichtingen tot vergoeding van dezelfde schade worden opgelegd, zal de rechtbank bepalen dat verdachte van de schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde is bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot schadevergoeding.

Motivering van de hoofdelijkheid.

De rechtbank stelt vast dat verdachte dit strafbare feit samen met anderen heeft gepleegd. Nu verdachte en zijn mededader(s) samen een onrechtmatige daad hebben gepleegd, zijn zij jegens de benadeelde hoofdelijk aansprakelijk voor de totale schade.

Motivering van de beslissing na voorwaardelijke veroordeling 20/0044558-06.

De vordering voldoet aan alle wettelijke eisen. Krachtens de wettelijke bepalingen is de rechtbank bevoegd tot behandeling van deze vordering. Uit onderzoek ter terechtzitting zijn geen omstandigheden gebleken die aan de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de weg staan. Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.

Bijzondere omstandigheden die aan de tenuitvoerlegging in de weg staan zijn niet aanwezig. De rechtbank zal dan ook de gevorderde tenuitvoerlegging gelasten.

DE UITSPRAAK

De rechtbank verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hiervoor is omschreven.

De rechtbank verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij.

Het bewezenverklaarde levert op de misdrijven:

T.a.v. feit 1:

Diefstal door twee of meer verenigde personen waarbij de schuldige zich de

toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak

en inklimming.

T.a.v. feit 2:

Medeplegen van opzettelijk en wederrechtelijk enig goed dat geheel of ten

dele aan een ander toebehoort beschadigen.

De rechtbank verklaart verdachte hiervoor strafbaar.

De rechtbank legt op de volgende straf en maatregel.

T.a.v. feit 1, feit 2:

Gevangenisstraf voor de duur van 190 dagen met aftrek overeenkomstig artikel 27

Wetboek van Strafrecht waarvan 92 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2

jaren en de bijzondere voorwaarde:

dat veroordeelde zich gedurende voornoemde proeftijd zal gedragen naar de

aanwijzingen hem te geven door of namens de Reclassering Nederland, Regio

's-Hertogenbosch, Eekbrouwersweg 6, 5233 VG te 's-Hertogenbosch, zolang deze

instelling zulks noodzakelijk acht ook als dit inhoudt het volgen van een

cognitieve vaardigheidstraining en een arbeidsvaardighedentraining.

De rechtbank verleent aan de Reclassering voornoemd de opdracht als bedoeld in artikel 14d

van het Wetboek van Strafrecht.

T.a.v. feit 2:

Maatregel van schadevergoeding van € 407,72 subsidiair 8 dagen hechtenis

De rechtbank legt derhalve aan verdachte op de verplichting tot betaling aan de Staat, ten

behoeve van het slachtoffer KLPD ,van een bedrag van € 407,72 (zegge:

vierhonderdenzeven euro en tweeënzeventig eurocent), vermeerderd met de

wettelijke rente vanaf 18 maart 2009 tot de dag der algehele voldoening, bij

gebreke van betaling en verhaal te vervangen door 8 dagen hechtenis.

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door (een van)

zijn mededader(s) is betaald.

De toepassing van deze vervangende hechtenis heft de hiervoor opgelegde

betalingsverplichting niet op.

Beslissing op de vordering van de benadeelde partij:

De rechtbank wijst de vordering van de benadeelde partij toe en veroordeelt verdachte tot

betaling aan de benadeelde partij KLPD van een bedrag van € 407,72 (zegge:

vierhonderdenzeven euro en tweeënzeventig eurocent), vermeerderd met de

wettelijke rente vanaf 18 maart 2009 tot de dag der algehele voldoening.

De rechtbank veroordeelt verdachte tevens in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil.

Verdachte is niet gehouden tot betaling voor zover dit bedrag door (een van)

zijn mededader(s) is betaald.

Verdachte is van zijn schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde bevrijd

voorzover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot

vergoeding van deze schade.

Beslissing na voorwaardelijke veroordeling:

De rechtbank gelast de tenuitvoerlegging van de straf, voorzover voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch d.d. 22 juni 2007, gewezen

onder parketnummer 20/0044558-06, te weten:

gevangenisstraf voor de duur van 3 maanden

Dit vonnis is gewezen door:

mr. J.J.H. Bruggink, voorzitter,

mr. P.J.H. Van Dellen en mr. R.J. Bokhorst, leden,

in tegenwoordigheid van mr. E.A.W. Kraayvanger, griffier,

en is uitgesproken op 11 augustus 2009.

Mr. R.J. Bokhorst is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

8

Parketnummer: 01/825163-09

Parketnummer vordering: 01/20/0044558-06

[verdachte]