Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2021:1547

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
22-01-2021
Datum publicatie
25-02-2021
Zaaknummer
8779636 CV EXPL 20-33617
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Factuur webwinkel. Koopovereenkomst wordt betwist, ontvangst producten wordt betwist. Eiseres mag bewijs leveren.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

zaaknummer: 8779636 CV EXPL 20-33617

uitspraak: 22 januari 2021

vonnis van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam,

in de zaak van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

bol.com B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

eiseres,

gemachtigde: GGN Mastering Credit B.V.,

tegen

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats gedaagde] ,

gedaagde,

die procedeert in persoon.

Partijen worden hierna aangeduid als ‘bol.com’ en ‘ [gedaagde] ’.

1. Het verloop van de procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  1. de dagvaarding van 14 september 2020, met producties;

  2. de aantekeningen van de griffier van het mondelinge antwoord van gedaagde;

  3. de conclusie van repliek, met producties;

  4. de aantekeningen van de griffier van het mondelinge verweer van gedaagde.

Het vonnis is bepaald op heden.

2. Het geschil

2.1

Bol.com vordert dat [gedaagde] bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, wordt veroordeeld tot betaling aan bol.com van € 630,72, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 533,- vanaf de dag van dagvaarding tot aan de dag van algehele voldoening, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.

2.2

Bol.com heeft nakoming van de tussen partijen gesloten koopovereenkomsten aan haar vordering ten grondslag gelegd. Via de website van bol.com heeft [gedaagde] met zijn persoonlijke account op 28 december en 29 december 2018 drie bestellingen geplaatst. [gedaagde] heeft de producten in ontvangst genomen, maar hij heeft de facturen van bol.com, ondanks meerdere aanmaningen, niet voldaan. [gedaagde] is daarom naast de factuurbedragen ook wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd.

2.3

[gedaagde] is het niet eens met de vordering van bol.com. Hij voert als verweer aan dat hij geen persoonlijk account heeft bij bol.com en geen bestelling heeft geplaatst. Er is dan ook geen overeenkomst tot stand gekomen. Voorts heeft hij geen producten ontvangen. Hij vindt daarom dat hij niet hoeft te betalen. [gedaagde] heeft het vermoeden dat er misbruik is gemaakt van zijn gegevens.

3. De beoordeling

3.1

Tussen partijen is in geschil of tussen partijen koopovereenkomsten tot stand zijn gekomen uit hoofde waarvan [gedaagde] een betalingsverplichting heeft jegens bol.com. Nu het bestaan van een overeenkomst door [gedaagde] wordt betwist, is het aan bol.com om haar stelling te bewijzen (artikel 150 Rv).

3.2

Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en de aanvaarding daarvan (artikel 6:217 BW). Als bol.com erin slaagt te bewijzen dat haar aanbod door [gedaagde] is aanvaard en daarmee een overeenkomst tot stand is gekomen, rust op [gedaagde] in beginsel een betalingsverplichting uit hoofde van de overeenkomst. Ter nadere onderbouwing van haar stelling heeft bol.com een voorbeeldbestelling alsmede overzichten van het persoonlijke account van [gedaagde] en de bestellingen in het geding gebracht. Hieruit blijkt onder meer van het bestaan van een klantenaccount met nummer [nummer] waaraan een e-mailadres, telefoonnummer en het adres [adres] gekoppeld is. De bestellingen zijn verzonden aan een PostNL-punt in Arnhem.

3.3

[gedaagde] heeft niet betwist dat het aan het klantenaccount gekoppelde e-mailadres en telefoonnummer van hem zijn, en hij heeft erkend dat hij destijds in Arkel woonde. Hiermee komt vast te staan dat er een klantenaccount is aangemaakt op basis van de (adres)gegevens van [gedaagde] . Hieruit kan echter niet zonder meer de conclusie getrokken worden dat [gedaagde] ook degene is die het account heeft aangemaakt en de bestellingen heeft geplaatst. Een e-mailadres en overige (adres)gegevens kunnen immers ook voor derden kenbaar zijn en het is mogelijk dat er, zoals [gedaagde] vermoedt, misbruik van zijn gegevens is gemaakt. Dit geldt temeer nu [gedaagde] betwist dat hij de producten heeft opgehaald in Arnhem. Het ligt daarom op de weg van bol.com om nader te onderbouwen dat [gedaagde] de bestellingen heeft geplaatst en/of dat de producten zijn afgeleverd op het PostNL-punt en daar zijn afgehaald door of namens [gedaagde] . Overeenkomstig haar bewijsaanbod zal bol.com in de gelegenheid worden gesteld nader bewijs te leveren van haar stellingen.

3.4

De zaak zal voor de bewijslevering worden verwezen naar de rol zoals hierna is bepaald. Iedere verdere beslissing wordt in dit stadium aangehouden.

4. De beslissing

De kantonrechter:

laat bol.com toe het bewijs te leveren van feiten en omstandigheden waaruit kan worden afgeleid dat [gedaagde] de bestellingen geplaatst en ontvangen heeft;

bepaalt dat:

  • -

    bol.com ter rolzitting van donderdag 18 februari 2021 om 15:30 uur bij te nemen akte in de gelegenheid is mede te delen of, en zo ja, op welke wijze zij dit bewijs wenst te leveren;

  • -

    en indien zij dit bewijs schriftelijk wenst te leveren zij bij die gelegenheid op het bewijsthema betrekking hebbende bescheiden direct in het geding dient te brengen;

  • -

    en indien zij dit bewijs wenst te leveren door het doen horen van getuigen zij bij akte opgave dient te doen van het aantal en de personalia van de door haar voor te brengen getuigen alsmede van de verhinderdata van alle betrokkenen voor de maanden februari en maart 2021, zodat vervolgens een datum voor het getuigenverhoor kan worden bepaald;

wijst bol.com erop dat namen en woonplaatsen van eventueel voor te brengen getuigen ten minste zeven dagen vóór het te houden getuigenverhoor schriftelijk aan de kantonrechter en de wederpartij moeten worden aangezegd;

bepaalt dat bol.com te zijner tijd zelf zorg dient te dragen voor behoorlijke oproeping van de getuigen;

bepaalt dat een eventueel getuigenverhoor zal worden gehouden in het gerechtsgebouw aan het Wilhelminaplein 100, gebouw B (het rode gebouw) te Rotterdam, ten overstaan van de hierna genoemde kantonrechter;

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.C. van der Kolk en uitgesproken ter openbare terechtzitting.

43416