Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2021:1454

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
25-01-2021
Datum publicatie
25-02-2021
Zaaknummer
C/10/612241 / FA RK 21-705
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Art. 7:7 Wvggz, Toewijzing voorzetting crisismaatregel

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM


Team familie

Zaak-/rekestnummer: C/10/612241 / FA RK 21-705

Referentienummer: [nummer]

Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 1 februari 2021 betreffende een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz)

op verzoek van:

de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam, hierna: de officier,

met betrekking tot:

[naam betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum betrokkene] te [geboorteplaats betrokkene] ,

hierna: betrokkene,

wonende te [woonplaats betrokkene] ,

thans verblijvende bij Antes, locatie Poortmolen te Capelle aan den IJssel,

advocaat mr. R.F. Nelisse te Schiedam.

1. Procesverloop

1.1.

Bij verzoekschrift, ingekomen op 28 januari 2021, heeft de officier verzocht om voortzetting van de op 27 januari 2021 opgelegde crisismaatregel.


Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

  • -

    een afschrift van de beslissing tot het nemen van de crisismaatregel van 27 januari 2021;

  • -

    de medische verklaring opgesteld door [naam psychiater] , psychiater, van 27 januari 2021;

  • -

    de gegevens over eerder afgegeven machtigingen op grond van de Wet Bopz;

  • -

    de relevante politiegegevens van betrokkene;

  • -

    het bericht dat er geen relevante strafvorderlijke- en justitiƫle gegevens van betrokkene zijn.

1.2.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 1 februari 2021. Bij die gelegenheid zijn (overeenkomstig artikel 2 lid 1 van de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid) via beeld- en geluidverbinding gehoord:

  • -

    betrokkene met advocaat mr. R.A.F. Jansen, namens de hiervoor genoemde advocaat;

  • -

    [naam arts] , arts, verbonden aan Antes.

1.3.

De officier is niet ter zitting verschenen, omdat hij een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte.

2. Beoordeling

2.1.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op levensgevaar, maatschappelijke teloorgang, ernstig verstoorde ontwikkeling voor of van betrokkene of een ander en de bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat zij onder invloed van een ander raakt. Aan het begin van de opname schaterlachte betrokkene continu. Ze stopte hier alleen mee om doodsbedreiging te uiten naar de behandelaren. Betrokkene kan niet voor zichzelf zorgen op dit moment. Het is niet mogelijk om met haar contact te maken en ze mompelt onverstaanbaar. Betrokkene heeft mogelijk last van hallucinaties. Op straat kleedt betrokkene zich inadequaat. Ook op de afdeling ontkleedt betrokkene delen van haar lichaam. Het aanzienlijke risico op levensgevaar ontstaat door een ernstig psychiatrisch toestandsbeeld met katatonie.

2.2.

Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van recidive psychoses.

2.3.

De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.

2.4.

Op basis van de medische verklaring en de mondelinge behandeling, acht de rechtbank de volgende in de crisismaatregel genomen vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:

het toedienen van medicatie, alsmede het verrichten van medische controles ter behandeling van een psychische stoornis;

  • -

    het beperken van de bewegingsvrijheid;

  • -

    het opnemen in een accommodatie.

2.5.

De overige door de officier verzochte vormen van verplichte zorg, te weten het insluiten, het uitoefenen van toezicht, het onderzoek aan kleding of lichaam, het onderzoek van de woon- of verblijfsruimte, het controleren op de aanwezigheid van gedrag-beĆÆnvloedende middelen, het aanbrengen van beperkingen het eigen leven in te richten en het beperken van het recht op het ontvangen van bezoek worden door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat behandelaar ter zitting gemotiveerd heeft verklaard dat deze niet nodig zijn om het ernstig nadeel af te wenden.

2.6.

Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Door de ernst van het toestandsbeeld van betrokkene kan zij niet meewerken met de behandeling. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.

2.7.

De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.

2.8.

Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na vandaag.

3. Beslissing

De rechtbank:

3.1.

verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van [naam betrokkene] voornoemd;

3.2.

bepaalt dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen zoals opgenomen in rechtsoverweging 2.4. kunnen worden getroffen;

3.3.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 22 februari 2021;

3.4.

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is op 1 februari 2021 mondeling gegeven door mr. L.A.C. van Nifterick, rechter, in tegenwoordigheid van M.M.P.H. van den Boomen, griffier, en op 4 februari 2021 schriftelijk uitgewerkt en getekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.