Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSHE:2008:BD8247

Instantie
Rechtbank 's-Hertogenbosch
Datum uitspraak
16-07-2008
Datum publicatie
22-07-2008
Zaaknummer
165600 - HA ZA 07-2012
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Illegaal aftappen van energie ten behoeve van een hennepkwekerij. De contractuele wederpartij van Essent is op grond van haar zorgplicht aansprakelijk, ook al wist zij niets van het illegaal aftappen, noch van de hennepkwekerij. Zij heeft onvoldoende voorzorgsmaatregelen getroffen ter vermijding van risico's als hier aan de orde en heeft daarmee niet voldaan aan haar zorgplicht jegens Essent. Zij is daardoor tekort gekomen in de nakoming van de overeenkomst.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Prg. 2008, 162
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK 'S-HERTOGENBOSCH

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 165600 / HA ZA 07-2012

Vonnis van 16 juli 2008

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ESSENT NETWERK B.V.,

gevestigd te 's-Hertogenbosch,

eiseres,

procureur mr. G.E.M.C. Reinartz,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

AMSTERDAMS VERF- EN HOUTCENTRUM B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

gedaagde,

procureur mr. P.J.A. van de Laar.

Partijen zullen hierna Essent en AVH genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het tussenvonnis van 16 januari 2008

- het proces-verbaal van comparitie van 6 mei 2008.

1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

2. Het geschil

2.1. Essent vordert dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, AVH veroordeelt tot betaling aan Essent van een bedrag van EUR 10.565,67, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag met ingang van 26 mei 2005 tot aan de dag der algehele voldoening en met veroordeling van gedaagde in de proceskosten.

2.2. Essent heeft aan die vordering het volgende ten grondslag gelegd.

Op 26 mei 2005 werd op het adres [adres] een hennepkwekerij aangetroffen.

De elektriciteitsaansluiting van dit adres stond op naam van AVH. Ten behoeve van de hennepkwekerij was een illegale aftakking vóór de kWh-meter gemaakt, waardoor de voor de hennepkwekerij afgenomen elektriciteit niet op de teller werd geregistreerd. Primair baseert Essent haar vordering tot schadevergoeding op de toerekenbare tekortkoming in de nakoming door AVH in haar verplichting (voortvloeiend uit de overeenkomst tussen Essent en AVH) om als een goed huisvader voor de door Essent ter beschikking gestelde elektriciteitsaansluiting te zorgen. Dit houdt in dat AVH ervoor diende te zorgen dat niet met de aansluiting gefraudeerd werd of kon worden.

Subsidiair baseert Essent haar vordering tot schadevergoeding op een door AVH jegens Essent gepleegde onrechtmatige daad.

Bij de berekening van de schade is Essent aanvankelijk uitgegaan van zeven weken teelt, waarvoor in totaal 47.018,160 kWh verbruikt zou zijn, ter waarde van EUR 9.265,56. Ter comparitie heeft Essent, naar aanleiding van het verweer, erkend dat het om zes weken teelt is gegaan, waarvoor in totaal 41.227,200 kWh verbruikt zou zijn, ter waarde van EUR 8.124,36.

Daarnaast heeft Essent als schadeposten opgevoerd:

- de kosten van het ongedaan maken van de illegale verzwaring van de hoofdzekeringen ten bedrage van EUR 174,93;

- de administratiekosten ten bedrage van EUR 303,45 inclusief btw;

- de kosten voor afsluiting ten bedrage van EUR 89,25, inclusief btw;

- vervanging kWh-meter ten bedrage van EUR 46,00, inclusief btw;

- opnieuw verzegelen aansluitkast ten bedrage van EUR 66,64, inclusief btw;

- kosten onderzoek kWh-meter ten bedrage van EUR 84,35 inclusief btw;

- kosten fraude-inspecteur ten bedrage van EUR 535,50, inclusief btw.

2.3. AVH voert – samengevat – het volgende verweer.

De bedrijfsruimte waarin de hennepkwekerij is aangetroffen was verhuurd aan [A] uit het Belgische [woonplaats]. Hij is aansprakelijk en schadeplichtig, niet AVH.

AVH, althans haar directeur-aandeelhouder de heer [B], is in de strafzaak vrijgesproken van het telen van hennep en van diefstal van energie.

AVH heeft niet met de elektriciteitsaansluiting geknoeid. AVH heeft daar ook niets mee te maken gehad, was daarvan niet op de hoogte en heeft daarvan ook niets kunnen bemerken. AVH heeft voldoende voorzorgsmaatregelen genomen. AVH is dan ook niet toerekenbaar tekort gekomen en evenmin is sprake van een onrechtmatige daad van AVH jegens Essent.

Op de meter zijn geen beschadigingen aangetroffen. AVH betwist dat er überhaupt is gefraudeerd. Voorts betwist AVH de vordering op nagenoeg alle door Essent aangevoerde schadeposten.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

3. De beoordeling

3.1. Ter comparitie heeft AVH het aanvankelijk gevoerde verweer laten vallen dat de elektriciteitsaansluiting ten behoeve van het bedrijfspand aan de [adres] niet op haar naam staat. AVH heeft voor het overige niet bestreden dat zij met Essent een overeenkomst heeft gesloten op grond waarvan Essent aan haar een energieaansluiting ter beschikking stelt, zodat dit vast staat. Voorts staat als niet bestreden vast dat op 26 mei 2005 op dit adres een hennepkwekerij is aangetroffen.

3.2. Volgens Essent is ten behoeve van de hennepkwekerij een illegale aftakking voor de kWh-meter gemaakt, waardoor de voor de hennepkwekerij afgenomen elektriciteit niet op de teller werd geregistreerd. AVH betwist dat er illegaal elektriciteit is afgetapt nu op de meter geen beschadigingen zijn aangetroffen. Er wordt volgens AVH door Essent slechts gesteld dat de meter open is geweest en dat het vermoeden bestaat dat er is gefraudeerd. De rechtbank verwerpt dit verweer van AVH als onvoldoende onderbouwd. Essent stelt namelijk ook dat er een illegale aftakking voor de meter is gemaakt, dat de hoofdzekeringen illegaal zijn vervangen door zwaardere hoofdzekeringen waardoor er grotere hoeveelheden energie per uur konden worden afgenomen, dat de originele fabrieksverzegeling van de kWh-meter is verbroken en dat de apparatuur ten behoeve van de hennepkwekerij dusdanig is aangesloten dat het verbruik van die apparatuur niet werd geregistreerd. Dit alles is door AVH niet weersproken. De rechtbank gaat er dan ook vanuit dat er illegaal energie is afgetapt.

3.3. AVH stelt dat de hennepkwekerij is aangetroffen in een deel van de bedrijfsruimte dat zij aan de heer [A] uit het Belgische [woonplaats] had verhuurd. AVH stelt dat zij van het illegaal aftappen niets wist en hier ook niets van kon afweten. Naar het oordeel van de rechtbank is AVH als contractuele wederpartij van Essent jegens Essent verplicht om de op het perceel aanwezige aansluiting op het elektriciteitsnetwerk van Essent op legale wijze te laten gebruiken. In dit kader heeft AVH de zorgplicht om erop toe te zien dat er niet illegaal energie wordt afgetapt. AVH is immers beter dan Essent in staat om te controleren of er geen ongeoorloofde handelingen worden verricht met de meter. Ook is AVH degene die de huurder kiest, terwijl Essent op de betrouwbaarheid van een eventuele huurder geen enkele invloed kan uitoefenen. De stelling van AVH dat zij van het illegaal aftappen niets wist en ook niets kon weten, kan haar gezien haar zorgplicht niet baten.

3.4. AVH stelt voorts dat zij voldoende voorzorgsmaatregelen tegen fraude heeft getroffen. Zij stelt dat de meterkast zich bevindt in een gedeelte van het pand waar [A] geen toegang toe had. Volgens AVH was dit gedeelte voldoende beveiligd en moet [A] hebben ingebroken om de illegale aftakking te maken. Essent heeft hiertegen ingebracht dat AVH iedere huurder een eigen energieaansluiting had kunnen geven. Het komt volgens Essent voor rekening en risico van AVH dat er met de meter wordt gefraudeerd indien dit niet wordt gedaan. De rechtbank is van oordeel dat AVH onvoldoende voorzorgsmaatregelen heeft getroffen omdat zij ter vermijding van risico's als hier aan de orde een zelfstandige aansluiting voor [A] had kunnen realiseren. Gesteld noch gebleken is dat het realiseren van een zelfstandige aansluiting niet mogelijk was. Er was reden te meer voor een dergelijke voorzorgsmaatregel omdat, zoals door AVH ter comparitie aangevoerd, er geen mensen van haar bedrijf in het pand aanwezig waren om controle uit te oefenen. De directeur van AVH verbleef in Spanje en het bedrijf lag verder stil. Nu AVH onvoldoende voorzorgsmaatregelen heeft getroffen, heeft zij niet voldaan aan haar zorgplicht jegens Essent. Zij is daardoor tekort gekomen in de nakoming van de overeenkomst.

AVH is gehouden de schade die Essent door haar tekortkoming heeft geleden, te vergoeden.

Vervolgens is de vraag aan de orde welke omvang de schade heeft.

3.5. afgenomen illegale elektriciteit

Gelet op het verweer van AVH dat er sprake is van kweken gedurende zes in plaats van zeven weken gezien het proces-verbaal van de politie, heeft Essent een nieuwe berekening van het energieverbruik gemaakt op basis van het kweken van hennep gedurende zes weken. In totaal komt Essent dan op een verbruik van afgerond 41.227 kWh.

Essent heeft erkend dat gebruik werd gemaakt van lampen van 600 watt in plaats van 660 watt, zoals AVH heeft aangevoerd, maar in dat verband gesteld dat de lampen een voorschakelapparaat nodig hebben dat 12 tot 14 % stroom verbruikt. Essent heeft dat percentage op tien gezet en is daarom uitgegaan van 660 watt per lamp. Nu AVH die verklaring niet heeft betwist ziet de rechtbank geen aanleiding van een andere hoeveelheid watt per lamp uit te gaan.

AVH wijst er voorts op dat in het proces-verbaal van de politie wordt gesproken over ventilatoren van 1100 en 2650 watt terwijl Essent het heeft over ventilatoren van 3000 en 1750 watt. Essent heeft het afwijkende wattage van de in het proces-verbaal van de politie genoemde ventilatoren verklaard met de stelling dat niet alle ventilatoren op de elektriciteit waren aangesloten. Essent heeft in haar berekening uitsluitend rekening gehouden met twee ventilatoren van 1500 watt in ruimte één en één ventilator van 250 watt en één ventilator van 1500 watt in ruimte twee. Nu AVH deze verklaring evenmin heeft betwist ziet de rechtbank geen aanleiding van een andere hoeveelheid watt per ventilator uit te gaan.

Essent heeft, naar aanleiding van het verweer van AVH dat de in de berekening meegenomen kachels niets te maken hadden met kweken van hennep, ter comparitie aangegeven dat de kachels uit de berekening kunnen worden gehaald. Dat betekent dat het totaal verrekend verbruik van 41.227 kWh kan worden verminderd met (504 kWh + 1.008 kWh = ) 1.512 kWh. Daarmee komt het totaal verrekend verbruik op 39.715 kWh. Op basis van de daarvoor geldende door Essent gestelde en door AVH niet betwiste kWh-prijs van EUR 0.197064 bedraagt de totale schade ter zake illegaal afgenomen elektriciteit dan (afgerond) EUR 7826,40. Dit bedrag zal worden toegewezen.

3.6. illegale verzwaring hoofdzekering

Essent heeft gesteld dat de kosten (voor het ongedaan maken) van de illegale verzwaring van de hoofdzekeringen ingevolge het tarievenboek van Essent EUR 174,93 bedragen en verwezen naar een kopie uit het tarievenboek m.b.t. in rekening te brengen kosten bij illegale verzwaring hoofdzekeringen (bijlage 12 bij dagvaarding).

De tarieven in dit tarievenboek - dat hierna ook nog verschillende malen wordt aangehaald – zijn, onbetwist, goedgekeurd door de Dienst Toezicht Energie, onderdeel van de Nederlandse Mededingingsautoriteit. De rechtbank acht de tarieven in dit tarievenboek derhalve in beginsel voldoende onderbouwing voor de gestelde hoogte van de betreffende schadeposten.

Volgens de hiervoor aangehaalde pagina uit het tarievenboek wordt voor verhoging van de aansluitwaarde een minimumtarief genoemd van EUR 147,00. Met btw komt dit bedrag op de gevorderde EUR 174,93. Gelet op deze onderbouwing acht de rechtbank de betwisting van AVH, bestaande uit de enkele stelling dat Essent voor deze kosten onvoldoende concreet bewijs heeft aangebracht, onvoldoende gemotiveerd. Het bedrag van EUR 174,93 zal worden toegewezen.

3.7. administratiekosten

Essent heeft gesteld dat de administratiekosten EUR 303,45 bedragen, inclusief btw. Essent heeft daartoe aangevoerd dat dit bedrag bedoeld is voor een speciaal ingerichte fraudeafdeling, waarvan de kosten door fraudeurs worden gedragen, naar rato van de omvang van de fraude. In bijlage 12 bij dagvaarding, “kopie uit tarievenboek m.b.t. in rekening te brengen administratiekosten bij fraude” is opgenomen dat indien het schadebedrag tussen EUR 4.537,80 en EUR 11.344,50 ligt (zoals in deze zaak het geval is), een bedrag van EUR 358,90 in rekening wordt gebracht. Nu Essent een bedrag van EUR 303,45 heeft gevorderd, zijnde een lager bedrag dan zij krachtens dit tarievenboek gerechtigd is te vorderen, acht de rechtbank dit bedrag voldoende onderbouwd.

Gelet op deze onderbouwing acht de rechtbank de betwisting van AVH, bestaande uit de enkele stelling dat Essent voor dit bedrag onvoldoende concreet bewijs heeft aangebracht, onvoldoende gemotiveerd. Het bedrag van EUR 303,45 zal worden toegewezen.

3.8. kosten voor afsluiting

Essent heeft gesteld dat ingeval van fraude de elektriciteitsaansluiting wordt afgesloten. In het geval van AVH betrof dat een afsluiting ín de meterkast, waarvoor Essent een bedrag van EUR 89,25 vordert. Volgens het tarievenboek (bijlage 14 bij dagvaarding) kost een dergelijke ‘binnen’ afsluiting EUR 75,00. Met btw komt dit bedrag op de gevorderde EUR 89,25. Daarmee acht de rechtbank dit bedrag voldoende onderbouwd. De enkele ongedocumenteerde stelling van AVH dat voor de afsluitkosten geen enkel bewijs is aangebracht, is onvoldoende gemotiveerd. Het bedrag van EUR 89,25 zal worden toegewezen.

3.9. vervanging kWh-meter

Essent heeft gesteld dat de kWh-meter, ingeval van beschadiging van de verzegeling en / of het telwerk, vervangen dient te worden. De kosten voor een nieuwe 3 fase kWh-meter bedragen volgens Essent EUR 46,00 inclusief btw.

Voorts blijkt uit het frauderapport van 10 juni 2005 (bijlage 1 bij dagvaarding) dat de verzegeling van de meter is beschadigd. Gelet daarop acht de rechtbank de enkele, niet nader toegelichte stelling van AVH dat Essent geen enkel bewijs heeft bijgebracht voor de beschadiging van de verzegeling, onvoldoende gemotiveerd.

Nu AVH de hoogte van de gestelde kosten ter vervanging voor het overige niet heeft betwist zal het gevorderde bedrag van EUR 46,00 worden toegewezen.

3.10 opnieuw verzegelen aansluitkast / hoofdverzekeringskast

Essent heeft aangevoerd dat de kosten van het opnieuw verzegelen van de aansluitkast conform het tarievenboek van Essent EUR 66,64 (inclusief btw) bedragen. In de bijgevoegde pagina van het tarievenboek (bijlage 15 bij dagvaarding) is een bedrag genoemd van EUR 43,00.

Gelet op de betwisting door AVH (geen enkel bewijs bijgebracht voor de kosten voor het opnieuw verzegelen) en de omstandigheid dat het opgevoerde schadebedrag niet geheel overeenstemt met de onderbouwing daarvoor, zal de rechtbank deze vordering toewijzen voor zover deze overeenkomt met de onderbouwing daarvan en derhalve tot een bedrag van EUR 51,17 (EUR 43,00, vermeerderd met 19% btw).

3.11. kosten onderzoek kWh-meter

Essent heeft onderzoekskosten ten bedrage van EUR 84,35 inclusief btw aan de kWh-meter gevorderd, en daartoe aangevoerd dat zij deze kosten altijd vordert indien het telwerk van de kWh-meter beschadigingen vertoont.

AVH heeft deze kosten, zonder enige nadere toelichting, betwist. De rechtbank acht deze betwisting onvoldoende gemotiveerd zodat het bedrag van EUR 84,35 zal worden toegewezen.

3.12. kosten fraude-inspecteur

Essent heeft gesteld dat de fraude-inspecteur gedurende zes daguren bezig is geweest met deze zaak, tegen een uurtarief van EUR 89,25 per uur inclusief btw. Essent heeft dit uurtarief onderbouwd met een kopie uit het tarievenboek (bijlage 16 bij dagvaarding).

AVH heeft zowel het tarief als het aantal uren betwist.

In de kopie uit het tarievenboek wordt, als één van de tarieven een bedrag van EUR 75,00 genoemd, welk bedrag inclusief btw overeenkomt met het door Essent gevorderde uurtarief van EUR 89,25. De rechtbank acht het uurtarief daarmee voldoende onderbouwd. Gezien deze onderbouwing acht de rechtbank de enkele stelling van AVH dat zij dit tarief betwist, onvoldoende gemotiveerd.

Nu AVH haar betwisting van het aantal uren uitsluitend heeft onderbouwd met de stelling dat het een routineklus is (hetgeen naar het oordeel van de rechtbank weinig zegt over het aantal te besteden uren) acht de rechtbank deze betwisting ook onvoldoende gemotiveerd.

De vordering tot vergoeding van de uren van de fraude-inspecteur zal derhalve worden toegewezen voor het gevorderde bedrag van EUR 535,50 (zes maal EUR 89,25).

3.13. AVH zal derhalve worden veroordeeld tot betaling van schadevergoeding aan Essent tot een totaalbedrag van EUR 9.111,05.

3.14. De gevorderde wettelijke rente over dit bedrag met ingang van 26 mei 2005 tot aan de dag der algehele voldoening, zal, bij gebreke van betwisting, eveneens worden toegewezen.

3.15. AVH zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Essent worden begroot op EUR 1.274,85, waarvan EUR 70,85 aan dagvaardingskosten, EUR 300,00 aan vast recht en EUR 904,00 aan procureurskosten.

4. De beslissing

De rechtbank

4.1. veroordeelt AVH om aan Essent te betalen een bedrag van EUR 9.111,05 (negenduizendéénhonderdelf euro en vijf eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 26 mei 2005 tot de dag van volledige betaling,

4.2. veroordeelt AVH in de proceskosten, aan de zijde van Essent tot op heden begroot op EUR 1.274,85,

4.3. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

4.4. wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.M. Koster-van der Linden en in het openbaar uitgesproken op 16 juli 2008.