Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2020:10745

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
22-10-2020
Datum publicatie
26-11-2020
Zaaknummer
KTN-8659795_22102020
Rechtsgebieden
Verbintenissenrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

onvoldoende onderbouwd overeenkomst tussen partijen

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

Zaaknummer: 8659795 \ CV EXPL 20-3502

uitspraak: 22 oktober 2020

vonnis van de kantonrechter, zitting houdende te Dordrecht

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[eiseres],

gevestigd te [vestigingsplaats eiseres] ,

eiseres,

gemachtigde: [naam 1] ,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
B&S B.V.,

gevestigd te Dordrecht,

gedaagde,

verschenen bij: [naam 2] .

Partijen worden hierna aangeduid als “ [eiseres] ” en “B&S”.

1. Het verloop van de procedure

Het verloop van de procedure volgt uit het volgende:

  • -

    het exploot van dagvaarding van 14 juli 2020, met producties;

  • -

    de conclusie van antwoord;

  • -

    de conclusie van repliek;

  • -

    de conclusie van dupliek.

De uitspraak van het vonnis is nader bepaald op heden.

2. De vaststaande feiten

Uitgegaan wordt van de volgende feiten:

1. Bij e-mailbericht van 10 september 2018 heeft de heer [naam 3] (hierna: [naam 3] ) de heer [naam 4] (hierna: [naam 4] ) het volgende bericht:
[…] [naam 5] en ik zijn zoals u weet direct belanghebbenden m.b.t. de al vele malen toegezegde uitkering in Zurich. We zijn inmiddels vele harde toezeggingen van [naam 6] verder.

Het ziet er echter naar uit dat het dossier steeds minder hard wordt.

Ik hoop echter dat alle belanghebbenden de krachten blijven bundelen. Daarom het volgende plan. Ik heb een goede prive detective gevonden ( [naam 7] ) die via buitenlandse platforms alle gewenste financiele informatie over een bepaald persoon over de gehele wereld kan onderzoeken. Het gaat dan b.v. om betalingstransacties, opgebouwd vermogen in welke vorm dan ook, onroerend goed bezit, etc.. We kunnen dus o.a. exact vaststellen wat er met onze betalingen is gebeurd.

Een dergelijk onderzoek levert een professionele rapportage op die ook gebruikt kan worden als

bewijsmateriaal bij b.v. een rechtszaak. Effectieve beslaglegging is daarmee uiteraard ook mogelijk. De maximale kosten betreffen ongeveer euro 10 k. Ik ben voornemens om dit onderzoek in te stellen. Vanuit het gezamenlijke belang dat we hebben hoop ik dat u eveneens wilt sponsoren? We kunnen de kosten dan samen delen.


Ik ben morgen voor overleg goed te bereiken op [telefoonnummer 1] .

2. Bij e-mailbericht van 26 september 2018, verzonden vanaf het e-mailadres [emailadres] heeft [naam 4] [naam 3] het volgende bericht:
helaas zat je email in de span,

ja ik doe graag mee aan het onderzoek.

ben te bereiken [telefoonnummer 2] .

succes.

[naam 4] .

3. Bij e-mailbericht van 27 april 2019 heeft [naam 3] [naam 4] het volgende bericht:
Hierbij belast ik u 50% van de kosten door van Interludium die nader onderzoek heeft verricht naar
[naam 6] .


Ik heb op 26 september 2018 hiervoor opdracht van u verkregen, zie bijlage. Recent heeft ook [naam 5] meerdere keren bevestigd dat u meedeelt in de kosten.


Ik zie uw vergoeding graag spoedig tegemoet.

3. De vordering, de grondslag en het verweer

3.1

[eiseres] heeft gevorderd om bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, B&S te veroordelen tot betaling aan haar tegen behoorlijk bewijs van kwijting van:

  1. een bedrag ad € 3.832,68 in hoofdsom, te vermeerderen met de wettelijke (handels-) rente vanaf 11 mei 2019 tot de dag der algehele voldoening;

  2. een bedrag van € 508,27, althans subsidiair een in goede justitie te bepalen bedrag, aan buitengerechtelijke incassokosten;

  3. een bedrag van € 604,50 aan kosten juridische bijstand;

  4. e kosten van deze procedure;

  5. de nakosten indien en voor zover gedaagde niet binnen 2 dagen, althans binnen een redelijk geachte termijn na betekening van dit vonnis, heeft voldaan.

3.2

Tegen de achtergrond van de vaststaande feiten heeft [eiseres] aan haar eis het volgende ten grondslag gelegd. [naam 4] heeft persoonlijk bevestigd dat hij 50% zou bijdragen aan de onderzoekskosten die gemaakt zijn door bedrijfsrechercheur [naam 7] van Interludium. Via de heer [naam 5] (hierna: [naam 5] ), die optrad namens [naam 4] en zijn belangen in dit onderzoek behartigde, wilde [naam 4] dit betalen via zijn bedrijf B&S. B&S is uit hoofde van deze afspraken gehouden tot betaling van de helft van de in het kader van deze overeenkomst gemaakte onderzoekskosten inclusief btw van € 4.023,25 en € 3.642,10.

3.3

B&S heeft geconcludeerd tot afwijzing van de vordering. Zij heeft daartoe – voor zover

van belang – het volgende aangevoerd. [eiseres] heeft de verkeerde persoon gedagvaard. B&S en de natuurlijke persoon [naam 4] zijn niet dezelfde entiteit. Het is B&S niet bekend of [naam 4] de gestelde afspraken met [eiseres] betwist, maar B&S is niet betrokken geweest bij afspraken (via een tussenpersoon) met [naam 3] en van een opdracht van B&S aan [eiseres] of een overeenkomst tussen partijen is geen sprake. [eiseres] heeft daarvan ook geen enkel bewijs overgelegd.

4. De beoordeling van het geschil

4.1

B&S heeft (bij gebrek aan wetenschap) niet betwist dat [naam 4] heeft ingestemd om mee te doen met het door [eiseres] in haar e-mailbericht van 10 september 2018 genoemde onderzoek en heeft ingestemd om hieraan bij te zullen dragen. Nu [eiseres] B&S heeft gedagvaard dient echter beoordeeld te worden of [naam 4] , zoals B&S uitdrukkelijk betwist, namens B&S heeft opgetreden, althans anderszins kan worden vastgesteld dat tussen B&S en [eiseres] een overeenkomst tot stand is gekomen.

4.2

Uit het door [eiseres] overgelegde uittreksel uit het register van de Kamer van Koophandel blijkt dat B & S International B.V. alleen en zelfstandig bevoegd is als bestuurder. [eiseres] heeft niets aangevoerd waaruit kan worden afgeleid dat B&S een onderneming van [naam 4] betreft of dat [naam 4] bevoegd was de onderhavige overeenkomst met [eiseres] namens B&S aan te gaan. Evenmin kan op basis van de ter beoordeling voorliggende feiten worden vastgesteld dat [naam 4] , al dan niet vertegenwoordigd door [naam 5] , de indruk heeft gewekt dat hij de overeenkomst namens B&S wenste aan te gaan. [eiseres] heeft weliswaar gesteld dat op aanwijzing van [naam 4] is gefactureerd aan B&S, maar ook dit is door B&S betwist en door [eiseres] op geen enkele wijze onderbouwd.

4.3

Dat tussen [eiseres] en B&S een overeenkomst tot stand is gekomen uit hoofde waarvan laatstgenoemde gehouden is het door [eiseres] gevorderde deel van de onderzoekskosten te voldoen, is gelet op hetgeen hiervoor is overwogen niet komen vast te staan. Indien [eiseres] zich op het standpunt stelt dat [naam 4] (tevens) privé gehouden is de vordering te voldoen, ligt het op haar weg om [naam 4] daarop in persoon aan te spreken. De vordering en de daarop gebaseerde nevenvorderingen op B&S zullen dan ook worden afgewezen.

4.4

[eiseres] zal, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Nu B&S de procesvoering in eigen hand heeft gehouden, zullen deze kosten worden begroot op nihil.

5. De beslissing

De kantonrechter:

wijst de vordering af;

veroordeelt [eiseres] in de proceskosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van B&S vastgesteld op nihil.

Dit vonnis is gewezen door mr. P. Joele en uitgesproken ter openbare terechtzitting.

590