Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSGR:2012:BX2154

Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Datum uitspraak
05-04-2012
Datum publicatie
19-07-2012
Zaaknummer
399154 - HA RK 11-410
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Benoeming vereffenaar art. 4:203 BW. Partijen maken elkaar over en weer verwijten. Voorts verschillen partijen van mening over de wijze waarop de nalatenschap, met name voor wat betreft het vruchtgebruik, afgewikkeld dient te worden. Niet is gebleken of aangetoond dat [X] in de uitoefening van zijn taak als vereffenaar namens de erfgenamen in ernstige mate tekortschiet. De omstandigheid dat partijen in onderling overleg niet tot een afwikkeling van de nalatenschap kunnen komen, impliceert niet dat [X] als gemachtigde van de erfgenamen tekortschiet in de vervulling van zijn verplichtingen. Verzoek afgewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE

Sector civiel recht

zaaknummer / rekestnummer: 399154 / HA RK 11-410

Beschikking van 5 april 2012

in de zaak van

[verzoekster],

wonende te [woonplaats],

verzoekster,

advocaat mr. J.C.A.M. Huntjens te Rotterdam,

tegen de belanghebbenden:

1. [belanghebbende 1],

wonende te [woonplaats],

2. [belanghebbende 2],

wonende te [woonplaats],

3. [belanghebbende 3],

wonende te [woonplaats],

4. [X],

wonende te [woonplaats],

advocaat mr. L.E.M. de Vries-Blom te Delft,

5. [boedelnotaris],

notaris te Delft.

Verzoekster wordt hierna aangeduid met '[verzoekster]'. De belanghebbenden worden afzonderlijk ook aangeduid met '[belanghebbende 1]', '[belanghebbende 2]', '[belanghebbende 3]', '[X]' en '[boedelnotaris]'.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het op 14 juli 2011 ingekomen verzoekschrift;

- de brieven van mr. Huntjens van 26 augustus 2011, 27 januari 2012, 1 februari 2012, 7 en 12 maart 2012;

- het op 12 maart 2012 ingekomen verweerschrift van [X].

1.2. De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 15 maart 2012. Verschenen zijn:

- mr. Huntjens namens [verzoekster],

- [belanghebbende 1],

- [belanghebbende 3],

- [X], vergezeld van mr. De Vries-Blom,

- [boedelnotaris].

2. De feiten

2.1. Op 13 november 2009 is [erflater], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum], laatst wonende te [woonplaats], (hierna te noemen 'de erflater'), te [plaats] overleden. Erflater is gehuwd geweest met [echtgenote 1] en met [echtgenote 2]. [belanghebbende 1], [belanghebbende 2] en [belanghebbende 3] zijn kinderen van de erflater. Erflater heeft op 16 augustus 2006 een samenlevingscontract met [verzoekster] gesloten.

2.2. Bij testament van 16 augustus 2006 heeft erflater over zijn nalatenschap beschikt. Het vruchtgebruik van de tot de nalatenschap behorende registergoederen, de eigendom van de inboedel en een bedrag van € 200.000,-- is aan [verzoekster] gelegateerd. De nalatenschap is door de erfgenamen beneficiair aanvaard. Zij hebben aan [X] volmacht gegeven de nalatenschap te vereffenen. Mr. [boedelnotaris] is de boedelnotaris.

3. Het verzoek en het verweer

3.1. [verzoekster] verzoekt de rechtbank - na wijziging van het verzoekschrift - mr. [notaris 2], verbonden aan notariskantoor [notariskantoor] te Rotterdam, te benoemen tot vereffenaar van de nalatenschap van de erflater.

3.2. Zij voert daartoe aan dat [X] als vereffenaar onvoldoende gezag en macht heeft om de nalatenschap te vereffenen. Sinds het overlijden van de erflater is, behoudens gedeeltelijke afgifte van de geldlegaten, met de afwikkeling geen enkele vordering meer gemaakt. Het vruchtgebruik van de registergoederen is nog steeds niet aan haar afgegeven. Door het opzettelijk dralen van de erfgenamen lijdt zij schade. In het belang van de schuldeisers dient een vereffenaar te worden benoemd, aldus [verzoekster].

3.3. De ter zitting verschenen belanghebbenden voeren verweer, dat hierna, voor zover nodig, zal worden besproken.

4. De beoordeling

4.1. Het verzoek is gebaseerd op artikel 4: 203 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Op grond van dit artikel kan een belanghebbende benoeming van een vereffenaar verzoeken wanneer hij die met het beheer van de nalatenschap is belast in ernstige mate in de vervulling van zijn verplichtingen tekortschiet, of daartoe ongeschikt is. Het betreft hier een situatie waarin de benoeming van een vereffenaar als sanctie of als correctiemiddel dient bij slecht uitgevoerde taken door de beheerder van de nalatenschap. Bij gebleken ongeschiktheid kan op deze wijze worden ingegrepen voordat zich ernstige tekortkomingen voordoen. Deze tekortkomingen hoeven niet verwijtbaar te zijn.

4.2. De onderhavige nalatenschap is door de erfgenamen beneficiair aanvaard, zodat zij op grond van het bepaalde in artikel 4:195, lid 1, BW gezamenlijk vereffenaar van de nalatenschap zijn. Zij hebben [X] volmacht gegeven de nalatenschap te vereffenen. [verzoekster] dient derhalve aan te tonen dat [X] in ernstige mate tekortschiet in c.q. ongeschikt is voor het vervullen van zijn taak. Als hoofdtaak van de vereffenaar is te beschouwen het als een goed vereffenaar beheren en vereffenen van de nalatenschap. Zijn taken staan in het teken van deze bepaling.

4.3. In haar verzoekschrift stelt [verzoekster] onder meer dat zij moet aannemen dat de schulden de baten overtreffen en verwijt zij [X] dat er nog op geen enkele wijze een aanvang is gemaakt met de vereffening. Bij het verweerschrift is echter als productie 3 een boedelbeschrijving gevoegd, waaruit blijkt dat er sprake is van een positieve nalatenschap. Deze boedelbeschrijving is volgens [X] aan (de advocaat van) [verzoekster] ter beschikking gesteld. Hieruit volgt dat is voldaan aan de in artikel 4:211, lid 3, BW opgenomen verplichting tot het opmaken van een boedelbeschrijving. Er is derhalve een aanvang gemaakt met de vereffening.

4.4. [verzoekster] verwijt de erfgenamen dat zij de aangifte voor de erfbelasting bewust foutief hebben ingevuld. In de aangifte is vermeld dat [verzoekster] niet aan hetzelfde adres woonde als de erflater, waardoor zij tienduizenden euro aan erfbelasting zou moeten betalen. Als verweer heeft [X] aangevoerd dat bij de aangifte is uitgegaan van de inschrijving van [verzoekster] in de gemeentelijke basisadministratie. Na overlegging van de samenlevingsovereenkomst is dit echter door de Belastingdienst hersteld.

4.5. Tegenover de verwijten van [verzoekster] staan de verwijten van de erfgenamen jegens [verzoekster] dat zij onbevoegd geldlegaten aan haarzelf en aan de kleinkinderen heeft uitgekeerd en dat zij de kluis van de erflater leeg heeft gemaakt.

4.6. Er zijn vervolgens diverse bijeenkomsten geweest waarbij [boedelnotaris], [X] en mr. Huntjens hebben getracht tot een minnelijke oplossing te komen. Deze bijeenkomsten hebben in februari 2012, onder voorbehoud van instemming van de wederzijdse partijen, geleid tot een conceptregeling, maar de regeling is niet definitief tot stand gekomen omdat partijen er niet in zijn geslaagd in onderling overleg de details van de schikking uit te werken.

4.7. Uit het vorenstaande blijkt dat partijen elkaar over en weer verwijten maken. Voorts verschillen partijen van mening over de wijze waarop de nalatenschap, met name voor wat betreft het vruchtgebruik, afgewikkeld dient te worden. Niet is gebleken of aangetoond dat [X] in de uitoefening van zijn taak als vereffenaar namens de erfgenamen in ernstige mate tekortschiet. De omstandigheid dat partijen in onderling overleg niet tot een afwikkeling van de nalatenschap kunnen komen, impliceert niet dat [X] als gemachtigde van de erfgenamen tekortschiet in de vervulling van zijn verplichtingen.

4.8. Het vorenstaande leidt tot de conclusie dat het verzoek dient te worden afgewezen. [verzoekster] zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van deze procedure.

5. De beslissing

De rechtbank:

- wijst het verzoek af;

- veroordeelt [verzoekster] in de kosten van deze procedure, tot op heden aan de zijde van [X] begroot op € 260,-- aan verschotten (griffierecht) en € 904,-- aan salaris voor de advocaat.

Deze beschikking is gegeven door mr. R.J. Paris en in het openbaar uitgesproken op 5 april 2012.