Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2020:3244

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
01-04-2020
Datum publicatie
14-04-2020
Zaaknummer
C/10/593291 / FA RK 20-1783
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Zorgmachtiging art 6:4 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg. Forse verslaving ernstig genoeg als psychische stoornis.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM


Team familie

Zaak-/rekestnummer: C/10/593291 / FA RK 20-1783

Betrokkenenummer: [nummer]

Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 1 april 2020 betreffende een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz)

op verzoek van:

de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam, hierna: de officier,

met betrekking tot:

[naam betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum betrokkene] , [geboorteplaats betrokkene] , [geboorteland betrokkene] ,

hierna: betrokkene,

wonende te [adres betrokkene] , [woonplaats betrokkene] ,

advocaat mr. J.A. van Gemeren te Rotterdam.

1. Procesverloop

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van de officier, ingekomen op 16 maart 2020.


Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

 de medische verklaring opgesteld door H. Zijlmans, psychiater, van 13 maart 2020;

 de zorgkaart van 12 maart 2020 met bijlagen;

 het zorgplan van 12 maart 2020 met bijlagen;

 de bevindingen van de geneesheer-directeur over het zorgplan;

 de gegevens over eerder afgegeven machtigingen op grond van de Wet Bopz en de Wvggz.

1.2.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 1 april 2020, in het gebouw van de rechtbank Rotterdam. Bij die gelegenheid zijn (conform de Tijdelijke regeling F&J rechtbanken i.v.m. Corona) gelijktijdig telefonisch gehoord:

 betrokkene met haar hierboven genoemde advocaat;

 [naam GGZ agoog] , GGZ agoog, en

 [naam verslavingsarts] , verslavingsarts, beiden verbonden aan Antes GGZ, Bouman.

1.3.

De officier is niet ter zitting verschenen, omdat hij een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte.

2. Beoordeling

2.1.

Criteria zorgmachtiging

2.1.1.

De rechter kan op verzoek van de officier een zorgmachtiging verlenen ten aanzien van de betrokkene wanneer wordt voldaan aan de criteria en de doelen van verplichte zorg als bedoeld in artikel 3:3 en 3:4 Wvggz. Verplichte zorg is zorg die ondanks verzet kan worden verleend.

Indien het gedrag van de betrokkene als gevolg van een psychische stoornis leidt tot ernstig nadeel, kan als uiterste middel verplichte zorg worden verleend, indien er geen mogelijkheden voor zorg op basis van vrijwilligheid zijn, er voor betrokkene geen minder bezwarende alternatieven met het beoogde effect zijn, het verlenen van verplichte zorg gelet op het beoogde doel evenredig is en redelijkerwijs te verwachten is dat het verlenen van verplichte zorg effectief is.

Verplichte zorg kan worden verleend om ernstig nadeel af te wenden, de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of dusdanig te herstellen dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint, of de fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen in het geval diens gedrag als gevolg van zijn psychische stoornis leidt tot ernstig nadeel daarvoor.

2.1.2.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling blijkt dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten ernstige stoornissen in alcoholgebruik, een licht verstandelijke beperking en beperkte neurocognitieve stoornissen.

Betrokkene is bekend met langdurig alcoholgebruik. Daarnaast zijn er milde cognitieve problemen en is er sprake van een verstandelijke beperking. Betrokkene erkent haar alcoholprobleem. Betrokkene voelt zich vaak eenzaam en verdrietig en gaat om die reden drinken. Betrokkene is opgenomen geweest vanwege zelfverwaarlozing (nam geen medicatie voor suikerziekte) en verwaarlozing van haar woonomgeving en tevens vanwege de opname in een algemeen ziekenhuis met een alcoholintoxicatie. Betrokkene is thans abstinent; zij verblijft op dit moment weer in haar eigen woning ter overbrugging naar een plaatsing in een woonvorm. De verplichte zorg ziet op begeleiding in de thuissituatie en controle op het abstinent blijven.

Ter zitting heeft de behandelaar verklaard dat er nog steeds zorgen zijn om een terugval bij betrokkene. Vanwege de Corona-crisis komt de ambulant behandelaar niet persoonlijk thuis op bezoek, maar wordt betrokkene telefonisch gesproken. Wel is het daardoor lastig controleerbaar, maar betrokkene is heel eerlijk en verteld wanneer zij wel heeft gedronken. Voor dit moment blijft dit het plan. Wanneer het misgaat of als betrokkene niet bereikbaar blijkt, dan volgt er wel een huisbezoek.

2.1.3.

Het gedrag van betrokkene leidt als gevolg van haar psychische stoornis tot ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op ernstig lichamelijk letsel en ernstige verwaarlozing of maatschappelijke teloorgang.

2.2.

Verplichte zorg

2.2.1.

Om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren, heeft betrokkene verplichte zorg nodig.

2.2.2.

Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn.

Uit de medische verklaring blijkt dat betrokkene onvoldoende bereid is om behandeling of zorg op vrijwillige basis te accepteren.

Om die reden is verplichte zorg nodig. De in het verzoekschrift opgenomen vormen van verplichte zorg zijn gebaseerd op de medische verklaring, het zorgplan en de bevindingen van de geneesheer-directeur. Deze vormen van verplichte zorg zijn door de rechtbank tijdens de mondelinge behandeling besproken. Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:

 het toedienen van medicatie;

 het verrichten van medische controles;

 het verrichten van andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;

 het beperken van de bewegingsvrijheid (beperking: zie opname);

 het uitoefenen van toezicht op betrokkene;

 het onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen;

 het opnemen in een accommodatie: alleen bij terugval in alcoholgebruik en teloorgang..

De overige door de officier verzochte vormen van verplichte zorg worden door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat de noodzakelijkheid daarvan niet (afdoende) is gemotiveerd en de behandelaar tijdens de mondelinge behandeling gemotiveerd heeft verklaard dat deze niet nodig zijn om het ernstig nadeel af te wenden.

2.2.3.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.

2.2.4.

Verslaving aan middelen als alcohol en drugs kan op zichzelf niet tot toepassing van de Wvggz leiden, ook niet indien wordt aangenomen dat deze verslaving een psychiatrische ziekte is. Er moet om tot toepassing van de Wvggz te komen sprake zijn van een psychische stoornis van zodanige ernst dat het denken, voelen, willen, oordelen en doelgericht handelen daardoor zo ingrijpend wordt beïnvloed dat de betrokkene het veroorzaakte nadeel niet kan worden toegerekend, omdat de stoornis de nadeelvolle daden van de betrokkene overwegend beheerst. Uit de medische verklaring en uit hetgeen de psychiater verklaard, is hiervan sprake.

Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van zes maanden.

3. Beslissing

De rechtbank:

3.1.

verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [naam betrokkene] voornoemd;

3.2.

bepaalt dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen zoals opgenomen in rechtsoverweging 2.2.2. kunnen worden getroffen;

3.3.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 1 oktober 2020;

3.4.

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is op 1 april 2020 mondeling gegeven door mr. A.C. Siemons, rechter, in tegenwoordigheid van S.M. Plaisier-van Welie, griffier en op 9 april 2020 schriftelijk uitgewerkt en getekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.