Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2018:7099

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
29-08-2018
Datum publicatie
04-09-2018
Zaaknummer
C/10/546928 / HA ZA 18-299
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - enkelvoudig
Inhoudsindicatie

Bevoegdheidsincident. Internationale bevoegdheid. Forumkeuze in algemene voorwaarden. Art. 25 Brussel Ibis-Vo.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team handel en haven

zaaknummer / rolnummer: C/10/546928 / HA ZA 18-299

Vonnis in incident van 29 augustus 2018

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

COMMODITY LINE B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

eiseres in de hoofdzaak,

verweerster in het incident,

advocaat mr. V.R. Pool te Rotterdam,

tegen

de vennootschap naar buitenlands recht

KATOLIK GROUP SP. Z.O.O.,

gevestigd te Kietrz, Polen,

gedaagde in de hoofdzaak,

eiseres in het incident,

advocaat mr. J.B. Houtappel te Rotterdam.

Partijen zullen hierna Commodity Line en Katolik Group genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding van 3 januari 2018, met producties 1-14

  • -

    de incidentele conclusie houdende exceptie van onbevoegdheid, met producties 1, 2, 3, 4a en 4b;

  • -

    de conclusie van antwoord in het incident houdende exceptie van onbevoegdheid.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.

2 Het gevorderde in de hoofdzaak

2.1.

Commodity Line vordert dat de rechtbank bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis Katolik Group veroordeelt tegen behoorlijk bewijs van kwijting tot betaling aan Commodity Line van:

  1. € 31.450,--, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 24 mei 2017, althans vanaf 1 juni 2017, althans vanaf de dag van de dagvaarding, tot de dag van de algehele voldoening;

  2. € 4.997,-- ter zake van commissie, (retour)transport, analyse- en bewaarkosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 24 mei 2017, althans vanaf 1 juni 2017, althans vanaf de dag van de dagvaarding, tot de dag van de algehele voldoening;

  3. € 1.929,95, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 24 mei 2017, althans vanaf 1 juni 2017, althans vanaf de dag van de dagvaarding, tot de dag van de algehele voldoening;

  4. € 1.158,--, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 24 mei 2017, althans vanaf 1 juni 2017, althans vanaf de dag van de dagvaarding, tot de dag van de algehele voldoening;

  5. € 617,10 aan kosten van vertaling van de dagvaarding naar het Pools;

  6. de proceskosten en de nakosten.

2.2.

Aan deze vorderingen legt Commodity Line – kort en zakelijk weergegeven – ten grondslag dat zij op of omstreeks 6 april 2017 circa 17.000 kg chiazaden (Chia seeds) heeft gekocht van Katolik Group voor een totaalprijs van € 31.450,--, die door Commodity Line is betaald, en dat deze partij chiazaden niet aan de koopovereenkomst voldeed vanwege een te hoog percentage mycotoxine aflatoxime dat hierin is aangetroffen, zodat Katolik Group tot vergoeding is gehouden van de schade die Commodity Line als gevolg hiervan heeft geleden.

3 Het geschil in het incident

3.1.

Katolik Group vordert dat de rechtbank zich bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis onbevoegd verklaart, met veroordeling van Commodity in de proceskosten.

3.2.

Hieraan legt Katolik Group – samengevat – ten grondslag dat deze rechtbank onbevoegd is vanwege de toepasselijkheid van haar algemene voorwaarden op de overeenkomst met Commodity Line met daarin opgenomen de volgende forumkeuze voor de Poolse rechter: “[…] Disputes which cannot be resolved amicably shall be settled by the competent court with jurisdiction at the registered seat of the Seller and by Polish law.”

3.3.

Commodity Line voert verweer en concludeert tot afwijzing van de incidentele vordering, met veroordeling bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis van Katolik Group in de proceskosten van het incident.

3.4.

Hiertoe voert Commodity Line – kort en zakelijk weergegeven – aan dat deze forumkeuze niet voldoet aan de vereisten van artikel 25 Brussel Ibis-Vo.

4 De beoordeling in het incident

4.1.

Volgens Commodity Line heeft de haar raadsman zowel per e-mail als per post exemplaren van de incidentele conclusie houdende exceptie van onbevoegdheid ontvangen maar zijn deze exemplaren niet door de advocaat van Katolik Group ondertekend en evenmin gedateerd. Commodity Line heeft de rechtbank verzocht hieraan de gevolgen te verbinden die zij geraden acht.

De door de rechtbank ontvangen incidentele conclusie houdende exceptie van onbevoegdheid is ondertekend door de advocaat van Katolik Group. Dit processtuk is derhalve toelaatbaar.

4.2.

Hier is sprake van een internationale zaak, omdat de gedaagde, Katolik Group, buiten Nederland haar woonplaats heeft. De rechtbank is derhalve ambtshalve gehouden te onderzoeken of zij internationaal bevoegd is.

4.3.

Omdat sprake is van een burgerlijke of handelszaak in de zin van artikel 1 lid 1 van Verordening (EU) Nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (herschikking) (hierna: Brussel Ibis-Vo), Commodity Line haar vorderingen heeft ingesteld na 10 januari 2015 zoals vereist in artikel 66 Brussel Ibis-Vo en Katolik Group woonplaats heeft in Polen, een lidstaat in de zin van Brussel Ibis-Vo (zie art. 5 lid 1 Brussel Ibis-Vo), dient de internationale bevoegdheid van deze rechtbank te volgen uit de bevoegdheidsregels van Brussel Ibis-Vo.

4.4.

Katolik Group baseert de onbevoegdheid van deze rechtbank op de hiervoor onder 3.2 genoemde forumkeuze voor de Poolse rechter in haar algemene voorwaarden. Niet in geschil is dat, voor zover deze forumkeuze niet van toepassing is, de rechtbank Rotterdam (op grond van artikel 7 onder 1 Brussel Ibis-Vo) bevoegd is kennis te nemen van de vorderingen van Commodity Line.

4.5.

Artikel 25 Brussel Ibis-Vo regelt de forumkeuze. Dit artikel luidt als volgt – aangehaald voor zover relevant:

1. Indien de partijen, ongeacht hun woonplaats, een gerecht of de gerechten van een lidstaat hebben aangewezen voor de kennisneming van geschillen die naar aanleiding van een bepaalde rechtsbetrekking zijn ontstaan of zullen ontstaan, is dit gerecht of zijn de gerechten van die lidstaat bevoegd, tenzij de overeenkomst krachtens het recht van die lidstaat nietig is wat haar materiële geldigheid betreft. Deze bevoegdheid is exclusief, tenzij de partijen anders zijn overeengekomen. De overeenkomst tot aanwijzing van een bevoegd gerecht wordt gesloten:

a. a) hetzij bij een schriftelijke overeenkomst of bij een schriftelijk bevestigde mondelinge overeenkomst;

b) hetzij in een vorm die wordt toegelaten door de handelwijzen die tussen de partijen gebruikelijk zijn geworden;

c) hetzij, in de internationale handel, in een vorm die overeenstemt met een gewoonte waarvan de partijen op de hoogte zijn of hadden behoren te zijn en die in de internationale handel algemeen bekend is en door partijen bij dergelijke overeenkomsten in de betrokken handelsbranche doorgaans in acht wordt genomen.

2. Als „schriftelijk” wordt tevens elke elektronische mededeling aangemerkt, waardoor de overeenkomst duurzaam geregistreerd wordt.

[..]

5. Een beding tot aanwijzing van een bevoegd gerecht dat deel uitmaakt van een overeenkomst, wordt aangemerkt als een beding dat los staat van de overige bepalingen van de overeenkomst.

De geldigheid van het beding tot aanwijzing van een bevoegd gerecht kan niet worden bestreden op grond van het enkele feit dat de overeenkomst niet geldig is.

Uit vaste rechtspraak van het HvJEU (en zijn rechtsvoorganger, te weten de arresten van 14 december 1976, 24/76 - RÜWA/Colzani, Jur. 1976, p. 1831; 14 december 1976, 25/76 - Segoura/Bonakdarian, Jur. 1976, p. 1851; 11 november 1986, 313/85 - Iveco/Van Hool, Jur. 1986, p. 3337; 20 februari 1997, C-106/95 - MSG/Les Gravières Rhénanes, Jur. 1997, p. I-911; 7 juli 2016, C-222/15 - Höszig Kft./Alstom Power Termal Services, ECLI:EU:C:2016:525) volgt dat artikel 25 Brussel Ibis-Vo (in navolging van artikel 17 EEX-verdrag en artikel 23 Brussel I-Vo) autonoom dient te worden uitgelegd en dat uit die uitleg voortvloeit dat de aangezochte rechter verplicht is in de eerste plaats te onderzoeken of het beding dat hem (on)bevoegd verklaart, daadwerkelijk het voorwerp is geweest van een wilsovereenstemming tussen partijen die duidelijk en nauwkeurig tot uiting komt, waarbij de vormvoorschriften in artikel 25 lid 1 sub a tot en met c Brussel Ibis-Vo ten doel hebben te waarborgen dat de wilsovereenstemming tussen partijen inderdaad vaststaat. Derhalve dient de rechtbank te onderzoeken of tussen Commodity Line en Katolik Group zodanige wilsovereenstemming is ontstaan over de onderhavige forumkeuze. In dat verband overweegt de rechtbank als volgt.

4.6.

Partijen twisten weliswaar over de toepasselijkheid van de onderhavige forumkeuze op hun rechtsbetrekking in deze zaak, maar tussen hen is niet in geschil dat de tekst van deze forumkeuze verstaan moet worden als een exclusieve forumkeuze in de zin van het bepaalde in lid 1 van artikel 25 Brussel Ibis-Vo. In geval van toepasselijkheid van deze forumkeuze is de rechtbank Rotterdam derhalve onbevoegd.

4.7.

Katolik Group heeft in haar hiervoor onder 1.1 genoemde incidentele conclusie erkend met Commodity Line op of omstreeks 6 april 2017 de koopovereenkomst te hebben gesloten waarop Commodity Line haar vorderingen baseert, zodat dit in de onderhavige incidentele procedure vast is komen te staan.

4.8.

Wat betreft de drie onder a-c van lid 1 van artikel 25 Brussel Ibis-Vo genoemde alternatieve vormvereisten waaraan de forumkeuze moet voldoen, heeft Katolik Group uitsluitend een beroep gedaan op het vormvereiste onder a. Vergelijk onder 7 van de incidentele conclusie van Katolik Group. Of de forumkeuze (ook) voldoet aan de vormvereisten onder b en c is derhalve niet aan de orde. Hieraan kan niet afdoen dat Katolik Group stelt dat haar algemene voorwaarden ook in het verleden tussen partijen zijn gebruikt, nu zij deze (vermeende) omstandigheid op zichzelf genomen niet aanmerkt als een reden voor de toepasselijkheid van haar algemene voorwaarden in de onderhavige zaak (vgl. genoemd vormvereiste onder b).

4.9.

Het vormvereiste onder a van lid 1 van artikel 25 Brussel Ibis-Vo houdt twee mogelijkheden in voor het sluiten van de forumkeuze(overeenkomst) – de “overeenkomst tot aanwijzing van een bevoegd gerecht” –, namelijk hetzij in de vorm van een schriftelijke overeenkomst hetzij in de vorm van een schriftelijk bevestigde mondelinge overeenkomst. Commodity Line is van mening dat partijen de onderhavige koop mondeling zijn overeengekomen en dat deze mondelinge overeenkomst schriftelijk is bevestigd in de vorm van het als “Contract from the Day” getitelde stuk dat zij als productie 3 in het geding heeft gebracht. Vergelijk onder 2.1 van de dagvaarding en onder 12 van de incidentele conclusie van antwoord. Katolik Group, daarentegen, meent dat partijen schriftelijk hebben gecontracteerd en dat deze schriftelijke overeenkomst belichaamd wordt door bovengenoemd schriftelijk stuk “Contract from the Day”. Vergelijk onder 2 van de incidentele conclusie houdende exceptie van onbevoegdheid. Omdat gesteld noch gebleken is dat partijen tijdens hun contractsbesprekingen op enigerlei wijze hebben gesproken over de forumkeuze voor de Poolse rechter of de toepasselijkheid van de algemene voorwaarden van Katolik Group en evenmin gesteld dan wel gebleken is dat partijen hun eventuele mondelinge afspraken ook hebben neergelegd in een ander schriftelijk stuk dan bovengenoemd schriftelijk stuk “Contract from the Day”, kan echter verder in het midden blijven of de door Katolik Group gestelde forumkeuze is gebaseerd op een schriftelijke overeenkomst dan wel op een schriftelijk bevestigde mondelinge overeenkomst.

4.10.

Gesteld noch gebleken is dat partijen uitdrukkelijk zijn overeengekomen dat de Poolse rechter bevoegd zou zijn. Zo maakt een dergelijke afspraak ook geen deel uit van de tekst van bovengenoemd schriftelijk stuk “Contract from the Day”. De toepasselijkheid van de forumkeuze voor de Poolse rechter in haar algemene voorwaarden baseert Katolik Group enkel en alleen op het feit dat deze algemene voorwaarden van toepassing zouden zijn.

4.11.

Het uitgangspunt voor de toepasselijkheid van haar algemene voorwaarden op de onderhavige overeenkomst vormt voor Katolik Group de volgende verwijzing naar deze voorwaarden in bovengenoemd schriftelijk stuk “Contract from the Day” – aangehaald voor zover relevant:

Additional conditions:

[…]

3. Delivery carried out according to OWS and OWD Katolik Sp. Z.o.o.”.

Aangezien, aldus Katolik Group, deze algemene voorwaarden door Katolik Group beschikbaar zijn gesteld op haar website (www.katolikgroup.pl) en deze website in het Engels, Russisch, Duits, Tsjechisch en Italiaans is gesteld, zijn deze algemene voorwaarden volgens haar van toepassing. Dit wordt door Commodity Line betwist.

4.12.

Gesteld noch gebleken is dat in bovengenoemd schriftelijk stuk “Contract from the Day” de website van Katolik Group, www.katolikgroup.pl, is vermeld (en dat voor wat betreft de tekst van deze algemene voorwaarden in dit schriftelijk stuk verwezen is naar die website). Evenmin is gesteld dan wel gebleken dat de tekst van deze algemene voorwaarden deel uitmaakt van bovengenoemd schriftelijk stuk “Contract from the Day” (bijvoorbeeld door vermelding daarvan op de voorzijde of de achterzijde van dit stuk dan wel door vastgehecht te zijn aan dit stuk). Van een uitdrukkelijke verwijzing door Katolik Group naar de forumkeuze in haar algemene voorwaarden is derhalve geen sprake geweest. Evenmin is sprake geweest van een daadwerkelijke mededeling door Katolik Group in het kader van de onderhavige overeenkomst van haar algemene voorwaarden aan Commodity Line. Gelet op dit alles heeft de onderhavige forumkeuze geen voorwerp uitgemaakt van wilsovereenstemming in de zin van de hiervoor in r.o. 4.5 vermelde rechtspraak van het Hof van Justitie. Vergelijk punten 39 en 40 van het hiervoor in r.o. 4.5 vermelde Höszig/Alstom-arrest van dit hof. De forumkeuze mist dan ook toepassing.

4.13.

Gelet op hetgeen hiervoor in r.o. 4.4 is overwogen, is deze rechtbank derhalve bevoegd. De incidentele vordering van Katolik Group zal dan ook worden afgewezen.

4.14.

Als de in het ongelijk gestelde partij zal Katolik Group in de proceskosten worden veroordeeld. Deze kosten aan de zijde van Commodity Line worden tot aan deze uitspraak begroot op € 543,00 (1 punt in liquidatietarief II).

5 De beslissing

De rechtbank

in het incident

5.1.

wijst de incidentele vordering af;

5.2.

veroordeelt Katolik Group in de proceskosten, die tot aan deze uitspraak zijn begroot op € 543,00;

5.3.

verklaart deze proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad,

in de hoofdzaak

5.4.

verwijst de zaak naar de rol van 26 september 2018 voor conclusie van antwoord.

Dit vonnis is gewezen door mr. C. Bouwman en in het openbaar uitgesproken op 29 augustus 2018.

901/1729