Feedback

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2018:7084

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
26-07-2018
Datum publicatie
12-09-2018
Zaaknummer
6616488 MB VERZ 18-59
Rechtsgebieden
Bestuursstrafrecht
Bijzondere kenmerken
Beschikking
Inhoudsindicatie

De betreffende dag was het zoontje van betrokkene (toen 2 jaar oud) van de trap gevallen. Daarbij zijn zijn nek en rug dubbelgeklapt. Betrokkene is toen met zijn zoontje spoed naar het ziekenhuis gereden. Deze omstandigheden geven aanleiding tot matiging.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

zaaknummer: 6616488 \ MB VERZ 18-59

6616543 \ MB VERZ 18-60

6616583 \ MB VERZ 18-61

cjib-nummer: 210614344, 210614319 en 210473457

registratienummer: LB7959, LB7958 en LB7960

uitspraak: 26 juli 2018

uitspraak van de kantonrechter, zitting houdende te Dordrecht,

in de zaken van:

betrokkene: [betrokkene]

adres: [adres]

postcode en woonplaats: [postcode en woonplaats]

gemachtigde: N.G.A. Voorbach

adres: Postbus 7222

postcode en woonplaats : Zoetermeer

1 Het verloop van de procedure

Bij inleidende beschikkingen van 15 september 2017 zijn aan betrokkene de volgende sancties opgelegd.

- € 230,00, vermeerderd met € 9,00 administratiekosten voor “niet stoppen voor rood licht bij driekleurig verkeerslicht”, begaan op dinsdag 29 augustus 2017 om 19:35 uur te Dordrecht aan de Laan der Verenigde Naties (feitcode R602);

- € 230,00, vermeerderd met € 9,00 administratiekosten voor “niet stoppen voor rood licht bij driekleurig verkeerslicht”, begaan op dinsdag 29 augustus 2017 om 19:35 uur te Dordrecht aan Laan der Verenigde Naties (feitcode R602);

- € 325,00, vermeerderd met € 9,00 administratiekosten voor “Overschrijding van de maximumsnelheid binnen de bebouwde kom met 30 km/h (gedragsregel)”, begaan op dinsdag 29 augustus 2017 om 19:35 uur te Dordrecht aan de Laan der Verenigde Naties (feitcode VA030)

Tegen deze beschikkingen is betrokkene op 17 oktober 2017 bij de officier van justitie in beroep gekomen.

De officier van justitie heeft het beroep van betrokkene in alle zaken ongegrond verklaard. Deze beslissing is op 16 november 2017 aan betrokkene verzonden.

Tegen de beslissing van de officier van justitie heeft betrokkene op 28 december 2017 beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De zaak is behandeld op de openbare zitting van 12 juli 2018, waar namens de officier van justitie een vertegenwoordiger van de CVOM en betrokkene, bijgestaan door zijn gemachtigde, zijn verschenen.

2 De beoordeling

2.1

De termijnen en formaliteiten voor de procedure bij de kantonrechter zijn in acht genomen.

2.2

Betrokkene heeft het volgende aangevoerd. De betreffende dag was het zoontje van betrokkene (toen 2 jaar oud) van de trap gevallen. Bij die val zijn de nek en de rug van het zoontje van betrokkene dubbelgeklapt. Betrokkene is toen met spoed naar het ziekenhuis gereden. Betrokkene woont slechts 2 km van het ziekenhuis en heeft daarom niet gewacht op een ambulance. Het zoontje van betrokkene was bewusteloos en betrokkene vreesde voor het leven van zijn zoontje. Ter onderbouwing van zijn standpunt heeft betrokkene een verklaring van de behandelend arts overgelegd.

2.3

Betrokkene heeft de door hem aangevoerde omstandigheden voldoende aannemelijk gemaakt. Uit de verklaring van de behandelend arts blijkt dat de situatie zeer spoedeisend was, zodat sprake was van een noodsituatie. Een noodsituatie kan het overtreden van verkeersregels rechtvaardigen. Daarbij moet worden beoordeeld of de handelwijze van betrokkene gelet op de ontstane noodsituatie gerechtvaardigd was.

2.4

Ter zitting heeft betrokkene in dat kader nog aangevoerd dat hij in de transportsector werkt en goed heeft gekeken of er geen kruisend verkeer was. Naar het oordeel van de kantonrechter kan het negeren van een rood verkeerslicht onder die omstandigheden door de noodsituatie worden gerechtvaardigd. De aan betrokkene opgelegde sancties voor het rijden door rood zullen daarom worden gematigd tot nihil.

2.5

De officier van justitie heeft ter zitting er terecht op gewezen dat de snelheid waarmee betrokkene heeft gereden zeer hoog was. Er is sprake van een snelheidsoverschrijding van 30 km/u op een weg waar slechts 50 km/u is toegestaan. Daarmee heeft betrokkene een zodanig gevaarlijke situatie doen ontstaan dat zijn handelwijze niet meer geheel kan worden gerechtvaardigd door de ontstane noodsituatie. De sanctie voor het overschrijden van de maximumsnelheid zal om die reden niet worden gematigd tot nihil, maar tot € 50,00, vermeerderd met € 9,00 administratiekosten.

2.6

De beslissingen van de officier van justitie kunnen vanwege het vorenstaande niet in stand blijven. De beroepsgronden die betrokkene heeft aangevoerd tegen de beslissing van de officier van justitie kunnen daarom onbesproken blijven.

2.7

Het beroep in de zaken met cjib-nummers 210614344 en 210614319 is gegrond en het beroep in de zaak met cjib-nummer 210473457 is gedeeltelijk gegrond.

2.8

Het door betrokkene gedane verzoek om toekenning van een proceskostenvergoeding zal worden toegewezen. Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht komen in dit geval de kosten voor door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand voor vergoeding in aanmerking. De gemachtigde van betrokkene heeft beroep ingesteld in minder dan vier samenhangende zaken die gelijktijdig of nagenoeg gelijktijdig zijn behandeld. Deze zaken worden op grond van het Besluit beschouwd als één zaak. De hoogte van de vergoeding zal gelet op het aantal door de gemachtigde van betrokkene verrichte proceshandelingen en met toepassing van wegingsfactor 0,5 worden vastgesteld op € 751,50.

3 De beslissing

De kantonrechter:

in de zaken met cjib-nummers 210614344 en 210614319:

verklaart het beroep gegrond;

wijzigt de beslissingen van de officier van justitie in die zin dat de sancties worden gematigd tot nihil;

in de zaak met cjib-nummer 210473457:

verklaart het beroep gedeeltelijk gegrond;

wijzigt de beslissing van de officier van justitie in die zin dat de sanctie wordt gematigd tot € 50,00 vermeerderd met € 9,00 administratiekosten;

in alle zaken:

bepaalt dat het te veel door betrokkene aan zekerheid gestelde bedrag wordt terugbetaald;

veroordeelt de officier van justitie om aan betrokkene te betalen een bedrag van € 751,50 aan proceskostenvergoeding

Deze beslissing is gegeven door mr. ir. A.J.E. Cartigny en uitgesproken ter openbare zitting.

37855

Wanneer de bij deze beslissing opgelegde sanctie meer bedraagt dan € 70,00 of uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard op grond van het niet tijdig stellen van zekerheid, staat ingevolge artikel 14 Wahv tegen deze uitspraak hoger beroep open binnen 6 weken na de hieronder vermelde dag van toezending bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. Het beroepschrift dient ingezonden te worden bij de kantonrechter (Postbus 7003, 3300 GC Dordrecht). Het is niet mogelijk om hoger beroep in te stellen per e-mail.

Datum toezending: