Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSGR:2002:AE7593

Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Datum uitspraak
12-09-2002
Datum publicatie
13-09-2002
Zaaknummer
09/757173-02
Formele relaties
Hoger beroep: ECLI:NL:GHSGR:2003:AF9674
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Twee overvallen op supermarkten met veel geweld; 5 jaar gevangenisstraf. Hoger beroep: AF9674

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK 'S-GRAVENHAGE

SECTOR STRAFRECHT

MEERVOUDIGE KAMER

(VERKORT VONNIS)

parketnummer 09/757173-02

's-Gravenhage, 12 september 2002

De rechtbank 's-Gravenhage, rechtdoende in strafzaken, heeft het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[verdachte],

geboren op [geboortedatum] te [geboorteplaats],

wonende te [woonplaats], [adres],

thans gedetineerd in PI Rijnmond, HvB De IJssel te Krimpen aan den IJssel.

De terechtzitting.

Het onderzoek is gehouden ter terechtzittingen van 24 juli 2002 en 29 augustus 2002.

De verdachte, bijgestaan door de raadsvrouw mr P. Vellekoop (24 juli 2002) en mr S.F. Degen (29 augustus 2002), is verschenen en gehoord.

Er heeft zich een benadeelde partij gevoegd met twee vorderingen.

De officier van justitie mr Nieuwenhuis heeft gevorderd dat verdachte terzake van het hem bij dagvaarding onder 1, 2, 3 en 4 telastgelegde wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 5 jaar, met aftrek van de tijd in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht.

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vorderingen van de benadeelde partij voor wat betreft de kosten van de inzet slachtofferhulp en tot niet-ontvankelijk verklaring van de benadeelde partij voor het overige.

De officier van justitie heeft voorts gevorderd dat de blijkens de Lijst van inbeslaggenomen, niet teruggegeven voorwerpen - hierna te noemen Beslaglijst, waarvan een fotokopie, gemerkt C, aan dit vonnis is gehecht - onder verdachte inbeslaggenomen voorwerpen genummerd 2, 3, 5a t/m 5g, 8 t/m 14, 15, 16, 17 en 26 zullen worden onttrokken aan het verkeer, en dat de blijkens de Beslaglijst inbeslaggenomen voorwerpen genummerd 4, 27, 28, 29 en 30 zullen worden verbeurdverklaard.

De officier van justitie heeft voorts de respectievelijke teruggaves gevorderd van de inbeslaggenomen voorwerpen genummerd: 7 en 33 aan het beveiligingsbedrijf, 35 aan de politie en 1, 6, 18, 19, 20, 21, 22, 23, 24, 25, 31, 32, 34, 36, 37, 38, 39 en 40 aan verdachte.

De telastlegging.

Aan verdachte is telastgelegd hetgeen is vermeld in de ingevoegde fotokopieën van de dagvaarding, gemerkt A, A1, A2 en A3.

De bewijsmiddelen.

P.M.

De bewezenverklaring.

Door de voormelde inhoud van vorenstaande bewijsmiddelen -elk daarvan, ook in zijn onderdelen, gebruikt voor het bewijs van datgene waarop het blijkens zijn inhoud betrekking heeft- staan de daarin genoemde feiten en omstandigheden vast en is de rechtbank op grond daarvan tot de overtuiging gekomen en acht zij wettig bewezen, dat verdachte de bij dagvaarding onder 1, 2, 3 en 4 vermelde feiten heeft begaan, met dien verstande, dat de rechtbank bewezen acht - en als hier ingelast beschouwt, zulks met verbetering van eventueel in de telastlegging voorkomende type- en taalfouten, zoals weergegeven in de bewezenverklaring, door welke verbetering verdachte niet in de verdediging is geschaad - de inhoud van de telastlegging, zoals deze is vermeld in de fotokopieën daarvan, gemerkt B, B1 en B2.

Strafbaarheid van het bewezenverklaarde en van de verdachte.

Het bewezenverklaarde is volgens de wet strafbaar, omdat het na te melden misdrijven oplevert.

Verdachte is deswege strafbaar, nu geen strafuitsluitingsgronden aannemelijk zijn geworden.

Strafmotivering.

Na te melden straffen en maatregel zijn in overeenstemming met de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden, waaronder zij zijn begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals van een en ander tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.

Voorts wordt met betrekking tot de op te leggen onvoorwaardelijke gevangenisstraf het volgende overwogen.

Verdachte en zijn mededaders hebben zich schuldig gemaakt aan een tweetal overvallen op supermarkten in Delft en Rotterdam. In beide gevallen gaat het om een zeer gewelddadige overvallen die afschuwelijk bedreigend zijn geweest voor de mensen die in de winkels aanwezig waren. Bij beide overvallen is er gedreigd met vuurwapens (althans daarop gelijkende voorwerpen) en zijn er mensen opgesloten

De rechtbank rekent het verdachte zwaar aan dat hij bij de voorbereiding geen oog heeft gehad voor het gevaar dat hij voor de slachtoffers in het leven heeft geroepen of voor de mogelijke psychische gevolgen van de bedreigende handelwijze voor de slachtoffers.

Daarbij komt dat verdachte gebruik heeft gemaakt van de kennis die hij heeft opgedaan als beveiligingsmedewerker bij de overvallen winkels. Aldus heeft hij misbruik gemaakt van het in hem gestelde vertrouwen.

Voorts is er bij onderzoek in de woning van verdachte een grote hoeveelheid wapentuig aangetroffen.

De rechtbank heeft verder gelet op de inhoud van het verdachte betreffend voorlichtingsrapport van de Reclassering Nederland Ressort Den Haag Arrondissement Rotterdam d.d. 10 juli 2002.

Voorts heeft de rechtbank meegewogen dat blijkens een uittreksel uit het Algemeen Documentatieregister d.d. 22 april 2002, verdachte reeds eerder is veroordeeld wegens soortgelijke misdrijven, waaruit hij kennelijk geen lering heeft getrokken.

Op grond van het vorenstaande acht de rechtbank het opleggen van de door de officier van justitie gevorderde gevangenisstraf gepast en geboden.

Inbeslaggenomen voorwerpen.

De rechtbank zal de blijkens de Beslaglijst inbeslaggenomen voorwerpen genummerd 4, 27, 28, 29 en 30 verbeurdverklaren, zijnde deze voorwerpen voor verbeurdverklaring vatbaar, aangezien met behulp van deze aan verdachte toebehorende voorwerpen de onder 1 en 4 bewezenverklaarde feiten zijn begaan.

De rechtbank zal de blijkens de Beslaglijst inbeslaggenomen voorwerpen genummerd 2, 3, 5a t/m 5g, 8 t/m 14, 15, 16, 17 en 26 onttrekken aan het verkeer, zijnde deze voorwerpen voor onttrekking aan het verkeer vatbaar, aangezien deze aan verdachte toebehorende voorwerpen bij gelegenheid van het onderzoek naar de door hem begane feiten zijn aangetroffen, terwijl deze voorwerpen kunnen dienen tot het begaan of de voorbereiding van soortgelijke misdrijven dan wel tot de belemmering van de opsporing daarvan en deze voorwerpen van zodanige aard zijn dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet.

De rechtbank zal de teruggave aan beveiligingsbedrijf "Delta Force" gelasten van de blijkens de Beslaglijst inbeslaggenomen voorwerpen genummerd 7 en 33.

De rechtbank zal de teruggave aan de politie gelasten van het blijkens de Beslaglijst inbeslaggenomen voorwerp genummerd 35.

De rechtbank zal de teruggave aan verdachte gelasten van de blijkens de Beslaglijst inbeslaggenomen voorwerpen genummerd 1, 6, 18, 19, 20, 21, 22, 23, 24, 25, 31, 32, 34, 36, 37, 38, 39 en 40 .

De vorderingen van de benadeelde partij.

Schuitema Winkelbedrijf B.V., gevestigd te Amersfoort, heeft zich als benadeelde partij gevoegd ter zake van twee vorderingen tot schadevergoeding, respectievelijk groot € 17.089,12 en

€ 2.346,24.

De rechtbank zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren in haar vorderingen tot schadevergoeding, aangezien de vorderingen onvoldoende met facturen of andere bewijsstukken zijn onderbouwd en bovendien niet van zo eenvoudige aard zijn dat zij zich lenen voor behandeling in het strafgeding.

De toepasselijke wetsartikelen.

De artikelen:

- 33, 33a, 36b, 36d, 57, 312 en 317 van het Wetboek van Strafrecht;

- 13, 26 en 55 van de Wet wapens en munitie.

Beslissing.

De rechtbank,

verklaart in voege als overwogen wettig en overtuigend bewezen, dat verdachte de bij dagvaarding onder 1, 2, 3 en 4 telastgelegde feiten heeft begaan en dat het bewezene uitmaakt:

feiten 1 en 4:

afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen, meermalen gepleegd;

feit 2:

handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd;

feit 3:

handelen in strijd met artikel 13, eerste lid, Wet wapens en munitie, meermalen gepleegd;

verklaart het bewezene en verdachte deswege strafbaar;

veroordeelt verdachte te dier zake tot:

gevangenisstraf voor de duur van 5 JAAR;

bepaalt, dat de tijd, door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht;

in verzekering gesteld op : 19 april 2002,

in voorlopige hechtenis gesteld op : 22 april 2002;

verklaart verbeurd de blijkens de aan dit vonnis gehechte Beslaglijst inbeslaggenomen voorwerpen, genummerd 4, 27, 28, 29 en 30;

verklaart onttrokken aan het verkeer de blijkens de aan dit vonnis gehechte Beslaglijst inbeslaggenomen voorwerpen, genummerd 2, 3, 5a t/m 5g, 8 t/m 14, 15, 16, 17 en 26;

gelast de teruggave aan beveiligingsbedrijf "Delta Force" van de blijkens de aan dit vonnis gehechte Beslaglijst inbeslaggenomen voorwerpen, genummerd 7 en 33;

gelast de teruggave aan de politie van het blijkens de aan dit vonnis gehechte Beslaglijst inbeslaggenomen voorwerp, genummerd 35;

gelast de teruggave aan verdachte van de blijkens de aan dit vonnis gehechte Beslaglijst inbeslaggenomen voorwerpen, genummerd 1, 6, 18, 19, 20, 21, 22, 23, 24, 25, 31, 32, 34, 36, 37, 38, 39 en 40;

bepaalt dat de benadeelde partij Schuitema Winkelbedrijf B.V. niet ontvankelijk is in haar vorderingen tot schadevergoeding, en dat deze haar vorderingen bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;

verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte bij dagvaarding meer of anders is telastgelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Dit vonnis is gewezen door

mrs Van Daal, voorzitter,

Wattèl en Kuijer rechters,

in tegenwoordigheid van Groot, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 12 september 2002.

De voorzitter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.