Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2018:9701

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
08-11-2018
Datum publicatie
27-11-2018
Zaaknummer
10/996656-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

veroordeling voor oplichting, poging tot oplichting, valsheid in geschrift en witwassen. GS 9 maanden waarvan 3 voorwaardelijk.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 1

Parketnummer: 10/996656-17

Datum uitspraak: 8 november 2018

Tegenspraak

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[naam verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats verdachte] op [geboortedatum verdachte] ,

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres

[adres verdachte] , [woonplaats verdachte] ,

volgens eigen opgave op de zitting feitelijk verblijvende te:

[verblijfadres verdachte] , [verblijfplaats verdachte] ,

raadsman mr. B.J. Lokollo, advocaat te Utrecht.

1 Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 25 oktober 2018.

2 Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding, zoals deze op de terechtzitting d.d. 6 september 2018 overeenkomstig de vordering van de officier is gewijzigd. De tekst van de gewijzigde tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3 Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. B. Schmitz heeft gevorderd:

  • -

    bewezenverklaring van het onder 1 primair, 2, 3 en 4 ten laste gelegde;

  • -

    veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 9 maanden met aftrek van voorarrest, waarvan 3 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar.

4 Waardering van het bewijs

4.1.

Feiten

In het onderzoek onder de naam Petal is de verdenking gerezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan oplichting, poging tot oplichting, het (meermalen) plegen van valsheid in geschrift en aan witwassen. Op grond van het dossier en het verhandelde ter terechtzitting gaat de rechtbank uit van de volgende feiten en omstandigheden.

Op 20 mei 2017 is namens [naam rechtspersoon 1] aangifte gedaan ter zake van oplichting en poging tot oplichting. Uit de aangifte volgt dat de aangeefster op 18 mei 2017 een e-mail heeft ontvangen van haar klant [naam rechtspersoon 2] waarin melding werd gemaakt van een gewijzigd rekeningnummer en waarin werd verzocht om de in de acht bijgevoegde facturen genoemde bedragen naar dat rekeningnummer over te maken. De bijgevoegde facturen waren vrijwel identiek aan acht facturen die aangeefster al eerder had ontvangen van [naam rechtspersoon 2] , met dien verstande dat daarop nu een gewijzigd rekeningnummer stond van [naam rechtspersoon 2] vergezeld van de tekst “LET OP REKENINGNUMMER GEWIJZIGD”. Aangeefster heeft zes van deze facturen betaald via overboeking op het gewijzigde rekeningnummer, maar ontving later bericht van [naam rechtspersoon 2] dat de facturen niet betaald waren. Via haar bank kwam aangeefster er achter dat het ‘gewijzigde rekeningnummer’ niet op naam van [naam rechtspersoon 2] stond.

Uit het onderzoek van de politie is naar voren gekomen dat het aangepaste bankrekeningnummer op de facturen van [naam rechtspersoon 2] bij de e-mail van 18 mei 2017 is afgegeven aan een bedrijf van de verdachte, te weten [naam rechtspersoon 3] . Vast is komen te staan dat de bijgevoegde facturen waren vervalst. Verder is vast komen te staan dat aangeefster - op grond van zes van die valse facturen - een geldbedrag van in totaal € 82.628,77 heeft gestort op de betreffende bankrekening van [naam rechtspersoon 3] . Uit onderzoek is verder gebleken dat de verdachte € 62.629,27 van de rekening van [naam rechtspersoon 3] . heeft overgeboekt naar een rekening van [naam rechtspersoon 4] , een ander bedrijf van de verdachte. Vervolgens heeft de verdachte dit volledige bedrag ad € 62.629,27 in contanten opgenomen.

4.2.

Standpunt verdediging

De verdediging heeft vrijspraak bepleit ten aanzien van alle ten laste gelegde feiten. Daartoe is, kort samengevat, aangevoerd dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs is ten aanzien van feit 1, 2 en 3. Ten aanzien van feit 4 is aangevoerd dat het vermeende witwassen door de verdachte niet voldoet aan de typologieën daarvoor en dat er geen sprake is van witwassen, omdat het geld niet uit (eigen) misdrijf afkomstig is.

De verdachte heeft zelf verklaard dat hij dacht dat het geld van een contractspartner van hem, [naam rechtspersoon 5] , afkomstig was, die hem een lening van € 100.000 zou verstrekken.

Verder is aangevoerd dat de stukken in het dossier die betrekking hebben op onderzoek naar het e-mailaccount en het IP-adres vanaf waar de e-mail met de valse facturen is verzonden naar aangeefster, uitgesloten dienen te worden van het bewijs omdat geen onderzoek daarnaar is uitgevoerd door een specialist.

4.3.

Geen bewijsuitsluiting

De rechtbank oordeelt dat ook de stukken in het dossier die betrekking hebben op het e‑mailaccount en IP-adres vanaf waar de e-mail met de valse facturen is verzonden, gebezigd kunnen worden voor bewijs. Van enig vormverzuim in de zin van artikel 359a Sv is niet gebleken en wat de verdediging heeft aangevoerd kan hoogstens een rol spelen bij de waardering van het bewijs.

4.4.

Bewijswaardering

De politie heeft onderzoek gedaan naar het IP-adres vanaf welke de e-mail met de valse facturen van [naam rechtspersoon 2] naar aangeefster is verzonden. Uit dat onderzoek is gebleken dat de e-mail is verzonden op 17 mei 23:11 u Nederlandse tijd (18 mei 2017, 00:11 +0200) vanaf hetzelfde IP-adres als het IP-adres dat op 18 mei 2017 om 20:10 u is gebruikt om in te loggen op de bankrekening van [naam rechtspersoon 3] .

Op de website van ING is voorts ingelogd bij de bankrekening van [naam rechtspersoon 3] . met de inloggegevens van de verdachte. Naar eigen zeggen was de verdachte de enige die met die gegevens inlogde. De verklaring van de verdachte dat hij geen wetenschap had van de herkomst van het geld (en dat hij dacht dat dit van [naam rechtspersoon 5] kwam), acht de rechtbank ongeloofwaardig. De verdachte heeft het geld overgeboekt van de rekening van [naam rechtspersoon 3] . naar de rekening van [naam rechtspersoon 4] Daarbij heeft hij kunnen zien dat de afzender van het geld aangeefster was – en niet [naam rechtspersoon 5] . Dat hij dit heeft gezien blijkt ook uit het feit dat hij bij de ING heeft verklaard dat hij aangeefster, [naam rechtspersoon 1] , niet kende, maar dat [naam rechtspersoon 5] hem zou hebben verteld dat het wel klopte. Van dat laatste is overigens niets gebleken. De verdachte wist derhalve dat het geld van aangeefster afkomstig was en heeft desondanks een groot deel van het geld overgeboekt en het gehele overgeboekte bedrag vervolgens contant opgenomen.

Gelet op het relatief korte tijdbestek tussen het verzenden van de e-mail en het inloggen op de bankrekening van [naam rechtspersoon 3] . met de inloggegevens van de verdachte, vanaf hetzelfde IP-adres, en het feit dat de verdachte terwijl hij zag dat het geld afkomstig was van aangeefster dit desondanks heeft overgeboekt naar een andere rekening en vervolgens in grote contante bedragen heeft opgenomen, oordeelt de rechtbank dat het de verdachte was die de e-mail met de valse facturen heeft verzonden en dat hij aldus getracht heeft de herkomst van het geld dat hij middels de valse facturen van aangeefster verkreeg, te verhullen.

Anders dan de officier van justitie is de rechtbank evenwel van oordeel dat niet kan worden vastgesteld dat de verdachte de facturen ook zelf heeft vervalst, maar slechts dat hij van die valse facturen gebruik heeft gemaakt. De verdachte zal om die reden worden vrijgesproken van dat deel van de tenlastelegging.

4.5.

Bewezenverklaring

In bijlage II heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1 primair, 2 tweede alternatief/cumulatief, 3 en 4 ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:

1.

hij in de periode van 18 mei 2017 tot en met 29 mei 2017 te Deurne, met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen , [naam rechtspersoon 1] heeft bewogen tot de afgifte van een geldbedrag van in totaal 82.628,77 euro, hebbende verdachte met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en listiglijk die [naam rechtspersoon 1] per e-mail benaderd en zich naar die [naam rechtspersoon 1] voorgedaan als zijnde een vertegenwoordiger van [naam rechtspersoon 2] B.V. en in die valse hoedanigheid en gebruik makend van die bedrijfsnaam

- die [naam rechtspersoon 1] (via de mailbox ‘ [naam mailbox] ’) facturen (met factuurnummers [nummer factuur 1] en [nummer factuur 2] en

[nummer factuur 3] en [nummer factuur 4] en [nummer factuur 5] en [nummer factuur 6] ) verstrekt , welke facturen waren voorzien van het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] en de SWIFT code [code] en de tekst “!!! LET OP REKENINGNUMMER GEWIJZIGD !!!” ; en

- die [naam rechtspersoon 1] medegedeeld dat het rekeningnummer van [naam rechtspersoon 2] per 17 mei 2017 is gewijzigd en die [naam rechtspersoon 1] verzocht genoemde facturen te laten voldoen op het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] ;

waardoor die [naam rechtspersoon 1] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte;

2.

hij in de periode van 18 mei 2017 tot en met 29 mei 2017 te Deurne, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om met het oogmerk om zich wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse hoedanigheid en door listige kunstgrepen , [naam rechtspersoon 1] te bewegen tot de afgifte van geldbedragen van 13.612,50 euro en 13.645,17 euro, met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en listiglijk e die [naam rechtspersoon 1] per e-mail heeft benaderd en zich naar die [naam rechtspersoon 1] heeft voorgedaan als zijnde een vertegenwoordiger van [naam rechtspersoon 2] en in die valse hoedanigheid en gebruik

makend van die bedrijfsnaam

- die [naam rechtspersoon 1] (via de mailbox ‘ [naam mailbox] ’) facturen (met factuurnummers [nummer factuur 7] en [nummer factuur 8] ) heeft verstrekt , welke factuur waren voorzien van het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] en de SWIFT code [code] en de tekst “!!! LET OP REKENINGNUMMER GEWIJZIGD !!!“ ; en- die [naam rechtspersoon 1] heeft medegedeeld dat het rekeningnummer van [naam rechtspersoon 2]

per 17 mei 2017 is gewijzigd en die [naam rechtspersoon 1] heeft

verzocht genoemde facturen te laten voldoen op het rekeningnummer

[bankrekeningnummer 2] ;

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

3.

(Tweede alternatief/cumulatief)

hij omstreeks 18 mei 2017 te Deurne meermalen, opzettelijk gebruik heeft gemaakt van en opzettelijk heeft afgeleverd en voorhanden heeft gehad facturen telkens op naam van [naam rechtspersoon 2] gericht aan [naam rechtspersoon 1] , te weten:

1. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 1] d.d. 20 april 2017 en

2. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 2] d.d. 19 april 2017 en

3. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 9] d.d. 21 april 2017 en

4. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 10] d.d. 21 april 2017 en

5. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 11] d.d. 21 april 2017 en

6. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 6] d.d. 21 april 2017 en

7. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 7] d.d. 25 april 2017 en

8. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 8] d.d. 8 mei 2017;

zijnde telkens een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - als ware het echt en onvervalst,

bestaande die vervalsing hierin dat telkens valselijk en in strijd met de waarheid genoemde facturen - zakelijk weergegeven - voorzien zijn van het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] en de SWIFT code [code] en de tekst “!!! LET OP REKENINGNUMMER GEWIJZIGD !!!” , als ware het rekeningnummer

[bankrekeningnummer 1] het gewijzigde rekeningnummer van [naam rechtspersoon 2] , terwijl in werkelijkheid [naam rechtspersoon 3] de tenaamgestelde was van het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] , ,

bestaande dat gebruikmaken en afleveren hierin dat hij, verdachte, genoemde facturen heeft verstrekt en aan [naam rechtspersoon 1] (via de mailbox ‘ [naam mailbox] ’) met het verzoek het op de facturen vermelde bedragen te voldoen op het op die facturen genoemde rekeningnummer, terwijl hij, verdachte, wist, dat deze facturen

bestemd waren tot gebruik als waren deze geschriften echt en onvervalst;

4.

hij op tijdstippen in de periode van 18 mei 2017 tot en met 13 februari 2018 te Amersfoort en elders , in Nederland, meerdere malen

a. a) (telkens) van geldbedragen ter hoogte van (in totaal 82.623,77 euro de herkomst, heeft verborgen en verhuld, en heeft verborgen en verhuld wie genoemd geldbedrag voorhanden heeft gehad terwijl hij, verdachte wist dat bovenomschreven geldbedrag - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was uit enig misdrijf,

en

b) telkens geldbedragen ter hoogte van in totaal 62.629,27 euro, heeft verworven en voorhanden heeft gehad en van dat geldbedrag gebruik heeft gemaakt, terwijl hij wist, dat bovenomschreven geldbedrag geheel - onmiddellijk of middellijk — afkomstig was uit enig misdrijf.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet ook daarvan worden vrijgesproken.

Voor zover in de bewezenverklaarde tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. De verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad.

5 Strafbaarheid feiten

De bewezen feiten leveren op:

1 oplichting;

2 poging tot oplichting;

3. opzettelijk gebruik maken, afleveren en voorhanden hebben van een vervalst geschrift, als bedoeld in artikel 225, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, terwijl hij weet of redelijkerwijs

moet vermoeden dat dit geschrift bestemd is voor gebruik als ware het echt en onvervalst, meermalen gepleegd.

4 de eendaadse samenloop van witwassen en witwassen.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. De feiten zijn dus strafbaar.

6 Strafbaarheid verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

7 Motivering straf

7.1.

Algemene overweging

De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

7.2.

Feiten waarop de straf is gebaseerd

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan fraude. Door een e‑mail te versturen met daarin valse facturen heeft hij de aangeefster bewogen tot afgifte van een geldbedrag van in totaal € 82.628,77. De aangeefster is bij twee facturen niet overgegaan tot betaling, zodat in die gevallen een poging tot oplichting is bewezenverklaard. De verdachte heeft het uit oplichting afkomstig geldbedrag verworven en voorhanden gehad en daarna gedeeltelijk in het financiële verkeer gebracht, kennelijk met de bedoeling het geld aan het zicht van de fiscus te onttrekken. De verdachte had daarbij slechts het oogmerk op eigen financieel gewin ten koste van een ander, en door aldus te handelen heeft hij de integriteit van het financiële en economische verkeer geschonden. De rechtbank rekent dit de verdachte zwaar aan.

7.3.

Persoonlijke omstandigheden van de verdachte

7.3.1.

Strafblad

De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van 28 september 2018, waaruit blijkt dat de verdachte eerder is veroordeeld voor soortgelijke strafbare feiten.

7.4.

Conclusies van de rechtbank

Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.

Gezien de ernst van de feiten kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een gevangenisstraf. Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken plegen te worden opgelegd.

De verdediging heeft verzocht om - in het geval van een bewezenverklaring - een taakstraf aan de verdachte op te leggen. De rechtbank oordeelt dat in verband met de ernst van de gepleegde feiten, alsmede in aanmerking genomen de proceshouding van de verdachte, die ook ter zitting tegen beter weten in is blijven volhouden dat het door hem verkregen geld een legale oorsprong had, een taakstraf niet passend is. In het door de verdediging gestelde ziet de rechtbank onvoldoende aanleiding om van dat oordeel af te wijken.

Alles afwegend acht de rechtbank de door de Officier van Justitie geëiste straf passend en geboden.

8 Vordering benadeelde partij

Als benadeelde partij heeft zich in het geding gevoegd [naam benadeelde] ter zake van het onder 1 ten laste gelegde feit. De benadeelde partij vordert een vergoeding van € 82.628,77 aan materiële schade, inclusief wettelijke rente daarover.

De officier van justitie heeft gevorderd de vordering van de benadeelde partij niet‑ontvankelijk te verklaren nu de benadeelde partij reeds beschikt over een bij voorraad uitvoerbaar vonnis van de burgerlijke rechter ten aanzien van de geleden schade. De raadsman van de verdachte heeft zich daarbij aangesloten.

Gelet op het uitvoerbaar bij voorraad verklaarde vonnis van de burgerlijke rechter aangaande dezelfde vordering, verklaart de rechtbank de vordering van de benadeelde partij niet-ontvankelijk.

9 Toepasselijke wettelijke voorschriften

Gelet is op de artikelen 45, 55, 57, 225, 326, 420bis van het Wetboek van Strafrecht.

10 Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.

11 Beslissing

De rechtbank:

verklaart bewezen dat de verdachte de ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte ook daarvan vrij;

stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert de hiervoor vermelde strafbare feiten;

verklaart de verdachte strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 9 (negen) maanden;

bepaalt dat van deze gevangenisstraf een gedeelte, groot 3 (drie) maanden niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechtbank later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van de proeftijd, die hierbij wordt gesteld op 2 jaar, na te melden voorwaarden overtreedt;

stelt als algemene voorwaarde:

- de veroordeelde zal zich vóór het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig maken.

beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht;

verklaart de benadeelde partij [naam benadeelde] niet-ontvankelijk in de vordering.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. E. Rabbie, voorzitter,

en mrs. J.C.M. Persoon en L. Daum, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. M. Witteman, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.

De oudste rechter en jongste rechter zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Bijlage I

Tekst gewijzigde tenlastelegging

Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat

1.

hij in of omstreeks de periode van 18 mei 2017 tot en met 29 mei 2017 te Amersfoort en/of

Culemborg en/of Rotterdam en/of Deurne, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meet listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [naam rechtspersoon 1] heeft bewogen tot de afgifte van een of meer geldbedragen van in totaal 82.628,77 euro, althans (telkens) een geldbedrag, in elk geval van enig goed, hebbende verdachte en/of zijn mededader(s) met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (onder meer) die [naam rechtspersoon 1] (per e-mail) benaderd en/of zich naar die [naam rechtspersoon 1] voorgedaan als zijnde een vertegenwoordiger van [naam rechtspersoon 2] B.V. en/of in die valse hoedanighe(i)d(en) en/of gebruik makend van dat/die (valse) bedrijfsnaam

- die [naam rechtspersoon 1] (via de mailbox ‘ [naam mailbox] ’) een of meer factu(u)r(en) (met factuurnummer(s) [nummer factuur 1] en/of [nummer factuur 2] en/of

[nummer factuur 3] en/of [nummer factuur 4] en/of [nummer factuur 5] en/of [nummer factuur 6] ) verstrekt en/of doen toekomen, welke factu(u)r(en) waren voorzien van het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] en/of de SWIFT code [code] en/of de tekst “!!! LET OP REKENINGNUMMER GEWIJZIGD 1!!” of woorden van gelijke strekking; en/of

- die [naam rechtspersoon 1] medegedeeld dat het rekeningnummer van [naam rechtspersoon 2] per 17 mei 2017 is gewijzigd en/of die [naam rechtspersoon 1] verzocht genoemde factu(u)r(en) te (laten) voldoen op het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] ;

waardoor die [naam rechtspersoon 1] werd bewogen tot bovenomschreven afgifte

subsidiair, voorzover het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op één of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 18 mei 2017 tot en met 13 februari 2018 te Amersfoort en/of Culemborg en/of Rotterdam en/of Deurne, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk enig goed, te weten één of meerdere geldbedrag(en) ter hoogte van (ongeveer)(in totaal) 62.629,27 euro, althans (telkens) één of meerdere geldbedrag(en), dat/die geheel of ten dele aan [naam rechtspersoon 1] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, toebehoorde(n) en welk(e) goed(eren) verdachte anders dan door misdrijf onder zich had, wederrechtelijk zich heeft toegeëigend;

Meer subsidiair, voorzover het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op één of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 18 mei 2017 tot en met 31 mei 2017 te Amersfoort en/of Culemborg en/of Rotterdam en/of Deurne, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) enig goed, te weten één of meerdere geldbedrag(en) ter hoogte van (ongeveer)(in totaal) 62.629,27 euro, althans (telkens) één of meerdere geldbedrag(en), dat geheel of ten dele aan [naam rechtspersoon 1] , in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte, toebehoorde heeft weggenomen, zulks met het oogmerk om dit/deze geldbedrag(en) zich wederrechtelijk toe te eigenen.

2.

hij in of omstreeks de periode van 18 mei 2017 tot en met 29 mei 2017 te Amersfoort en/of

Culemborg en/of Rotterdam en/of Deurne, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, met het oogmerk om zich en/of (een) ander(en) wederrechtelijk te bevoordelen, door het aannemen van een valse naam en/of van een valse hoedanigheid en/of door een of meer listige kunstgrepen en/of door een samenweefsel van verdichtsels, [naam rechtspersoon 1] te bewegen tot de afgifte van een of meer geldbedrag(en) van 13.612,50 euro en/of 13.645,17 euro, althans (telkens) een geldbedrag, in elk geval van enig goed, met vorenomschreven oogmerk - zakelijk weergegeven - valselijk en/of listiglijk en/of bedrieglijk en/of in strijd met de waarheid (onder meer) die [naam rechtspersoon 1] (per e-mail) heeft benaderd en/of zich naar die [naam rechtspersoon 1] heeft voorgedaan als zijnde een vertegenwoordiger van [naam rechtspersoon 2] en/of in die valse hoedanighe(i)d(en) en/of gebruik

makend van dat/die (valse) bedrijfsnaam

- die [naam rechtspersoon 1] (via de mailbox ‘ [naam mailbox] ’) een of meet factu(u)r(en) (met factuurnummer(s) [nummer factuur 7] en/of [nummer factuur 8] ) heeft verstrekt en/of doen toekomen, welke factu(u)r(en) waren voorzien van het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] en/of de SWIFT code [code] en/of de tekst “!!! LET OP REKENINGNUMMER GEWIJZIGD !!!“ of woorden van gelijke strekking; en/of

- die [naam rechtspersoon 1] heeft medegedeeld dat het rekeningnummer van [naam rechtspersoon 2]

per 17 mei 2017 is gewijzigd en/of die [naam rechtspersoon 1] heeft

verzocht genoemde factu(u)r(en) te (laten) voldoen op het rekeningnummer

[bankrekeningnummer 1] ;

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid.

3.

hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 19 april 2017

tot en met 18 mei 2017 (telkens) te Amersfoort en/of Deurne en/of Rotterdam en/of Culemborg, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (een) factu(u)r(en) (telkens) op naam van [naam rechtspersoon 2] gericht aan [naam rechtspersoon 1] , te weten:

1. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 1] d.d. 20 april 2017 en/of

2. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 2] d.d. 19 april 2017 en/of

3. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 9] d.d. 21 april 2017 en/of

4. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 10] d.d. 21 april 2017 en/of

5. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 11] d.d. 21 april 2017 en/of

6. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 6] d.d. 21 april 2017 en/of

7. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 7] d.d. 25 april 2017 en/of

8. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 8] d.d. 8 mei 2017;

zijnde (telkens) een geschrift bestemd om tot bewijs van enig feit te dienen, (telkens) valselijk heeft

opgemaakt en/of heeft vervalst en/of valselijk heeft doen opmaken en/of heeft doen vervalsen, immers heeft/hebben hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), (telkens) valselijk en in strijd met de waarheid genoemde factu(u)r(en) (onder meer) - zakelijk weergegeven - voorzien van het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] en/of de SWIFT code [code] en/of de tekst “! LET OP REKENINGNUMMER GEWIJZIGD !!!“ of woorden van gelijke strekking, als ware het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] het (gewijzigde) rekeningnummer van [naam rechtspersoon 2] , terwijl in

werkelijkheid [naam rechtspersoon 3] de tenaamgestelde is/was van het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] , in elk geval het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] een ander rekeningnummer betreft dan het rekeningnummer van [naam rechtspersoon 2] , zulks met het oogmerk om dit/deze geschrift(en) (telkens) als echt en onvervalst te gebruiken en/of door anderen te doen gebruiken.

en/of

hij op een of meer tijdstippen op of omstreeks 18 mei 2017 (telkens) te Amersfoort en/of Deurne en/of Rotterdam en/of Culemborg, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, meermalen, althans eenmaal, opzettelijk gebruik heeft gemaakt van en/of opzettelijk heeft afgeleverd en/of voorhanden heeft gehad (een) factu(u)r(en) (telkens) op naam van [naam rechtspersoon 2] gericht aan [naam rechtspersoon 1]

, te weten:

1. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 1] d.d. 20 april 2017 en/of

2. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 2] d.d. 19 april 2017 en/of

3. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 9] d.d. 21 april 2017 en/of

4. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 10] d.d. 21 april 2017 en/of

5. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 11] d.d. 21 april 2017 en/of

6. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 6] d.d. 21 april 2017 en/of

7. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 7] d.d. 25 april 2017 en/of

8. een factuur met factuurnummer [nummer factuur 8] d.d. 8 mei 2017;

zijnde (telkens) een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen - als ware het echt en onvervalst,

bestaande die valsheid of vervalsing hierin dat (telkens) valselijk en in strijd met de waarheid genoemde factu(u)r(en) (onder meer) - zakelijk weergegeven - voorzien zijn van het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] en/of de SWIFT code [code] en/of de tekst “H! LET OP REKENINGNUMMER GEWIJZIGD m” of woorden van gelijke strekking, als ware het rekeningnummer

[bankrekeningnummer 1] het (gewijzigde) rekeningnummer van [naam rechtspersoon 2] , terwijl in werkelijkheid [naam rechtspersoon 3] de tenaamgestelde is/was van het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] , in elk geval het rekeningnummer [bankrekeningnummer 1] een ander rekeningnummer betreft dan het rekeningnummer van [naam rechtspersoon 2] ,

bestaande dat gebruikmaken en/of afleveren hierin dat hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), genoemde factu(u)r(en) heeft/hebben verstrekt en/of doen toekomen aan [naam rechtspersoon 1] (via de mailbox ‘ [naam mailbox] ’) met het verzoek het op de factu(u)r(en) vermelde bedragen te voldoen op het op die factu(u)r(en) genoemde rekeningnummer, terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) wist(en), althans redelijkerwijs moest(en) vermoeden dat deze factu(u)r(en)

bestemd was/waren tot gebruik als ware dit/deze geschrift(en) echt en onvervalst.

4.

hij op één of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 18 mei 2017 tot en met 13 februari 2018 te Amersfoort en/of Culemborg en/of Rotterdam en/of Deurne, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meerdere malen, althans eenmaal

a. a) (telkens) van één of meerdere voorwerp(en), te weten één of meerdere geldbedrag(en) ter hoogte van (ongeveer)(in totaal) 82.623,77 euro, althans € 62.629,27 euro, althans (telkens) van één of meerdere geldbedrag(en), de werkelijke aard, de herkomst, de vindplaats, de vervreemding, de verplaatsing heeft verborgen en/of verhuld, en/of heeft verborgen en/of verhuld wie de rechthebbende(n) op genoemd(e) geldbedrag(en) was/waren, en/of heeft verborgen en/of verhuld wie genoemd(e) geldbedrag(en)voorhanden heeft/hebben gehad, terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) wist(en), althans redelijkerwijs moest (en) vermoeden dat bovenomschreven geldbedrag(en) - onmiddellijk of middellijk — afkomstig was/waren uit enig misdrijf,

en/of

b) (telkens) één of meerdere voorwerp(en), te weten één of meerdere geldbedrag(en) ter hoogte van (ongeveer)(in totaal) 82.628,77 euro, althans 62.629,27 euro, althans (telkens) één of meerdere geldbedrag(en), heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad en/of heeft overgedragen en/of van dat/die geldbedrag(en) gebruik heeft gemaakt, terwijl hij en/of zijn mededader(s) wist(en), althans redelijkerwijs kont den) vermoeden, dat bovenomschreven geldbedrag(en) geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of middellijk — afkomstig was/waren uit enig(e) misdrijf/misdrijven,

subsidiair, voorzover het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij op één of meerdere tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 18 mei 2017 tot en met 13 februari 2018 te Amersfoort en/of Culemborg en/of Rotterdam en/of Deurne, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, een voorwerp, te weten een geldbedrag ter hoogte van (ongeveer)(in totaal) 19.999,50 euro, althans een geldbedrag, heeft verworven en/of voorhanden heeft gehad terwijl hij en/of zijn mededader(s) wist(en), althans redelijkerwijs kon(den) vermoeden, dat bovenomschreven geldbedrag(en) geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig(e)(eigen) misdrijf/misdrijven.