Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSGR:2011:BR0253

Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Datum uitspraak
05-07-2011
Datum publicatie
05-07-2011
Zaaknummer
09/753827-10
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHSGR:2012:BV8000, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Overval op een supermarkt. Diefstal met geweld. De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan diefstal in vereniging. Dat verdachte zelf niet lijfelijk aanwezig is geweest in de supermarkt ten tijde van de overval doet aan het voorgaande niet af. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een gewapende overval op een supermarkt, waarbij een bakker, die brood kwam bezorgen, een medewerkster, de eigenaar en zijn zoon met een pistool zijn bedreigd, en waarbij geslagen en geschoten is. De overval kan niet los worden gezien van de dramatische afloop ervan: de dood van de mededader [Z]. Dat verdachte zelf niet fysiek in de supermarkt aanwezig is geweest ten tijde van de overval maakt niet dat zijn aandeel minder is dan dat van de twee andere overvallers. Integendeel. De rechtbank leidt uit de verklaringen van medeverdachte [X] af dat het verdachte was die de overval op de supermarkt heeft beraamd. Het was verdachte die wist dat er geld in de kluis aanwezig was, wist waar de kluis zich bevond en wat de gang van zaken was 's ochtends bij het openen van de supermarkt. Verdachte heeft verder voor het pistool en de bivakmutsen gezorgd en deze aan de twee anderen gegeven. De rechtbank neemt verder aan dat het leeftijdsverschil tussen verdachte enerzijds en [X] en [Z] anderzijds, alsmede de jonge leeftijd van de laatsten, bepalend is geweest voor de onderlinge rolverdeling. Verdachte is vier jaar ouder dan de andere twee en wordt door [X] betiteld als 'van de oude generatie'. Verdachte heeft een bijzonder kwalijke leidende rol gespeeld door deze twee jongere jongens voor dit plan in te zetten, waarbij een van hen zelfs het leven heeft gelaten. Het door de rechtbank bewezen verklaarde medeplegen is een zwaarder feit dan de medeplichtigheid, waarvan de officier van justitie de bewezenverklaring heeft gevorderd en waarop ze haar strafeis heeft gebaseerd. Slechts in de gevangenisstraf van na te melden duur, een aanzienlijk hogere straf dan door de officier van justitie gevorderd, komt de kwalijke rol van verdachte voldoende tot uitdrukking. Gevangenisstraf van 4 jaar.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE

Sector Strafrecht

Meervoudige strafkamer

Parketnummer 09/753827-10

Datum uitspraak: 5 juli 2011

Tegenspraak

(Promis)

De rechtbank 's-Gravenhage heeft op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[verdachte (Y)],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1987,

zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande,

thans gedetineerd in de penitentiaire inrichting "De Boschpoort" te Breda.

1. Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek is gehouden ten terechtzittingen van 29 maart 2011 en 21 juni 2011.

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. H. de Koning en van hetgeen door de raadsman van verdachte mr. M.M.J. Nuijten, advocaat te Haarlem, en door de verdachte naar voren is gebracht.

2. De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 14 december 2010 te Moerkapelle, gemeente Zuidplas, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen geld, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [A], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [A] en/of [B] en/of [C] en/[D], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of

gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bestond(en) uit het:

- meermalen, althans een maal, slaan van die [B] op/tegen het hoofd en/of

- richten van een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op (het hoofd van) die [B] en/of op (het hoofd van) die [C] en/of op (het hoofd/de nek van) die [A] en/of op die [D] en/of

- die [B] en/of die [C] dwingen op hun knieën te gaan zitten en/of

- tegen die [A] zeggen: "Dit is een overval, waar is de kluis, dit is geen geintje" en/of "Pas op, want ik schiet je in je knie", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of

- tegen die [B] zeggen: "Rustig blijven anders ga ik schieten", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of

- tegen die [D] zeggen: "Maak open die kassalades of ik schiet", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of

- meermalen, althans een maal, afvuren van patronen met dat vuurwapen;

Subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op of omstreeks 14 december 2010 te Moerkapelle, gemeente Zuidplas, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening weg te nemen geld, geheel of ten dele toebehorende aan [A], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), en daarbij die voorgenomen diefstal te doen

voorafgaan en/of te doen vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [A] en/of [B] en/of [C] en/of [D], te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of (een) aan andere deelnemer(s) van dat misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen:

- zich naar de Spar supermarkt heeft/hebben begeven en/of meermalen, althans een maal, die [B] op/tegen het hoofd heeft/hebben geslagen en/of

- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, heeft/hebben gericht op (het hoofd van) die [B] en/of op (het hoofd van) die [C] en/of op (het hoofd/de nek van) die [A] en/of op die [D] en/of

- die [B] en/of die [C] heeft/hebben gedwongen op hun knieën te gaan zitten en/of

- tegen die [A] heeft/hebben gezegd: "Dit is een overval, waar is de kluis, dit is geen geintje" en/of "Pas op, want ik schiet je in je knie", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of

- tegen die [B] heeft/hebben gezegd: "Rustig blijven anders ga ik schieten", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of

- tegen die [D] heeft/hebben gezegd: "Maak open die kassalades of ik schiet", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of

- meermalen, althans een maal, patronen met dat vuurwapen heeft/hebben afgevuurd en/of

- geld uit de kassalades heeft/hebben gepakt,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

meer subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

[medeverdachte X] op of omstreeks 14 december 2010 te Moerkapelle, gemeente Zuidplas, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen geld, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [A], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s), welke diefstal werd voorafgegaan en/of vergezeld en/of gevolgd van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [A] en/of [B] en/of [C] en/of [D], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of

gemakkelijk te maken en/of om betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of aan zijn mededader(s) hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, welk geweld en/of welke bedreiging met geweld bestond(en) uit het:

- meermalen, althans een maal, slaan van die [B] op/tegen het hoofd en/of

- richten van een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, op (het hoofd) van dei [B] en/of op (het hoofd van) die [C] en/of op (het hoofd/de nek van) die [A] en/of op die [D] en/of

- die [B] en/of die [C] dwingen op hun knieën te gaan zitten en/of

- tegen die [A] zeggen: "Dit is een overval, waar is de kluis, dit is geen geintje"en/of "Pas op, want ik schiet je in je knie", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of

- tegen die [B] zeggen: "Rustig blijven anders ga ik schieten", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of

- tegen die [D] zeggen: "Maak open die kassalades of ik schiet", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of

- meermalen, althans een maal, afvuren van patronen met dat vuurwapen,

tot en/of bij het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 14 december 2010, in elk geval in of omstreeks de periode van 1 december 2010 tot en met 14 december 2010 te Moerkapelle, gemeente Zuidplas, en/of elders in Nederland opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest door:

- die [X] en/of diens mededader bivakmutsen te verschaffen en/of

- die [X] en/of diens mededader een vuurwapen te verschaffen en/of

- die [X] en/of diens mededader informatie te verschaffen over de plaats van de kluis in de supermarkt en/of

- die [X] en/of diens mededader te vervoeren naar Moerkapelle;

meest subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

[medeverdachte X] op of omstreeks 14 december 2010 te Moerkapelle, gemeente Zuidplas, ter uitvoering van het door hem voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening weg te nemen geld, geheel of ten dele toebehorende aan [A], in elk geval aan een ander of anderen dan aan die [X] en/of zijn mededader(s), en daarbij die voorgenomen diefstal te doen voorafgaan en/of te doen vergezellen en/of te doen volgen van geweld en/of bedreiging met geweld tegen [A] en/of [B] en/of [C] en/of [D], te plegen met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en/of gemakkelijk te maken en/of om bij betrapping op heterdaad aan zichzelf en/of (een) aan andere deelnemer(s) van dat misdrijf hetzij de vlucht mogelijk te maken, hetzij het bezit van het gestolene te verzekeren, met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen:

- zich naar de Spar supermarkt heeft/hebben begeven en/of

- meermalen, althans een maal, die [B] op/tegen het hoofd heeft/hebben

geslagen en/of

- een vuurwapen, althans een op een vuurwapen gelijkend voorwerp, heeft/hebben gericht op (het hoofd van) die [B] en/of op (het hoofd van) die [C] en/of op (het hoofd/de nek van) die [A] en/of op die [D] en/of

- die [B] en/of die [C] heeft/hebben gedwongen op hun knieën te gaan zitten en/of

- tegen die [A] heeft/hebben gezegd: "Dit is een overval, waar is de kluis, dit is geen geintje" en/of "Pas op, want ik schiet je in je knie", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of

- tegen die [B] heeft/hebben gezegd: "Rustig blijven anders ga ik schieten", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of

- tegen die [D] heeft/hebben gezegd: "Maak open die kassalades of ik schiet", althans woorden van gelijke aard of strekking en/of

- meermalen, althans een maal, patronen met dat vuurwapen heeft/hebben

afgevuurd en/of

- geld uit de kassalades heeft/hebben gepakt,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid,

tot en/of bij het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 14 december 2010, in elk geval in of omstreeks de periode van 1 december 2010 tot en met 14 december 2010 te Moerkapelle, gemeente Zuidplas, en/of elders in Nederland opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft en/of opzettelijk behulpzaam is geweest door:

- die [X] en/of diens mededader bivakmutsen te verschaffen en/of

- die [X] en/of diens mededader een vuurwapen te verschaffen en/of

- die [X] en/of diens mededader informatie te verschaffen over de plaats van de kluis in de supermarkt en/of

- die [X] en/of diens mededader te vervoeren naar Moerkapelle;

3. Het bewijs

3.1 Het standpunt van de officier van justitie

De verdenking komt er - kort en feitelijk weergegeven - op neer dat verdachte betrokken is geweest bij een gewapende overval op een supermarkt in Moerkapelle. Verdachte heeft de twee overvallers naar de betreffende supermarkt gereden en hij zou op hen wachten totdat de overval achter de rug was.

De officier van justitie heeft gevorderd dat de rechtbank verdachte zal vrijspreken van - kort gezegd - het medeplegen van de overval en de poging daartoe, zoals primair en subsidiair ten laste gelegd, en wettig en overtuigend bewezen zal verklaren dat verdachte het meer subsidiair ten laste gelegde feit - medeplichtigheid aan een voltooide diefstal met geweld - heeft begaan.

De officier van justitie heeft voorts gevorderd dat de op de lijst van inbeslaggenomen voorwerpen onder 1 en 2 genummerde voorwerpen - kort gezegd: een auto en een mobiele telefoon - zullen worden teruggegeven aan de verdachte.

3.2 Het standpunt van de verdediging

De raadsman van verdachte heeft bepleit dat er geen sprake is van een voltooide diefstal, maar slechts van een poging, nu niet gezegd kan worden dat het geld uit de macht van rechthebbende is geweest: het rolluik was immers naar beneden, de verdachten konden niet wegkomen en het geld heeft aldus op geen moment de winkel verlaten. Er is verder geen bewijs voor de stelling dat verdachte een rol zou hebben gespeeld bij de overval. Verdachte heeft medeverdachte [X] en [Z] slechts een lift naar Moerkapelle gegeven. De getuigen die verdachte hebben horen verklaren over de overval en zijn rol daarbij zijn niet betrouwbaar. Medeverdachte [X] heeft er belang bij zijn eigen rol te bagatelliseren en is daarom ook geen betrouwbare getuige.

Verdachte zelf heeft ter zitting een verklaring afgelegd, inhoudende dat hij op 14 december 2010 medeverdachte [X] en '[Z]' ([Z]) naar Moerkapelle heeft gebracht en dat deze twee buiten het dorp zijn uitgestapt. Toen het lang duurde is verdachte teruggereden. Op geen enkel moment is er in zijn bijzijn gesproken over een overval of over andere strafbare feiten.

3.3 De beoordeling van de tenlastelegging

Vaststelling van de feiten

Op grond van de voorhanden zijnde bewijsmiddelen en het onderzoek ter terechtzitting stelt de rechtbank het navolgende vast.1

Op 14 december 2010 is verdachte samen met twee anderen - medeverdachte [X] en [Z] - naar Moerkapelle gegaan.2

Er is onderzoek gedaan naar het gebruik van het telefoonnummer [nummer] dat op naam staat van de moeder van verdachte, en dat in de politiesystemen is gekoppeld aan de naam van verdachte. Verdachte heeft verklaard dat zijn nummer eindigt op de cijfers [cijfers] en dat hij zijn telefoon nooit uitleent.3 Uit het onderzoek blijkt dat de telefoon van verdachte op tijdstippen in de periode van 06:38 uur 's ochtends tot 07:26 uur een zendmast in Moerkapelle aanstraalde.4 Op tijdstippen in de periode van 07:31 uur tot 07:56 uur straalde de telefoon een zendmast in Zevenhuizen aan.5 Deze zendmast is gelegen even ten zuiden van Moerkapelle.6

Verdachte heeft korte tijd na de overval aan de oom van [Z] verteld dat zij - hij, [X] en [Z] - in de auto zaten en het toen in hun hoofd opkwam om dit te gaan doen. Hij heeft [X] en [Z] naar de parkeerplaats bij de winkel gereden. Verdachte heeft de oom verteld dat [X] en [Z] via de achterkant van de winkel naar binnen zijn gegaan en dat hij zelf op de uitkijk heeft gestaan. Verdachte heeft gezegd dat hij rondjes heeft gereden en is weggegaan toen hij zag dat de overval niet goed ging.7 De broer van [Z] was bij het gesprek tussen verdachte en de oom van [Z] aanwezig en hoorde verdachte zeggen dat hij heeft gezien dat de jongens die hij had meegenomen gepakt waren.8

In de onder verdachte in beslag genomen telefoon van verdachte is - onder een andere naam - het telefoonnummer opgenomen van de overvallen supermarkt te Moerkapelle.9

Medeverdachte [X] heeft verklaard dat een zekere 'Yassin' - ongeveer 24 jaar oud - hem en [Z] in de ochtend van 14 december 2010 uit [woonplaats] heeft opgehaald en naar Moerkapelle heeft gereden.10 Onderweg in de auto vertelde deze Yassin dat er geld in een kluis lag in een supermarkt daar en legde hij uit hoe de situatie en gang van zaken bij de supermarkt was.11 Aangekomen in Moerkapelle verkenden de drie de omgeving van de supermarkt, waarbij Yassin aanwees hoe medeverdachte [X] en [Z] naar binnen konden, en uitlegde waar de kluis was.12 Medeverdachte [X] heeft verklaard dat Yassin hem en [Z] een alarmpistool en een paar bivakmutsen gaf.13 Afgesproken was dat de drie een gelijk deel van de buit zouden krijgen.14 Yassin parkeerde zijn auto even verderop van de supermarkt.15

Nader onderzoek naar deze Yassin heeft niets opgeleverd dat in de richting wijst van een bestaande persoon met die naam.16

Medeverdachte [X] heeft verklaard dat toen het rolluik van het magazijn geopend was, hij en [Z] de supermarkt binnen gingen, getooid met de bivakmutsen en gewapend met het alarmpistool.17 In het magazijn drukte [X] het pistool op het hoofd van een medewerkster van de supermarkt, [C], en sommeerde hij haar naar de kluis te gaan.18 Ook de aanwezige bakker, [B], kreeg een pistool tegen het hoofd en werd tot twee keer toe geslagen. Hem werd gezegd: 'Rustig blijven, meekomen, anders ga ik schieten'.19

De bakker en de medewerkster werden daarna de trap op geduwd, richting het op de eerste verdieping gelegen kantoor, waar de kluis stond.20 In het kantoor moesten [C] en [B] van [X], nadat ze gezegd hadden de kluis niet te kunnen openen, op hun knieën zitten.21

Vervolgens ging [X] weer naar beneden. In de winkel trof hij de eigenaar van de supermarkt, [A].22 [X] loste een schot met het pistool.23 De eigenaar hoorde dat tegen hem gezegd werd: 'Dit is een overval, waar is de kluis, dit is geen geintje'. De eigenaar werd vervolgens onder bedreiging met een pistool gedwongen naar het kantoor te gaan.24

Onderweg naar boven trof verdachte de zoon van de eigenaar, [D]. [X] schoot in zijn richting.25 De zoon kreeg een pistool op zich gericht en werd samen met zijn vader het kantoor ingeduwd.26 De eigenaar hoorde dat tegen hem gezegd werd: 'Pas op, want ik schiet je in je knie'.

In het kantoor pakte de zoon van de eigenaar twee kassalades en maakte ze open, nadat hij te horen had gekregen: 'maak open die kassalades of ik schiet'.27 [Z] pakte vervolgens het geld uit de lades. [X] zei met het pistool in de hand tegen de mensen in het kantoor dat ze daar moesten blijven. [Z] deed de deur van het kantoor dicht.28 De deur ging op slot.29 [X] en [Z] gingen vervolgens naar beneden.30

De zoon van de eigenaar heeft daarop de ruit van de kantoordeur ingetrapt en vervolgens zijn de eigenaar van de supermarkt, zijn zoon en de supermarktmedewerkster achter de overvallers aangegaan, naar het magazijn beneden. Daar heeft een confrontatie plaatsgevonden waarbij [Z] gewond is geraakt en bewegingsloos op de grond is komen te liggen. Medeverdachte [X] is ten slotte de winkel van de supermarkt ingegaan, waar hij om 07.43 uur door de politie werd aangehouden.31

Medeverdachte [Z] is later die dag in het ziekenhuis aan zijn verwondingen overleden.32

In het pand zijn op de eerste etage twee zilverkleurige patronen/hulzen gevonden.33

Nadere bewijsoverwegingen

De rechtbank acht het primair ten laste gelegde - kort gezegd: de voltooide diefstal met geweld in vereniging - wettig en overtuigend bewezen.

In vereniging, geen medeplichtigheid

Over de rol van verdachte overweegt de rechtbank het volgende. Op grond van de verklaringen van medeverdachte [X] stelt de rechtbank vast dat drie personen hebben samengewerkt bij het voorbereiden en uitvoeren van de overal. De rechtbank is van oordeel dat deze samenwerking zodanig volledig en nauw is geweest dat wettig en overtuigend bewezen kan worden dat de diefstal tezamen en in vereniging is gepleegd. De drie personen zijn immers gezamenlijk naar Moerkapelle gereden, hebben onderweg over de overval gesproken en hebben ter plaatse de omgeving verkend. Twee van hen zijn daadwerkelijk de winkel ingegaan, terwijl de derde persoon op de uitkijk stond en wachtte tot de twee zouden terugkeren. Dat de samenwerking volledig en nauw was blijkt voorts uit de afspraak om de buit gelijkelijk te verdelen.

'Yassin' = verdachte

Twee van de drie overvallers zijn [X] en [Z]: zij werden in de supermarkt op heterdaad aangetroffen en aldaar door politie aangehouden. Medeverdachte [X] heeft zijn aandeel in de overval bekend. De vraag is of het bij de derde persoon, degene die de medeverdachte 'Yassin' noemt, om verdachte gaat.

De rechtbank is van oordeel dat dit het geval is. Uit de verklaring van verdachte en uit het onderzoek naar de telefoongegevens blijkt dat verdachte met [X] en [Z] 's ochtends vroeg naar Moerkapelle is gegaan en daar ongeveer een uur voor de overval is aangekomen. Ook heeft verdachte, blijkens twee getuigen die met hem spraken, verteld dat hij op de uitkijk stond, rondjes heeft gereden en dat hij heeft gezien dat 'het mis ging', en dat de twee anderen aangehouden werden. De stelling van de verdediging dat het om onbetrouwbare getuigen gaat, wordt niet gevolgd, nu hun verklaringen onderling consistent zijn, terwijl die verklaringen op diverse punten steun vinden in andere bewijsmiddelen. Hetgeen de getuigen hebben vernomen van verdachte past bovendien in het hierboven weergegeven tijdsverloop. De betrokkenheid van verdachte blijkt verder uit het feit dat hij het telefoonnummer van de supermarkt in zijn mobiele telefoon had opgeslagen.

De rechtbank acht op grond van het vorenstaande dan ook wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan diefstal in vereniging. Dat verdachte zelf niet lijfelijk aanwezig is geweest in de supermarkt ten tijde van de overval doet aan het voorgaande niet af.

Voltooide diefstal, geen poging

De rechtbank is verder - anders dan de raadsman heeft betoogd - van oordeel dat er sprake is van een voltooide diefstal. Voor een veroordeling voor een voltooide diefstal van een aan een ander toebehorende goed is vereist dat de dader zich een zodanige feitelijke heerschappij over dat goed heeft verschaft, dan wel dit goed zodanig aan de feitelijke heerschappij van de rechthebbende heeft onttrokken dat de wegneming van het goed als voltooid kan gelden (HR 22 maart 2011, LJN BP2627). De rechtbank is van oordeel dat het laatste het geval is. Verdachtes mededaders hebben, door het geld uit de kassalades te pakken, vervolgens de eigenaar en de andere aanwezigen met het pistool in de hand te zeggen dat zij in het kantoor moesten blijven, de deur van dat kantoor op slot te doen en daarna met het geld naar beneden te lopen, het geld aan de feitelijke heerschappij van de eigenaar onttrokken. Die onttrekking is naar het oordeel van de rechtbank van dien aard dat de wegneming als voltooid kan gelden: de eigenaar kon op dat moment immers feitelijk niet meer over zijn geld beschikken. Dat verdachtes mededaders uiteindelijk het pand niet hebben (kunnen) verlaten, doet, gelet op de hier geschetste feiten en omstandigheden, aan dit oordeel niet af.

3.4 De bewezenverklaring

Op grond van het vorenstaande acht de rechtbank wettig bewezen en is zij tot de overtuiging gekomen dat de verdachte het op de dagvaarding primair ten laste gelegde feit heeft begaan, met dien verstande, dat de rechtbank bewezen acht - zulks met verbetering van in de tenlastelegging voorkomende type- en taalfouten, zoals weergegeven in de bewezenverklaring, door welke verbetering de verdachte niet in de verdediging is geschaad - dat:

hij op 14 december 2010 te Moerkapelle, gemeente Zuidplas, tezamen en in vereniging met anderen met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening heeft weggenomen geld toebehorende aan [A], welke diefstal werd voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen [A] en [B] en [C] en [D], gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, welk geweld en welke bedreiging met geweld bestonden uit het:

- meermalen slaan van die [B] op/tegen het hoofd, en

- richten van een vuurwapen op het hoofd van die [B] en op het hoofd van die [C] en op het hoofd/de nek van die [A] en op die [D], en

- die [B] en die [C] dwingen op hun knieën te gaan zitten, en

- tegen die [A] zeggen: "Dit is een overval, waar is de kluis, dit is geen geintje" en "Pas op, want ik schiet je in je knie", en

- tegen die [B] zeggen: "Rustig blijven anders ga ik schieten", en

- tegen die [D] zeggen: "Maak open die kassalades of ik schiet", en

- meermalen afvuren van patronen met dat vuurwapen.

4. De strafbaarheid van het feit

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Dit levert het in de beslissing genoemde strafbare feit op.

5. De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is eveneens strafbaar, omdat niet is gebleken van feiten of omstandigheden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6. De straf/maatregel

6.1. De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de rechtbank verdachte zal veroordelen tot een gevangenisstraf van 2 jaar, met aftrek van de tijd doorgebracht in voorlopige hechtenis.

6.2. Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft de rechtbank verzocht om, in geval het ten laste gelegde bewezen wordt geacht, geen acht te slaan op het reclasseringsrapport, gelet op de tendentieuze en slecht onderbouwde stellingen van dat rapport.

6.3. Het oordeel van de rechtbank

Na te melden straf is in overeenstemming met de ernst van het gepleegde feit, de omstandigheden waaronder dit feit is begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Over de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder het feit is begaan, overweegt de rechtbank het volgende. Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan een zeer ernstig feit: een gewapende overval op een supermarkt, waarbij een bakker, die brood kwam bezorgen, een medewerkster, de eigenaar en zijn zoon met een pistool zijn bedreigd, en waarbij geslagen en geschoten is. Voor de slachtoffers - zo blijkt uit de verklaringen die zij als getuigen hebben afgelegd en uit de slachtofferverklaringen die twee van hen ter zitting hebben laten voorlezen - is dit een uiterst angstige ervaring geweest die ook nu nog, ruim een half jaar nadien, aanzienlijke psychische en bij een van hen ook lichamelijke gevolgen heeft.

De overval kan niet los worden gezien van de dramatische afloop ervan: de dood van de mededader [Z]. Uit de verklaringen van de familie en ook uit verklaringen van medeverdachte [X] - nauw met [Z] bevriend - blijkt hoe ingrijpend de dood van [Z] voor alle betrokkenen is geweest.

Verder heeft de overval voor maatschappelijke opschudding gezorgd in Moerkapelle en daarbuiten en heeft de (landelijke) pers uitgebreid bericht over hetgeen zich rond deze zaak heeft afgespeeld.

De rechtbank rekent verdachte de angst, de pijn en de onrust die hij door zijn handelwijze heeft veroorzaakt zeer zwaar aan.

Dat verdachte zelf niet fysiek in de supermarkt aanwezig is geweest ten tijde van de overval maakt niet dat zijn aandeel minder is dan dat van de twee andere overvallers. Integendeel. De rechtbank leidt uit de verklaringen van medeverdachte [X] af dat het verdachte was die de overval op de supermarkt heeft beraamd. Het was verdachte die wist dat er geld in de kluis aanwezig was, wist waar de kluis zich bevond en wat de gang van zaken was 's ochtends bij het openen van de supermarkt. Verdachte heeft verder voor het pistool en de bivakmutsen gezorgd en deze aan de twee anderen gegeven. De rechtbank neemt verder aan dat het leeftijdsverschil tussen verdachte enerzijds en [X] en [Z] anderzijds, alsmede de jonge leeftijd van de laatsten, bepalend is geweest voor de onderlinge rolverdeling. Verdachte is vier jaar ouder dan de andere twee en wordt door [X] betiteld als 'van de oude generatie'. Verdachte heeft een bijzonder kwalijke leidende rol gespeeld door deze twee jongere jongens voor dit plan in te zetten, waarbij een van hen zelfs het leven heeft gelaten.

De rechtbank heeft verder acht geslagen op het het uittreksel Justitiële Documentatie betreffende verdachte van 12 januari 2011. Daaruit blijkt dat verdachte zich al eerder aan strafbare feiten schuldig heeft gemaakt, waaronder ook diefstal met geweld. Dat verdachte zich ondanks zijn eerdere veroordelingen opnieuw aan een strafbaar feit schuldig heeft gemaakt, acht de rechtbank een strafverzwarende omstandigheid.

De rechtbank heeft kennis genomen van het rapport van de reclassering van 23 maart 2011, maar verbindt aan de inhoud daarvan geen gevolgen voor wat betreft de aard of hoogte van de op te leggen straf.

Het door de rechtbank bewezen verklaarde medeplegen is een zwaarder feit dan de medeplichtigheid, waarvan de officier van justitie de bewezenverklaring heeft gevorderd en waarop ze haar strafeis heeft gebaseerd. Daarnaast acht de rechtbank geen poging, maar een voltooide diefstal bewezen. Al met al acht de rechtbank, gelet op de ernst van het feit een gevangenisstraf van na te melden duur passend en geboden. Slechts in deze straf, een aanzienlijk hogere straf dan door de officier van justitie gevorderd, komt de kwalijke rol van verdachte voldoende tot uitdrukking.

7. De inbeslaggenomen goederen

Nu het belang van strafvordering zich daartegen niet meer verzet, zal de rechtbank de teruggave aan verdachte gelasten van de op de beslaglijst onder 1 en 2 genummerde voorwerpen, te weten een auto van het merk Fiat Stilo (kenteken [kenteken]) en een mobiele telefoon van het merk Blackberry Bold 9700.

8. De toepasselijke wetsartikelen

De op te leggen straf is gegrond op het artikel:

- 312 van het Wetboek van Strafrecht.

Dit voorschrift is toegepast, zoals het gold ten tijde van het bewezen verklaarde.

9. De beslissing

De rechtbank,

verklaart wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte het primair ten laste gelegde feit heeft begaan en dat het bewezen verklaarde uitmaakt:

diefstal, voorafgegaan en vergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen personen, gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden en gemakkelijk te maken, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen;

verklaart het bewezen verklaarde en de verdachte deswege strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

veroordeelt de verdachte tot:

een gevangenisstraf voor de duur van 4 (vier) jaar;

bepaalt dat de tijd, door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de hem opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;

gelast de teruggave aan verdachte van de op de beslaglijst onder 1 en 2 genummerde voorwerpen, te weten een auto van het merk Fiat Stilo (kenteken [kenteken]) en een mobiele telefoon van het merk Blackberry Bold 9700.

Dit vonnis is gewezen door

mrs. Rabbie, voorzitter,

Smelt en Dantuma, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. Snoeijer, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 5 juli 2011.

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal wordt - tenzij anders vermeld - bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Waar wordt verwezen naar pagina's betreft dit - tenzij anders vermeld - de pagina's van het proces-verbaal met het nummer PL1622 2010188528, met bijlagen, van politie Hollands Midden (genummerd pagina's 1 t/m 1164).

2 Verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting.

3 Proces-verbaal van verhoor verdachte, d.d. 10 januari 2011, p. 261 en 262

4 Proces-verbaal van bevindingen, d.d. 10 januari 2011, p. 235

5 Proces-verbaal van bevindingen, d.d. 10 januari 2011, p. 236

6 Geschrift (plattegrond), bijlage 6 bij het proces-verbaal van bevindingen met betrekking tot de route tijdens het gebruik van de mobiele telefoon in gebruik bij [verdachte], d.d. 26 april 2011, p. 411.

7 Proces-verbaal van verhoor getuige [oom van Z], d.d.18 februari 2011, p. 331

8 Proces-verbaal van verhoor getuige [broer van Z], d.d. 10 maart 2011, p. 335

9 Proces-verbaal van bevindingen, d.d. 15 februari 2011, p. 341

10 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 102, 103 en 105

11 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 105

12 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 115

13 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 104

14 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 116

15 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 115

16 Proces-verbaal van bevindingen, d.d. 30 maart 2011, p. 552

17 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 104

18 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 104 en proces-verbaal van verhoor getuige [C], d.d. 14 december 2010, p. 45

19 Proces-verbaal van aangifte van [B], d.d. 14 december 2010, p. 39

20 Proces-verbaal van aangifte van [B], d.d. 14 december 2010, p. 40

21 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 106 en proces-verbaal van aangifte [B], d.d. 14 december 2010, p. 40

22 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 107 en proces-verbaal van verhoor getuige [A], 14 december 2010, p. 53

23 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 107

24 Proces-verbaal van verhoor getuige [A], d.d.14 december 2010, p. 53

25 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 107 en proces-verbaal van verdachte ([D]), d.d. 14 december 2010, p. 69

26 Proces-verbaal van verhoor verdachte ([D]), d.d. 14 december 2010, p. 70 en proces-verbaal van verhoor getuige, p. 46

27 Proces-verbaal van verhoor verdachte ([D]), d.d. 14 december 2010, p. 70

28 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 107

29 Proces-verbaal van getuige [B], p. 41

30 Proces-verbaal van verhoor van verdachte ([X]), d.d. 14 december 2010, p. 107

31 Proces-verbaal van bevindingen, d.d. 14 december 2010, p. 112 en 113

32 Proces-verbaal van bevindingen, d.d. 15 december 2010, p. 87

33 Proces-verbaal van bevindingen, d.d. 14 december 2010, p. 16.