Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2020:8068

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
14-08-2020
Datum publicatie
16-09-2020
Zaaknummer
8388321 CV EXPL 20-8500
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Vordering niet-betaalde factuur toegewezen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

zaaknummer: 8388321 CV EXPL 20-8500

uitspraak: 14 augustus 2020

vonnis van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam,

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Infomedics B.V., als rechtsopvolger van de besloten vennootschap Infomedics Factoring B.V., mede handelend onder de namen Infomedics Factoring, UwNota.nl, DFA Services en Infomedics DFA,

statutair gevestigd en kantoorhoudende te Almere,

eiseres,

gemachtigde: Bosveld Incasso en Gerechtsdeurwaarders te Amersfoort,

tegen

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats gedaagde] ,

gedaagde,

procederend in persoon.

Partijen worden hierna aangeduid als “Infomedics” respectievelijk “ [gedaagde] ”.

1. Het verloop van de procedure

1.1

Het verloop van de procedure volgt uit de volgende processtukken, waarvan de kantonrechter kennis heeft genomen:

  • -

    het exploot van dagvaarding van 18 februari 2020, met producties;

  • -

    het schriftelijke antwoord van [gedaagde] , zonder producties;

  • -

    de conclusie van repliek, met productie;

  • -

    de schriftelijke reactie van [gedaagde] , met producties.

1.2

De kantonrechter heeft de uitspraak van dit vonnis bepaald op heden.

2. De vaststaande feiten

Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend, dan wel niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, staat tussen partijen, voor zover van belang, het volgende vast.

2.1

Op 3 juli 2020 heeft [gedaagde] medische zorg ontvangen van [naam tandartspraktijk] (hierna: de tandarts), waarvoor hij een nota met kenmerk: [kenmerknummer] ten bedrage van in totaal

€ 401,17 heeft gekregen. Deze nota is opgebouwd uit de volgende kostenposten:

“H35 el.nr.38 Moeizaam trekken tand of kies, met mucoperiostale opklap € 68,77”

“H35 el.nr.38 Moeizaam trekken tand of kies, met mucoperiostale opklap € 68,77”

“H35 el.nr.38 Moeizaam trekken tand of kies, met mucoperiostale opklap € 68,77”

“H26 Hechten weke delen € 63,04”

“H60 Marsupialisatie € 80,24”

“Onderkaak H40 Corrigeren van de vorm van de kaak, per kaak € 51,58”.

2.2

De zorgverzekeraar van [gedaagde] , VGZ, heeft ten behoeve van deze nota een bedrag van

€ 320,94 vergoed. Op de factuur is vermeld dat [gedaagde] nog € 80,23 dient te voldoen.

3. Het geschil

3.1

Infomedics heeft bij dagvaarding gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [gedaagde] te veroordelen aan haar te betalen een bedrag van € 123,82, vermeerderd met de wettelijke rente over voornoemd bedrag vanaf 12 februari 2020 tot de dag der algehele voldoening, met veroordeling van [gedaagde] in de proceskosten.

Aan haar vordering heeft Infomedics – zakelijk weergegeven en voor zover thans van belang – ten grondslag gelegd dat [gedaagde] ten behoeve van bovengenoemde nota het restantbedrag van € 80,23 onbetaald gelaten heeft. Sinds het verstrijken van de betalingstermijn op de nota is [gedaagde] in verzuim geraakt en daarom is hij wettelijke rente verschuldigd. De verschenen rente bedraagt € 3,59. Door de wanbetaling van de zijde van [gedaagde] voelde Infomedics zich genoodzaakt haar incassogemachtigde in te schakelen en buitengerechtelijke incassokosten ten bedrage van € 40,00 te maken. Deze kosten dienen voor rekening van [gedaagde] te komen.

3.2

[gedaagde] heeft ter verweer – zakelijk weergegeven en voor zover thans van belang – het volgende aangevoerd. Zorgverzekeraar VGZ heeft de behandeling goedgekeurd en zou de kosten (grotendeels) zelf vergoeden. De tandarts heeft fouten gemaakt, omdat deze niet de juiste codeaanvraag heeft gedaan bij VGZ en daardoor valt de rekening voor [gedaagde] nu hoger uit. Ook verloopt de behandeling niet zoals gewenst, waardoor [gedaagde] veel pijn heeft geleden en al enige tijd zonder kunstgebit moet rondlopen.

3.3

Op de overige stellingen van partijen wordt – indien van belang voor de uitkomst van deze procedure – hierna teruggekomen.

4. De beoordeling

4.1

Ten aanzien van de hoofdsom ten bedrage van € 80,23 wordt als volgt overwogen. De kantonrechter begrijpt het verweer van [gedaagde] aldus dat de tandarts zelf een verkeerde declaratiecode heeft ingediend bij VGZ, waardoor [gedaagde] het restantbedrag van € 80,23 niet verschuldigd is. In een door [gedaagde] overgelegde e-mail van een medewerker van MyDent d.d. 20 februari 2020 staat de volgende tekst vermeld:

“Er zijn zeker nieuwe ontwikkelingen omtrent de nota van 1381,00. Ik heb overleg gehad met de tandtechnieker, eigenaar en financiële administratie.

De tandtechnieker heeft andere codes gebruikt dan dat de tandarts heeft begroot.

Dit betekend dat wij in infomedics de afwijkende codes hebben stopgezet ( 3xP40, 2xP25) en andere codes hebben toegevoegd (1xp45, 1xp21, 2xp43).”

De kantonrechter merkt hier op dat de codes uit bovengenoemde e-mail geen verband houden met de codes waar de huidige vordering op gebaseerd is. Verder komen de notabedragen niet met elkaar overeen en staat nergens in de betreffende e-mail het kenmerknummer van de nota vermeld. Voorts heeft [gedaagde] een voorlopige berekening van VGZ overgelegd, maar ook daaruit blijkt niet dat de kostenposten onderliggend aan deze vordering volledig voor vergoeding door VGZ in aanmerking komen.

4.2

Gelet op het vorenstaande slaagt het verweer van [gedaagde] niet en zal in beginsel worden uitgegaan van de juistheid van de stellingen van Infomedics. Dit betekent dat een bedrag van € 80,23 aan hoofdsom wordt toegewezen. De stelling van [gedaagde] dat hij elke dag pijn heeft en niet tevreden is met de door hem ontvangen behandeling(en) maakt deze uitkomst niet anders, daar dat hem niet ontheft van zijn betalingsverplichtingen.

4.3

Infomedics maakt aanspraak op een vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. Deze vordering dient beoordeeld te worden aan de hand van artikel 6:96 lid 6 BW in verbinding met het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten. De door Infomedics aan [gedaagde] verzonden aanmaning d.d. 30 augustus 2019 voldoet aan de gestelde eisen en daarom wordt het gevorderde bedrag van € 40,00 toegewezen.

4.4

De gevorderde vervallen rente ten bedrage van € 3,59 wordt – als op de wet gegrond en niet weersproken – toegewezen. De wettelijke rente vanaf 12 februari 2020 wordt toegewezen op de wijze zoals hierna vermeld nu sedert die datum rente op rente gevorderd wordt, hetgeen beperkt voor toewijzing vatbaar is. De gevorderde rente over de buiten-gerechtelijke kosten is niet toewijsbaar, nu niet is gesteld of gebleken dat de kosten vóór dagvaarding dan wel vóór de ingebrekestelling door Infomedics zijn betaald aan haar gemachtigde.

4.5

[gedaagde] zal als de (grotendeels) in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de proceskosten van Infomedics.

5. De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt [gedaagde] om aan Infomedics te betalen een bedrag van € 123,82, vermeerderd met de wettelijke rente ex artikel 6:119 BW over € 80,23 vanaf 12 februari 2020 tot de dag van de algehele voldoening;

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van Infomedics vastgesteld op € 210,85 aan verschotten en € 72,00 (2 punten à € 36,00) aan salaris voor de gemachtigde;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad en wijst af het méér of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. H.M. van de Ven en uitgesproken ter openbare terechtzitting.

44240