Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSGR:2003:AF5117

Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Datum uitspraak
21-02-2003
Datum publicatie
27-02-2003
Zaaknummer
09/037484-02
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

-

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl

Uitspraak

RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE

SECTOR STRAFRECHT

MEERVOUDIGE KAMER

(VERKORT VONNIS)

parketnummer 09-037484-02

rolnummer 0004

's-Gravenhage, 21 februari 2003

De rechtbank 's-Gravenhage, rechtdoende in strafzaken, heeft het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats] (Polen),

zonder vaste woon - of verblijfplaats in Nederland,

thans gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting Overijssel, HvB Zwolle te Zwolle.

De terechtzitting.

Het onderzoek is gehouden ter terechtzitting van 12 februari 2003.

De verdachte, bijgestaan door zijn raadsvrouw mr N.M. Lam, is verschenen en gehoord.

De officier van justitie mr Paulus heeft gevorderd dat verdachte terzake van het hem bij dagvaarding telastgelegde wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden, met aftrek van de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.

De telastlegging.

Aan verdachte is telastgelegd hetgeen is vermeld in de ingevoegde fotokopie van de dagvaarding, gemerkt A.

Vrijspraak.

De rechtbank acht op grond van het onderzoek ter terechtzitting niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen verdachte bij dagvaarding is telastgelegd, zodat hij daarvan dient te worden vrijgesproken.

De rechtbank overweegt daartoe als volgt.

Er zijn geen bewijsmiddelen in het dossier aanwezig die de conclusie rechtvaardigen dat verdachte bewust heeft samengewerkt met de medeverdachten bij de overval - waarbij geweld is gebruikt - op 3 november 2002 in de woning aan de [adres].

Ook overigens kan enige mate van betrokkenheid bij het plannen en uitvoeren van het delict bij verdachte niet worden vastgesteld. Het enkele feit dat verdachte op enig moment in de woning aanwezig is geweest terwijl de goederen naar buiten werden gedragen en nadat het geweldsincident zich had voorgedaan is daarvoor onvoldoende.

Verdachte zou hooguit medeplichtigheid kunnen worden verweten, maar nu dit niet is telastgelegd zal de rechtbank verdachte vrijspreken.

De rechtbank zal het bevel tot voorlopige hechtenis opheffen.

Beslissing.

De rechtbank,

verklaart niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het hem bij dagvaarding telastgelegde heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij;

heft op het bevel tot voorlopige hechtenis.

Dit vonnis is gewezen door

mrs Kalk, voorzitter,

Derijks en Van Wezel, rechters,

in tegenwoordigheid van mr Japenga, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 21 februari 2003.

parketnummer 09/037484-02