Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSGR:2006:AY9705

Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Datum uitspraak
09-10-2006
Datum publicatie
09-10-2006
Zaaknummer
271135 KG ZA 06-994
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Auteursrecht; filmwerk; vertoning televisie-uitzending in café.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE

Sector civiel recht

zaaknummer / rolnummer: 271135 / KG ZA 06-994

Vonnis in kort geding van 9 oktober 2006

in de zaak van

stichting STICHTING VIDEMA,

gevestigd te Noordeloos,

eiseres,

procureur mr. W. Heemskerk,

advocaat mr. J.M.B. Seignette te Amsterdam,

tegen

[gedaagde] H.O.D.N. THE ROYAL BAR,

wonende te Alphen aan den Rijn,

gedaagde,

procureur mr. E. Grabandt,

advocaat mr. M.P.A. Oogjen te Woerden.

Partijen zullen hierna Videma en [gedaagde] genoemd worden.

1. De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding;

- de mondelinge behandeling op 25 september 2006;

- de pleitnota van Videma;

- de pleitnota van [gedaagde];

- de door partijen overgelegde producties.

1.2. Vonnis is bepaald op heden.

2. De feiten

2.1. In deze procedure dient te worden uitgegaan van de navolgende onbestreden feiten.

2.1.1. Videma stelt zich blijkens haar statuten ten doel: 'het behartigen van de belangen van en het optreden als uitvoerder van vertoningsrechten van producenten en auteursrechthebbenden van filmwerken, zowel in het binnenland als in het buitenland...'.

2.1.2. Videma verleent tegen betaling licenties voor vertoning van televisie-uitzendingen van filmwerken in cafés, winkels, overheidsinstellingen, scholen, sportclubs e.d. (groepstelevisie). Zij doet dit krachtens overeenkomsten die zij heeft afgesloten met de Nederlandse publieke en commerciële omroepen, Nederlandse en buitenlandse film- en televisieproducenten en platenmaatschappijen (verder gezamenlijk te noemen: contractanten).

2.1.3. Een dergelijke overeenkomst is onder andere gesloten met betrekking tot de televisiezenders Nederland 1, 2 en 3, RTL 4, 5 en 7, SBS 6, NET 5, Veronica, Talpa, Nickelodeon, Jetix, TMF, MTV en Live Eredivisie voetbal (Tele2).

2.1.4. De overeenkomsten met de contractanten bevatten een volmacht aan Videma om ten behoeve van de contractanten, maar in eigen naam, vorderingen als in deze procedure aan de orde in te stellen.

2.1.5. [gedaagde] heeft een cafébedrijf in Alphen aan den Rijn onder de naam 'The Royal Bar'. [gedaagde] heeft geen licentie voor groepstelevisie.

2.1.6. [gedaagde] heeft in The Royal Bar aan aldaar aanwezig publiek de navolgende televisieprogramma's vertoond.

Datum

16 juni 2006

Programma

-Voorbeschouwing WK voetbalwedstrijd Nederland - Ivoorkust

-wedstrijd Nederland - Ivoorkust

Televisiezender (omroep)

Nederland 2 (NOS)

Datum

30 juni 2006

Programma

-Voorbeschouwing WK voetbalwedstrijd Duitsland - Argentinië

-wedstrijd Duitsland - Argentinië

Televisiezender (omroep)

Nederland 2 (NOS)

Datum

14 juli 2006

Programma

-'Summer Report'

-'My Own'

Televisiezender (omroep)

MTV

Datum

20 juli 2006

Programma

-'Room Raiders'

-'The Real World'

Televisiezender (omroep)

MTV

Datum

4 en 5 augustus 2006

Programma

-Voorbeschouwing LG Amsterdam Tournament

-voetbalwedstrijden FC Porto - Inter Milan, Ajax - Manchester United, Ajax - Inter Milan

Televisiezender (omroep)

SBS6

2.1.7. Deze televisieprogramma's dienen te worden aangemerkt als filmwerk in de zin van artikel 10 lid 1 onder 10 Auteurswet 1912 (verder: Aw).

3. Het geschil

3.1. Videma vordert - zakelijk weergegeven- :

-[gedaagde] te bevelen iedere vertoning van een televisie-uitzending van een door Videma vertegenwoordigd filmwerk te staken indien daarvoor geen toestemming is verkregen van de auteursrechthebbende op dat werk of van Videma, op straffe van een dwangsom;

-veroordeling van [gedaagde] tot betaling van een voorschot van € 1000,-, met rente op de door de auteursrechthebbenden geleden schade;

met bepaling van de in artikel 260 lid 1 Rv. bedoelde termijn op 6 maanden en veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.

3.2. Videma stelt dat haar contractanten auteursrechten hebben op de vertoonde filmwerken en dat [gedaagde] daarop inbreuk maakt. Haar bevoegdheid in deze procedure op te treden baseert Videma onder meer op de aan haar verstrekte procesvolmachten.

3.3. [gedaagde] voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover voor relevant, nader ingegaan.

4. De beoordeling

4.1. [gedaagde] bestrijdt dat Videma een spoedeisend belang heeft bij het gevorderde verbod en het voorschot op de schadevergoeding. Videma is, aldus [gedaagde], al lange tijd op de hoogte van de vertoningen in cafés als The Royal Bar en weet dat [gedaagde] niet bereid is een licentie te nemen.

4.2. Uit de stellingen van Videma en het door [gedaagde] ingenomen standpunt volgt dat (mogelijk) inbreukmakende vertoningen in The Royal Bar op ieder moment kunnen worden voortgezet. De spoedeisendheid van het gevorderde verbod is daarmee gegeven. Om dezelfde reden kan niet worden geoordeeld dat, zoals [gedaagde] stelt, Videma oneigenlijk gebruik maakt van de mogelijkheid van een kort gedingprocedure.

4.3. [gedaagde] verzet zich tegen het gemak waarmee Videma naar hij meent voorbijgaat aan de haar bij herhaling gestelde vraag waaruit blijkt dat haar contractanten de auteursrechthebbenden zijn op de vertoonde televisieprogramma's. [gedaagde] wijst er op dat slechts de auteursrechthebbende een verbod op inbreuk op het auteursrecht kan vorderen, niet de licentiehouder.

4.4. Videma heeft in dit verband, door verwijzing naar verklaringen van haar contractanten en mondeling ter zitting, zakelijk weergegeven het volgende gesteld.

4.4.1. NOS heeft met betrekking tot de uitgezonden WK-voetbalwedstrijden een licentie voor uitzending en voor groepstelevisierechten.

4.4.2. De voorbeschouwingen zijn een eigen productie van de NOS, zodat NOS auteursrechthebbende is.

4.4.3. SBS is auteursrechthebbende op het programma 'LG Amsterdam Tournament' en de voorbeschouwing.

4.4.4. MTV Networks is auteursrechthebbende op de programma's 'Summer Report', 'My Own' en 'The Real World', dan wel heeft ter zake en exclusieve licentie verworven.

4.4.5. 'Room Raiders' is geproduceerd door televisieproducent Granada Media.

4.5. Het is aan Videma om voldoende aannemelijk te maken dat haar contractanten de auteursrechthebbenden op de vertoonde programma's zijn zodat zij met de aan haar verstrekte processuele volmacht een verbod kan vorderen op inbreuk op de auteursrechten van haar contractanten. Dit moet worden beoordeeld aan de hand van de volgende uitgangspunten. Voor filmwerken geldt dat als regel de producent van het filmwerk geacht wordt het recht op openbaarmaking te hebben verkregen (artikel 45d Aw.). Artikel 4 Aw. houdt onder meer in het bewijsvermoeden dat, behoudens tegenbewijs, voor de maker van het filmwerk moet worden gehouden degene die als zodanig op of in het werk is aangeduid. Wordt het filmwerk openbaar gemaakt door uitzending zonder vermelding van de maker, dan volgt uit artikel 8 Aw. dat de rechtspersoon die het werk uitzendt als maker wordt aangemerkt. Tot slot geldt, zoals [gedaagde] terecht heeft aangevoerd, dat het recht om een verbod op inbreuk op het auteursrecht te vorderen is voorbehouden aan de auteursrechthebbende.

4.6. Het voorgaande betekent dat Videma geen verbod kan vorderen namens NOS op of naar aanleiding van inbreuk op de auteursrechten op de rapportages van de WK voetbalwedstrijden omdat NOS ter zake slechts licentiehouder is.

4.7. Het gestelde auteursrecht van SBS op het programma 'LG Amsterdam Tournament' wordt door [gedaagde] bestreden en door Videma verder niet gemotiveerd of aannemelijk gemaakt. De enkele verklaring van SBS zelf dat zij rechthebbende is op de openbaarmakingsrechten, is uiteraard niet voldoende. Videma heeft in ieder geval niet aangevoerd dat het programma is uitgezonden met vermelding van SBS als maker of zonder vermelding van de maker, in welk geval zij zich mogelijk op de bewijsvermoedens van artikel 4 en 8 Aw. zou kunnen beroepen. Ook voor wat betreft de voetbalwedstrijden FC Porto - Inter Milan, Ajax - Manchester United, en Ajax - Inter Milan ontbreekt iedere nadere motivering waarom SBS als auteursrechthebbende zou moeten worden aangemerkt.

4.8. De door Videma overgelegde verklaring van MTV Networks met betrekking tot de programma's 'Summer Report', 'My Own' en 'The Real World' laat in het midden of MTV Networks auteursrechthebbende is of slechts licentiehouder. Reeds daarom kan niet worden aangenomen dat het auteursrecht op deze programma's bij MTV Networks berust.

4.9. Al aannemende dat het programma 'Room Raiders' is geproduceerd door Granada Media, is niet gesteld dat Granada Media een processuele volmacht aan Videma heeft verstrekt om in deze procedure een verbod te vorderen. De overgelegde volmacht van Compact Collections Ltd. helpt Videma niet verder omdat Compact Collections kennelijk slechts licentiehouder is en dus zelf niet bevoegd is een verbod op inbreuk te vorderen.

4.10. Blijft over de voorbeschouwingen van de voetbalwedstrijden van NOS en SBS6. De stelling dat de voorbeschouwingen bij de WK-wedstrijden een eigen productie van NOS zijn heeft [gedaagde] niet, althans niet gemotiveerd, bestreden. Vooralsnog dient er daarom vanuit gegaan te worden dat NOS ter zake het auteursrecht toekomt. Gezien de aard van een dergelijk programma moet voorshands hetzelfde worden aangenomen voor de voorbeschouwing van SBS.

4.11. Gezien het voorgaande dient het gevorderde verbod te worden toegewezen voor zover dit ziet op inbreuk van aan NOS en SBS toekomende auteursrechten. De omstandigheid dat [gedaagde] inbreuk heeft gemaakt op aan NOS en SBS toekomende auteursrechten zou aanleiding kunnen zijn aan te nemen dat ook andere contractanten van Videma inbreuk op hun auteursrecht te vrezen hebben. Voor een verbod als gevorderd is echter slechts aanleiding indien moet worden aangenomen dat het auteursrecht op uitgezonden filmwerken bij die contractanten berust. Het door Videma gestelde biedt, zoals ook blijkt uit hetgeen hiervoor is overwogen, te weinig aanknopingspunten om dat in deze procedure zonder meer aan te nemen. Het gevorderde verbod is dus slechts toewijsbaar in de beperkte omvang als hierna vermeld.

4.11.1 Een spoedeisend bij betaling van het gevorderde voorschot is niet aannemelijk gemaakt. Deze vordering kan in dit kort geding dus niet worden toegewezen.

4.12. De voorzieningenrechter ziet aanleiding om, zoals Videma heeft gevorderd, de in artikel 260 Rv. bedoelde termijn te stellen op zes maanden.

4.13. Partijen worden beide op punten in het ongelijk gesteld. De kosten van deze procedure worden om die reden gecompenseerd.

5. De beslissing

De voorzieningenrechter:

beveelt [gedaagde] om met onmiddellijke ingang te staken en gestaakt te houden iedere (geheel of gedeeltelijke) openbaarmaking van filmwerken als bedoeld in artikel 10 lid 1 sub 10 van de Auteurswet 1912 met betrekking waartoe het auteursrecht berust bij NOS of SBS, meer in het bijzonder de openbaarmaking door middel van de vertoning van een televisie-uitzending van dat filmwerk, op straffe van een dwangsom van € 5.000,- voor iedere openbaarmaking;

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

bepaalt dat deze voorziening zonder rechterlijke tussenkomst haar kracht verliest, indien Videma niet binnen een termijn van zes maanden, te rekenen vanaf de dag van deze uitspraak, haar eis in de hoofdzaak heeft ingesteld en voorts [gedaagde] een daartoe strekkende verklaring bij de griffie van deze rechtbank heeft ingediend;

wijst het meer of anders gevorderde af;

bepaalt dat partijen ieder de eigen proceskosten dragen.

Dit vonnis is gewezen door mr. P.F.J. de Heij en in het openbaar uitgesproken op 9 oktober 2006.