Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2020:8564

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
04-09-2020
Datum publicatie
02-11-2020
Zaaknummer
C/10/599969 / JE RK 20-1940 en C/10/601512 / JE RK 20-2186
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

verlenging ondertoezichtstelling en machtiging gesloten jeugdhulp

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd

zaakgegevens: C/10/599969 / JE RK 20-1940 en C/10/601512 / JE RK 20-2186

datum uitspraak: 4 september 2020

beschikking verlenging ondertoezichtstelling en machtiging gesloten jeugdhulp

in de zaken van

de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond,

hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam,

betreffende

[naam kind] ,

geboren op [geboortedatum kind] 2004 te [geboorteplaats kind] , hierna te noemen [naam kind] .

De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[naam moeder] ,

hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder] ,

[naam vader] ,

hierna te noemen de vader, wonende te [woonplaats vader] .

Het procesverloop
Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:

- het verzoekschrift met bijlagen van de GI van 8 juli 2020, ingekomen bij de griffie op

9 juli 2020,

- het verzoekschrift met bijlagen van de GI van 31 juli 2020, ingekomen bij de griffie op dezelfde datum,

- de verklaring d.d. 31 juli 2020 dat een voorziening nodig is op het gebied van jeugdhulp en verblijf niet zijnde verblijf bij een pleegouder,

- de instemmende verklaring d.d. 17 augustus 2020 van de gekwalificeerde gedragswetenschapper,

- de brief van de vader van 20 augustus 2020, ingekomen bij de griffie op dezelfde datum.

Op 4 september 2020 heeft de kinderrechter de zaken ter zitting met gesloten deuren behandeld.

Gehoord zijn:

- de minderjarige [naam kind] , die voorafgaand aan de zitting apart is gehoord, bijgestaan door haar advocaat mr. S. Bosmans,

- de moeder,

- de tante moederszijde (mz), [naam] , als informant,

- een vertegenwoordigster van de GI, [naam vertegenwoordigster] .

De kinderrechter heeft [naam kind] , de moeder en tante mz op hun verzoek telefonisch gehoord.

Opgeroepen en niet verschenen is de vader, met bericht van afwezigheid.

De feiten
Het ouderlijk gezag over [naam kind] wordt uitgeoefend door de ouders.

[naam kind] verblijft op een klinische afdeling van Yulius.

Bij beschikking van 12 juni 2020 is de ondertoezichtstelling van [naam kind] verlengd tot

27 september 2020.

De verzoeken

De GI heeft verzocht de ondertoezichtstelling van [naam kind] te verlengen voor de duur van een jaar. Daarnaast heeft de GI een machtiging verzocht om [naam kind] in een gesloten accommodatie te doen opnemen en te doen verblijven voor de duur van drie maanden.

De GI heeft het verzoek ter zitting gehandhaafd en als volgt toegelicht. De afgelopen drie jaar heeft [naam kind] geen behandeling geaccepteerd, waardoor haar problematiek niet behandeld kon worden. [naam kind] heeft een laag BMI en weinig energie. Zij heeft een periode in het netwerkpleeggezin van tante mz gewoond, waar het na een tijdje niet goed met haar ging. Ook is een thuisplaatsing bij de moeder niet mogelijk, omdat het contact tussen [naam kind] en de moeder minimaal is en [naam kind] daar geen behandeling zal volgen. Daarnaast wil [naam kind] geen contact met haar vader. Verschillende kinderpsychiaters hebben aangegeven dat een plaatsing bij Zikos de enige mogelijkheid is om [naam kind] te helpen met haar problematiek. Ondanks dat het voor de GI moeilijk is om de ondertoezichtstelling uit te voeren en het netwerk van [naam kind] erg betrokken is, is het belangrijk dat een casusregisseur betrokken blijft. Het wijkteam heeft aangegeven dat de situatie van [naam kind] te complex is. Op 8 september 2020 is er een plek voor [naam kind] beschikbaar bij Zikos. Bij Zikos wordt behandeling geboden voor psychiatrische en gedragsproblematiek.

Het standpunt van [naam kind]

is het niet eens met het verzoek machtiging gesloten jeugdhulp. Sinds een paar weken gaat het beter bij Yulius en is [naam kind] stabiel. [naam kind] staat open voor behandeling, maar zij wil een behandeling die passend is en waarvoor in samenspraak met haar wordt gekozen. [naam kind] heeft nabijheid, contact en vrijheid nodig. Zij wil weer deelnemen aan het normale leven. Op een gesloten groep van Zikos zal dit niet mogelijk zijn. [naam kind] is van mening dat er beslissingen voor haar worden genomen zonder dat zij daarbij betrokken wordt. Dit is voor haar demotiverend. [naam kind] heeft geen idee waar zij straks terecht komt en is bang dat zij bij Zikos 23 uur per dag alleen op haar kamer moet zijn. [naam kind] wil dat de jeugdbeschermer met haar komt praten en uitlegt wat de mogelijkheden voor behandeling zijn. [naam kind] verblijft momenteel vrijwillig bij Yulius en wil haar plaatsing daar voortzetten. Verzocht wordt om de machtiging gesloten jeugdhulp af te wijzen of op een later moment toe te wijzen, zodat eerst met [naam kind] gesproken kan worden.

De standpunten

De moeder heeft ter zitting aangegeven dat [naam kind] zowel thuis als in het pleeggezin steeds in hetzelfde patroon terugvalt. De moeder weet niet meer wat goed is voor [naam kind] . Het is belangrijk dat [naam kind] gaat inzien dat zij hulp nodig heeft en de hulp gaat accepteren. Door het minimale contact heeft de moeder het gevoel dat zij [naam kind] steeds meer kwijtraakt en geen grip meer heeft op de situatie. De moeder is het eens met een plaatsing bij Zikos, maar begrijpt het gevoel van [naam kind] goed. [naam kind] weet niet waar zij terecht komt. De intakegesprekken zullen nog plaats moeten vinden. Een thuisplaatsing is momenteel niet mogelijk. Ook voortzetting van het verblijf bij Yulius is niet mogelijk. Het gaat beter met [naam kind] , maar zij kan de noodzakelijke behandeling daar niet volgen.

Desgevraagd geeft de tante mz ter zitting aan dat [naam kind] zich veilig heeft weten te houden, omdat zij beseft dat zij anders met spoed naar Zikos wordt gebracht. [naam kind] heeft zelf naar Zikos gebeld om vragen te stellen over haar verblijf. Zij is bang om daarheen te gaan. Er moet een verandering gaan plaatsvinden.

De beoordeling

Ter zitting is er geen verweer gevoerd tegen een verlenging van de ondertoezichtstelling. Hoewel de rol van de GI, gelet op de complexe problematiek en de betrokkenheid van hulpverlening vanuit de psychiatrie beperkt is, is de kinderrechter van oordeel dat de inzet van een casusregisseur noodzakelijk is om de onderlinge contacten te monitoren en duidelijkheid te bieden aan [naam kind] . Gelet op de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is de kinderrechter van oordeel dat de gronden van de ondertoezichtstelling, zoals gesteld in artikel 1:255 van het Burgerlijk Wetboek nog aanwezig zijn. De ondertoezichtstelling van [naam kind] zal als onweersproken worden verlengd voor de duur van twaalf maanden.

Gelet op het bepaalde in artikel 6.1.2, tweede lid, Jeugdwet kan een machtiging gesloten jeugdhulp slechts worden verleend indien naar het oordeel van de kinderrechter deze jeugdhulp noodzakelijk is in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de jeugdige naar volwassenheid ernstig belemmeren. Bovendien dient de opneming en verblijf noodzakelijk te zijn om te voorkomen dat de jeugdige zich aan deze jeugdhulp onttrekt of daaraan door anderen wordt onttrokken. De kinderrechter is van oordeel dat hiervan sprake is.

[naam kind] is een kwetsbaar meisje dat is opgegroeid in een ingewikkelde en instabiele opvoedsituatie, waarin zij weinig veiligheid heeft gekend. Bij [naam kind] is sprake van complexe psychiatrische en gedragsproblematiek. Zij heeft last van depressieve gevoelens, suïcidale gedachten, heeft een eetstoornis en doet aan automutilatie. Ook vertoont zij zelfbepalend en manipulatief gedrag. De afgelopen jaren is veel hulpverlening ingezet en zijn behandelingen geprobeerd, maar dit heeft geen positief resultaat opgeleverd. [naam kind] heeft zelf aangegeven dat zij open staat voor behandeling, maar zij is niet gemotiveerd voor de behandelingen die haar worden aangeboden. Zowel in de thuissituatie als in het netwerkpleeggezin lukte het [naam kind] niet om haar situatie te doen keren en ging het steeds slechter met haar. De betrokkenen voelen zich machteloos. Sinds juli 2020 verblijft [naam kind] daarom met een zorgmachtiging op een klinische afdeling van Yulius. Hoewel [naam kind] zich de afgelopen weken stabiel heeft gehouden, kan daar niet de noodzakelijke behandeling worden geboden.

Op dit moment lijkt een plaatsing bij Zikos de enige mogelijkheid voor [naam kind] om de impasse te doorbreken. Hoewel [naam kind] zelf nog niet is overtuigd en zich verzet tegen een gesloten plaatsing, is de kinderrechter van oordeel dat een plaatsing bij Zikos noodzakelijk is in het belang van [naam kind] . Dit wordt ook door de behandelaars van Yulius geadviseerd. Op 8 september 2020 is een plek voor [naam kind] beschikbaar. De kinderrechter zal een machtiging gesloten jeugdhulp verlenen met ingang van die datum voor de duur van drie maanden. Om de plaatsing bij Zikos te laten slagen, is het heel belangrijk dat [naam kind] wordt geïnformeerd, zodat haar vragen en angsten worden weggenomen. Daarbij verdient [naam kind] duidelijkheid over haar behandelplan.

De beslissing

De kinderrechter:

verlengt de ondertoezichtstelling van [naam kind] tot 27 september 2021;

verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;

verleent een machtiging gesloten jeugdhulp met ingang van 8 september 2020 tot

8 december 2020 betreffende [naam kind] .

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 4 september 2020 door mr. F. Aukema-Hartog, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. L.M. Ruijgrok als griffier. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 18 september 2020.

Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:

- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,

- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.

Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof
Den Haag.