Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2020:7557

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
25-08-2020
Datum publicatie
28-08-2020
Zaaknummer
C/10/602680 / JE RK 20-2372
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Machtiging gesloten jeugdhulp

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd

zaakgegevens: C/10/602680 / JE RK 20-2372

datum uitspraak: 25 augustus 2020

beschikking machtiging gesloten jeugdhulp

in de zaak van

de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond,

hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam,

betreffende

[naam minderjarige] ,

geboren op [geboortedatum minderjarige] 2012 te [geboorteplaats minderjarige] , hierna te noemen [voornaam minderjarige] .

De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan:

[naam moeder] ,

hierna te noemen de moeder, wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

[naam vader] ,

hierna te noemen de vader, wonende te [woonplaats vader] .

Het procesverloop

Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:


- het verzoekschrift met bijlagen van de GI van 20 augustus 2020, ingekomen bij de griffie op dezelfde datum;

- de verklaring d.d. 20 augustus 2020 dat een voorziening nodig is op het gebied van jeugdhulp en verblijf niet zijnde verblijf bij een pleegouder;

- de instemmende verklaring d.d. 24 augustus 2020 van de gekwalificeerde gedragswetenschapper.

Op 25 augustus 2020 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld.

Gehoord zijn:

- de minderjarige [voornaam minderjarige] , die apart gehoord is, bijgestaan door zijn advocaat mr. A. Jhingoer,

- een tweetal vertegenwoordigsters van de GI, mw. [naam vertegenwoordigster 1] en mw. [naam vertegenwoordigster 2] .

Opgeroepen en niet verschenen zijn: de ouders.

De feiten

Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] wordt uitgeoefend door de ouders.


[voornaam minderjarige] verblijft bij Het Bergse Bos.

Bij beschikking van 25 juni 2020 is de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] verlengd tot

8 juli 2021. De kinderrechter heeft bij deze beschikking ook een machtiging tot

uithuisplaatsing van [voornaam minderjarige] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder verleend met ingang

van 8 juli 2020 tot 8 juli 2021.

Bij beschikking van 20 augustus 2020 is een spoedmachtiging gesloten jeugdhulp verleend voor de duur van vier weken, te weten tot 17 september 2020.

Het verzoek

De GI heeft een machtiging verzocht om [voornaam minderjarige] in een gesloten accommodatie te doen opnemen en te doen verblijven voor de duur van vier maanden.

De GI heeft het verzoek ter zitting gehandhaafd en als volgt toegelicht. [voornaam minderjarige] laat grensoverschrijdend gedrag zien, onttrekt zich aan het gezag van de groep en is meerdere keren vermist geweest sinds zijn plaatsing in een open setting. De GI is van mening dat behandeling van [voornaam minderjarige] binnen de geslotenheid beter tot zijn recht kan komen. [voornaam minderjarige] heeft veel baat bij de strakke kaders die een gesloten groep biedt. De behandeling van [voornaam minderjarige] zal zich in eerste instantie voornamelijk gaan richten op het stabiliseren van zijn gedrag.

Het standpunt van [voornaam minderjarige]

Door en namens [voornaam minderjarige] is geen verweer gevoerd tegen het verzoek. Om de veiligheid van [voornaam minderjarige] te kunnen waarborgen is het belangrijk dat hij op een gesloten groep verblijft.

De beoordeling

Gelet op het bepaalde in artikel 6.1.2, tweede lid, Jeugdwet kan een machtiging gesloten jeugdhulp slechts worden verleend indien naar het oordeel van de kinderrechter deze jeugdhulp noodzakelijk is in verband met ernstige opgroei- of opvoedingsproblemen die de ontwikkeling van de jeugdige naar volwassenheid ernstig belemmeren. Bovendien dient de opneming en verblijf noodzakelijk te zijn om te voorkomen dat de jeugdige zich aan deze jeugdhulp onttrekt of daaraan door anderen wordt onttrokken. De kinderrechter is van oordeel dat daarvan sprake is.

Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting is gebleken dat er sprake is van forse gedragsproblemen en hechtingsproblematiek bij [voornaam minderjarige] . [voornaam minderjarige] is gediagnosticeerd met ODD. Dit maakt dat [voornaam minderjarige] gebaat is bij duidelijkheid, structuur en begrenzing. In juli 2020 is [voornaam minderjarige] overgeplaatst van een gesloten groep naar een open groep. [voornaam minderjarige] liet op de open groep van Het Bergse Bos echter grensoverschrijdend gedrag zien en is meerdere keren weggelopen. De veiligheid van [voornaam minderjarige] en zijn omgeving is binnen een open groep niet meer te waarborgen. Binnen de gesloten setting worden [voornaam minderjarige] strakke kaders geboden. Gebleken is dat [voornaam minderjarige] deze strakke kaders nog nodig heeft. Ondanks zijn jonge leeftijd is [voornaam minderjarige] momenteel gebaat bij de gesloten jeugdhulp om hem de structuur en begeleiding te bieden die hij nodig heeft. De kinderrechter is daarom van oordeel dat een gesloten machtiging voor [voornaam minderjarige] noodzakelijk is. De kinderrechter zal de machtiging gesloten jeugdhulp verlenen voor de periode van vier maanden, echter uitsluitend bedoeld voor de plaatsing bij Het Bergse Bos omdat daar voorzieningen zijn voor, en ervaring is met, kinderen met een leeftijd beneden de twaalf jaar.

De beslissing

De kinderrechter:

verleent een machtiging gesloten jeugdhulp met ingang van 25 augustus 2020 tot

25 december 2020 betreffende de minderjarige [voornaam minderjarige] , uitsluitend bedoeld voor de plaatsing bij Het Bergse Bos van Horizon.

Deze beschikking is gegeven door mr. J. van Driel, kinderrechter, in tegenwoordigheid van I.E. Teunissen als griffier en in het openbaar uitgesproken op 25 augustus 2020.

De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 27 augustus 2020.

Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:

- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,

- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.

Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof
Den Haag.