Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2018:3693

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
23-04-2018
Datum publicatie
26-06-2018
Zaaknummer
RK 17/3222 en 3223
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Raadkamer
Inhoudsindicatie

Na vrijspraak PR bewijsuitsluiting doorzoeking auto geen billijkheid ivm vluchtgedrag en weigering verhoor door politie en zwijgrecht (in auto inbrekerswerktuig en goederen van diefstal afkomstig)

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 2

Parketnummer: 10/661214-17

Raadkamernummers: 17/3222 (89 Sv)

17/3223 (591a Sv)

Beschikking van de rechtbank Rotterdam, enkelvoudige raadkamer, op de verzoeken van:

[naam verzoeker] , verzoeker ,

geboren op [geboortedatum verzoeker] te [geboorteplaats verzoeker] ,

voor deze zaak domicilie kiezende te (3022 CG) Rotterdam, Heemraadssingel 165, ten kantore van zijn raadsman mr. A.C. Bosch.

Procedure

Op 10 oktober 2017 is ingediend een verzoekschrift met verzoeken op grond van artikel 89 en artikel 591a Sv.

De verzoeken zijn op 23 april 2018 door de raadkamer in het openbaar behandeld. De officier van justitie mr. C.J.A. van der Maas en de raadsman zijn gehoord. De verzoeker is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.

Inhoud verzoeken en standpunt officier van justitie

Verzoek artikel 89 Sv

Het verzoek strekt ertoe dat aan de verzoeker ten laste van de Staat wordt toegekend een bedrag van € 2.315,- als vergoeding voor de immateriële schade als gevolg van het voorarrest.

De officier van justitie heeft geconcludeerd dat er geen gronden van billijkheid zijn om een vergoeding toe te kennen voor de geleden immateriële schade. Daartoe is aangevoerd dat er wel voldoende bewijs is dat de verzoeker het tenlastegelegde heeft begaan, maar dat de politierechter de zoeken van de auto onrechtmatig heeft geacht, en daarnaast het vluchtgedrag en de proceshouding van de verzoeker.

Verzoek artikel 591a Sv

Het verzoek strekt ertoe dat aan de verzoeker uit ’s Rijks kas een vergoeding wordt toegekend voor de kosten voor rechtsbijstand, gemaakt in verband met het opstellen, indienen en behandelen van het verzoekschrift ter hoogte van het forfaitaire bedrag van

€ 280,- bij een schriftelijk afdoening en € 550,- bij een behandeling op een raadkamerzitting.

De officier van justitie heeft geconcludeerd tot afwijzing van het verzoek.

Feiten

De verzoeker is in de strafzaak met bovengenoemd parketnummer van 11 augustus 2017 tot op 14 augustus 2017 in verzekering gesteld geweest op verdenking van artikel 311 Sr.

Aansluitend heeft hij tot op 8 september 2017 in voorlopige hechtenis verbleven.

Bij vonnis van deze rechtbank, uitgesproken op 8 september 2017, is de verzoeker vrijgesproken van hetgeen hem in de strafzaak ten laste was gelegd. Dit vonnis is op 23 september 2017 onherroepelijk geworden.

Beoordeling

Verzoek artikel 89 Sv

Vooropgesteld wordt dat de rechtbank ingevolge artikel 89 Sv op verzoek van de gewezen verdachte - indien de zaak is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel - hem een vergoeding kan toekennen voor de schade welke hij ten gevolge van ondergane verzekering, klinische observatie of voorlopige hechtenis heeft geleden. De toekenning van een dergelijke vergoeding heeft ingevolge artikel 90 Sv plaats indien hiervoor naar het oordeel van de rechtbank, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn.

Uit de feiten volgt dat de strafzaak tegen de verzoeker is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel.

Gebleken is dat er ten tijde van de toepassing van de inverzekeringstelling voldoende verdenking tegen de verzoeker was om dat dwangmiddel te rechtvaardigen.

Alle omstandigheden in aanmerking genomen worden geen gronden van billijkheid aanwezig geacht om aan de verzoeker een vergoeding voor immateriële schade als gevolg van het voorarrest toe te kennen.

Daartoe wordt het volgende overwogen:

Op het moment dat verbalisanten achter verzoeker aan gaan, rijdt deze met hoge snelheid weg. Na een achtervolging stapt verdachte uit de auto en rent weg waarna verbalisanten hem onder een vrachtauto verstopt aantreffen. In de auto worden inbrekerswerktuigen gevonden en goederen die, naar later blijkt, kort daarvoor zijn weggenomen. Op het politiebureau weigert hij te worden gehoord. Tijdens een verhoor bij de rechter-commissaris wilde hij niets zeggen over het feit en ook niet over zijn persoonlijke omstandigheden. Dit maakt dat het aan verzoeker in overwegende mate aan zichzelf heeft te wijten dat de voorlopige hechtenis is toegepast, zodat voor het toekennen van een vergoeding aan verzoeker geen gronden van billijkheid aanwezig zijn.

Het verzoek zal daarom worden afgewezen.

Verzoek artikel 591a Sv

Vooropgesteld wordt dat een gewezen verdachte indien de zaak is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht - op grond van artikel 591a juncto artikel 90 Sv in beginsel aanspraak kan maken op vergoeding van de te zijnen laste gekomen kosten voor de rechtsbijstand, zulks voor zover daarvoor gronden van billijkheid aanwezig zijn.

Uit de feiten volgt dat de strafzaak tegen de verzoeker is geëindigd zonder oplegging van straf of maatregel en zonder dat toepassing is gegeven aan artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht.

Kosten rechtsbijstand voor opstellen, indienen en behandelen verzoekschrift

Het verzoek ziet op de vergoeding van kosten voor het opstellen, indienen en behandelen van het op grond van artikel 591a Sv ingediende verzoekschrift.

De beslissing van de rechtbank op het verzoek op grond van artikel 89 Sv brengt met zich dat er evenmin gronden van billijkheid aanwezig zijn om een vergoeding voor de kosten voor de indiening van het onderhavige verzoekschrift, onderscheidenlijk het ingediende verzoekschrift ex artikel 89 Sv toe te kennen. Het verzoek zal daarom worden afgewezen.

Beslissing

De rechtbank

t.a.v. het onder RK-nummer 17/3222 ingeschreven verzoek:

Wijst het verzoek af.

t.a.v. het onder RK-nummer 17/3223 ingeschreven verzoek:

Wijst het verzoek af.

Deze beschikking is gegeven door:

mr. W.A.F. Damen, rechter,

in tegenwoordigheid van R.M.T. Verheijde, griffier,

en in het openbaar uitgesproken op 23 april 2018.