Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSGR:2010:BO3259

Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Datum uitspraak
03-11-2010
Datum publicatie
08-11-2010
Zaaknummer
342605-HA RK 09-354
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Heroverweging m.b.t. Europees betalingsbevel. Verweerster niet-ontvankelijk. Verzoek tot heroverweging te laat ingediend. Verzoek gebaseerd op artikel 20 lid 2 van de Verordening.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK AMSTERDAM,

nevenzittingsplaats

Sector civiel

Beschikking van 3 november 2010 op een verzoek tot heroverweging.

Gezien het aangehecht Europees betalingsbevel van 3 november 2009 met zaaknummer 342605/ HA RK 09-354, met uitvoerbaarverklaring van 7 januari 2010.

1.Bij (ongedateerd) verzoek, ingekomen ter griffie op 23 juni 2010, heeft verweerster verzocht om heroverweging als bedoeld in artikel 20 van de Verordening (EG) nr. 1896/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure (verder te noemen: de Verordening).

2.Verweerster voert aan dat de uitvoerbaarverklaring met het Europees Betalingsbevel aan haar is betekend of ter kennis is gebracht op 19 mei 2010. Haar administrateur heeft eerder geen kennis genomen van de betekening van het betalingsbevel. Zij verzoekt daarom heroverweging van het betalingsbevel. Bij de rechter in Italië heeft zij bezwaar aangetekend (de rechtbank neemt aan dat hiermee wordt bedoeld een verzoek tot opschorting). Voorts betwist verweerster de vordering van eiseres, omdat zij niet het gehele bedrag verschuldigd is. Zij is bereid het daadwerkelijk verschuldigde bedrag aan eiseres te voldoen.

3.Bij brief van 2 augustus 2010 heeft R. de Falco namens eiseres gereageerd op het verzoek tot heroverweging. Hij komt primair tot de conclusie dat verweerster niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in haar verzoek, omdat de termijn voor het indienen van een heroverwegingsverzoek is verstreken. Subsidiair merkt hij op dat het verzoek dient te worden afgewezen, aangezien het niet is gebaseerd op overmacht of buitengewone omstandigheden. De stelling van verweerster dat zij het betalingsbevel niet heeft ontvangen wordt weersproken door de aanwezigheid van de zogenaamde "rode kaart".

4.In reactie op de door de rechtbank aan verweerster toegezonden kopie van het door de rechtbank ontvangen bewijs van uitreiking (rode kaart), heeft verweerster bij op 4 oktober 2010 per fax ontvangen brief bericht dat de aangetekende zending niet door haar wettelijk vertegenwoordiger is ontvangen. De Italiaanse rechter heeft schorsing van de procedure bevolen, aldus verweerster.

5.De rechtbank overweegt als volgt.

6.De rechtbank neemt tot uitgangspunt dat het verzoek tot heroverweging is gebaseerd op artikel 20 lid 2 van de Verordening. Verweerster stelt zich immers op het standpunt dat niet aan haar wettelijk vertegenwoordiger is betekend. Zij neemt tot uitgangspunt dat het betalingsbevel niet overeenkomstig artikel 14 van de Verordening is betekend (artikel 20 lid 1 onder a van de Verordening), aangezien zij zich beroept op schending van artikel 14 derde lid sub a) iii en sub b van de Verordening. Voorts heeft zij geen gronden naar voren gebracht die nopen tot de toepassing van artikel 20 lid 1 onder b van de Verordening. Artikel 9 lid 2 onder c van de Uitvoeringswet verordening Europese betalingsbevelprocedure bepaalt dat het verzoek tot heroverweging in het geval als bedoeld in artikel 20 lid 2 van de Verordening, gedaan moet worden binnen vier weken nadat de daargenoemde grond voor heroverweging aan de verweerder bekend is geworden. Verweerster heeft aangegeven dat het uitvoerbaar verklaarde betalingsbevel op 19 mei 2010 aan haar is betekend of ter kennis is gebracht. Het verzoek tot heroverweging is ingekomen op 23 juni 2010. Dit leidt tot de conclusie dat het verzoek te laat is ingediend. Verweerster dient derhalve in haar verzoek tot heroverweging niet-ontvankelijk te worden verklaard.

BESLISSING:

De rechtbank verklaart verweerster niet-ontvankelijk in haar verzoek tot heroverweging van het jegens haar uitgevaardigde Europese betalingsbevel.

Deze beslissing is gegeven door mr. M.Th. Nijhuis en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 3 november 2010, in tegenwoordigheid van de griffier.