Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2019:3199

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
24-04-2019
Datum publicatie
15-05-2019
Zaaknummer
7530132 VZ VERZ 19-1932
Rechtsgebieden
Arbeidsrecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

Ontslag op staande voet bij een modelzorgovereenkomst.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR-Updates.nl 2019-0534
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

zaaknummer: 7530132 VZ VERZ 19-1932

uitspraak: 24 april 2019

beschikking van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam,

in de zaak van

[verzoekster] ,

wonende te [woonplaats verzoekster] ,

verzoekster,

gemachtigde: mr. M.H. Horst te Landsmeer,

tegen

[verweerster] ,

wonende te [woonplaats verweerster] ,

verweerster,

gemachtigde: mr. drs. S.O. Voogt te Rotterdam.

Partijen worden hierna aangeduid als [verzoekster] en [verweerster] .

1 Het verloop van de procedure

1.1

De kantonrechter heeft kennisgenomen van de volgende processtukken:

  • -

    het op 12 februari 2019 ter griffie ontvangen verzoekschrift, met producties;

  • -

    het verweerschrift, met bijlage;

- het faxbericht namens [verzoekster] d.d. 2 april 2019, met bijlage.

1.2

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 3 april 2019. [verzoekster] is in persoon verschenen, bijgestaan door de gemachtigde. Ook [verweerster] is in persoon verschenen, vergezeld van mevrouw [naam 1] en bijgestaan door de gemachtigde. Van hetgeen ter zitting is besproken heeft de griffier aantekeningen gemaakt.

1.3

De kantonrechter heeft de uitspraak van de beschikking bepaald op heden.

2 De feiten

In deze procedure wordt uitgegaan van de volgende vaststaande feiten.

2.1

[verweerster] is spastisch. Zij is volledig afhankelijk van hulp. Zonder hulp kan [verweerster] niet eten, drinken of naar het toilet gaan. [verweerster] ontvangt daarom een Persoonsgebonden Budget (PGB) waarmee zij zorg kan inkopen.

2.2

[verzoekster] , geboren op [geboortedatum] , is op 28 augustus 2018 als zorgverlener bij [verweerster] in dienst getreden op basis van een modelzorgovereenkomst voor bepaalde tijd tot 1 februari 2019, tegen een salaris van € 17,50 bruto per uur inclusief vakantiegeld.

2.3

[verweerster] heeft meerdere zorgverleners in dienst. [verweerster] en haar werknemers hebben een groepsapp genaamd ‘de reddende PGB engelen’.

2.4

Tussen [verzoekster] en [verweerster] heeft de volgende Whatsapp correspondentie plaats-gevonden:

“[14:32, 11-12-2018] [verzoekster] : [verweerster] ! Mijn auto doet t niet. Godver de godver. Ik

heb slaapdienst he. Ik weet niet of ik kan oomen. […] Ik wacht nu op tel van de garage of

ze m kunnen komen halen

[14:34, 11-12-2018] [verweerster] : Probeer maar wat, ik heb even zo gauw niemand

[14:49, 11-12-2018] [verweerster] : Anders moetje het maar in de groep gooien

[14:56, 11-12-2018] [verzoekster] : Ja ik ben ff aan t kijken of ik een auto kan lenen van

iemand maar godsamme iedereen heeft zijn auto nodig. En wat gaat het kosten? Ik kan dit nu helemaal niet hebben

[14:56, 11-12-2018] [verzoekster] : Ik app je zo

[…]

[17:20, 11-12-2018] [verzoekster] : Ze komen morgen mijn auto halen van de garage.

Goddank hoef ik morgen toch niet naar jou maar ik app je zodra ik nieuws heb.

[…]

[15:05, 12-12-2018] [verzoekster] : De garage weet nog niks

[15:17, 12-12-2018] [verweerster] : En nu? Ik wil wel weten of je nou wel of niet komt

morgen

[15:18, 12-12-2018] [verweerster] : Ik heb geen blik wat ik kan open trekken

[15:25, 12-12-2018] [verzoekster] : Zoals t nu lijkt is die auto niet klaar morgen. Voor

vrijdag en zondag heb ik sowieso een leen auto mocht de mijne dan nog niet klaar zijn.

Morgen werkt iedereen dus dan is er niks te lenen. Ze zijn m nu op een ander apparaat aan t uitlezen dus als t iets kleins is dan zou dat lukken vandaag maar ik reken er maar niet op.

[15:27, 12-12-20 18] [verweerster] : Misschien optie om met het ov te komen?

[15:59, 12-12-2018] [verzoekster] : Lijkt me niet. Denk dat ik veel te lang onderweg ben ivm mijn hond. En los van dat, ik kan het niet eens betalen. Had getankt van mijn laatste geld om naar jou te gaan en moest schoonmaken maar dat ging niet door vanwege die k.t auto.

[16:08, 12-12-2018] [verweerster] : Nou gooi het dan maar in de groep

[16:10, 12-12-2018] [verweerster] : Deze situatie hebben wij besproken met je sollicitatiegesprek en jij zei dat er altijd wel wat te regelen was om te komen. Vind dit heel

jammer

[16:22, 12-12-2018] [verzoekster] : Jammer? Ik vind t jammer dat jij zo vaak dat sollicitatie gesprek erbij haalt. Ik heb niet gezegd dat als mijn auto het niet doet ik wel iets kan regelen. Dat is onzin. En waarom haal je dat er bij? Wat is je punt? Mijn auto doet t niet en dat wordt waarschijnlijk een behoorlijke kostenpost. Je kan ook eens aan mij denken. Dit is toch overmacht? Of denk je dat ik dit leuk vind? En niet werken en extra kosten? Nou, niet echt dus. Ik vind dit zo flauw en egoïstisch van je. Dat vind ik jammer.

[17:01, 12-12-2018] [verweerster] : egoïstisch van mij? als jij niet komt kan ik niks, staat

mijn leven stil he. Snap je dat? Ik gooi het zelf wel in de groep, anders kan er echt niemand.

Sterkte met alles. Groetjes [verweerster]

[13:17, 13-12-2018] [verweerster] : Beste [verzoekster] ,

Het feit dat jij geweigerd hebt om met openbaar vervoer te reizen om te komen werken, is voor mij een reden om je contract per direct te beëindigen. Alle redenen die je daarvoor hebt aangevoerd zijn niet relevant. Je moest werken, kon met metro en bus in 1 uur en 3 minuten van deur tot deur reizen. Je hebt gekozen om dat niet te doen, dat valt onder werkweigering. Het gebrek aan financiële middelen is niet het probleem van een werkgever. Ook het te lang weg zijn voor een hond is niet iets waar een werkgever rekening mee moet houden. Om 16.08 uur heb ik geopperd om het dan in de groepsapp te gooien om vervanging te zoeken, dat is niet gebeurd. Dat heb ik uiteindelijk zelf maar gedaan om 17.04. Daarna heb ik niets meer van je vernomen. Je hebt niet geïnformeerd of er iemand jouw dienst kon overnemen. Dat hoorde wel bij de verantwoordelijkheid van deze baan. Dit alles maakt dat ik geen vertrouwen meer heb in jou.

[…]”

2.5

In groepsapp ‘de reddende PGB engelen’ zijn, voor zover van belang, op 12 december 2018 de volgende berichten gestuurd:

“[17:04, 12-12-2018] [verweerster] : dames de auto van [verzoekster] is nog niet gerepareerd, dus wie kan er morgen van 8.30 tot 14.00 werken?

[17:58, 12-12-2018] [naam 2] : Jeetje dat is heel erg vervelend! Ik moet de middag al werken… Zoals ik gister zei [verzoekster] ? Optie om met de metro te gaan vanaf voorburg??? Succes

[…]

[19:05, 12-12-2018] [naam 3] : Uh heb het geregeld met mijn pgb cliënt in Den Haag daar werk ik de middag. Ik kan [verweerster] uit de brand helpen

[19:06, 12-12-2018] [naam 2] : Wat super lief van jou [naam 3] en je cliënt!”

3 Het geschil

3.1

[verzoekster] heeft verzocht bij beschikking, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, [verweerster] te veroordelen tot betaling aan [verzoekster] van een billijke vergoeding en een vergoeding wegens onregelmatige opzegging, onder verstrekking van een bruto-netto specificatie op straffe van een dwangsom, met veroordeling van [verweerster] in de proceskosten.

3.2

Aan haar verzoek heeft [verzoekster] - kort samengevat - ten grondslag gelegd dat aan het op 13 december 2018 door [verweerster] gegeven ontslag op staande voet een dringende reden ontbeert.

3.3

Het verweer strekt tot afwijzing van het verzoek. [verweerster] heeft daartoe - kort samengevat - aangevoerd dat [verzoekster] terecht op staande voet is ontslagen.

3.4

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover voor de beoordeling van belang, verder ingegaan.

4 De beoordeling

4.1

Beoordeeld dient te worden of het door [verweerster] aan [verzoekster] op 13 december 2018 gegeven ontslag op staande voet rechtsgeldig is. Partijen zijn het oneens over de vraag of aan het ontslag een dringende reden ten grondslag ligt.

4.2

Vooropgesteld wordt dat voor de beantwoording van de vraag of sprake is van een dringende reden die een directe beëindiging van de arbeidsovereenkomst rechtvaardigt, alle omstandigheden van het geval in onderling verband en samenhang bezien, in aanmerking dienen te worden genomen. Onder meer zijn van belang de aard en de ernst van hetgeen de werkgever als dringende reden aanmerkt, de aard van de dienstbetrekking, de duur ervan en de wijze waarop de werknemer de dienstbetrekking heeft vervuld, alsook de persoonlijke omstandigheden van de werknemer, zoals diens leeftijd en de gevolgen die het ontslag op staande voet voor de werknemer zouden hebben.

4.3

Onder meer het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft in zijn arrest van 17 september 2013 (ECLI:NL:GHARL:2013:6871) geoordeeld dat de zorgovereenkomst als arbeids-overeenkomst niet geheel vergelijkbaar is met een gewone arbeidsovereenkomst. De werkgever verkeert over het algemeen - en ook in dit geval - niet in een sterkere positie ten opzichte van de werknemer, waarvan in het arbeidsrecht wel wordt uitgegaan. Voorts vindt de arbeid plaats in de privéomgeving van de werkgever en heeft deze betrekking op persoonlijke zorg, hetgeen bij "gewone" arbeidsovereenkomsten niet het geval is. Deze bijzondere aard van het dienstverband is één van de omstandigheden die bij de beoordeling van de verzoeken van [verzoekster] moet worden meegenomen.

4.4

Artikel 7:678 lid 2 sub k BW noemt als dringende reden het grovelijk veronachtzamen van de plichten die de arbeidsovereenkomst de werknemer oplegt. De kantonrechter is van oordeel dat hiervan sprake is en overweegt daartoe als volgt.

4.5

Tussen partijen is niet in geschil dat [verweerster] onder meer niet alleen kan eten, drinken en naar het toilet kan gaan. Zij kan daarom feitelijk niet alleen worden gelaten. Eén van de grootste verantwoordelijkheden van [verzoekster] was dan ook dat zij daadwerkelijk komt werken op de tijden waarop zij is ingeroosterd, dan wel vervanging regelt in geval van verhindering. [verweerster] heeft gesteld dat dit tijdens het sollicitatiegesprek uitgebreid met [verzoekster] is besproken, hetgeen door [verzoekster] niet is betwist.

4.6

[verzoekster] is op 13 december 2018, hoewel zij die dag was ingeroosterd, niet komen werken. [verzoekster] heeft in haar Whatsapp-bericht aan [verweerster] van 12 december 2018 aangegeven niet te kunnen komen omdat haar auto bij de garage stond en zij niet met het openbaar vervoer naar [verweerster] kon reizen, omdat haar hond dan te lang alleen thuis zou zijn en zij geen geld meer had omdat zij al had getankt. Deze omstandigheden liggen volledig in de risicosfeer van [verzoekster] . [verzoekster] heeft weliswaar aangevoerd dat haar penibele financiële situatie is ontstaan doordat de loonbetaling vanuit de Sociale Verzekeringsbank na aanvang van het dienstverband lang op zich heeft laten wachten, maar zij heeft ook erkend dat in december 2018 geen sprake meer was van achterstallig loon. Het had dan ook, mede gelet op het hiervoor onder rechtsoverweging 4.5 aangehaalde belang van [verweerster] om altijd van hulp te zijn voorzien, op de weg van [verzoekster] gelegen om een oplossing te vinden voor genoemde omstandigheden, hoe vervelend die ook voor haar zijn.

4.7

[verzoekster] heeft niet zelf in groepsapp ‘de reddende PGB engelen’ gevraagd of iemand haar op 13 december 2018 kon vervangen. Dit heeft [verweerster] zelf gedaan, ongeveer een uur nadat zij “gooi het dan maar in de groep” aan [verzoekster] heeft bericht. [verzoekster] heeft tijdens de mondelinge behandeling aangevoerd dat het bericht van [verweerster] ook kan worden begrepen als “ik gooi het dan maar in de groep”, maar dit ligt niet voor de hand, nu het de verantwoordelijkheid van [verzoekster] is om vervanging te regelen. Het is [verzoekster] dan ook aan te rekenen dat zij niet het initiatief heeft genomen om voor vervanging zorg te dragen.

4.8

[verzoekster] stelt dat zij in de groepsapp heeft gelezen dat iemand haar kon vervangen. [verweerster] heeft hiertegen onbetwist aangevoerd dat de vervanger, [naam 3] , pas een uur later kon beginnen en dat [naam 3] de zorg voor [verweerster] niet volledig zelfstandig kan verrichten, hetgeen [verzoekster] wist. [verweerster] wijst er tevens (terecht) op dat uit de correspondentie in de groepsapp niet kan worden afgeleid dat [verweerster] met vervanging door [naam 3] heeft ingestemd. Gelet hierop was het aan [verzoekster] om bij [verweerster] te informeren of adequate vervanging was geregeld, hetgeen zij heeft nagelaten. [verzoekster] heeft juist helemaal niet meer van zich laten horen.

4.9

Met bovenvermeld handelen heeft [verzoekster] één van haar belangrijkste verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst ernstig veronachtzaamd. De kantonrechter volgt [verzoekster] niet in haar standpunt dat [verweerster] te lichtvaardig heeft gekozen voor een ontslag op staande voet, omdat zij [verzoekster] eerst had kunnen waarschuwen voor de arbeidsrechtelijke consequenties van haar handelen. [verzoekster] miskent dat [verweerster] , gelet op haar afhankelijke situatie, niet het risico kan lopen dat een werknemer niet op het werk verschijnt. Van [verweerster] kon dan ook niet worden verwacht dat zij [verzoekster] zou waarschuwen, om vervolgens te moeten afwachten of [verzoekster] alsnog haar verantwoordelijkheid zou nemen.

4.10

Daar komt bij dat een arbeidsovereenkomst als de onderhavige een bijzonder vertrouwen tussen de werkgever en de werknemer vereist, welk vertrouwen [verzoekster] toerekenbaar heeft beschaamd. [verweerster] heeft op goede gronden kunnen beslissen dat zij [verzoekster] niet meer als zorgverlener wilde inzetten. Een minder ingrijpende maatregel, zoals vrijstelling van werk onder doorbetaling van (het gemiddelde) salaris, ligt niet in de mogelijkheden, nu [verweerster] haar PGB alleen kan aanwenden voor daadwerkelijk verleende zorg. Daarom is een ontslag op staande voet in de onderhavige situatie gerechtvaardigd.

4.11

Nu het ontslag verder onverwijld is gegeven onder gelijktijdige mededeling van de dringende reden, is sprake van een rechtsgeldig ontslag op staande voet. De verzoeken van [verzoekster] worden daarom afgewezen.

4.12

[verzoekster] wordt als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten.

5 De beslissing

De kantonrechter:

wijst de verzoeken af;

veroordeelt [verzoekster] in de kosten van de procedure, tot aan deze uitspraak aan de zijde van [verweerster] vastgesteld op € 480,00 aan salaris voor de gemachtigde;

verklaart deze beschikking voor wat de proceskostenveroordeling betreft uitvoerbaar bij voorraad.

Deze beschikking is gegeven door mr. E.I. Mentink en uitgesproken ter openbare terechtzitting.

673