Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2019:4278

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
01-05-2019
Datum publicatie
24-05-2019
Zaaknummer
C/10/558146 / HA ZA 18-862
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Eindvonnis in bevoegdheidsincident na tussenvonnis (ECLI:NL:RBROT:2019:425). Bij de vraag of deze rechtbank bevoegd is op grond van artikel 7 sub 1 Brussel Ibis-Vo staat voorop of partijen een plaats van levering zijn overeengekomen. Zie artikel 7 sub 1 onder b eerste gedachtestreepje Brussel Ibis-Vo. De vraag is dus of partijen over een plaats van levering wilsovereenstemming hebben bereikt en, zo ja, welke plaats van levering dat (uiteindelijk) is geweest. Deze vraag moet beantwoord worden aan de hand van het recht dat in materiële zin van toepassing is op deze afspraak. Zowel naar Nederlands recht (vgl. HR 13 juni 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF5538 (Jonker/Heipro)) als naar Duits recht (vgl. art. 305b BGB (Bürgerliches Gesetzbuch)) hebben individuele afspraken/afspraken in een overeenkomst voorrang op hetgeen is bepaald (omtrent de plaats van levering) in toepasselijke algemene voorwaarden . Voor zover vast komt te staan, zoals Volk stelt en KS-Profiel BV c.s. betwisten, dat partijen buiten het bepaalde in hun algemene voorwaarden om overeenstemming hebben bereikt over levering in Bad Waldsee, kan dan ook in het midden blijven of algemene voorwaarden van toepassing zijn en, zo ja, welke algemene voorwaarden.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team handel en haven

zaaknummer / rolnummer: C/10/558146 / HA ZA 18-862

Vonnis in incident van 1 mei 2019

in de zaak van

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

KS PROFIEL B.V.,

gevestigd te Moerdijk,

2. de vennootschap naar buitenlands recht

KS-PROFIL GMBH,

gevestigd te Wuppertal, Duitsland,

eiseressen in de hoofdzaak met zaak-/rolnummer C/10/552368 / HA ZA 18-579,

gedaagden in verzet in de hoofdzaak,

verweersters in het bevoegdheidsincident,

advocaat mr. L.P. Quist te Dordrecht

tegen

de vennootschap naar buitenlands recht

VOLK FAHRZEUGBAU GMBH,

gevestigd te Bad Waldsee, Duitsland,

gedaagde in de hoofdzaak met zaak-/rolnummer C/10/552368 / HA ZA 18-579,

eiseres in verzet in de hoofdzaak,

eiseres in het bevoegdheidsincident,

advocaat mr. D.J.C. van Bemmel te Rotterdam.

Partijen zullen hierna gezamenlijk KS Profiel B.V. c.s. genoemd worden en afzonderlijk KS-Profiel BV respectievelijk KS-Profil GmbH, gedaagde Volk.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    het tussenvonnis in de incidenten van 9 januari 2019 (hierna: de tussenvonnis) alsmede de daaraan ten grondslag liggende processtukken;

  • -

    de akte uitlating van Volk;

  • -

    de akte na akte van KS Profiel B.V. c.s.;

  • -

    de akte antwoord van Volk, met één productie.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald in het bevoegdheidsincident.

2 De verdere beoordeling in het bevoegdheidsincident

2.1.

Artikel 7, aanhef en sub 1, Brussel Ibis-Vo luidt als volgt:

Een persoon die woonplaats heeft op het grondgebied van een lidstaat, kan in een andere lidstaat voor de volgende gerechten worden opgeroepen:

1. a) ten aanzien van verbintenissen uit overeenkomst, voor het gerecht van de plaats waar de verbintenis die aan de eis ten grondslag ligt, is uitgevoerd of moet worden uitgevoerd;

b) voor de toepassing van deze bepaling is, tenzij anders is overeengekomen, de plaats van uitvoering van de verbintenis die aan de eis ten grondslag ligt:

- voor de koop en verkoop van roerende lichamelijke zaken, de plaats in een lidstaat waar de zaken volgens de overeenkomst geleverd werden of geleverd hadden moeten worden;

- voor de verstrekking van diensten, de plaats in een lidstaat waar de diensten volgens de overeenkomst verstrekt werden of verstrekt hadden moeten worden;

c) punt a) is van toepassing indien punt b) niet van toepassing is.

2.2.

In het tussenvonnis is de zaak naar de rol verwezen voor uitlating bij akte door Volk om te reageren op de uiteenzetting door KS-Profiel BV c.s. onder 50 van hun incidentele conclusie van antwoord dat en waarom deze rechtbank op grond van artikel 7 sub 1 Brussel Ibis-Vo bevoegd is. Dit randnummer luidt – aangehaald voor relevant – als volgt:

‘[…] geeft artikel 7 EEX-Verordening bevoegdheid aan de Nederlandse rechter. Hiervoor dient te worden vastgesteld waar de plaats van uitvoering van de overeenkomst was. Volgens artikel 7 lid 1b 1e streep is dit in het kader van een koopovereenkomst de plaats waar de zaken volgens de overeenkomst geleverd werden. In haar bestelling d.d. 27.7.2017 noemt Volk Fahrzeugbau de incoterm EXW. Dit zou betekenen dat plaats van levering bij de verkoper te Moerdijk zou zijn en dat de Nederlandse rechter bevoegd is.

2.3.

De datum van de door KS-Profiel BV c.s. genoemde bestelling is niet correct, zo is de rechtbank gebleken. Deze datum moet zijn 27 juli 2016, en dus niet 27 juli 2017. Dit bestellingsformulier is door Volk in het geding gebracht als productie 8. Volk kan zich niet verenigen met genoemde stelling van KS-Profiel BV c.s. dat de plaats van levering in de zin van artikel 7 sub 1, eerste gedachtestreepje, Brussel I-Vo volgt uit dit bestellingsformulier. Daartoe voert Volk in randnummers 6-12 van haar hiervoor in 1.1 genoemde akte uitlating het volgende aan:

‘6. In de offerte zijdens KS c.s. d.d. 13 mei 2016 (productie G1) — derhalve vôôr de

Bestellung van VOLK — staat reeds als aanbod opgenomen:

• p.1 (boven, links):

“Lieferungsadresse:

Volk Fahrzeugbau GmbH

Stahlstr. 75

88339 Bad Waldsee

Deutschland”

▪ p.2 (tekstvak onder, 3e regel):

“Lieferung: DAP, Incoterms® 2010”.

KS c.s. bood VOLK derhalve levering DAP VOLK Bald Waldsee (DE) aan.

7. Dan volgt de Bestellung d.d. 27 juli 2016 met daarin de voorwaarde EXW.

8. Op 22 september 2016 en 5 oktober 2016 volgen van de zijde van KS c.s.

opdrachtbevestigingen van genoemde Bestellungen. KS c.s. hebben deze

opdrachtbevestigingen overgelegd als producties G3 en G5.

Uit beide opdrachtbevestigingen blijkt als volgt:

• p.1 (midden, rechts):

“Lieferungsadresse:

Volk Fahrzeugbau GmbH

Stahlstr. 15

88339 Bad Waldsee

Deutschland”

• laatste pagina (G3, p.3 en G5, p.4; tekstvak onder, 3e regel):

“Lieferung: DAP, Incoterms® 2010”

9. Dit nieuwe aanbod van de zijde van KS c.s. ter zake van de leveringsvoorwaarde DAP

werd door VOLK aanvaard, waarmee eventuele eerdere aanbiedingen of contractuele

bedingen op dit punt terzijde gesteld werden.

10. Aan die leveringsafspraak werd hierna gevolg gegeven door KS c.s. door vervoer ter

uitvoering van de overeenkomst te arrangeren. Zij instrueerde daartoe expediteur Rainer

Bartsch GmbH voor haar rekening en risico.

Gerede aanwijzingen daartoe zijn de vermeldingen van transportnummers op de facturen

van KS c.s. aan VOLK. Deze corresponderen met de CMR-vrachtbrieven van de relevante

transporten.

Zie productie G8, factuur [factuurnummer 1] .FA d.d. 22 december 2016, p.3: “Transport

Nummer: [transportnummer] ”. Zie productie G7 (2e), vakje 6: “Transport: [transportnummer] ”.

Uit de CMR-vrachtbrieven blijkt overigens dat KS c.s. als ladingbelanghebbenden bij het

vervoer optraden, zie productie G7, vakje 1: KS c.s. was afzender van de lading. Bij EXW

levering te Moerdijk zou VOLK afzender van die lading zijn geweest.

Uit genoemde facturen blijkt niet dat VOLK de kosten van het transport heeft gedragen,

bijvoorbeeld door doorberekening van zulke kosten. Separate facturen voor het vervoer

van de goederen zijn door KS c.s. niet aan VOLK gezonden.

Dit verbaast niet, daar bij DAP-levering verkoper (i.c. KS c.s.) voor eigen rekening

transport ten behoeve van koper (i.c. VOLK) arrangeert.

In heel praktische zin blijkt tevens van de uitvoering van de overeengekomen DAP

conditie dat VOLK geen eigen transport heeft gearrangeerd, maar de levering door de

vervoerder van KS c.s. heeft afgewacht.

11. Uit bovengenoemde facturen blijkt wederom de intentie van partijen ter zake van levering

DAP VOLK Bad Waldsee (DE):

Zie productie G8, factuur [factuurnummer 2] .FA d.d. 31 oktober 2016:

• p.l (midden, rechts):

“Lieferungsadresse:

Volk Fahrzeugbau GmbH

Stahlstr. 15

88339 Bad Waidsee

Deutschland”

• p.5:

“Lieferung: DAP, Incoterms® 2010”.

Zie productie G8, factuur 201 [factuurnummer 3] .FA d.d. 22 december 2016:

• p.l (midden, rechts):

“Lieferungsadresse:

Volk Fahrzeugbau GmbH

Stahlstr. 15

88339 Bad Waldsee

Deutschland”

• p.3:

“Lieferung: DAP, Incoterms® 2010”.

12. Dan kan geen misvatting bestaan over de intentie van partijen.

DAP betekent Delivered at Place en behoort tot de meest verstrekkende

leveringscondities, althans voor verkoper. Zoals de ICC Guide 2010 het o.m. omschrijft:

“Delivered at Place’ means that the seller delivers when the goods are placed at the

disposal of the buyer on the arriving means of transport for unloading at the named place

of destination. The seller bears all risks involved in bringing the goods to the named

place.”

VOLK acht de inhoud van de DAP-conditie en gerelateerde risico-overgang/tijdstip van

levering een feit van algemene bekendheid.

De bepaling van het leveringsadres — namelijk VOLK te Bad Waidsee (DE) — in combinatie

met deze Incoterm betekent dat de goederenrechtelijke levering van de goederen

plaatshad aan huis VOLK te Bad Waldsee in Duitsland.’

2.4.

KS-Profiel BV c.s. hebben vervolgens in hun hiervoor in 1.1 genoemde akte na akte een en ander betwist. Daartoe voeren zij het volgende aan:

‘1. KS c.s. heeft erop gewezen dat de rechtbank mede bevoegd is omdat de goederen

in het kader van de koopovereenkomst zijn afgeleverd te Moerdijk (Nederland).

2. KS wijst erop dat in haar algemene voorwaarden onder artikel IV lid 1 is vermeld

dat “de door KS opgegeven prijzen exclusief omzetbelasting en overige op de

verkoop en levering vallende overheidslasten zijn en zijn gebaseerd op levering

EXW(Ex Works) volgens Incoterms 2010 tenzij schriftelijk anders is bepaald.”

3. Volk brengt in de akte naar voren dat partijen gediscussieerd hebben over de

leveringscondities: zo is er gesproken over DAP (delivered at place), maar ook over

EXW. Verder is nog de leveringscondities “Frei Haus” genoemd door KS.

4. Partijen zijn derhalve niet tot overeenstemming gekomen in de correspondentie.

5. Mitsdien geldt dan ook dat partijen in de correspondentie niets afwijkends zijn

overeengekomen omtrent de leveringscondities, zodat leidend is hetgeen in de

algemene voorwaarden van KS is bepaald, welke op de overeenkomst van

toepassing zijn. De algemene voorwaarden vermelden als levering Ex Works. De

levering heeft derhalve plaatsgevonden in Moerdijk. Dit betekent dan ook dat de

rechtbank Rotterdam bevoegd is van dit geschil kennis te nemen.

6. De rechtbank dient zich derhalve bevoegd te verklaren omtrent de vorderingen

van KS c.s.’

2.5.

Onder verwijzing naar haar stellingen in haar akte uitlating heeft Volk vervolgens in haar hiervoor in 1.1 genoemde akte antwoord nog eens uitdrukkelijk betwist dat partijen niet tot overeenstemming zouden zijn gekomen in de correspondentie.

2.6.

Bij de vraag of deze rechtbank bevoegd is op grond van artikel 7 sub 1 Brussel Ibis-Vo staat voorop of partijen een plaats van levering zijn overeengekomen. Zie artikel 7 sub 1 onder b eerste gedachtestreepje Brussel Ibis-Vo. De vraag is dus of partijen over een plaats van levering wilsovereenstemming hebben bereikt en, zo ja, welke plaats van levering dat (uiteindelijk) is geweest. Deze vraag moet beantwoord worden aan de hand van het recht dat in materiële zin van toepassing is op deze afspraak, de lex causae van deze afspraak. Zie daarvoor artikel 10 lid 1 van de Rome I-Verordening (Verordening (EG) nr. 593/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 17 juni 2008 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst). Gelet op de feiten van deze zaak wordt deze afspraak beheerst door hetzij Nederlands hetzij Duits recht; met andere landen heeft deze afspraak geen (relevante) feitelijke banden.

2.7.

Volgens Volk heeft zij met KS-Profiel BV c.s. overeenstemming bereikt over levering in Bad Waldsee in Duitsland met inachtneming van de incoterm DAP, zoals zij nader uiteen heeft gezet in haar akte uitlating (zie r.o. 2.3 hiervoor). Aan deze wilsovereenstemming kan volgens Volk niet in de weg staan hetgeen in de algemene voorwaarden van partijen is bepaald over de plaats van levering.

2.8.

Zowel naar Nederlands recht (vgl. HR 13 juni 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF5538 (Jonker/Heipro)) als naar Duits recht (vgl. art. 305b BGB (Bürgerliches Gesetzbuch)) hebben individuele afspraken/afspraken in een overeenkomst voorrang op hetgeen is bepaald (omtrent de plaats van levering) in toepasselijke algemene voorwaarden . Voor zover vast komt te staan, zoals Volk stelt en KS-Profiel BV c.s. betwisten, dat partijen buiten het bepaalde in hun algemene voorwaarden om overeenstemming hebben bereikt over levering in Bad Waldsee, kan dan ook in het midden blijven of algemene voorwaarden van toepassing zijn en, zo ja, welke algemene voorwaarden, die van KS-Profiel BVc.s. dan wel die van Volk, en welke daarin opgenomen bepalingen relevant zijn voor de plaats van levering in de onderhavige zaak. Dat op de contractuele rechtsverhouding tussen partijen algemene voorwaarden van toepassing zijn met daarin opgenomen een beding inzake de plaats van levering, kan, anders dan KS-Profiel BV c.s. menen, op zichzelf genomen dus niet in de weg staan aan de rechtsgeldigheid van de afspraak die partijen volgens Volk in hun correspondentie hebben gemaakt over levering in Bad Waldsee.

2.9.

Aangezien Volk, de gedaagde, geen woonplaats heeft in Nederland, mist de Nederlandse rechter rechtsmacht op grond van de in artikel 4 lid 1 neergelegde hoofdbevoegdheidsregel van Brussel Ibis-Vo, rust op KS-Profiel BV c.s. de stelplicht dat deze rechtbank bevoegd is op grond van artikel 7 sub 1 Brussel Ibis-Vo. Vergelijk r.o. 7.4 van het tussenvonnis. Gelet op de hiervoor in r.o. 2.4 genoemde stellingen van KS-Profiel BV c.s. in hun akte na akte hebben zij naar het oordeel van de rechtbank aan deze stelplicht voldaan. Vervolgens is dan de vraag of deze stelling is komen vast te staan. In dat verband overweegt de rechtbank als volgt.

2.10.

KS-Profiel BV c.s. baseren de uit artikel 7 sub 1, onderdeel b, tweede gedachtestreepje Brussel Ibis-Vo voortvloeiende bevoegdheid van deze rechtbank op de samenloop van twee omstandigheden, namelijk (i) het ontbreken van overeenstemming over de plaats van levering (in de correspondentie) en (ii) de toepasselijkheid van het ex works-leveringsbeding in de algemene voorwaarden van KS-Profiel BV c.s.

2.11.

Uit de hiervoor in r.o. 2.3 genoemde stellingen van Volk in samenhang met de inhoud van de producties waarop deze stellingen van Volk betrekking hebben, volgt naar het oordeel van de rechtbank dat partijen overeenstemming hebben bereikt over levering in Bad Waldsee. De in r.o. 2.10 genoemde feiten waarop KS-Profiel BV c.s. hun stelling baseren dat deze rechtbank bevoegd is op grond van artikel 7 sub 1 Brussel Ibis-Vo zijn derhalve niet vast komen te staan. Wél is vast komen te staan dat partijen levering in Bad Waldsee in Duitsland zijn overeengekomen, zodat er in ieder geval ook geen grond is voor verwijzing van de onderhavige zaak naar een andere rechtbank in Nederland. Bij gebreke van andere bevoegdheidsbepalingen waar de bevoegdheid van deze rechtbank uit kan volgen, is zij dan ook onbevoegd kennis te nemen van de vordering in de verstekzaak zoals ingesteld door KS-Profiel BV c.s. Volk zal dan ook worden ontheven van de veroordeling die tegen haar is uitgesproken in het vonnis van 11 juli 2018 in de verstekzaak.

2.12.

Als de in het ongelijk gestelde partij zullen KS-Profiel BV c.s. in de proceskosten worden veroordeeld van het bevoegdheidsincident. Deze kosten aan de zijde van Volk worden tot aan deze uitspraak begroot op:

verzetdagvaardingskosten € 98,01

griffierecht € 1.950,00

salaris advocaat € 814,50 (1,5 punt in liquidatietarief II)

totaal € 2.862,51.

3 De beslissing

De rechtbank

3.1.

verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van de vordering in de verstekzaak van deze rechtbank met zaak-/rolnummer C/10/552368 / HA ZA 18-579 zoals ingesteld door KS-Profiel B.V. en KS-Profil GmbH tegen Volk;

3.2.

ontheft Volk van de veroordeling die tegen haar is uitgesproken in het vonnis van 11 juli 2018 in deze verstekzaak;

3.3.

veroordeelt KS-Profiel BV c.s. in de proceskosten van het bevoegdheidsincident, die tot aan deze uitspraak zijn begroot op € 2.862,51;

3.4.

verklaart deze proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. C. Bouwman en in het openbaar uitgesproken op 1 mei 2019.

901/1729