Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2020:3108

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
30-03-2020
Datum publicatie
09-04-2020
Zaaknummer
C/10/592999 / FA RK 20-1657
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Toewijzing van een zorgmachtiging in aansluiting op een voortzetting crisismaatregel als bedoeld in artikel 7:11 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM


Team familie

Zaak-/rekestnummer: C/10/592999 / FA RK 20-1657

Betrokkenenummer: [nummer]

Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 30 maart 2020 betreffende een zorgmachtiging in aansluiting op een voortzetting crisismaatregel als bedoeld in artikel 7:11 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz)

op verzoek van:

de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam, hierna: de officier,

met betrekking tot:

[naam betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum betrokkene] te [geboorteplaats betrokkene] ,

hierna: betrokkene,

wonende aan het [adres betrokkene] , [woonplaats betrokkene] ,

thans verblijvende in Yulius, locatie Boerhaavelaan te Barendrecht,

advocaat mr. S.E.M. Hooijman te Rotterdam.

1. Procesverloop

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van de officier, ingekomen op 11 maart 2020.


Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

 de medische verklaring opgesteld door R. Bruggemans, psychiater, van 4 maart 2020;

 de zorgkaart van 27 februari 2020;

 het zorgplan van 26 februari 2020;

 de bevindingen van de geneesheer-directeur over het zorgplan;

 de gegevens over eerder afgegeven machtigingen op grond van de Wet Bopz en de Wvggz, en

 de relevante politiegegevens en/of de strafvorderlijke- en justitiële gegevens.

1.2.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 30 maart 2020. Bij die gelegenheid zijn (conform de Tijdelijke regeling F&J rechtbanken i.v.m. Corona) telefonisch gehoord:

 betrokkene met haar hierboven genoemde advocaat;

 H.S. Chung, psychiater, verbonden aan Yulius.

1.3.

De officier is niet ter zitting verschenen, omdat hij een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte.

2. Beoordeling

2.1.

Criteria zorgmachtiging

2.1.1.

Bij beschikking van deze rechtbank van 20 februari, is op grond van artikel 7:7 Wvggz een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel verleend. Tijdig, te weten op 11 februari 2020, is onderhavig verzoek ingediend.

2.1.2.

De rechter kan op verzoek van de officier een zorgmachtiging verlenen ten aanzien van een persoon wanneer wordt voldaan aan de criteria en de doelen van verplichte zorg als bedoeld in artikel 3:3 en 3:4 Wvggz. Verplichte zorg is zorg die ondanks verzet kan worden verleend.

Indien het gedrag van een persoon als gevolg van een psychische stoornis leidt tot ernstig nadeel, kan als uiterste middel verplichte zorg worden verleend, indien er geen mogelijkheden voor zorg op basis van vrijwilligheid zijn, er voor een persoon geen minder bezwarende alternatieven met het beoogde effect zijn, het verlenen van verplichte zorg gelet op het beoogde doel evenredig is en redelijkerwijs te verwachten is dat het verlenen van verplichte zorg effectief is.

Verplichte zorg kan worden verleend om ernstig nadeel af te wenden, de geestelijke gezondheid van een persoon te stabiliseren of dusdanig te herstellen dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint, of de fysieke gezondheid van een persoon te stabiliseren of te herstellen in het geval diens gedrag als gevolg van zijn psychische stoornis leidt tot ernstig nadeel daarvoor.

2.1.3.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling blijkt dat betrokkene in de voorliggende zaak lijdt aan een psychische stoornis, te weten schizofrenie.

2.1.4.

Het gedrag van betrokkene leidt als gevolg van haar psychische stoornis tot ernstig nadeel. Het risico bestaat dat betrokkene zichzelf van het leven zal beroven of lichamelijk letsel zal toebrengen. Dit komt onder andere voort door het risico op maatschappelijk teloorgang van betrokkene en het risico dat zij wegens hinderlijk gedrag agressie van anderen jegens zichzelf oproept. Daarnaast bestaat het risico op ernstige psychische schade van een ander, daar betrokkene bij haar ouders woont welke zich ernstige zorgen om haar maken. Bij betrokkene is sprake van een paranoïde psychotisch toestandsbeeld. Zij is onrustig, heeft spraakdrang, komt fors verward over en uit zich suïcidaal. Betrokkene kan zich erg bedreigd voelen en vanuit angst keuzes maken waarmee zij zichzelf en anderen in gevaar kan brengen. Gelet op het voorgaande is klinische behandeling geïndiceerd.

Er is sprake van een verbeterd toestandsbeeld sinds betrokkene is gestart met Lithium. De psychiater geeft aan dat de psychotische momenten nog wel aanwezig zijn. Het is van belang om betrokkene klinisch goed in te stellen op Lithium. Daarnaast is het van belang om de terugkeer naar huis goed te begeleiden. De ouders van betrokkene hebben zich zeer ernstige zorgen gemaakt, waardoor er wat spanning is omtrent de terugkeer naar huis van betrokkene. Daarom is het belangrijk om niet te snel te gaan, met de kans dat betrokkene opnieuw psychotisch wordt.

2.2.

Verplichte zorg

2.2.1.

Om ernstig nadeel af te wenden en de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren, heeft betrokkene verplichte zorg nodig.

2.2.2.

Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn.

Uit de medische verklaring blijkt dat betrokkene onvoldoende bereid is om behandeling of zorg op vrijwillige basis te accepteren. Betrokkene heeft, voortkomend uit haar ziektebeeld, wisselend ziektebesef en inzicht. Zij uit soms de bereidheid tot vrijwillig verblijf maar dit blijft ambivalent. Op het moment dat betrokkene psychotisch is ontbreekt de bereidheid tot vrijwillig verblijf. Op basis van het voorgaande bepleit de advocaat van betrokkene afwijzing van het verzoek. Zij wijst daarbij op het feit dat er eerder om een voortzetting crisismaatregel is verzocht die door de rechtbank is afgewezen op basis van de bereidheid tot vrijwillig verblijf. Hierna is echter nogmaals een voortzetting crisismaatregel aangevraagd en die is wel toegewezen. Gelet op het voorgaande oordeelt de rechtbank dat er onvoldoende bereidheid tot vrijwillig verblijf is. Hieruit blijkt de ambivalentie van betrokkene. Het is van belang dat betrokkene klinisch wordt ingesteld op de Lithium om zodoende een veilige terugkeer naar huis te kunnen bewerkstelligen.

Om die reden is verplichte zorg nodig. De in het verzoekschrift opgenomen vormen van verplichte zorg zijn gebaseerd op de medische verklaring, het zorgplan en de bevindingen van de geneesheer-directeur. Deze vormen van verplichte zorg zijn door de rechtbank tijdens de mondelinge behandeling besproken. Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:

 het beperken van de bewegingsvrijheid, en

 het opnemen in een accommodatie.

De psychiater geeft tijdens de zitting aan dat ze het noodzakelijk acht dat er een vorm van verplichte zorg in de beschikking wordt opgenomen die door de officier niet verzocht is:

 het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;

Betrokkene mag regelmatig haar telefoon gebruiken. Het komt echter voor dat zij daarmee berichten stuurt naar anderen, die als bedreigend worden beschouwd. Teneinde betrokkene toch toegang tot haar telefoon te kunnen blijven verschaffen, maar ook in te kunnen grijpen als het geen goed moment is, is deze vorm van verplichte zorg nodig. De rechtbank is van oordeel dat aan de criteria voor verplichte zorg is voldaan, maar met de in de medische verklaring opgenomen zorg het ernstig nadeel niet kan worden weggenomen. In de zorgmachtiging zal, in afwijking van het zorgplan, deze extra vorm van verplichte zorg worden opgenomen.

2.2.3.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.

2.2.4.

Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van een maand.

3. Beslissing

De rechtbank:

3.1.

verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [naam betrokkene] voornoemd;

3.2.

bepaalt dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen zoals opgenomen in rechtsoverweging 2.2.2. kunnen worden getroffen;

3.3.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 12 april 2020.

Deze beschikking is op 30 maart 2020 mondeling gegeven door mr. A.C. Hendriks, rechter, in tegenwoordigheid van C.D. van der Veeke, griffier, en op 3 april 2020 schriftelijk uitgewerkt en getekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.