Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2020:10490

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
06-11-2020
Datum publicatie
19-11-2020
Zaaknummer
C/10/605951 / KG ZA 20-949
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Kort geding. Afgelasting HISWA te Water 2020 vanwege coronacrisis. Uitleg dekking (doorlopende) evenementenverzekering. In sluitnota is met gedekt evenement HISWA te Water 2019 en niet HISWA te Water 2020 bedoeld. HISWA te Water 2020 is/was gepland in september 2020. Dat is na einde, opgezegde, verzekering en daarmee een niet-gedekt evenement. Er is geen dekking voor kosten van dat (afgelaste) evenement. Afwijzing van daartoe strekkende geldvordering.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team handel en haven

zaaknummer / rolnummer: C/10/605951 / KG ZA 20-949

Vonnis in kort geding van 6 november 2020

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

HMM EXHIBITIONS B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

eiseres,

advocaten mrs. R. de Haan en A.H.C. Lengton te Rotterdam,

tegen

1. de naamloze vennootschap

NATIONALE NEDERLANDEN SCHADEVERZEKERING MAATSCHAPPIJ N.V.,

gevestigd te Den Haag,

2. de naamloze vennootschap

VIVAT SCHADEVERZEKERINGEN N.V., handelend onder de naam Reaal,

gevestigd te Amstelveen,

gedaagden,

advocaat mr. T. Riyazi te Den Haag.

Partijen worden hierna HMM, NN en Vivat genoemd.

1. De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding van 14 oktober 2020, met producties 1 t/m 14,

  • -

    de akte in het geding brengen producties van NN en Vivat, met producties 1 t/m 12,

  • -

    de mondelinge behandeling, gehouden op 23 oktober 2020,

  • -

    de pleitaantekeningen in kort geding tevens wijziging van eis van HMM, en

  • -

    de spreekaantekeningen in kort geding van NN en Vivat.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

2.1.

HMM organiseert jaarlijks de ‘in-water’ bootshow HISWA te Water. In 2020 zou dit evenement van 2 t/m 6 september plaatsvinden in de Bataviahaven in Lelystad.

2.2.

Tot medio 2012 had (de rechtsvoorganger van) HMM een evenementenverzekering bij (alléén) Delta Lloyd Schadeverzekering N.V. (hierna: Delta Lloyd). Aan makelaar [naam] is toen verzocht om het risico op de beurs onder te brengen. Dat heeft geresulteerd in een doorlopende evenementenverzekering voor de duur van 12 maanden, met als ingangsdatum 29 augustus 2012 en als premie- en contractsvervaldatum 1 augustus 2013. De polis vermeldt als verzekerd belang “in het jaar te houden pleziervaartuigen gerelateerde evenementen (waaronder vaardagen, botenbeurs)” en als verzekerde som € 400.000,00 aan productiekosten als maximum voor de totale productiekosten. Het bij de polis behorende assuradeurenverdeelblad noemt als risicodragers Delta Lloyd (voor 75%) en NN (voor 25%).

In de offerte en in de declaratie voor de verzekering in 2012 stonden als verzekerd evenement “Hiswa te Amsterdam” en de datum 4 t/m 9 september 2012 vermeld.

2.3.

De verzekering is nadien jaarlijks op 1 augustus geprolongeerd. In de correspondentie over de verlenging wordt, onder meer, in juni 2015 gecorrespondeerd over “Hiswa te Water 2015” en in juli 2016 over “Hiswa Te Water van 30 augustus t/m 4 september 2016”. Met ingang van 1 augustus 2019 dragen NN als leidende verzekeraar en Vivat als volgverzekeraar ieder voor de helft het risico van de verzekering.

2.4.

Bij e-mail van 29 juli 2019 heeft servicing broker Kuiper Verzekeringen B.V. (hierna: Kuiper) in verband met de prolongatie van de verzekering op 1 augustus 2019 aan placing broker JLT Netherlands B.V. (hierna: JLT) bericht:

“In vervolg op eerder bericht heb ik zojuist gesproken met verzekerde [vzr: HMM]. Als volgt:

(…)

Het verzekerd bedrag van 1.250.000,- betreft de totale kosten vermeerderd met de winstderving. Dit bedrag hebben wij gecheckt met verzekerde en is nog actueel. De kosten bestaan uit marketingkosten, organisatiekosten waaronder het huren van tenten, hekwerken en platforms. De inkomsten komen oa uit opbrengsten van de exposanten en entreegelden. Verzekerde organiseert uitsluitend de Hiswa te water.

Verder gaf je aan dat in eerdere jaren extra dekking was ingekocht, maar dat in 2018 geen extra dekking was ingekocht. Verzekerde kan dit zo niet beantwoorden waar die extra dekking betrekking op had. In 2018 is alleen de Hiswa te water georganiseerd door verzekerde. In het verleden is RAI medeaandeelhouder geweest en werden ook de ‘droge’ Hiswa een 2e hands botenbeurs georganiseerd door verzekerde, wij vermoeden dat de extra dekking in eerdere jaren daarop betrekking hebben gehad en op een aanvullende dekking van te verzekeren productiekosten. De situatie is enkele jaren geleden veranderd en in 2019 (en ook in 2018) wordt uitsluitend en alleen de Hiswa te water georganiseerd.

De verzekerde rubrieken dat weet verzekerde verder niet. Zoals eerder aangegeven lijkt mij dat alleen de rubriek kosten verzekerd is maar ik neem aan dat het dossier van de verzekeraar hier wellicht verder soelaas zal bieden om dit met volledige zekerheid te kunnen vaststellen. Bij het doornemen van de dekkingen Aansprakelijkheid, Ongevallen en Materialen kom ik erachter dat er alleen tijdens de 5 beursdagen 4 t/m 8 september (verhuurbedrijf bouwt zelf op en af, dus dat hoeft niet) wel behoefte is voor aanvullende verzekering van Materialen. Dekking is gewenst voor 100.000,- op drijvende platforms die gehuurd worden van een specifieke verhuurder (Inter Boat Marinas). Andere zaken zoals tenten zijn door de verhuurder verzekerd. Is hiervoor aanvullende dekking mogelijk?

https://www.hiswatewater.nl/deelnemers/207/inter-boat-marinas-bv/

(…)”

2.5.

Bij e-mail van 30 juli 2019 heeft JLT de van Kuiper ontvangen informatie aan NN doorgezonden. Daarbij heeft JLT opgemerkt dat zij van Kuiper had begrepen dat de verzekering uitsluitend bedoeld was voor het evenement HISWA te Water en dat dit evenement dat jaar gehouden werd van 4 t/m 8 september 2019.

2.6.

Bij e-mail van 31 juli 2019 heeft NN een voorstel aan JLT gedaan, waarna JLT op 3 september 2020 opdracht tot verlenging van de polis heeft gegeven. De drijvende platforms (pontons en tenten) zijn uiteindelijk niet meeverzekerd.

2.7.

Op 18 oktober 2019 heeft JLT een sluitnota (hierna: de sluitnota) aan HMM afgegeven, die, voor zover van belang, het volgende vermeldt:

“(…)

Verzekerd evenement

Hiswa te Water te Lelystad

Ingangsdatum

1 augustus 2018

Einddatum

1 augustus 2019 met stilzwijgende verlenging voor een periode van telkens 12 maanden doorlopend tenzij beëindigd conform de polisvoorwaarden.

Verzekerd bedrag

EUR 1.250.000,00 als maximum voor de totale productiekosten, opbrengsten inclusief door verzekerde aantoonbare winstderving welke is gemaximeerd tot 30% van het verzekerde bedrag.

Polisvoorwaarden

Polismantel 675-06

Voorwaardenblad extreme weersinvloeden

Voorwaardenblad Onkosten

(…)”

2.8.

Artikel 2.2 van polismantel 675-02 bepaalt dat de verzekering de financiële schade dekt zoals omschreven in de op de verzekering van toepassing verklaarde dekking(en) en/of rubriek(en). Rubriek 2 (Onkosten) bepaalt, voor zover van belang, het volgende:

Artikel 1 Omschrijving van de dekking

De verzekering dekt de schade die verzekeringnemer lijdt, indien het in het polisblad omschreven evenement als gevolg van een van de wil van verzekeringnemer onafhankelijke omstandigheid:

a. geheel of gedeeltelijk geen doorgang kan vinden;

(…)

Artikel 2 Verzekerde kosten

Verzekeraar vergoedt tot ten hoogste de verzekerde som:

2.1

afgelasting

indien voor de vastgestelde aanvang van het evenement bekend wordt, dat dit geen doorgang kan vinden:

2.1.1

de op het tijdstip waarop de afgelasting noodzakelijk wordt, gemaakte en/of nog verschuldigde kosten;

2.1.2

de extra kosten verbonden aan de afgelasting en het ongedaan maken van de reeds getroffen voorbereidingen;

(…)

Artikel 3 Uitsluitingen

Verzekeraar is geen vergoeding verschuldigd voor schade:

(…)

3.5

verband houdende met het niet verkrijgen van de met betrekking tot het evenement of delen daarvan vereiste vergunningen, toestemmingen e.d. van de daartoe bevoegde autoriteiten en/of het niet voldoen aan de daarin gestelde voorwaarden;

(…)”

2.9.

Vanaf maart 2020 heeft de Rijksoverheid maatregelen getroffen in verband met de uitbraak van COVID-19. Bij brief van 6 mei 2020 heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een versoepeling van die maatregelen aangekondigd. Daarbij heeft hij opgemerkt dat voor massale evenementen met een landelijke uitstraling nog geen datum voor versoepeling kon worden genoemd. Aangegeven is dat dit eigenlijk pas kan als er een vaccin is, wat een jaar of langer kan duren.

2.10.

Op 11 mei 2020 heeft HMM de annulering van HISWA te Water 2020 aan Kuiper medegedeeld. Op 12 mei 2020 heeft Kuiper ‒ door tussenkomst van JLT ‒ de schade van HMM, bestaande uit voorbereidingskosten voor HISWA te Water 2020, bij NN gemeld.

2.11.

Op 13 mei 2020 heeft NN de verzekering opgezegd tegen 1 augustus 2020.

2.12.

Bij e-mail van 19 mei 2020 heeft NN laten weten dat er onder de verzekering geen polisdekking is voor evenementen die na 1 augustus 2020 zouden plaatsvinden, zoals HISWA te Water 2020. NN heeft daar, ten overvloede, aan toegevoegd dat zij geconcludeerd heeft dat er, op grond van artikel 3.5 van de polisvoorwaarden, geen dekking zou zijn wanneer het evenement wel binnen de looptijd van de polis had plaatsgevonden. Die opmerking ziet op het feit dat de gemeente Lelystad geen vergunning voor HISWA te Water 2020 heeft afgegeven.

2.13.

Bij rapport van 9 oktober 2020 heeft Dekra Expertise B.V. (hierna: Dekra) de schade van HMM voorlopig begroot op € 575.00,00, waarvan € 425.000,00 aan gemaakte en/of verschuldigde kosten en € 150.000,00 aan begrote gederfde winst.

3. Het geschil

3.1.

HMM vordert, na eiswijziging, dat de voorzieningenrechter bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis:

  1. zowel NN en Vivat veroordeelt om ieder aan HMM binnen 48 uur na het vonnis, bij wijze van voorschot op een door hen te verstrekken nog definitief vast te stellen schade-uitkering, een bedrag van € 287.500,00 te betalen, althans een in goede justitie te bepalen voorschotbedrag,

  2. NN en Vivat veroordeelt om de schademelding als gevolg van het afgelasten van HISWA te Water 2020 in behandeling te nemen, hetgeen (in ieder geval) betekent dat zijdens beide verzekeraars een schade-expert wordt geïnstrueerd om in samenspraak met Dekra de schade definitief vast te stellen en, zodra deze is vastgesteld, de schade voor zover deze enig voorschot dat aan HMM zal zijn uitgekeerd te boven gaat, uit te keren,

  3. NN en Vivat hoofdelijk veroordeelt in de kosten van dit geding.

3.2.

NN en Vivat voeren verweer en concluderen tot afwijzing van de vordering, met veroordeling van HMM  uitvoerbaar bij voorraad  in de kosten van deze procedure, te vermeerderen met een bedrag voor nakosten alsmede wettelijke rente indien niet binnen veertien dagen na betekening van het vonnis daaraan wordt voldaan.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, ingegaan.

4. De beoordeling

4.1.

Op grond van de toepasselijke poliswaarden is (de voorzieningenrechter van) deze rechtbank bevoegd om van dit geschil kennis te nemen.

4.2.

De door HMM onder 1. gevorderde voorziening strekt tot betaling door NN en Vivat van een voorschot op schadevergoeding. Met betrekking tot een geldvordering in kort geding is terughoudendheid bij toewijzing op zijn plaats. Bij de beoordeling van de vordering speelt een rol of de vordering voldoende aannemelijk is, of een onmiddellijke voorziening vereist is en of er een restitutierisico is.

4.3.

Indien het bestaan en de omvang van de vordering voldoende aannemelijk zijn, heeft HMM bij een voorziening in kort geding een spoedeisend belang. Hoewel NN en Vivat het nodige tegen de schadeberekening hebben ingebracht, is niet in geschil dat als gevolg van de dekkingsweigering een substantieel liquiditeitsprobleem is ontstaan en de uitkomst van een bodemprocedure niet door HMM kan worden afgewacht. Dat HMM dit kort geding (pas) vijf maanden na de annulering van HISWA te Water 2020 aanhangig heeft gemaakt, kan haar niet worden tegenworpen. Gebleken is dat partijen in die maanden met elkaar hebben onderhandeld om tot een minnelijke oplossing van hun geschil te komen.

4.4.

Tussen partijen is in geschil of HISWA te Water 2020, die in september 2020 zou hebben plaatsgevonden, een onder de verzekeringspolis gedekt evenement is.

4.5.

Het gaat hier om de uitleg van een dekkingsomschrijving in een beurspolis. Daarover pleegt door partijen niet onderhandeld te worden. In dit specifieke geval is (ook) niet gesteld of gebleken dat over de inhoud van de (eenzijdig door NN opgestelde) polisvoorwaarden is onderhandeld. Dat betekent dat de uitleg daarvan met name afhankelijk is van objectieve factoren zoals de bewoordingen van de bepaling, gelezen in het licht van de polisvoorwaarden als geheel en van de eventueel bij de polisvoorwaarden behorende toelichting.

4.6.

Uit de in het geding gebrachte correspondentie volgt dat over de inhoud van de sluitnota wel overleg heeft plaatsgevonden. Nu mede aan de hand daarvan de bedoeling van partijen kan worden vastgesteld, wordt deze correspondentie bij de uitleg van de omschrijving van het verzekerde evenement betrokken.

4.7.

De sluitnota vermeldt als verzekerd evenement “Hiswa te water te Lelystad”. Daaruit blijkt niet dat het verzekerde evenement is gelimiteerd tot de editie in het betreffende verzekeringsjaar. Bovendien is gebleken dat enkele voorgaande edities eveneens in Lelystad hebben plaatsgevonden, zodat ook op basis van de plaatsaanduiding niet kan worden geconcludeerd dat met de vermelding van het verzekerde evenement uitsluitend de editie HISWA te Water 2019 is bedoeld.

NN en Vivat hebben aan de hand van polisbladen over de jaren 2013 t/m 2017 en correspondentie over de verlenging van die polissen echter aannemelijk gemaakt dat ieder jaar in juli/augustus overleg heeft plaatsgevonden over de aankomende editie in september van dat jaar en dat ten aanzien van die editie steeds prolongatie van de verzekering heeft plaatsgevonden. Dit duidt erop dat het overleg dat in juli 2019 heeft plaatsgevonden, uitsluitend betrekking had op de editie HISWA te Water 2019. Dit beeld wordt bevestigd in de correspondentie uit juli 2019. In haar e-mail van 29 juli 2019 aan JLT merkt Kuiper immers op dat HMM in 2019 uitsluitend en alleen de HISWA te Water organiseert en dat de beursdagen van 4 t/m 8 september zullen plaatsvinden. Nadat JLT deze informatie aan NN had doorgezonden, heeft NN op basis daarvan een voorstel gedaan, waarna JLT een sluitnota heeft opgesteld met als verzekerd evenement “Hiswa te Water te Lelystad”. Gelet op de correspondentie is naar het oordeel van de voorzieningenrechter met die vermelding uitsluitend HISWA te Water 2019 bedoeld, wat betekent dat de editie HISWA te Water 2020 geen gedekt evenement is. De omstandigheid dat de annulering van HISWA te Water 2020 wel in het verzekeringsjaar heeft plaatsgevonden, maakt dit niets anders. Anders dan HMM stelt, betreft de annulering immers niet het verzekerde evenement (HISWA te Water 2019).

4.8.

Nu naar voorlopig oordeel de editie HISWA te Water 2020 niet onder de verzekering valt, biedt de verzekering geen dekking voor de in verband met dit evenement, en, althans, de afgelasting daarvan, gemaakte kosten. Artikel 1 aanhef en onder a. van Rubriek 2 (Onkosten) bepaalt immers dat de verzekering de schade dekt die verzekeringnemer lijdt, indien het in het polisblad (in dit geval de sluitnota) omschreven evenement als gevolg van een van de wil van verzekeringnemer onafhankelijke omstandigheid geheel of gedeeltelijk geen doorgang kan vinden. Gebleken is dat met het in de sluitnota omschreven evenement niet de editie HISWA te Water 2020 is bedoeld. Daarmee faalt het beroep van HMM op artikel 2.1 van Rubriek 2 (Onkosten), nu aan een vaststelling van de omvang van de verzekerde som niet wordt toegekomen. Het vorenstaande leidt ertoe dat het bestaan en de omvang van de vordering van HMM niet voldoende aannemelijk zijn. Gelet daarop bestaat er evenmin aanleiding om verzekeraars te veroordelen tot het in behandeling nemen van de schademelding. De overige verweren van NN en Vivat hoeven dan geen bespreking meer.

4.9.

De voorzieningenrechter overweegt tot slot nog het volgende.

Anders dan de sluitnota vermelden de polisbladen/sluitnota’s over de jaren 2012 t/m 2018 als verzekerd evenement “in het jaar te houden pleziervaartuigen gerelateerde evenementen (waaronder vaardagen, botenbeurs)”. Uit stukken leidt de voorzieningenrechter af dat HMM voorheen meerdere evenementen in het verzekeringsjaar organiseerde. Sinds 2018 houdt HMM zich echter uitsluitend nog bezig met de organisatie van HISWA te Water. De gevolgen daarvan voor de verzekering zijn blijkbaar door niemand onderkend. Geen van de betrokken partijen heeft aanleiding gezien om (te vragen of het niet verstandiger zou zijn om) de ingangsdatum van het verzekeringsjaar te wijzigen, zodat het verzekerde evenement steeds aan het einde van het verzekeringsjaar zou plaatsvinden waardoor de kosten ter voorbereiding van het evenement in het verzekeringsjaar en onder de dekking van de verzekering zouden vallen. Dat levert in dit geval een zure uitkomst voor HMM op. Ergens rijst dan ook de vraag of dat, in de gegeven omstandigheden, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid nog wel aanvaardbaar is. In dit kort geding leidt dat echter nergens toe. Een (nader) debat daarover zal in een bodemprocedure moeten plaatsvinden. Voorstelbaar is ook dat partijen buiten rechte een regeling treffen op grond waarvan NN en Vivat, bijvoorbeeld (ten minste) de door HMM verschuldigde jaarhuur voor de Bataviahaven in Lelystad vergoeden.

4.10.

HMM wordt als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordeeld. De kosten aan de zijde van NN en Vivat worden begroot op:

- griffierecht: € 4.131,00

- salaris advocaat: € 980,00

totaal € 5.111,00

4.11.

De gevorderde nakosten worden toegewezen op na te melden wijze.

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

5.1.

wijst de vorderingen af,

5.2.

veroordeelt HMM in de proceskosten, aan de zijde van NN en Vivat tot op heden begroot op € 5.111,00, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over dit bedrag met ingang van de vijftiende dag na betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling,

5.3.

veroordeelt HMM in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 157,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat HMM niet binnen veertien dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 82,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van het vonnis,

5.4.

verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. P. de Bruin en in het openbaar uitgesproken op 6 november 2020.

[2971/2009]