Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2021:4044

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
06-05-2021
Datum publicatie
11-05-2021
Zaaknummer
8902904 CV EXPL 20-5954
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Vordering tot betaling verzekeringspremie tot aan het moment van doorhalen van de verzekering. Vordering toegewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

zaaknummer: 8902904 CV EXPL 20-5954

uitspraak: 6 mei 2021

vonnis van de kantonrechter, zitting houdende te Dordrecht,

in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Turien & Co. Assuradeuren B.V.,

gevestigd te Alkmaar,

eiseres,

gemachtigde: Boeder Incasso Gerechtsdeurwaarders,

tegen

[gedaagde],

wonende te [woonplaats gedaagde],

gedaagde,

die in persoon procedeert.

Partijen worden hierna aangeduid als ‘Turien & Co’ en ‘[gedaagde]’.

1. Het verloop van de procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  1. de dagvaarding van 23 november 2020, met producties;

  2. de conclusie van antwoord;

  3. de akte van eiseres van 11 maart 2021.

Het vonnis is nader bepaald op heden.

2. Het geschil

2.1

Turien & Co vordert dat [gedaagde] bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, wordt veroordeeld tot betaling aan Turien & Co van een bedrag van € 761,09, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 23 november 2020, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.

Het bedrag van € 761,09 is als volgt gespecificeerd:

- hoofdsom € 652,34

- wettelijke rente tot 23 november 2020 € 7,38

- incassokosten € 101,37 +

Totaal: € 761,09

2.2

Turien & Co legt aan haar vordering ten grondslag dat [gedaagde] op grond van een met haar gesloten verzekeringsovereenkomst is gehouden om de motorrijtuigenverzekeringspremie te betalen voor de periode vanaf 13 april 2020 tot en met 13 oktober 2020.

2.3

[gedaagde] heeft hiertegenover aangevoerd dat het voertuig waar de verzekering betrekking op heeft, vanaf 11 juni 2020 is geschorst.

3. De beoordeling

3.1

De kantonrechter begrijpt het standpunt van [gedaagde] zo, dat hij van mening is dat hij vanaf het moment dat het kenteken is geschorst (volgens [gedaagde]: 11 juni 2020) geen verzekeringspremie meer is verschuldigd.

3.2

Indien (het kenteken van) een voertuig bij de RDW is geschorst, is het niet meer verplicht om een verzekering te hebben. Dit betekent echter niet dat in een dergelijk geval de verzekeringsovereenkomst automatisch wordt beëindigd. Dit dient de verzekeringnemer zelf met de verzekeraar te regelen. [gedaagde] heeft niet onderbouwd dat daadwerkelijk sprake is geweest van schorsing van het kenteken en evenmin dat hij vervolgens de verzekering bij zijn verzekeraar heeft stopgezet. [gedaagde] is de verzekeringspremie dan ook verschuldigd gebleven, tot het moment waarop Turien & Co de verzekering heeft doorgehaald. De vordering wordt derhalve toegewezen, te vermeerderen met de wettelijke rente.

3.3

Turien & Co maakt tevens aanspraak op een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. Voldoende gebleken is dat voldaan is aan de wettelijke vereisten, zodat ook het gevorderde bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten zal worden toegewezen.

3.4

[gedaagde] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld, tot deze uitspraak aan de zijde van Turien & Co vastgesteld op € 105,09 aan dagvaardingskosten, € 499,- aan griffierecht en € 248,- aan salaris voor de gemachtigde.

4. De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt [gedaagde] aan Turien & Co te betalen een bedrag van € 761,09, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW over een bedrag van € 652,34 vanaf 23 november 2020 tot aan de dag van algehele voldoening;

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van Turien & Co vastgesteld op € 852,09;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. P. Joele en uitgesproken ter openbare terechtzitting.

41645