Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2021:8723

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
06-09-2021
Datum publicatie
06-09-2021
Zaaknummer
C/10/620815 / FT EA 21/787 en C/10/620497 / FT EA 21/756
Rechtsgebieden
Insolventierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Verzoek dwangakkoord toewijzen.

Wetsverwijzingen
Faillissementswet 287a
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team insolventie

rekestnummer: [Nummer]

uitspraakdatum: 6 september 2021

in de zaak van:

[naam 1] ,

wonende te [adres]

[postcode] [plaats] ,

verzoeker.

1 De procedure

Verzoeker heeft op 18 juni 2021, tezamen met een verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, een verzoek ingevolge artikel 287a, eerste lid, Faillissementswet ingediend om één schuldeiser, te weten:

- Tele 2;

die weigert mee te werken aan een door verzoeker aangeboden schuldregeling, te bevelen in te stemmen met deze schuldregeling.

Ter zitting van 30 augustus 2021 zijn verschenen en gehoord:

  • -

    verzoeker;

  • -

    de heer [naam 2] , werkzaam bij Gemeente Brielle (hierna: schuldhulpverlening);

  • -

    de heer [naam 3] , werkzaam bij VH Budgetadvies V.O.F., beschermingsbewindvoerder van verzoeker,

De weigerende schuldeiser is, hoewel daartoe behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.

De uitspraak is bepaald op heden.

2 Het verzoek

Verzoeker heeft volgens het ingediende verzoekschrift zeven schuldeisers, waarvan één preferente en zes concurrente schuldeisers. Deze schuldeisers hebben in totaal een bedrag van € 87.563,- van verzoeker te vorderen. Verzoeker heeft bij brief van 18 februari 2021 een schuldregeling aangeboden aan zijn schuldeisers, inhoudende een betaling van 2,84% aan de preferente schuldeisers en 1,42% aan de concurrente schuldeisers tegen finale kwijting.

Het aangeboden akkoord heeft de volgende inhoud en achtergrond. De aangeboden regeling is gebaseerd op de NVVK-norm. De afloscapaciteit van verzoeker is gebaseerd op ongewijzigde voortzetting van zijn Participatiewet-uitkering. Verzoeker is door de gemeente ontheven van zijn sollicitatieverplichting tot december 2021. Verzoeker volgt een behandeling bij Antes en hij staat op de wachtlijst voor verdere psychische hulp. Verzoeker heeft ervaring in de bouw en wil graag weer in deze sector aan het werk wanneer hij zijn psychische problemen heeft verwerkt. De aangeboden regeling voorziet in uitkering van een prognosepercentage. Dat betekent dat de afloscapaciteit eventueel nog hoger of nog lager zal kunnen uitvallen. Verzoeker heeft zich op het standpunt gesteld dat hij al het mogelijke heeft gedaan om het aangeboden percentage aan zijn schuldeisers aan te bieden. Verzoeker heeft sinds de aanmelding bij schuldhulpverlening geen nieuwe schulden of achterstanden meer laten ontstaan en zijn vaste lasten worden inmiddels door zijn beschermingsbewindvoerder voldaan.

Zes schuldeisers stemmen met de aangeboden schuldregeling in. Tele 2 stemt hier niet mee in. Zij heeft een vordering van € 546,97 op verzoeker, welke 1,42% van de totale schuldenlast beloopt.

3 Het verweer

Tele 2 heeft in de eerdere contacten met schuldhulpverlening niet gereageerd op het verzoek een akkoord te sluiten. Hoewel behoorlijk opgeroepen heeft Tele 2 ook geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid haar standpunten ter zitting toe te lichten.

4 De beoordeling

Uitgangspunt is dat het iedere schuldeiser in beginsel vrij staat om te verlangen dat 100% van zijn vordering, vermeerderd met rente, wordt voldaan. Nu de aangeboden regeling voorziet in een lagere uitkering dan de volledige vordering, staat het belang van Tele 2 bij haar weigering vast.

De rechtbank ziet zich gesteld voor het beantwoorden van de vraag of Tele 2 in redelijkheid niet tot weigering van instemming met de schuldregeling heeft kunnen komen, in aanmerking genomen de onevenredigheid tussen het belang dat zij heeft bij uitoefening van de bevoegdheid tot weigering en de belangen van verzoeker of de overige schuldeisers die door de weigering worden geschaad.

De rechtbank stelt allereerst vast dat de vordering van Tele 2 een gering aandeel vormt in de totale schuldenlast van 1,42%.

Een ruime meerderheid van de schuldeisers, namelijk zes van de zeven schuldeisers, is met de aangeboden regeling akkoord gegaan.

De rechtbank stelt ook vast dat het voorstel is getoetst door een deskundige en onafhankelijke partij, te weten de gemeente Brielle. Voorts is het voorstel naar het oordeel van de rechtbank goed en controleerbaar gedocumenteerd.

De rechtbank is van oordeel dat het voorstel het uiterste is waartoe verzoeker in staat moet worden geacht. Uit het verzoekschrift en het verhandelde ter zitting is gebleken dat verzoeker niet beschikt over betaald werk. Verzoeker is vrijgesteld van de sollicitatieplicht tot december 2021. Verzoeker is onder begeleiding bij Antes en staat nog op de wachtlijst voor verdere psychische hulp. Wanneer de psychische problemen verholpen zijn, wil verzoeker graag weer aan het werk in de bouw. Indien verzoeker meer inkomen gaat genereren dan hij nu aan inkomsten ontvangt, zal de afloscapaciteit toenemen en dit zal ten goede komen aan de schuldeisers. Door schuldhulpverlening is ter zitting verklaard dat aan alle waarborgen, die ervoor moeten zorgen dat verzoeker het maximale ten behoeve van zijn schuldeisers zal afdragen, is voldaan. Verzoeker staat onder beschermingsbewind. Het ontstaan van nieuwe schulden ligt niet in de rede.

Naar verwachting zal de uitwerking van het voorstel een gunstiger resultaat hebben voor de schuldeisers dan in de situatie dat de schuldsaneringsregeling op verzoeker van toepassing zou zijn, zoals subsidiair verzocht. Immers, de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling zal aanzienlijke kosten met zich brengen, bestaande uit salaris voor de bewindvoerder en griffierecht, die in mindering komen op hetgeen verzoeker zou kunnen afdragen in de schuldsaneringsregeling. Dat betekent dat toepassing van de schuldsaneringsregeling de schuldeisers minder zou opleveren dan bij het akkoord wordt aangeboden.

Op grond van het voorgaande komt de rechtbank dan ook tot het oordeel dat de belangen van verzoeker die vanuit een stabiele situatie zijn schuldenproblematiek wil oplossen en van de overige schuldeisers die hebben ingestemd met het aanbod, zwaarder wegen dan die van Tele 2, die geweigerd heeft in te stemmen.

Het verzoek om Tele 2 te bevelen in te stemmen met de schuldregeling wordt daarom toegewezen.

Tele 2 zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Nu voor het onderhavige verzoekschrift geen griffierecht verschuldigd is en verzoeker niet is bijgestaan door een advocaat, worden de kosten begroot op nihil.

De rechtbank stelt vast dat er thans een gedwongen schuldregeling is afgekondigd, die in de plaats komt van de vrijwillige instemming van de schuldeisers. Hieruit volgt dat verzoeker zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden en dat hij niet verkeert in de toestand dat hij heeft opgehouden te betalen zodat het subsidiaire verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling zal worden afgewezen.

5 De beslissing

De rechtbank:

- beveelt Tele 2 om in te stemmen met de door verzoeker aangeboden schuldregeling;

- veroordeelt Tele 2 in de kosten van deze procedure, aan de zijde van verzoeker begroot op nihil;

- bepaalt dat dit vonnis in de plaats treedt van de vrijwillige instemming;

- wijst het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling af;

- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. B.J. Tideman, rechter, en in aanwezigheid van
mr. N.A. Masrom, griffier, in het openbaar uitgesproken op 6 september 2021. 1

1 Tegen deze uitspraak kan degene aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak, hoger beroep instellen. Het hoger beroep kan uitsluitend door een advocaat worden ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van het gerechtshof dat van deze zaak kennis moet nemen.