Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2020:8175

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
25-08-2020
Datum publicatie
17-09-2020
Zaaknummer
C/10/603089 / FA RK 20-6523
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Wvggz. Voortzetting van de crisismaatregel. Toewijzing van de machtiging, onmiddellijk dreigend ernstig nadeel aanwezig

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM


Team familie

Zaak-/rekestnummer: C/10/603089 / FA RK 20-6523

Betrokkenenummer: [nummer]

Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 28 augustus 2020 betreffende een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz)

op verzoek van:

de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam, hierna: de officier,

met betrekking tot:

[naam betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum betrokkene] te [geboorteplaats betrokkene] ,

hierna: betrokkene,

wonende aan de [adres betrokkene] , [postcode betrokkene] te [woonplaats betrokkene] ,

thans verblijvende in Yulius locatie de Gantel te Sliedrecht,

advocaat mr. R.F. Nelisse te Schiedam.

1. Procesverloop

1.1.

Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 27 augustus 2020, heeft de officier verzocht om voortzetting van de op 26 augustus 2020 opgelegde crisismaatregel.


Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

- een afschrift van de beslissing tot het nemen van de crisismaatregel van

26 augustus 2020;

  • -

    de medische verklaring opgesteld door [naam psychiater 1] , psychiater, van 26 augustus 2020;

  • -

    de gegevens over eerder afgegeven machtigingen op grond van de Wet Bopz en de Wvggz;

  • -

    het bericht dat er geen relevante politiegegevens en/of de strafvorderlijke- en justitiƫle gegevens van betrokkene zijn.

1.2.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 28 augustus 2020. Bij die gelegenheid zijn (overeenkomstig artikel 2 lid 1 van de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid) via beeld- en geluidverbinding gehoord:

  • -

    betrokkene en haar hiervoor genoemde advocaat;

  • -

    [naam psychiater 2] , psychiater, verbonden aan Yulius.

1.3.

De officier is niet ter zitting verschenen, omdat hij een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte.

2. Beoordeling

2.1.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel en de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept. Betrokkene is opgenomen vanwege fysieke agressie naar derden, oninvoelbaarheid en impulsief gedrag. Tijdens het vervoer naar Yulius heeft betrokkene geprobeerd een medewerker van het FACT-team te wurgen. Betrokkene zegt dat het nu veel beter gaat en zij vrijwillig alle zorg wil accepteren. De psychiater geeft daarentegen aan een machtiging nog nodig is omdat er momenten zijn waarop betrokkene de controle verliest. Op die momenten hallucineert betrokkene, gaat ze om zich heen slaan en is er geen contact mogelijk. Ze heeft daarom 1-op-1 begeleiding en is geplaatst op de IC-afdeling. Het toestandsbeeld is volgens de psychiater nog niet stabiel en er is nog steeds sprake van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel. Een opname is nog noodzakelijk.

2.2.

Vermoed wordt dat het nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van een psychose. Daarnaast is betrokkene bekend met een post-traumatische stressstoornis en een laag IQ.

2.3.

De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.

2.4.

Op basis van de medische verklaring en de mondelinge behandeling, acht de rechtbank de volgende in de crisismaatregel genomen vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:

  • -

    het toedienen van medicatie;

  • -

    het beperken van de bewegingsvrijheid;

  • -

    het insluiten (alleen indien noodzakelijk en zo kort mogelijk);

  • -

    het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen (om prikkels te beperken bv door telefoongebruik);

  • -

    het opnemen in een accommodatie.

2.5.

De overige door de officier verzochte vormen van verplichte zorg worden door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat de behandelaar ter zitting gemotiveerd heeft verklaard dat deze niet nodig zijn om het ernstig nadeel af te wenden.

2.6.

Betrokkene heeft ter zitting gezegd vrijwillig de zorg te willen accepteren. De psychiater geeft echter aan dat het toestandsbeeld nog niet voldoende stabiel is en er momenten zijn dat er geen contact mogelijk is met betrokkene. Op die momenten is er geen medewerking ten aanzien van de noodzakelijke behandeling. Vrijwillig verblijf is daarom niet mogelijk. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.

2.7.

De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.

2.8.

Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na de dag van de mondelinge beslissing.

3. Beslissing

De rechtbank:

3.1.

verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van [naam betrokkene] voornoemd;

3.2.

bepaalt dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen zoals opgenomen in rechtsoverweging 2.4. kunnen worden getroffen;

3.3.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 18 september 2020.

Deze beschikking is op 28 augustus 2020 mondeling gegeven door mr. D.C.J. Peeck, rechter, in tegenwoordigheid van M. Streefland, griffier en op 3 september 2020 schriftelijk uitgewerkt en getekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.