Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2020:11364

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
11-11-2020
Datum publicatie
10-12-2020
Zaaknummer
C/10/606903 / FA RK 20-8401
Rechtsgebieden
Personen- en familierecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Zorgmachtiging op grond van de Wvggz toegewezen. Nog te vroeg voor een vrijwillige behandeling. Een wisseling van woonplek kan leiden tot nieuwe spanningen.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM


Team familie

Zaak-/rekestnummer: C/10/606903 / FA RK 20-8401

Betrokkenenummer: [nummer]

Schriftelijke uitwerking van de mondelinge beslissing van 11 november 2020 betreffende een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (hierna: Wvggz)

op verzoek van:

de officier van justitie in het arrondissement Rotterdam, hierna: de officier,

met betrekking tot:

[naam betrokkene] ,

geboren op [geboortedatum betrokkene] , [geboorteplaats betrokkene] ,

hierna: betrokkene,

wonende te [adres betrokkene] , [postcode betrokkene] [woonplaats betrokkene] ,

advocaat mr. Ch.J. Nicolaï te Schiedam.

1. Procesverloop

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit het verzoekschrift van de officier, ingekomen op 28 oktober 2020.

Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:

- de medische verklaring opgesteld door [naam psychiater] , psychiater, van

19 oktober 2020;

  • -

    het zorgplan van 8 oktober 2020;

  • -

    de zorgkaart, die niet is ingevuld en geen dagtekening heeft;

  • -

    de bevindingen van de geneesheer-directeur van 20 oktober 2020;

  • -

    de gegevens over eerder afgegeven machtigingen op grond van de Wet Bopz en de Wvggz;

  • -

    de relevante politiegegevens.

1.2.

De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op

11 november 2020.

Bij die gelegenheid zijn op grond van artikel 2 Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid de navolgende personen telefonisch gehoord, omdat het houden van een fysieke zitting vanwege het coronavirus niet mogelijk was:

  • -

    betrokkene met zijn hiervoor genoemde advocaat;

  • -

    [naam spv-er] , sociaal-psychiatrisch verpleegkundige (spv), verbonden aan GGZ Delfland;

  • -

    [naam moeder betrokkene] , moeder van betrokkene.

1.3.

De officier is niet tijdens de mondelinge behandeling verschenen, omdat hij een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig achtte.

2. Beoordeling

2.1.

Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling blijkt dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, te weten een schizofreniespectrumstoornis.

2.2.

Het gedrag van betrokkene leidt als gevolg van zijn psychische stoornis tot ernstig nadeel, gelegen in het bestaan van of het aanzienlijk risico op ernstige zelfverwaarlozing en maatschappelijke teloorgang. Bij weigering van de medicatie ontstaat een snelle decompensatie van het psychiatrisch toestandsbeeld. Wanneer betrokkene in een psychotische toestand verkeert, zorgt hij niet meer goed voor zichzelf. Ook is hij dan angstig en durft hij nauwelijks naar buiten. Daarnaast kan sprake zijn van agitatie en agressie. In de afgelopen periode is het een stuk beter gegaan met betrokkene, mede door de komst van een nieuwe teamleider op de beschermde woonvorm waar betrokkene verblijft. Toch ziet de spv bij betrokkene de laatste tijd een toename van zijn angstklachten, die niet goed te verklaren zijn. Betrokkene krijgt binnenkort een andere psychiater, die nog eens goed naar de medicatie gaat kijken, omdat betrokkene veel verschillende medicijnen. Betrokkene erkent inmiddels psychiatrische ondersteuning nodig te hebben, terwijl hij in de afgelopen jaren ook afwerend is geweest. Deze woonvorm is nog niet de beste plek voor betrokkene, er wordt gezocht naar een plek die meer past bij de leeftijd van betrokkene. Er zijn inmiddels contacten gelegd met een beschermde woonvorm in Monster.

2.3.

Om ernstig nadeel af te wenden en de fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen in het geval diens gedrag als gevolg van zijn psychische stoornis leidt tot ernstig nadeel daarvoor, heeft betrokkene verplichte zorg nodig.

2.4.

Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn.

Uit de medische verklaring blijkt dat betrokkene onvoldoende bereid is om behandeling of zorg op vrijwillige basis te accepteren. Betrokkene erkent zorg nodig te hebben. Tijdens de mondelinge behandeling geeft betrokkene aan dat hij inziet dat medicatie nodig is. Toch blijkt uit de toelichting van de spv dat het nog te vroeg is voor een geheel vrijwillige behandeling. Er zal binnenkort opnieuw een wisseling zijn van woonplek en behandelteam, wat eveneens tot spanningen kan leiden. Gelet op de eerdere ambivalentie tegenover de medicatie en de nog enigszins prille verbetering, is het voor de komende maanden nog nodig dat er een zorgmachtiging wordt verleend. De in het verzoekschrift opgenomen vormen van verplichte zorg zijn gebaseerd op de medische verklaring, het zorgplan en de bevindingen van de geneesheer-directeur. Deze vormen van verplichte zorg zijn door de rechtbank tijdens de mondelinge behandeling besproken. Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:

  • -

    het toedienen van medicatie, alsmede het verrichten van medische controles;

  • -

    het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen (het accepteren van ambulante begeleiding).

De rechtbank zal de vormen van verplichte zorg die zien op een opname in een accommodatie afwijzen; zoals door de advocaat is bepleit tijdens de zitting. Daarvan is de noodzakelijk onvoldoende gemotiveerd. Zolang betrokkene zijn medicatie goed blijft innemen, is een opname niet voorzienbaar.

2.5.

Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.

2.6.

Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de verzochte duur van twaalf maanden met ingang van vandaag.

3. Beslissing

De rechtbank:

3.1.

verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [naam betrokkene] voornoemd;

3.2.

bepaalt dat bij wijze van verplichte zorg de maatregelen zoals opgenomen in rechtsoverweging 2.4. kunnen worden getroffen;

3.3.

bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 11 november 2021;

3.4.

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is op 11 november 2020 mondeling gegeven door mr. M.C. Woudstra, rechter, in tegenwoordigheid van J.D. Verburg, griffier, en op 20 november 2020 schriftelijk uitgewerkt en getekend.

Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.