Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSGR:2010:BO3690

Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Datum uitspraak
11-11-2010
Datum publicatie
11-11-2010
Zaaknummer
376824 - KG RK 10-2428
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Afwijzing verlof tot beslaglegging. Het doel van de beslaglegging is de tenuitvoerlegging van een beslissing van de kantonrechter te frustreren, hetgeen - in beginsel - niet kan worden goedgekeurd.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE

Sector civiel recht

zaaknummer / rekestnummer: 376824 / KG RK 10-2428

Beschikking van de voorzieningenrechter van 11 november 2010

in de zaak van:

de stichting

WONINGSTICHTING HAAG WONEN,

gevestigd en kantoorhoudende te 's-Gravenhage,

verzoekster,

advocaat mr. R. van Gelder te Bleiswijk, gemeente Lansingerland,

tegen

[verweerder],

wonende te [woonplaats],

verweerder,

advocaat mr. T. Venneman te 's-Gravenhage.

Partijen worden hierna aangeduid als "Haag Wonen" en "[verweerder]".

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- het verzoekschrift van Haag Wonen;

- de brief van de advocaat van [verweerder] van 12 oktober 2010, met bijlagen;

- de brief van de advocaat van Haag Wonen van 3 november 2010, met bijlagen;

- de mondelinge behandeling van 9 november 2010.

2. De beoordeling

2.1. Het verzoek van Haag Wonen strekt tot het verkrijgen van verlof tot het leggen van conservatoir beslag onder haarzelf op al hetgeen zij nog onder zich heeft en mogelijk verschuldigd is en/of wordt aan [verweerder] uit welken hoofde dan ook en in het bijzonder de tussen partijen bestaan hebbende arbeidsovereenkomst. [verweerder] heeft gemotiveerd verweer gevoerd tegen toewijzing van dat verzoek. De voorzieningenrechter overweegt het volgende.

2.2. Op grond van de stukken en de mondelinge behandeling is tussen partijen het volgende komen vast te staan:

[verweerder] was in dienst bij Haag Wonen. Op 8 juli 2010 heeft Haag Wonen [verweerder] op staande voet ontslagen wegens verduistering in dienstbetrekking. Nadat [verweerder] de vernietigbaarheid van dat ontslag had ingeroepen, heeft Haag Wonen de kantonrechter te 's-Gravenhage voorwaardelijk - voor zover de arbeidsovereenkomst niet reeds op 8 juli 2010 zou zijn geëindigd - verzocht de arbeidsovereenkomst per direct te ontbinden op grond van een dringende reden, dan wel op grond van een verandering in de omstandigheden. Ter gelegenheid van de mondelinge behandeling van dat verzoek heeft de kantonrechter aangegeven dat Haag Wonen de door haar gestelde verduistering door [verweerder] niet voldoende aannemelijk had gemaakt, waarna Haag Wonen haar verzoek heeft ingetrokken. Vervolgens heeft zij - na c.q. in overleg met [verweerder] - een verzoekschrift ingediend bij de sector kanton van deze rechtbank strekkende tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van gewichtige redenen bestaande in een wijziging van de omstandigheden - te weten een ernstig verschil van inzicht over de wijze waarop [verweerder] zijn werkzaamheden dient uit te voeren - onder toekenning van een (ontbindings)vergoeding van € 5.175,50 bruto aan [verweerder]. Na (formeel) verweer van [verweerder] heeft de kantonrechter bij beschikking van 31 augustus 2010 de arbeidsovereenkomst tussen partijen ontbonden per 1 oktober 2010, onder toekenning aan [verweerder] van de door Haag Wonen aangeboden vergoeding.

Verder heeft Haag Wonen [verweerder] en zeven andere (rechts)personen op 10 juni 2010 gedagvaard om te verschijnen (in een bodemzaak) voor deze rechtbank. Daarbij vordert zij primair hoofdelijke veroordeling van alle gedaagden tot betaling van een bedrag van € 354.057,71, met nevenvorderingen, zijnde de door haar geleden schade als gevolg van de hiervoor bedoelde verduistering.

2.3. De voorzieningenrechter is van oordeel dat het verzoek tot beslaglegging onder de gegeven omstandigheden niet toewijsbaar is. Aan dat verzoek legt Haag Wonen (enkel) ten grondslag de verduistering door [verweerder], die de kantonrechter destijds niet voldoende vast vond staan, hetgeen er toe heeft geleid dat Haag Wonen haar daarop gegronde voorwaardelijke verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst heeft ingetrokken. Vervolgens heeft Haag Wonen er voor gekozen - op andere gronden - een nieuw ontbindingsverzoek in te dienen, onder het aanbod om aan [verweerder] een vergoeding van € 5.175,50 bruto uit te keren, welk verzoek door de kantonrechter is gehonoreerd. Door middel van het onderhavige verzoek wenst Haag Wonen te bewerkstelligen dat beslag wordt gelegd op de - door haarzelf aangeboden - ontbindingsvergoeding. Dat het beslag ook nog andere vermogensbestanddelen van [verweerder] zou kunnen treffen is gesteld noch gebleken. Op grond van een en ander moet worden geconcludeerd dat het doel van de beslaglegging is de tenuitvoerlegging van de beschikking van de kantonrechter van 31 augustus 2010, waarbij het verzoek van Haag Wonen integraal is toegewezen, te frustreren. Dat kan, in beginsel, niet worden goedgekeurd. Te minder waar relevante feiten en/of omstandigheden die ten tijde van de behandeling van het voorwaardelijke verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst niet bekend waren, zijn gesteld noch gebleken. Door [verweerder] betwiste stellingen van enkele mede-gedaagden in de bodemzaak kunnen in ieder geval niet als zodanig worden aangemerkt. Het voorgaande brengt bovendien mee dat in het kader van het onderhavige verzoek moet worden vastgesteld dat Haag Wonen haar vermeende vordering op [verweerder] onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt.

3. De beslissing

De voorzieningenrechter;

- weigert het gevraagde verlof.

Deze beschikking is gegeven door mr. R.J. Paris en in het openbaar uitgesproken op 11 november 2010.

jvl