Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBSGR:2002:AE6547

Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage
Datum uitspraak
06-03-2002
Datum publicatie
15-08-2002
Zaaknummer
AWB 01/23289 OVERIO C
Rechtsgebieden
Vreemdelingenrecht
Bijzondere kenmerken
Voorlopige voorziening
Inhoudsindicatie

Rwanda / categoriale bescherming.

De beschikking, waarin verlenging van verzoekers vvtv wordt geweigerd, behoeft een meer specifieke motivering. Hierbij dient actuele informatie over de situatie in Rwanda te worden betrokken. Toewijzing verzoek.

Wetsverwijzingen
Vreemdelingenwet 2000 29
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK TE 's-GRAVENHAGE

Nevenzittingsplaats Groningen

Vreemdelingenkamer

Voorzieningenrechter

regnr.: Awb 01/23289 OVERIO C

UITSPRAAK

inzake: A,

geboren op [...] 1963,

van Rwandese nationaliteit,

IND-dossiernummer: 0002.20.2027

verzoekster,

gemachtigde: mr. S.J. Cats, advocaat te Emmen,

ter zitting vertegenwoordigd door zijn kantoorgenoot

mr. H.J.M. Nijholt,

tegen: DE STAATSSECRETARIS VAN JUSTITIE

(Immigratie- en Naturalisatiedienst),

te 's-Gravenhage,

verweerder,

gemachtigde: mr. D.N.N. Jansen, ambtenaar ten departemente.

1 PROCESVERLOOP

1.1 Bij beroepschrift van 15 mei 2001heeft verzoekster beroep ingesteld bij de rechtbank tegen de beschikking van verweerder van 18 april 2001. Dit beroep is geregistreerd onder Awb 01/23287. Verzoekster is medegedeeld dat zij de behandeling van het beroep niet in Nederland mag afwachten.

1.2 Bij verzoekschrift van 15 mei 2001 heeftheeft verzoekster de voorzieningenrechter verzocht de voorlopige voorziening te treffen dat uitzetting achterwege wordt gelaten tot op het beroep is beslist. Verweerder heeft de op de zaak betrekking hebbende stukken aan de voorzieningenrechter en aan verzoekster gezonden.

1.3 Op 20 april 2001 heeft eiseres bezwaar gemaakt tegen de beschikking van verweerder 23 maart 2001 waarin de aan haar verleende voorwaardelijke vergunning tot voorlopig verblijf (vvtv) wordt ingetrokken (lees: wordt geweigerd de geldigheidsduur van de van 22 februari 2000 tot 22 februari 2001 verleende vvtv te verlengen). Bij brief van 8 mei 2001 heeft verweerder eiseres bericht dat zij de beslissing op het bezwaarschrift niet in Nederland mag afwachten.

1.4 Ter zitting van 26 februari 2002, op welke zitting het beroep van 15 mei 2001 is behandeld, heeft de gemachtigde van verzoekster desgevraagd verklaard dat het petitum van het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening van 15 mei 2001 zo moet worden verstaan dat het zich tevens richt tegen bovengenoemde beslissing van 8 mei 2001 om geen schorsing te verlenen. Zowel de gemachtigde van verzoekster als de gemachtigde van verweerder heeft ter zitting verklaard geen bezwaar te hebben tegen de behandeling ter zitting van het aldus verstane verzoek.

2 OVERWEGINGEN

2.1 Ingevolge artikel 8:81 Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de voorzieningenrechter van de rechtbank die bevoegd is of kan worden in de hoofdzaak, indien tegen een besluit bij de rechtbank beroep is ingesteld dan wel, voorafgaand aan een mogelijk beroep bij de rechtbank, bezwaar is gemaakt of administratief beroep is ingesteld, op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.

2.2 Bij uitspraak van heden is het connexe beroep van verzoekster ongegrond verklaard. Daardoor is het belang aan de gevraagde voorlopige voorziening, voorzover connex aan het beroep, komen te ontvallen en dient het verzoek in zoverre te worden afgewezen.

2.3 Naar het oordeel van de voorzieningenrechter behoeft de te nemen beslissing op het bezwaar ten aanzien van de weigering van verlenging van de geldigheidsduur van de aan eiseres verleende vvtv, een meer specifieke motivering dan die waarop de beschikking in primo van 23 maart 2001 rust. Hierbij dient de actuele situatie in Rwanda te worden betrokken zoals beschreven in het nieuwe ambtsbericht van 13 december 2001 van de Minister van Buitenlandse Zaken inzake de situatie in Rwanda (kenmerk DPV/AM-729607). Tevens dienen hierbij te worden betrokken de door eiseres ingezonden stukken, te weten een brief van Amnesty International van 3 juli 2001 en een rapport van de Vereniging Dusabane van oktober 2001 getiteld „Rwanda: onrecht en onveiligheid heersen nog steeds“.

2.4 Gezien hetgeen in de vorige rechtsoverweging is overwogen, dient het verzoek voorzover connex aan het bezwaar te worden toegewezen.

2.5 Gelet op het vorenstaande bestaat aanleiding verweerder te veroordelen in de kosten die verzoekster in verband met de behandeling van het verzoek redelijkerwijs heeft moeten maken.

3 BESLISSING

De voorzieningenrechter:

· wijst het verzoek om een voorlopige voorziening voorzover connex aan het beroep af;

· treft de voorlopige voorziening dat verweerder zich dient te onthouden van iedere maatregel tot verwijdering of uitzetting buiten het grondgebied van Nederland van verzoekster en van voorbereidingen tot zodanige maatregelen tot vier weken na bekendmaking van de beschikking op het bezwaarschrift van 20 april 2001;

· veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoekster ad € 644,--, onder aanwijzing van de Staat der Nederlanden als rechtspersoon die deze kosten aan de griffier dient te vergoeden.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R. Depping en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van drs. H.A. Hulst als griffier op 6 maart 2002.

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Afschrift verzonden:

8 maart 2002.