Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2021:9738

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
27-08-2021
Datum publicatie
13-10-2021
Zaaknummer
9134614 CV EXPL 21-12642
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Factuur medische behandeling, opschortingsrecht.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

zaaknummer: 9134614 CV EXPL 21-12642

uitspraak: 27 augustus 2021 (bij vervroeging)

vonnis van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam,

in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Infomedics B.V.,

gevestigd te Almere,

eiseres,

gemachtigde: Bosveld Incasso en Gerechtsdeurwaarders te Amersfoort,

tegen

[gedaagde],

wonende te [woonplaats gedaagde],

gedaagde,

die procedeert in persoon.

Partijen worden hierna aangeduid als ‘Infomedics’ en ‘[gedaagde]’.

1. Het verloop van de procedure

1.1

Het verloop van de procedure volgt uit de volgende processtukken, waarvan de kantonrechter kennis heeft genomen:

• de dagvaarding van 11 maart 2021, met producties;

• de aantekeningen van de griffier van het mondelinge antwoord van [gedaagde], met bijlagen;

• de conclusie van repliek, met producties;

• de aantekeningen van de griffier van het mondelinge antwoord van [gedaagde] alsmede haar schriftelijke reactie in de e-mail van 4 augustus 2021.

1.2

De kantonrechter heeft de uitspraak van het vonnis bij vervroeging bepaald op heden.

2. De vaststaande feiten

Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend, dan wel niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, staat tussen partijen, voor zover van belang, het volgende vast.

2.1

[gedaagde] heeft onder meer op 6 maart 2020 een tandheelkundige behandeling ondergaan bij [naam] (hierna: “[naam]”). Daarbij is onder meer een kroon geplaatst. De kosten van die medische behandeling zijn voor een deel vergoed door de ziektekostenverzekeraar van [gedaagde]. Over de resterende kosten heeft uitgebreide correspondentie via e-mail plaatsgevonden tussen [gedaagde] aan de ene kant en het Centraal Medisch Incassobureau aan de andere kant.

2.2

[naam] heeft haar vordering inzake de kosten van deze behandeling bij akte van cessie overgedragen aan Infomedics Finance B.V. Infomedics treedt op als incasseerder

2.3

[gedaagde] heeft in ieder geval op 25 februari 2021 laten weten dat zij niet tevreden was over de uitgevoerde behandeling, onder meer vanwege de kleur en de grootte van de kroon.

2.4

In de maanden april 2021 tot en met juni 2021 heeft [gedaagde] verdere tandheelkundige behandelingen ondergaan bij [naam] en op 29 juni 2021 is een nieuwe kroon geplaatst.

3. Het geschil

3.1

Infomedics vordert dat [gedaagde] bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, wordt veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 562,34, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 3 maart 2021 tot aan de dag van algehele voldoening, met de veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.

3.2

Het gevorderde bedrag bestaat uit € 653,63 aan hoofdsom, € 8,93 aan verschenen wettelijke rente en € 72,18 aan buitengerechtelijke incassokosten (totaal € 734,74), waarop in mindering strekt de betaling van € 172,40 door de zorgverzekeraar.

3.3

Infomedics heeft – zakelijk weergegeven en voor zover thans van belang – het volgende aan haar vordering ten grondslag gelegd.
[gedaagde] is, ondanks aanmaningen, in gebreke gebleven met de tijdige en volledige betaling van de door Infomedics aan haar verzonden factuur met betalingskenmerk [nummer]. Infomedics zag zich daarom genoodzaakt haar vordering ter incasso uit handen te geven en buitengerechtelijke kosten te maken, die voor rekening van [gedaagde] komen. Verder maakt Infomedics aanspraak op de wettelijke rente, waaronder een bedrag van € 8,93 aan vervallen rente berekend tot 3 maart 2021.

3.4

[gedaagde] is het niet eens met de vordering van Infomedics. Zij voert daartegen aan dat [naam] de behandeling niet goed heeft uitgevoerd. De geplaatste kroon was te lang en had niet de juiste kleur. Inmiddels is de kroon hersteld en dient er alleen nog een controleafspraak plaats te vinden. [gedaagde] is nu bereid de hoofdsom betalen. Zij is echter niet bereid de bijkomende kosten te betalen, omdat zij de betreffende factuur en de betalingsherinneringen niet heeft ontvangen en de tandheelkundige behandeling in eerste instantie niet correct door [naam] is uitgevoerd.

4. De beoordeling

4.1

Vaststaat dat [gedaagde] een tandheelkundige behandeling heeft ondergaan bij [naam]. Vaststaat ook dat die behandeling in eerste instantie niet tot tevredenheid van [gedaagde] is uitgevoerd en dat [naam] de juistheid van de klachten van [gedaagde] heeft onderschreven, nu [naam] in de maanden april tot en met juni 2021 verdere behandelingen heeft uitgevoerd en uiteindelijk de kroon op 29 juni 2021 heeft vervangen, kennelijk zonder dat voor die vervolgbehandelingen kosten aan [gedaagde] in rekening zijn of worden gebracht. [gedaagde] heeft uiteindelijk in haar mondelinge en schriftelijk reactie van 4 augustus 2021 de verschuldigdheid van de resterende hoofdsom ten bedrage van € 481,23 (te weten € 653,63 verminderd met de betaling van de zorgverzekeraar ad € 172,40) erkend. Dat bedrag is derhalve toewijsbaar, vermeerderd met de verschenen rente ten bedrage van € 8,93. De kantonrechter zal [gedaagde] een termijn bieden van veertien dagen te rekenen vanaf de datum waarop dit vonnis gewezen wordt om genoemd bedrag alsnog te voldoen

4.2

Het tussen partijen gerezen geschil spitst zich toe op de vraag of [gedaagde] gehouden is tot betaling van de door Infomedics gevorderde buitengerechtelijke- en proceskosten. Ten aanzien van dat onderdeel van de vordering overweegt de kantonrechter het volgende.

4.3

De kantonrechter verstaat de stellingen van [gedaagde] in die zin dat zij een beroep heeft gedaan op het opschortingsrecht, waarbij zij stelt dat zij niet gehouden is tot betaling van de resterende kosten van het plaatsen van de kroon, zolang [naam] niet een correcte kroon heeft geplaatst. In ieder geval staat vast dat [gedaagde] op 25 februari 2021 geklaagd heeft over de kwaliteit van het door [naam] geleverde werk. Dat [gedaagde] op die datum geklaagd heeft, blijkt uit de door haar overgelegde patiëntenkaart. [gedaagde] stelt zelf dat zij ook al eerder en wel in januari 2021 via de gemachtigde van Infomedics geklaagd heeft over het geleverde werk. Naar het oordeel van de kantonrechter kan verder in het midden blijven of [gedaagde] al vóór 25 februari 2021 geklaagd heeft, nu in ieder geval vaststaat dat zij klachten geuit heeft voordat op 11 maart 2021 de dagvaarding is uitgebracht, waarmee de onderhavige procedure is ingeleid. Nu [naam] door het verrichten van de herstelwerkzaamheden zelf erkend heeft dat het geleverde werk niet correct was, moet worden geconcludeerd dat [gedaagde] op goede gronden een beroep heeft gedaan op het opschortingsrecht, waardoor zij niet in verzuim is komen te verkeren en zij ook niet gehouden is tot betaling van de gevorderde buitengerechtelijke- en proceskosten.

4.4

De kantonrechte ziet aanleiding de kosten van het geding te compenseren in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

5. De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt [gedaagde], om binnen veertien dagen te rekenen vanaf de datum waarop dit vonnis gewezen wordt, aan Infomedics te betalen een bedrag van € 490,16 , te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW over € 481,23 vanaf 3 maart 2021 tot aan de dag van algehele voldoening;

compenseert de kosten van het geding, in zin dat iedere partij de eigen kosten draagt;

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad en wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. W.J.J. Wetzels en uitgesproken ter openbare terechtzitting.

43416/710