Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2020:2274

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
04-03-2020
Datum publicatie
17-03-2020
Zaaknummer
10/751068-19
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bewezenverklaring mensensmokkel van 2 personen uit winstbejag in vereniging. Veroordeling tot gevangenisstraf van 8 maanden met aftrek van voorarrest.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 3

Parketnummer: 10/751068-19

Datum uitspraak: 4 maart 2020

Verstek

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[naam verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats verdachte] (Roemenië) op [geboortedatum verdachte] ,

ingeschreven op het adres:

[adres verdachte] , [woonplaats verdachte] te Roemenië.

1. Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 19 februari 2020.

2. Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3. Eis officier van justitie

De officier van justitie, mr. M. Blom, heeft gevorderd:

  • -

    bewezenverklaring van het ten laste gelegde;

  • -

    veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 maanden met aftrek van voorarrest.

4. Waardering van het bewijs

4.1.

Bewezenverklaring zonder nadere motivering

Dat de verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan het ten laste gelegde blijkt uit de inhoud van de bewijsmiddelen die in bijlage II zijn opgenomen.

Door de verdediging zijn ter terechtzitting geen verweren gevoerd, omdat de verdachte

- hoewel op juiste wijze opgeroepen - niet is verschenen en de raadsman niet bepaaldelijk gemachtigd is.

4.2.

Bewezenverklaring

In bijlage II heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:

hij, in de periode van 14 september 2019 tot en met 15 september 2019 te Hoek van Holland, gemeente Rotterdam, en Brielle en Brussel (België),

tezamen en in vereniging met een ander,

anderen, te weten twee personen met de Albanese nationaliteit,

- behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van toegang tot of doorreis door Nederland en een andere lidstaat van de Europese Unie, te weten België en Groot-Brittannië en genoemde personen daartoe gelegenheid en middelen heeft verschaft

en

- uit winstbejag behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van verblijf in Nederland en een andere lidstaat van de Europese Unie, te weten Groot-Brittannië en genoemde personen daartoe gelegenheid en middelen heeft verschaft

door

- een auto (met Roemeens kenteken [kentekennummer] ) te lenen en

- bovengenoemde personen op te halen in Brussel (België) en mee te nemen in die auto en te vervoeren door België en Nederland richting Brielle en Hoek van Holland om vervolgens de boot naar Groot-Brittannië te nemen en

- tickets aan te schaffen voor de ferry (Stena Line) van Hoek van Holland naar Groot-Brittannië en

- 2 valse Roemeense ID-kaarten te regelen voor bovengenoemde personen en

- een hotel in Brielle te regelen om te overnachten tijdens voornoemde reis en

- 3 Roemeense ID-kaarten te overhandigen bij de paspoortcontrole (waarvan 2 ID-kaarten vals waren),

en aldus de doorreis en het transport en toegang door/naar en/of het verblijf in Nederland en/of België en/of Groot-Brittannië georganiseerd en gefaciliteerd ,

terwijl hij, verdachte, en zijn mededader, ernstige redenen hadden te vermoeden dat die toegang of die doorreis of dat verblijf wederrechtelijk was.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

5. Strafbaarheid feiten

De bewezen feiten leveren op:

eendaadse samenloop van:

mensensmokkel, terwijl het feit in vereniging wordt begaan door meerdere personen

en

een ander uit winstbejag behulpzaam zijn bij het zich verschaffen van verblijf in Nederland en een andere lidstaat van de Europese Unie dan Nederland, en die ander daartoe gelegenheid en middelen verschaffen, terwijl hij ernstige redenen heeft te vermoeden dat dat verblijf wederrechtelijk is, terwijl het feit in vereniging wordt begaan door meerdere personen.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. De feiten zijn dus strafbaar.

6. Strafbaarheid verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

7. Motivering straf

7.1.

Algemene overweging

De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

7.2.

Feiten waarop de straf is gebaseerd

De verdachte heeft zich samen met een ander schuldig gemaakt aan de mensensmokkel van twee personen met de Albanese nationaliteit, door hen vanuit Brussel via Brielle naar Hoek van Holland te vervoeren om vervolgens door te reizen naar Groot-Brittannië met behulp van valse paspoorten. De verdachte heeft dit uit winstbejag gedaan.

Door mensensmokkel wordt niet alleen het overheidsbeleid inzake bestrijding van illegaal

verblijf in en illegale toegang tot Nederland en andere landen van de Europese Unie

doorkruist, maar wordt ook bijgedragen aan de instandhouding van een illegaal circuit. De handelwijze van deverdachte ondermijnt dit beleid. Ook leiden dit soort feiten gemakkelijk tot vormen van uitbuiting en misbruik van kwetsbare personen.

7.3.

Persoonlijke omstandigheden van de verdachte

De rechtbank heeft acht geslagen op een blanco uittreksel uit de justitiële documentatie van

30 januari 2020.

7.4.

Conclusies van de rechtbank

Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.

Gezien de ernst van de feiten kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een gevangenisstraf. Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken plegen te worden opgelegd.

Alles afwegend acht de rechtbank de hierna te noemen straf passend en geboden.

8. Toepasselijke wettelijke voorschriften

Gelet is op de artikelen 55 en 197a van het Wetboek van Strafrecht.

9. Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.

10. Beslissing

De rechtbank:

verklaart bewezen dat de verdachte de ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert de hiervoor vermelde strafbare feiten;

verklaart de verdachte strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 8 (acht) maanden;

beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. P. Putters, voorzitter,

en mrs. W.J.M. Diekman en J. Bergen, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. L. Lobs-Tanzarella, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.

De oudste rechter is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Bijlage I

Tekst tenlastelegging

Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat

hij, in of omstreeks de periode van 14 september 2019 tot en met 15 september 2019 te Hoek van Holland, gemeente Rotterdam, en/of Brielle, althans in Nederland, en/of Brussel (België), althans in België,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

een ander of anderen, te weten twee, althans één of meer, personen met de Albanese nationaliteit, althans van buitenlandse afkomst,

- behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van toegang tot of doorreis door Nederland en/of een andere lidstaat van de Europese Unie, te weten België en/of Groot-Brittannië en/of genoemde personen daartoe gelegenheid, middelen of inlichtingen heeft verschaft

en/of

- uit winstbejag behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van verblijf in Nederland en/of een andere lidstaat van de Europese Unie, te weten België en/of Groot-Brittannië en/of genoemde personen daartoe gelegenheid, middelen of inlichtingen heeft verschaft

door

- een auto (met Roemeens kenteken [kentekennummer] ) te lenen en/of

- bovengenoemde personen op te halen in Brussel (België), althans in België, en/of mee te nemen in die auto en te vervoeren door België en/of Nederland richting Brielle en/of Hoek van Holland om vervolgens de boot naar Groot-Brittanië te nemen en/of

- ticket(s) aan te schaffen voor de ferry (Stena Line) van Hoek van Holland naar Groot-Brittannië en/of

- 2 ( valse) Roemeense ID-kaarten te regelen voor bovengenoemde personen en/of

- een hotel in Brielle te regelen om te overnachten tijdens voornoemde reis en/of

- 3 Roemeense ID-kaarten te overhandigen bij de paspoortcontrole (waarvan 2 ID-kaarten vals waren),

en (aldus) de doorreis en/of het transport en/of toegang door/naar en/of het verblijf in Nederland en/of België en/of Groot-Brittannië georganiseerd en/of gefaciliteerd en/of gecoördineerd,

terwijl hij, verdachte, en zijn mededader(s), wist(en) of ernstige redenen had(den) te vermoeden dat die toegang of die doorreis of dat verblijf wederrechtelijk was.