Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2020:8570

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
04-09-2020
Datum publicatie
01-10-2020
Zaaknummer
C/10/603405 / FA RK 20-6688
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), hoofdstuk 7 Wvggz. Toewijzing machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM


Team familie

Zaak-/rekestnummer: C/10/603405 / FA RK 20-6688

Betrokkenenummer: [nummer]

Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 4 september 2020 betreffende een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz)

op verzoek van:

de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam, hierna: de officier,

met betrekking tot:

[naam betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum betrokkene] , [geboorteplaats betrokkene] ,

hierna: betrokkene,

wonende te [adres betrokkene] , [woonplaats betrokkene] ,

thans verblijvende in Parnassia Groep te [verblijfadres betrokkene] , [verblijfplaats betrokkene] ,

advocaat mr. S. Lodder te Rotterdam.

1. Procesverloop

1.1.

Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 2 september 2020, heeft de officier verzocht om voortzetting van de op 1 september 2020 opgelegde crisismaatregel.


Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

  • -

    een afschrift van de beslissing tot het nemen van de crisismaatregel van 1 september 2020;

  • -

    de medische verklaring opgesteld door [naam 1] , psychiater, van 1 september 2020;

  • -

    de gegevens over eerder afgegeven machtigingen op grond van de Wet Bopz en de Wvggz;

  • -

    de relevante politiegegevens van betrokkene.

1.2.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 4 september 2020. Bij die gelegenheid zijn (overeenkomstig artikel 2 lid 1 van de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid) via beeld- en geluidverbinding gehoord:

  • -

    betrokkene met haar hiervoor genoemde advocaat;

  • -

    [naam 2] , begeleider, en [naam 3] , psychiater, beiden verbonden aan Parnassia Groep.

1.3.

De officier is niet ter zitting gehoord, omdat hij een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte.

2. Beoordeling

2.1.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, ernstige materiële schade, ernstige immateriële schade, ernstige financiële schade, alsook de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept.

Betrokkene is bekend in de psychiatrische zorg vanwege haar ziektebeeld. De psychiater verklaart dat er al een aantal weken sprake is van een ontregeling. Zo heeft betrokkene met regelmaat ontbloot op haar scootmobiel gezeten en heeft betrokkene haar bed en al het beddengoed uit het raam gegooid. Zij wilde vanochtend urine in de koffie doen van haar partner en zij heeft op dezelfde dag een bestelling gedaan bij een restaurant voor zestien personen vanwege haar huwelijksjubileum, terwijl betrokkene dat niet kan betalen. Haar partner sliep al enkele nachten niet meer en hij heeft inmiddels tijdelijk hun gezamenlijke huis verlaten. De psychiater verklaart dat op de afdeling geen verandering in het toestandsbeeld van betrokkene is waargenomen. Ondanks dat betrokkene het bovenstaande weerspreekt, ziet de rechtbank geen aanleiding om aan de inhoud van de overgelegde stukken of aan de verklaringen van de psychiater ter zitting te twijfelen.

2.2.

Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van een manische ontregeling in het kader van een bipolaire stoornis.

2.3.

De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.

2.4.

Op basis van de medische verklaring en de mondelinge behandeling, acht de rechtbank de volgende in de crisismaatregel genomen vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:

  • -

    het toedienen van medicatie, alsmede het verrichten van medische controles ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;

  • -

    het beperken van de bewegingsvrijheid;

  • -

    het insluiten;

  • -

    het uitoefenen van toezicht op betrokkene;

  • -

    het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

  • -

    het opnemen in een accommodatie.

De advocaat van betrokkene bepleit geen toewijzing van de verplichte vorm van zorg ‘het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten’. De rechtbank volgt dat verweer niet en zij oordeelt als volgt. Betrokkene heeft eerder impulsief gehandeld door voor zestien personen eten te bestellen. Dat leidde voor haar en haar partner tot financiële problemen. Gebruik van het internet of andere communicatiemiddelen die tot dezelfde soort gedragingen kunnen leiden, dienen daarom te worden ingeperkt. Daarnaast heeft de psychiater verklaard dat betrokkene haar familie overbelast door hen overmatig te bellen. Het opnemen van deze verplichte vorm van zorg betekent niet dat betrokkene geen contact kan hebben met haar familieleden. Het betekent echter wel dat betrokkene daarin geremd dient en kan worden om ernstig nadeel te voorkomen, zoals de psychiater verklaarde.

2.5.

De onderstaande door de officier verzochte vormen van verplichte zorg worden niet toegewezen:

  • -

    het toedienen van vocht;

  • -

    het toedienen van voeding;

  • -

    het verrichten andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;

  • -

    het onderzoek aan kleding of lichaam;

  • -

    het onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedragsbeïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;

  • -

    het controleren op de aanwezigheid van gedragsbeïnvloedende middelen;

  • -

    het beperken van het recht op het ontvangen van bezoek.

De noodzakelijkheid van bovenstaande vormen van zorg is niet (afdoende) gemotiveerd en de psychiater heeft ter zitting gemotiveerd verklaard dat deze niet nodig zijn om het onmiddellijk dreigend ernstig nadeel af te wenden.

2.6.

Het is volgens de psychiater niet mogelijk om afspraken te maken met betrokkene. Betrokkene is wisselend in wat zij wil en inconsistent in het maken van afspraken. Het toestandsbeeld van betrokkene kan namelijk elk moment omslaan. Betrokkene verklaart daarnaast dat zij langer in de kliniek wil blijven, maar zij geeft daarbij aan geen beperkingen te willen gedurende haar verblijf. Betrokkene verzet zich om die reden tegen de zorg. Er zijn verder geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.

2.7.

De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.

2.8.

Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na vandaag.

3. Beslissing

De rechtbank:

3.1.

verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van [naam betrokkene] voornoemd;

3.2.

bepaalt dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen zoals opgenomen in rechtsoverweging 2.4. kunnen worden getroffen;

3.3.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 25 september 2020.

Deze beschikking is op 4 september 2020 mondeling gegeven door mr. M.C. van der Kolk, rechter, in tegenwoordigheid van V. Merkouris, griffier, en op 10 september 2020 schriftelijk uitgewerkt en getekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.