Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2021:10190

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
14-09-2021
Datum publicatie
26-10-2021
Zaaknummer
C/10/623154/ HO RK 21.262
Rechtsgebieden
Insolventierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Verzoek in het kader van de WHOA tot het aanwijzen van een herstructureringsdeskundige toegewezen.

Wetsverwijzingen
Faillissementswet 371
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
INS-Updates.nl 2021-0304
RI 2022/12
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team insolventie

aanwijzen herstructureringsdeskundige

rekestnummer: [nummer]

uitspraakdatum: 14 september 2021 (bij vervroeging)

beschikking op het ingekomen verzoekschrift met bijlagen van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

[bedrijf]

statutair gevestigd te [plaats] ,

verzoekster,

advocaat: mr. S.J. Bruins Slot, kantoorhoudende te Zaltbommel,

hierna te noemen: verzoekster

1 De procedure

1.1.

Verzoekster heeft op 2 augustus 2021 een verklaring ex artikel 370 lid 3 Faillissementswet (Fw) ter griffie gedeponeerd.

1.2.

Verder heeft verzoekster op 2 augustus 2021 een verzoekschrift met bijlagen ingediend strekkende tot het aanwijzen van een herstructureringsdeskundige als bedoeld in artikel 371 Fw.

1.3.

Het verzoek is op 7 september 2021 in raadkamer behandeld.

1.4.

In raadkamer zijn, door middel van video-verbinding, gehoord:

- de heer [naam 1] , (middellijk) bestuurder van verzoekster;

- mevrouw [naam 2] , financieel administratief medewerkster van verzoekster;

- mr. S.J. Bruins Slot, advocaat van verzoekster.

1.5.

De rechtbank heeft de uitspraak bepaald op heden.

2 De feiten

2.1.

Verzoekster exploiteert een onderneming die zich bezighoudt met reparatie- en onderhoudswerkzaamheden en ontwikkeling en de bouw van speciale installaties voor zee- en binnenvaartschepen. De heer [naam 1] , voornoemd, is de middellijk bestuurder van verzoekster.

3 Het standpunt van verzoekster

3.1.

Verzoekster verkeert in een toestand waarin het redelijkerwijs aannemelijk is dat zij met het betalen van haar schulden niet zal kunnen voortgaan. De oorzaak hiervan is gelegen in tegenvallende bedrijfsresultaten, mede als gevolg van de corona-pandemie. Door de pandemie heeft de passagiersvaart (vrijwel) stilgelegen. Daardoor is de omzet voor servicewerkzaamheden aan passagiersschepen sterk teruggelopen en zijn er geen nieuwe opdrachten voor stuurhuizen binnengekomen. Verder zijn de kosten van enkele projecten tegengevallen. Er is sprake van een grote betalingsachterstand bij leveranciers en een openstaande lening kan niet worden voldaan. Verzoekster is in staat om aan haar lopende verplichtingen te voldoen, maar voorziet dat er geen realistisch perspectief bestaat om een toekomstige insolventie af te wenden als haar schulden niet worden geherstructureerd. Ter zitting heeft verzoekster het voorgaande desgevraagd nader toegelicht en aangevuld.

3.2.

Verzoekster heeft twee offertes overgelegd van mogelijk te benoemen herstructureringsdeskundigen ex artikel 371 Fw: mr. C.W.H.M. Uitdehaag dan wel mr. M. Stap.

4 De beoordeling

4.1.

De rechtbank stelt allereerst vast dat het onderhavige verzoek het eerste verzoek is dat verzoekster aan de rechtbank heeft voorgelegd na het deponeren van de startverklaring. Dat betekent dat de rechtbank thans dient vast te stellen welk soort akkoordprocedure als bedoeld in artikel 369 lid 6 Fw is gekozen bij de voorbereiding van een akkoord. Vervolgens dient de rechtbank te beoordelen of aan haar de rechtsmacht en relatieve bevoegdheid toekomen om van het verzoek kennis te nemen.

4.2.

Verzoekster heeft blijkens de startverklaring, en zoals nadien bevestigd, gekozen voor de besloten akkoordprocedure.

4.3.

De rechtbank heeft gelet op het bepaalde in artikel 369 lid 7 aanhef en onder b Fw jo. artikel 3 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering jo. artikel 1:10 lid 2 Burgerlijk Wetboek rechtsmacht om het verzoek in behandeling te nemen, nu verzoekster in Nederland is gevestigd. De rechtbank Rotterdam is relatief bevoegd het verzoek in behandeling te nemen.

4.4.

De besloten akkoordprocedure en de bevoegdheid van de rechtbank liggen hiermee voor de volledige duur van de akkoordprocedure vast.

Herstructureringsdeskundige

4.5.

Op grond van artikel 371 lid 3 Fw juncto artikel 370 lid 1 Fw wordt een door de schuldenaar ingediend verzoek tot aanwijzing van een herstructureringsdeskundige toegewezen als de schuldenaar verkeert in een toestand waarin het redelijkerwijs aannemelijk is dat hij met het betalen van zijn schulden niet zal kunnen voortgaan.

4.6.

Naar het oordeel van de rechtbank blijkt uit de door verzoekster in het verzoekschrift en ter zitting geschetste situatie voldoende dat zij in de toestand verkeert zoals bedoeld onder nummer 4.5. Dat betekent dat het verzoek toewijsbaar is.

4.7.

Artikel 376 lid 6 Fw bepaalt onder meer dat de herstructureringsdeskundige zijn taak onpartijdig en onafhankelijk uitvoert. Het is ook om deze reden dat in artikel 3.2 van het Landelijk Procesreglement WHOA zaken rechtbank (hierna: het Procesreglement) is opgenomen dat in het verzoekschrift twee of drie namen van mogelijk te benoemen herstructureringsdeskundigen worden vermeld (voorzien van offertes voor de kosten). De aanwijzing van een herstructureringsdeskundige moet dienstig zijn aan het onderzoek naar de mogelijkheden van een reorganisatie of liquidatie van een onderneming. De aanwijzing van een herstructureringsdeskundige kan bijdragen aan het voorkomen van een schijn van belangenvermenging of om het vertrouwen van de schuldeisers in het proces en daarmee de slagingskansen te vergroten.

4.8.

Verzoekster heeft in overeenstemming met het Procesreglement twee offertes overgelegd van mogelijk te benoemen herstructureringsdeskundigen. De rechtbank ziet evenwel aanleiding om een andere herstructureringsdeskundige aan te wijzen dan de door verzoekster aangedragen personen.

4.9.

De rechtbank zal mr. M. Hoogendoorn aanwijzen als herstructureringsdeskundige, nu hij over de competenties beschikt die voor deze specifieke casus van belang lijken. Verder heeft hij verklaard dat hij volledig vrij staat ten opzichte van verzoekster en de overige betrokkenen.

4.10.

Thans ontbreekt nog een begroting van de kosten van de werkzaamheden van mr. M. Hoogendoorn. De beslissing over de kosten wordt om die reden aangehouden in afwachting van die begroting.

5 De beslissing

De rechtbank:

- wijst mr. M. Hoogendoorn, zaakdoende te Rotterdam, aan als herstructureringsdeskundige in de besloten akkoordprocedure van [bedrijf] ;

- draagt de herstructureringsdeskundige op om binnen twee weken na de datum van deze beschikking een plan van aanpak met daarbij een begroting van de kosten van zijn werkzaamheden en die van de eventuele derden die door hem worden geraadpleegd te maken en deze aan de rechtbank en verzoekster toe te zenden en houdt de vaststelling van het bedrag dat de werkzaamheden van de herstructureringsdeskundige en van de derden die door hem worden geraadpleegd ten hoogste mogen kosten aan;

- bepaalt dat de kosten van de herstructureringsdeskundige ten laste van [bedrijf] komen en dat zij voor de betaling daarvan ten genoegen van de herstructureringsdeskundige voor de aanvang van zijn werkzaamheden zekerheid dient te stellen.

Deze beschikking is gegeven door mr. F. Damsteegt-Molier, voorzitter, mr. K.M. van Hassel en mr. B.A. Cnossen, rechters en in aanwezigheid van mr. A.M. Pieters-Boelhouwer, griffier, bij vervroeging in het openbaar uitgesproken op 14 september 2021.