Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2019:6306

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
10-07-2019
Datum publicatie
02-09-2019
Zaaknummer
C/10/570570 / JE RK 19-904
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Kinderrechter heft ondertoezichtstelling op, omdat er – ondanks de noodzaak daartoe - geen zicht bestaat op verlening door de gecertificeerde instelling van verantwoorde hulp die is afgestemd op de reële behoefte van de jeugdige of de ouder (art. 4.1.1. Jeugdwet)

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
RFR 2020/13
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Jeugd

zaakgegevens: C/10/570570 / JE RK 19-904

datum uitspraak: 10 juli 2019

beschikking ondertoezichtstelling

in de zaak van

de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond,

hierna te noemen de GI, gevestigd te Rotterdam,

betreffende

[naam minderjarige] ,

geboren op [geboortedatum minderjarige] 2001 te [geboorteplaats minderjarige] , hierna te noemen [voornaam minderjarige] .

De kinderrechter merkt als belanghebbende aan:

[naam moeder] , hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats moeder] .

Het procesverloop

Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken:

- de beschikking van deze rechtbank van 6 juni 2019 en daaraan ten grondslag liggende stukken,

- het e-mailbericht met bijlagen van de advocaat van de moeder, mr. K. Logtenberg, ingekomen bij de griffie op 8 juli 2019,

- het faxbericht van de GI van 10 juli 2019, ingekomen bij de griffie in de middag van
10 juli 2019,

- de brief van [voornaam minderjarige] , overhandigd door de moeder ter zitting.

Op 10 juli 2019 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld.

Gehoord is de moeder, bijgestaan door mr. K. Logtenberg.

De GI is, hoewel daartoe behoorlijk opgeroepen, niet ter zitting verschenen.

[voornaam minderjarige] is in de gelegenheid gesteld zijn mening kenbaar te maken.

De feiten

Het ouderlijk gezag over [voornaam minderjarige] wordt uitgeoefend door de moeder.

[voornaam minderjarige] woont bij de moeder.

Bij beschikking van 6 juni 2019 is de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] verlengd tot

1 augustus 2019. De beslissing voor het overige verzochte is aangehouden.

Het aangehouden verzoek

De GI heeft verzocht de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] te verlengen tot aan zijn meerderjarigheid.

Het standpunt van de moeder

Door en namens de moeder is ter zitting naar voren gebracht dat de ondertoezichtstelling per direct moet worden opgeheven. De GI is niet ter zitting verschenen en heeft in de zojuist binnen gekomen fax-brief geen conclusies getrokken. Dit betekent dat de GI geen hulp biedt aan [voornaam minderjarige] en de moeder. De moeder moet de GI zelf benaderen voor hulp. Er komt geen steun vanuit de GI. De moeder is zelf bezig om hulpverlening te regelen voor [voornaam minderjarige] . Er staat een afspraak gepland bij de neuroloog. Ook heeft de moeder veel contact met Profila en werkt daarmee samen. Profila kan ook iets gaan betekenen voor [voornaam minderjarige] . Verder verwijst de moeder naar de stukken die haar advocaat heeft opgestuurd.

De beoordeling

Uit de overgelegde stukken en de behandeling ter zitting blijkt dat de hulpverlening en begeleiding van de moeder en [voornaam minderjarige] door de GI, ondanks de noodzaak daartoe, de afgelopen maanden niet van de grond is gekomen. [voornaam minderjarige] heeft ook al geruime tijd geen (vaste) jeugdbeschermer. Op de zitting van 6 juni jl. kwam een vertegenwoordiger van de GI die zelf geen bemoeienis heeft met het gezin. Vandaag is, zonder bericht, niemand van de GI ter zitting verschenen. Zeer kort voor de zitting is een fax-brief ontvangen van een gebiedsmanager die evenmin persoonlijke bemoeienis met het gezin heeft. In de fax-brief wordt niet uitgelegd waarom de GI niet ter zitting aanwezig is. Evenmin is vermeld welke concrete actie de GI de komende tijd voor en met het gezin zal ondernemen.

Onder deze omstandigheden heeft verlenging van de ondertoezichtstelling tot de 18e verjaardag van [voornaam minderjarige] geen enkele meerwaarde. Ondanks dat er zorgen zijn over de ontwikkeling en de toekomst van [voornaam minderjarige] , zal de kinderrechter de ondertoezichtstelling per direct opheffen, omdat er geen zicht bestaat op verlening door de GI van verantwoorde hulp die is afgestemd op de reële behoefte van de jeugdige of de ouder (art. 4.1.1. Jeugdwet).

De moeder heeft zelfstandig hulp gezocht voor [voornaam minderjarige] . Zij heeft goed contact met Profila. Het is van belang dat deze begeleiding wordt voortgezet.

De beslissing

De kinderrechter:

heft de ondertoezichtstelling van [voornaam minderjarige] op met ingang van heden;

wijst af het overige verzochte.

Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 10 juli 2019 door mr. A.A.J. de Nijs, kinderrechter, in tegenwoordigheid van L.M. Ruijgrok als griffier.

De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 2 augustus 2019.

Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld:

- door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak,

- door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden.

Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshof
Den Haag.