Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2021:13165

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
22-12-2021
Datum publicatie
10-01-2022
Zaaknummer
C/10/630472 / JE RK 21-3302
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

verlenen machtiging gesloten jeugdhulp.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd

Zaakgegevens: C/10/630472 / JE RK 21-3302

datum uitspraak: 22 december 2021

beschikking machtiging gesloten jeugdhulp

in de zaak van

de William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering,

hierna te noemen de GI, gevestigd te Amsterdam,

betreffende

[naam kind], geboren op [geboortedatum kind] 2005 te [geboorteplaats kind],

hierna te noemen [naam kind].

De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:

[naam moeder], hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder].

Het procesverloop
Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:

- de beschikking van de kinderrechter in deze rechtbank van 16 december 2021 en de daaraan ten grondslag liggende stukken;

- de bepaling gesloten jeugdhulp van de GI van 16 december 2021, ingekomen bij de griffie op 21 december 2021;

- een instemmende verklaring van de gekwalificeerde gedragswetenschapper van
20 december 2021, ingekomen bij de griffie op 21 december 2021.

Op 22 december 2021 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. Gehoord zijn:

- de minderjarige [naam kind], bijgestaan door mr. P.R. van de Water, die heeft waargenomen voor mr. J.E.F.K. Liauw,

- een tweetal vertegenwoordigers van de GI, te weten [naam 1] en [naam 2].

De moeder is opgeroepen en na bericht van afwezigheid niet verschenen.

De feiten
Het ouderlijk gezag over [naam kind] wordt uitgeoefend door de moeder.

[naam kind] verblijft bij Schakenbosch.

Bij beschikking van 3 december 2021 is de ondertoezichtstelling van [naam kind] verlengd tot

12 november 2022, is de machtiging tot uithuisplaatsing van [naam kind] in een accommodatie van een jeugdhulpaanbieder verlengd tot 12 juni 2022 en is het verzoek voor het overige aangehouden.

Bij beschikking van 16 december 2021 is een spoedmachtiging gesloten jeugdhulp betreffende de minderjarige [naam kind] verleend met ingang van 16 december 2021 voor de duur van vier weken.

Het verzoek en het standpunt van de GI

De GI heeft een machtiging verzocht om [naam kind] in een gesloten accommodatie te doen opnemen en te doen verblijven voor de duur van vier maanden. De GI heeft ter zitting het verzoek gehandhaafd en als volgt toegelicht.

Op 15 december 2021 is [naam kind] betrokken geweest bij een heftig incident bij de instelling waar hij op dat moment verbleef. Dit was zo heftig dat hij is gearresteerd en uiteindelijk hier niet meer kon blijven. Het is belangrijk dat hij tot rust komt en stabiliseert. Op 28 december 2021 zal de jeugdbeschermer met [naam kind], de moeder en Schakenbosch de doelen voor de komende vier maanden bespreken. Eén van de doelen is in ieder geval om [naam kind] in een open setting te plaatsen zodra hij daaraan toe is. [naam kind] heeft immers veel vaardigheden voor een open groep. Er is nog onvoldoende tijd geweest om de mogelijkheden van een terugplaatsing van [naam kind] bij de moeder te onderzoeken. Minimaal vier maanden is nodig om een passende vervolgplek voor [naam kind] te vinden. Zo zijn er wachtlijsten voor open groepen. Naar aanleiding van de wens van [naam kind] is aangegeven dat de kans zeer klein tot nihil is dat hij vanuit de gesloten groep op een open groep bij Schakenbosch kan worden geplaatst. Dit is namelijk niet het beleid van Schakenbosch.

Het standpunt van de belanghebbenden

Namens de minderjarige [naam kind] heeft zijn advocaat ter zitting verzocht om de duur van de machtiging gesloten jeugdhulp te beperken. Ter onderbouwing hiervan is het volgende aangevoerd.

[naam kind] heeft aangegeven dat hij ter overbrugging naar een terugplaatsing bij de moeder vanuit de gesloten groep op een open groep bij Schakenbosch wil worden geplaatst. Op deze manier kan hij snel door met zijn traject en blijft hij in een vertrouwde omgeving. Een periode van vier maanden is een te lange periode om het perspectief van [naam kind] duidelijk te krijgen. Dit dient op kortere termijn duidelijk te worden.

De moeder heeft aangegeven dat zij het niet eens is met het verzoek van de GI.

De beoordeling

Gelet op het bepaalde in artikel 6.1.2, tweede lid, Jeugdwet kan een machtiging gesloten jeugdhulp slechts worden verleend indien naar het oordeel van de kinderrechter deze jeugdhulp noodzakelijk is in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de jeugdige naar volwassenheid ernstig belemmeren. Bovendien dient de opneming en verblijf noodzakelijk te zijn om te voorkomen dat de jeugdige zich aan deze jeugdhulp onttrekt of daaraan door anderen wordt onttrokken. De kinderrechter is van oordeel dat hiervan nog steeds sprake is.

Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is immers gebleken dat [naam kind] een beïnvloedbare en kwetsbare jongen is en dat hij gedragsproblemen laat zien. Ook heeft [naam kind] een forse achterstand op school. Na een positieve plaatsing bij Harreveld is hij in juli 2021 bij De Beele (Pluryn) geplaatst, omdat hij op deze plek een betere behandeling voor zijn problematiek kan krijgen. Tijdens een bespreking in oktober 2021 heeft de GI aangegeven dat een verlenging van de plaatsing bij De Beele zal worden gevraagd. [naam kind] had dit niet verwacht en hoopte dat hij terug naar huis kon. Op 3 december 2021 is dit verzoek van de GI ook door de kinderrechter toegewezen. [naam kind] is erg teleurgesteld geraakt en is in een negatieve spiraal terechtgekomen. Op 15 december 2021 heeft [naam kind] een begeleider bedreigd. Ook is in de jaszak van [naam kind] een alarmpistool aangetroffen. Als gevolg van dit incident kan [naam kind] niet langer bij De Beele verblijven en is hij met een spoedmachtiging opnieuw bij Schakenbosch geplaatst.

[naam kind] wil zijn best doen om zo snel als mogelijk vanuit een open groep bij Schakenbosch weer bij zijn moeder te gaan wonen. Hij heeft de afgelopen tijd als stilstand ervaren en wil weer vooruit. Een overplaatsing op het terrein van Schakenbosch lijkt echter niet haalbaar en een terugplaatsing bij de moeder is nog onvoldoende onderzocht. Duidelijk is wel dat de moeder het in oktober 2021 net als de GI te vroeg vond voor [naam kind] om naar huis te komen. De komende vier maanden zijn nodig om een passende (vervolg)plek voor [naam kind] te vinden, dat zijn verlof weer zal worden opgebouwd en dat hij naar school zal gaan. Ook moet [naam kind] leren omgaan met teleurstellingen. De kinderrechter ziet dan ook geen aanleiding om de duur van de machtiging te beperken. Daarbij houdt de kinderrechter er rekening mee dat de gedragswetenschapper op 20 december 2021 heeft ingestemd met de plaatsing van [naam kind] binnen de gesloten jeugdhulp voor eenzelfde periode. De kinderrechter onderschrijft het advies van de gedragswetenschapper dat er duidelijkheid dient te ontstaan over de vraag of een terugplaatsing van [naam kind] bij de moeder nog mogelijk is of dat zijn toekomst elders ligt.

Gelet op al het voorgaande zal de kinderrechter een machtiging gesloten jeugdhulp verlenen voor de door de GI verzochte periode van vier maanden.

De beslissing

De kinderrechter:

verleent een machtiging gesloten jeugdhulp betreffende de minderjarige [naam kind]

met ingang van 22 december 2021 tot 22 april 2022.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 22 december 2021 door mr. T. van den Akker, kinderrechter, in tegenwoordigheid van D. van der Aa als griffier.

De griffier is buiten staat deze beschikking mede te ondertekenen.

De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op

Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:

- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,

- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.

Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof
Den Haag.