Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSGR:2011:BP3072

Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Datum uitspraak
31-01-2011
Datum publicatie
03-02-2011
Zaaknummer
09/655143-10
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verdachte heeft zich met anderen schuldig gemaakt aan voetbalgeweld tijdens een thuiswedstrijd van ADO in het ADO-stadion. Hij heeft actief bijgedragen aan een situatie waarin stewards in het nauw zijn gedreven. Deze stewards waren belast met het handhaven van de orde in het stadion. Verdachte wist dat maar wenste de aanwezigheid van de stewards in zijn vak niet te accepteren. Het geweld, dat verdachte naar eigen zeggen had willen voorkomen, is onder meer door zijn optreden juist ontstaan. Er is een zeer bedreigende situatie voor de stewards ontstaan, doordat ook andere supporters het slechte voorbeeld van verdachte zijn gaan volgen en fysiek geweld tegen de stewards hebben toegepast. Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met het aan verdachte door de KNVB opgelegde stadion- en speelverbod. Voorts neemt de rechtbank in het voordeel van de verdachte mee dat zijn aandeel aan het geweld ten opzichte van verdachten [B] en [A] minder ernstig was. Werkstraf van 60 uur. Zie ook LJN: BP3067 (verdachte A), BP3056 (verdachte B) en BP3075 (verdachte D).

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ‘S-GRAVENHAGE

Sector Strafrecht

Meervoudige strafkamer

Parketnummer 09/655143-10

Datum uitspraak: 31 januari 2011

Tegenspraak

(Promis)

De rechtbank ’s-Gravenhage heeft op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[verdachte C],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1985,

adres: [adres]

1. Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek is gehouden ter terechtzitting van 17 januari 2011.

De rechtbank heeft kennis genomen van de vordering van de officier van justitie mr. Y.H.M. de Groot en van hetgeen door de raadsman van verdachte mr. H.D. Gelderloos, advocaat te ’s-Gravenhage, en door de verdachte naar voren is gebracht.

2. De tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:

hij op of omstreeks 08 november 2009 te 's-Gravenhage met een ander of anderen, op een voor het publiek toegankelijke plaats of in een voor het publiek toegankelijke ruimte, te weten het Ado-Den Haag voetbalstadion, gelegen aan het Haags Kwartier, in elk geval op of aan een openbare weg, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen een of meer steward(s) genaamd [steward 1] en/of [steward 2] en/of [steward 3], welk geweld bestond uit het duwen en/of slaan en/of schoppen/trappen en/of het rukken en/of trekken aan het lichaam van die [steward 1] en/of [steward 2] en /of [steward 3], tengevolge van welke handelingen die [steward 1] en/of die [steward 2] ten val kwam(en) en/of het gooien van een of meer voorwerp(en) naar en/of in de richting van die [steward 1] en/of [steward 2] en/of [steward 3] en/of het spugen naar en/of in de richting van die [steward 1] en/of [steward 2] en/of [steward 3];

art 141 lid 1 Wetboek van Strafrecht

3. Het bewijs

3.1 Het standpunt van de officier van justitie

De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte tezamen met anderen openlijk geweld heeft gepleegd tegen stewards die waren belast met de ordehandhaving in het stadion van voetbalclub ADO Den Haag.

De officier van justitie heeft gevorderd dat de rechtbank wettig en overtuigend bewezen zal verklaren dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan.

3.2 Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte geen opzet had op het plegen van openlijk geweld, maar juist een escalatie wilde voorkomen.

Daarnaast voert de verdediging aan dat het handelen van de verdachte geïsoleerd bezien dient te worden van het handelen van de medeverdachten dat erop volgt. Het zou te ver voeren, zo is door de raadsman betoogd, om te stellen dat het handelen van verdachte de aanleiding is geweest voor het daarop volgende incident waarbij stewards ten val zijn gekomen.

3.3 De beoordeling van de tenlastelegging1

De rechtbank leidt uit de inhoud van het dossier en het verhandelde ter terechtzitting het volgende af.

Op 8 november 2009 bevond verdachte zich als toeschouwer in het ADO-stadion in Den Haag waar op dat moment een wedstrijd tussen ADO Den Haag en PSV werd gespeeld. In de 60e minuut heeft de scheidsrechter de wedstrijd wegens spreekkoren onderbroken.2Enkele stewards kregen opdracht de supporters op de spreekkoren aan te spreken.3 Op dat moment keerde een groep supporters, waaronder verdachte, zich tegen deze stewards.4 Op de camerabeelden is hiervan onder meer het volgende te zien:

Supporters draaien zich om en kijken in de richting van de stewards in het vak. Verdachten [A] en [B] lopen de tribune op in de richting van steward [steward 2]. Vanuit de tribune wordt een programmaboekje tegen steward [steward 2] gegooid. Vervolgens wordt er nog iets naar hem gegooid en schreeuwt een van de supporters tegen hem. Daarna wordt [steward 2] door verdachte [C] aangesproken en duwt verdachte [C] steward [steward 2] weg Steward [steward 2] wordt vervolgens door verdachte [B] geduwd, en daarna door hem omver geduwd. Kort daarna schopt verdachte [A] steward [steward 2] en steward [steward 1]. Steward [steward 1] komt hierdoor ten val. Daarna is op de camerabeelden te zien dat verdachte [B] steward [steward 2] bespuugt. Iets later duwt verdachte [D] steward [steward 2] van de trap. Door het geduw van de supporters, onder wie verdachte [A], ontstaat een domino-effect waardoor steward [steward 3] valt.5

Voorts zijn er diverse verklaringen afgelegd over hetgeen die dag in het ADO-stadion is gebeurd. Getuige [getuige 1] heeft verklaard dat met aanstekers is gegooid in de richting van de stewards.6 Verdachte [C] heeft gezien dat een kartonnen dranktray en een beker naar een steward werden gegooid.7 Hij heeft,na het zien van de beelden, bij de politie verklaard dat hij [steward 2] een duw heeft gegeven.8 Aangever [steward 2] heeft verklaard dat hij door een 35 à 40-jarige man met een zwarte jas tegen de grond is geduwd9. Verdachte [B] heeft bij de politie verklaard dat hij een steward een duw heeft gegeven en dat hij zag dat de steward achterover tussen de stoeltjes viel.10 Getuige [getuige 2] heeft gezien dat verdachte [A] twee keer een trappende beweging maakte naar de stewards11 en steward [steward 2] verklaart in zijn aangifte dat hij een schop kreeg van een man met een bruine jas12. Hij werd bovendien geschampt door een tweede trap, die het lichaam van steward [steward 1] raakte. Getuige [getuige 2] heeft ook gezien dat steward [steward 1] werd geschopt,13 en voorts dat [steward 1] hierdoor is gevallen.14 [steward 1] viel twee treden naar beneden en kwam tussen de stoeltjes tot stilstand.15 Deze val is ook gezien door aangever [steward 2].16 Het bespugen van steward [steward 2] is gezien door getuige [getuige 2].17[D] heeft zichzelf op de beelden herkend, en heeft bekend dat hij een steward heeft geduwd.18 Steward [steward 3] heeft verklaard dat hij door een groep supporters omver werd geduwd en daardoor achterover van de trap viel en hard op zijn linkerschouder terecht kwam. Hij voelde hevige pijn en is per ambulance afgevoerd.19 Steward [steward 1] heeft zich eveneens onder medische behandeling moeten stellen. Bij hem is een bloeduitstorting van 12 bij 5 cm. geconstateerd en een verstijving van de lange rugspieren.20

Door de verdediging is betoogd dat met het duwen verdachte niet de opzet had om openlijk geweld te plegen en dat dit duwen ook niet de aanleiding heeft gevormd voor het daarop volgende handelen van de andere verdachten en de val van de stewards. De rechtbank overweegt daaromtrent als volgt. Verdachte heeft ter zitting verklaard dat de situatie op de tribune bijzonder explosief was, omdat de aanwezige supporters boos waren over het door hen als teleurstellend ervaren verloop van de voetbalwedstrijd.21 Verdachte meende dat de situatie uit de hand zou kunnen lopen omdat de stewards de tribune op waren gekomen. Uit de camerabeelden volgt dit ook; vele supporters kijken in de richting van de stewards in het vak, er worden spullen naar de stewards gegooid en er wordt tegen een steward geschreeuwd. In deze reeds bestaande explosieve situatie, waarin al geweld jegens de stewards werd gebruikt door het gooien van spullen tegen de stewards, is verdachte begonnen met het duwen van een van de stewards. Hij heeft dat gedaan omdat deze steward niet reageerde op zijn verzoek om het vak te verlaten.22 Vervolgens wordt in een zeer kort tijdsbestek (volgens de beelden 22 seconden later) eerst [steward 2] nogmaals geduwd, daarna bespuugd (1 seconde later), opnieuw weggeduwd (nog 1 seconde later) en omvergeduwd (nog 3 seconden hierna), waarna nog meer geweld plaatsvindt. 23 Of het handelen van verdachte daartoe de directe aanleiding vormde doet naar het oordeel van de rechtbank niet ter zake. Voldoende voor een bewezenverklaring van openlijk geweld is dat verdachte zich niet heeft gedistantieerd in een explosieve situatie, maar zich daarentegen bij de groep boze supporters heeft aangesloten die vonden dat de stewards “hun” vak moesten verlaten. Hij heeft een van de stewards geduwd. Daarmee heeft verdachte een voldoende wezenlijke bijdrage geleverd aan het uitgeoefende geweld.

Op grond van het vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat het ten laste gelegde feit wettig en overtuigend bewezen is.

3.4 De bewezenverklaring

Op grond van het onder 3.3 overwogene acht de rechtbank bewezen dat de verdachte:

op 8 november 2009 te 's-Gravenhage met anderen, in een voor het publiek toegankelijke ruimte, te weten het ADO-Den Haag voetbalstadion, gelegen aan het Haags Kwartier, openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen stewards genaamd [steward 1] en [steward 2] en [steward 3], welk geweld bestond uit het duwen en schoppen/trappen van die [steward 1] en/of [steward 2] en/of [steward 3], tengevolge van welke handelingen die [steward 1] en die [steward 2] ten val kwamen en het gooien van voorwerpen in de richting van die [steward 1] en [steward 2] en [steward 3] en het spugen in de richting van die [steward 2].

4. De strafbaarheid van het feit

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten. Dit levert het in de beslissing genoemde strafbare feit op.

5. De strafbaarheid van de verdachte

Verdachte is eveneens strafbaar, omdat niet is gebleken van een omstandigheid die zijn strafbaarheid uitsluit.

6. De straf/maatregel

6.1. De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot een werkstraf van 60 uur, subsidiair 30 dagen hechtenis en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 weken. Hierbij heeft de officier rekening gehouden met het feit dat de verdachte reeds is gestraft doordat hij van de KNVB hem een (landelijk) stadionverbod voor de duur van 6 jaar heeft opgelegd.

Voorts houdt de officier in deze vordering rekening met het mindere aandeel in het geweld van verdachte ten opzichte van twee medeverdachten [B] en [A].

6.2. Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte reeds zwaar gestraft is door het stadionverbod dat door de KNVB is opgelegd. Verdachte wordt door dit verbod extra hard getroffen, omdat het voor hem eveneens inhoudt dat hij geen zaalvoetbal meer mag spelen. Voorts is verdachte een first offender en zou een veroordeling zijn toekomstplannen doorkruisen, met name doordat zijn vriendin in verband met haar functie niet kan samenwonen met een persoon die is veroordeeld wegens enig strafbaar feit.

6.3. Het oordeel van de rechtbank

Na te melden straf is in overeenstemming met de ernst van het gepleegde feit, de omstandigheden waaronder dit is begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

Verdachte heeft zich met anderen schuldig gemaakt aan voetbalgeweld tijdens een thuiswedstrijd van ADO in het ADO-stadion. Hij heeft actief bijgedragen aan een situatie waarin stewards in het nauw zijn gedreven. Deze stewards waren belast met het handhaven van de orde in het stadion. Verdachte wist dat maar wenste de aanwezigheid van de stewards in zijn vak niet te accepteren. Het geweld, dat verdachte naar eigen zeggen had willen voorkomen, is onder meer door zijn optreden juist ontstaan. Er is een zeer bedreigende situatie voor de stewards ontstaan, doordat ook andere supporters het slechte voorbeeld van verdachte zijn gaan volgen en fysiek geweld tegen de stewards hebben toegepast.

Dit voetbalgeweld maakt niet alleen ernstige inbreuk op de lichamelijke integriteit van de stewards, maar maakt bovendien het werk van deze ordehandhavers onnodig gevaarlijk.

Daar komt bij dat dergelijk geweld schade toebrengt aan het imago van de eigen club en aan het betaald voetbal in het algemeen. Onder de vele getuigen - rechtstreeks of door de televisiebeelden - zijn gevoelens van angst en onveiligheid veroorzaakt.

De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel Justitiële Documentatie van 21 december 2010 betreffende verdachte waaruit blijkt dat verdachte niet eerder is veroordeeld voor enig strafbaar feit.

Bij de strafoplegging houdt de rechtbank rekening met het aan verdachte door de KNVB opgelegde stadion- en speelverbod.

Voorts neemt de rechtbank in het voordeel van de verdachte mee dat zijn aandeel aan het geweld ten opzichte van verdachten [B] en [A] minder ernstig was.

Naar het oordeel van de rechtbank komen de ernst van het bewezenverklaarde geweld en de door de rechtbank in aanmerking genomen omstandigheden voldoende tot uitdrukking in de door de officier van justitie gevorderde werkstraf. Voor een voorwaardelijk strafdeel ziet de rechtbank, anders dan de officier van justitie, geen aanleiding, nu het geweld zozeer samen hangt met het bezoek aan een voetbalstadion, welk recht verdachte voorlopig is ontzegd, dat de rechtbank dit niet zinvol acht.

De rechtbank zal geen rekening houden met de eventuele gevolgen van strafoplegging voor het samenwonen van verdachte met zijn vriendin, reeds omdat niet met stukken is onderbouwd wat deze gevolgen zijn.

7. De toepasselijke wetsartikelen

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen 9, 22c, 22d en 141 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.

8. De beslissing

De rechtbank,

verklaart wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte het tenlastegelegde feit heeft begaan en dat het bewezenverklaarde uitmaakt:

openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen;

verklaart het bewezen verklaarde en de verdachte deswege strafbaar;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

veroordeelt de verdachte tot:

een taakstraf, bestaande uit een werkstraf, voor de tijd van ZESTIG (60) UREN;

beveelt, voor het geval dat de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de tijd van DERTIG (30) DAGEN.

Dit vonnis is gewezen door

mr. Honée, voorzitter,

mrs. Pabbruwe en Bouman, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. Van Halderen, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 31 januari 2011.

1 Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal wordt – tenzij anders vermeld – bedoeld een ambtsedig proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Waar wordt verwezen naar dossierpagina’s betreft het de pagina’s van het doorgenummerde proces-verbaal met het nummer PL1531/2009/57998 van politie Haaglanden, met bijlagen (p. 1-130).

2 Proces-verbaal van bevindingen van 24 november 2009, p. 68.

3 Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 4] van 28 november 2009, p. 78.

4 Proces-verbaal van bevindingen van 24 november 2009, p. 68.

5 Proces-verbaal van bevindingen van 17 december 2009, p. 67.

6 Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 1] van 13 december 2009, p. 81.

7 Proces-verbaal van verhoor van verdachte [C] van 2 december 2009, p. 96.

8 Proces-verbaal van verhoor van de verdachte [C] van 2 december 2009, p. 99.

9 Proces-verbaal van aangifte van [steward 2] van 17 november 2009, p. 55.

10 Proces-verbaal van verhoor van verdachte [B] van 1 december 2009, p. 86.

11 Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2] van 26 november 2009, p. 75.

12 Proces-verbaal van aangifte van [steward 2] van 17 november 2009, p. 55.

13 Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2] van 26 november 2009, p. 75.

14 Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2] van 26 november 2009, p. 75.

15 Proces-verbaal van aangifte van [steward 1] van 12 november 2009, p. 49.

16 Proces-verbaal van aangifte van [steward 2] van 17 november 2009, p. 55.

17 Proces-verbaal van verhoor getuige [getuige 2] van 26 november 2009, p. 74.

18 Proces-verbaal van verhoor van de verdachte [D] van 7 december 2009, p. 104.

19 Proces-verbaal van aangifte van [steward 3] van 18 november 2009, p. 59.

20 Medische informatie d.d. 12 november 2009 p. 53

21 Proces-verbaal ter terechtzitting van 17 januari 2011.

22 Proces-verbaal van verhoor van verdachte [C] van 2 december 2009, p. 99

23 Proces-verbaal van bevindingen van 17 december 2009, p. 66-67.