Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2020:3803

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
21-04-2020
Datum publicatie
24-04-2020
Zaaknummer
FT RK 20-79
Rechtsgebieden
Insolventierecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Faillietverklaring - Tijdelijk afwijkende regeling Insolventiezaken rechtbanken vanwege de bijzondere omstandigheden door de coronacrisis (TARIC)

Wetsverwijzingen
Faillissementswet 1
Faillissementswet 6
Faillissementswet 14
Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team insolventie

Insolventienummer: [nummer]

Uitspraak: 21 april 2020

VONNIS op het op 7 februari 2020 ingekomen verzoekschrift, met bijlage(n), van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

MEIKO NEDERLAND B.V.,

gevestigd te Rotterdam, e.a,

verzoeksters,

advocaat mr. J.W. Hilhorst,

strekkende tot faillietverklaring van:

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

BUDGETHORECA B.V.,

kantoorhoudende te Donkersingel 212

3052 PP Rotterdam,

statutair gevestigd te Rotterdam,

verweerster.

1 De procedure

De rechtbank heeft met toepassing van de Tijdelijk afwijkende regeling Insolventiezaken rechtbanken vanwege de bijzondere omstandigheden door de Coronacrises (hierna: TARIC), verzoeksters en verweerster schriftelijke geïnformeerd over de behandeling van onderhavig verzoekschrift ter zitting van 21 april 2020 onder toezending van een formulier waarop verzoeksters en verweerster hun standpunt naar voren konden brengen, met de mededeling dat dit formulier uiterlijk voor 14:00 uur op de dag voorafgaande aan de behandeling door de griffie dient te zijn ontvangen.

Op 20 april 2020 is ter griffie van verzoeksters het voornoemde formulier ontvangen. Het formulier van verweerster is niet ontvangen.

Ter zitting van 21 april 2020, is conform TARIC, mr. V. Holthuizen, advocaat, telefonisch in raadkamer gehoord. Verweerster is, hoewel op de bij de wet en TARIC voorgeschreven wijze opgeroepen, niet gehoord.

De uitspraak is bepaald op heden.

2 De beoordeling

De rechtbank oordeelt dat summierlijk is gebleken van het vorderingsrecht van verzoeksters en van het bestaan van feiten of omstandigheden die aantonen dat verweerster in de toestand verkeert dat zij heeft opgehouden te betalen.

De rechtbank is, gelet op het bepaalde in artikel 3 lid 1 Verordening (EU) 2015/848 van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie, bevoegd deze insolventieprocedure als hoofdprocedure te openen nu het centrum van voornaamste belangen van verweerster in Nederland ligt.

3 De beslissing

De rechtbank,

- verklaart BUDGETHORECA B.V. voornoemd in staat van faillissement;

- benoemt tot rechter-commissaris mr. F. Damsteegt-Molier, lid van deze rechtbank;

- stelt aan tot curator mr. F. Lambert, advocaat te Rotterdam;

- geeft last aan de curator tot het openen van brieven en telegrammen aan de gefailleerde gericht.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.C.A.T. Frima, rechter, en in aanwezigheid van

mr. J.J.P. van Wieringen, griffier, in het openbaar uitgesproken op 21 april 2020 te

10:18 uur.1

1 Tegen deze uitspraak kan degene aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, gedurende veertien dagen na de dag van deze uitspraak, verzet instellen. Het verzet kan uitsluitend door een advocaat worden ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van de rechtbank die van deze zaak kennis moet nemen.