Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2018:3003

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
27-02-2018
Datum publicatie
16-04-2018
Zaaknummer
10/680280-16
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Bedreiging met verkrachting via facebook onder valse naam.

Verdachte is verminderd toerekeningsvatbaar door o.a. seksueelsadismestoornis en gebruik amfetamine.

Gevangenisstraf 6 maanden voorwaardelijk met behandelverplichting in FPA.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 2

Parketnummer: 10/680280-16

Datum uitspraak: 27 februari 2018

Tegenspraak

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[naam verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats verdachte] op [geboortedatum verdachte] ,

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:

[adres verdachte] ,

[woonplaats verdachte] , gemeente [naam gemeente] ,

raadsvrouw S. Ben Ahmed, advocaat te Rotterdam.

1 Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 13 februari 2018.

2 Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding, zoals deze op de terechtzitting overeenkomstig de vorderingen van de officier van justitie is gewijzigd.

De tekst van de gewijzigde tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3 Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. M. van den Berg heeft gevorderd:

  • -

    vrijspraak van het onder 3 ten laste gelegde;

  • -

    bewezenverklaring van het onder 1, 2, 4, 5 en 6 ten laste gelegde;

  • -

    veroordeling van de verdachte tot een taakstraf van 180 uren, te vervangen door 90 dagen hechtenis, met aftrek van voorarrest;

  • -

    veroordeling van de verdachte voorts tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden, geheel voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaar en met als bijzondere voorwaarden: dat de verdachte zich zal gedragen naar de aanwijzingen van de reclassering, een meldplicht daaronder begrepen, dat hij zal meewerken aan opname in FPA De Mare of een soortgelijke instelling voor zolang als nodig wordt geacht met een maximum van 1 jaar, hij aansluitend zal meewerken aan begeleid wonen bij GGZ WNB of een soortgelijke instelling, zich zal houden aan een dagprogramma, ambulante behandeling met de mogelijkheid tot kortdurende klinische opname met betrekking tot detox en urinecontroles, en voorts zal meewerken aan schuldhulpverlening en een verbod op het gebruiken van sociale media zolang de reclassering dat noodzakelijk acht.

4 Vrijspraak feit 3

Met de officier van justitie en de verdediging is de rechtbank van oordeel dat het onder 3 ten laste gelegde niet wettig en overtuigend is bewezen, zodat de verdachte daarvan zonder nadere motivering zal worden vrijgesproken.

5 Bewijs en bewezenverklaring overige feiten

In bijlage II heeft de rechtbank een opgave opgenomen van de wettige bewijsmiddelen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Met deze opgave wordt volstaan, nu de verdachte het bewezen verklaarde heeft bekend en nadien geen vrijspraak is bepleit. Op grond daarvan is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 1, 2, 4, 5 en 6 ten laste gelegde heeft begaan op die wijze dat:

1.

hij in of omstreeks de periode van 8 april 2016 tot en met 10 april 2016 te Groot-Ammers en/ Brandwijk, gemeente Molenwaard, [naam slachtoffer 1] heeft bedreigd met verkrachting, immers heeft verdachte (onder de naam [valse naam 1 verdachte] ) opzettelijk ten overstaan van [naam zus slachtoffer 1] , de zus van voornoemde [naam slachtoffer 1] , (via een chat op facebook) dreigend (onder meer) de woorden toegevoegd dat hij die [naam slachtoffer 1] een flinke klap wilde geven zodat zij knock out zou gaan en die [naam slachtoffer 1] hierna bruut wilde verkrachten, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking, welk bericht [naam zus slachtoffer 1] aan die [naam slachtoffer 1] heeft laten lezen;

2.

hij op of omstreeks 15 februari 2016 te Ameide en Brandwijk, gemeente Molenwaard, [naam slachtoffer 2] (via een chat op facebook) heeft bedreigd met verkrachting, immers heeft verdachte (onder de naam [valse naam 2 verdachte ] )

opzettelijk voornoemde [naam slachtoffer 2] dreigend de woorden toegevoegd: "laat me je nou ophalen en naar mij toe gaan, zodat ik je bij mij thuis kan vastbinden aan mijn bed, en je kleren van je lijf afscheuren en je daarna keihard te gaan verkrachten met mijn voorbinddildo", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

4.

hij op 7 februari 2016 te Groot-Ammers en Brandwijk, gemeente Molenwaard, meermalen, opzettelijk en wederrechtelijk identificerende persoonsgegevens, niet zijnde biometrische persoonsgegevens (namelijk een facebook account en/of de voor- en achternaam en/of de geboortedatum en/of de woonplaats en/of (gefotoshopte) foto('s)), van een ander (namelijk [naam slachtoffer 3] ) heeft gebruikt met het oogmerk om zijn identiteit te verhelen , waardoor uit dat gebruik enig nadeel is ontstaan (namelijk reputatieschade en gevoelens van angst, onzekerheid, schaamte en vernedering);

5.

hij in of omstreeks de periode van 17 juli 2016 tot en met 19 juli 2016 te Kesteren, gemeente Neder-Betuwe en Brandwijk, gemeente Molenwaard, [naam slachtoffer 4] (via een chat op facebook) heeft bedreigd met verkrachting van haar dochters, immers heeft verdachte (onder de naam [valse naam 3 verdachte] ) opzettelijk voornoemde [naam slachtoffer 4] dreigend de woorden toegevoegd : "hey Wat heeft u 2 mooie dochters zeg!! Echt super mooi gewoon! Haar nu ga ik 1 van hun verkrachten! Dat is zeker! alleen u mag kiezen welke het wordt., dus van welke 2 houdt u het meeste? [naam 1] of [naam 2] ?? Wilt u dat ik uw jongste of oudste verkracht? Als ik niks van u hoort binnen 1 week, pak ik ze beide teglijk, en laat ik ze onder dwang ook nog sex net elkaar hebben! Ik sla [naam 2] net zolang op haar grote borsten tot ze het niet meer aankan, en [naam 1] ghaar jonge kutje gaat likken! dus ik neem aan dat ik snel wat van u hoor?!? dan kom ik snel even in kesteren kijken :) (smiley)", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

6.

hij in of omstreeks de periode van 26 oktober 2016 tot en met 28 oktober 2016 te Volendam, gemeente Edam-Volendam en Brandwijk, gemeente Molenwaard, [naam slachtoffer 5] (via een chatop facebook) heeft bedreigd met verkrachting van haar dochter, immers heeft verdachte (onder de naam [valse naam 4 verdachte] ) opzettelijk voornoemde [naam slachtoffer 5] dreigend de woorden toegevoegd: "Hoeveel geld zou u van mij willen hebben als ik uw dochter 1 avond mag gebruiken en misbruiken? ik bedoel ook echt hard dan, zodat ik tranen in haar bange oogjes zal zien..en ze het uit zal schreeuwen van de pijn, als ik mijn lui in lx in haar kutje en kontje zal schuiven., noem maar een prijs... :) (smiley) noem je prijs voor dit geile sletje van je...", en/of “komt vanavond uit? anders pik ik er (haar) meteen op van school vanmiddag”, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet ook daarvan worden vrijgesproken.

6 Strafbaarheid feiten

De bewezen feiten leveren op:

1, 2, 5 en 6:

bedreiging met verkrachting, meermalen gepleegd;

4.

opzettelijk en wederrechtelijk identificerende persoonsgegevens, niet zijnde biometrische persoonsgegevens, van een ander gebruiken met het oogmerk om zijn identiteit te verhelen, waardoor uit dat gebruik enig nadeel kan ontstaan;

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. De feiten zijn dus strafbaar.

7 Strafbaarheid verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.

8 Motivering straffen

De straffen die aan de verdachte worden opgelegd, zijn gegrond op de ernst van de feiten, de omstandigheden waaronder de feiten zijn begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

De verdachte heeft via Facebook onder een valse naam naar vier verschillende personen meerdere chats verstuurd met voor de ontvangers van deze chats dan wel degene die in de chats werden genoemd (in twee gevallen: de kinderen van die personen) zeer kwetsende, bedreigende en gewelddadige inhoud. De betreffende personen werden in de chats met name bedreigd met gewelddadige verkrachting. Toen de verdachte de laatste twee chats verstuurde liep hij in een schorsing van de voorlopige hechtenis die tegen hem was bevolen ter zake van eerder door hem verzonden chats. Daarnaast heeft de verdachte op Facebook persoonsgegevens van een ander gebruikt met de bedoeling om zijn eigen identiteit te verhullen.

De bedreigingen hebben een ernstige inbreuk gemaakt op de persoonlijke levenssfeer van de slachtoffers, hetgeen ook blijkt uit de uitvoerige verklaring van één van hen op de terechtzitting. De verdachte heeft bij dit slachtoffer langdurig gevoelens van angst, boosheid, onzekerheid en onmacht te weeg gebracht. De verdachte deed alles voor zijn eigen seksuele gerief, zonder stil te staan bij de consequenties die dit gedrag veroorzaakte bij de slachtoffers.

GGZ ERW Novadic-Kentron Breda, Bouman GGZ, afdeling reclassering, en psycholoog drs. B.Y. van Toorn hebben rapporten over de verdachte opgemaakt, gedateerd 19 januari 2018, 31 oktober 2017, 5 februari 2017 en 13 juli 2017. Deze rapporten houden onder meer het volgende in.

Psycholoog Van Toorn geeft aan dat ten tijde van de delicten er bij de verdachte sprake was van een ernstige verslaving aan amfetamine. Dit verslavingsgedrag van de verdachte heeft hem volledig geïsoleerd. Hij ging steeds meer speed gebruiken in grenzeloze hoeveelheden. Dit is toegenomen nadat hij op zijn werk op non actief werd gesteld. Hierdoor namen zijn controlemechanismen af, nam zijn impulsiviteit en libido toe en werden de sadomasochistische fantasieën meer bewust en gestimuleerd. Er is daarom sprake van een ziekelijke stoornis der geestvermogens in de zin van een seksueelsadismestoomis, een seksverslaving als gevolg van een stoornis in het gebruik van amfetamine (in remissie), een stoornis in het gebruik van amfetamine en XTC (in vroege remissie), een gokstoomis (in remissie) en een aandachtsdeficiëntie/ hyperactiviteitsstoomis van het gecombineerde type. De gebrekkige ontwikkeling der geestvermogens bestaat uit vermijdende persoonlijkheidstrekken. Gezien de doorwerking van stoornissen in de delicten, is het advies om betrokkene alle ten laste

gelegde feiten in een verminderde mate toe te rekenen. Op dit moment lijkt er een evenwicht te zijn tussen risicovolle en beschermende factoren. Dit evenwicht is echter broos en kan makkelijk verstoord raken, waardoor de kans op recidive zal oplopen.

Bouman GGZ constateert eveneens dat de verdachte bekend is met een langdurige verslavingsproblematiek en hiervoor meerdere (klinische) behandeltrajecten zonder succes heeft gevolgd. Er zou sprake zijn van schulden als gevolg van de verslavingsproblematiek. Naast deze verslavingsproblematiek heeft de NIFP gediagnostiseerd dat er sprake is van een seksuele-sadismestoornis, een seksverslaving veroorzaakt door een stoornis in het gebruik van stimulantia, aandachtsdeficiëntie/hyperactiviteitsstoornis van het gecombineerde type (ADHD) en ernstig vermijdende persoonlijkheidstrekken. GGZ Bouman ziet een relatie tussen het delictgedrag, de seksueel-sadismestoornis, ADHD vermijdende persoonlijkheidstrekken en verslavingsproblematiek. Behandeling voor deze problematiek wordt noodzakelijk geacht om recidive te voorkomen. Mede door het middelengebruik in combinatie met de vastgestelde stoornissen wordt de recidivekans hoog geschat.

GGZ ERW Novadic-Kentron houdt op dit moment toezicht op de verdachte, nadat hij na een nieuwe schorsing van de voorlopige hechtenis op 2 november 2017 in verband met een terugval in middelengebruik is geplaatst bij FPA De Mare. Na de inzet van dit nieuwe klinische traject, werden de gesprekken van de verdachte met zijn reclasseringswerker gekenmerkt door het cynisme en het externaliserend gedrag rondom diens amfetaminegebruik, waardoor er weinig ingang was bij hem. Na een aantal gesprekken kon er meer inhoudelijk gesproken worden over zijn houding en het behandeltraject. Nadat hij meer vrijheidsstappen en meer verantwoording kreeg raakte hij meer gemotiveerd voor de behandeling en ging hij zich meer positief inzetten. Het behandelteam geeft aan dat ze deze stijgende lijn en ingezette behandeling willen voortzetten binnen FPA De Mare. Vanuit de klinische behandeling zou hij aansluitend kunnen doorstromen naar de forensische woningen op het GGZ WNB terrein voor de resocialisatie. Hier kan hij oefenen met vrijheden, het abstinent blijven buiten de begrenzing en structuur van de kliniek en kan hij zijn behandeling ambulant vervolgen.

Nu de conclusies van de psycholoog gedragen worden door de bevindingen en door hetgeen ook overigens op de terechtzitting is gebleken, neemt de rechtbank die conclusies over en maakt die tot de hare. De verdachte wordt daarom voor het bewezenverklaarde handelen in verminderde mate toerekeningsvatbaar geacht.

De aard en de ernst van de feiten rechtvaardigen een gevangenisstraf. Echter, gelet op de voorgestelde behandeladviezen en het feit dat de verdachte momenteel al enige tijd in behandeling is waarbij vooruitgang wordt geboekt en een gevangenisstraf dit proces zou onderbreken, ziet de rechtbank aanleiding die gevangenisstraf geheel voorwaardelijk op te leggen met daarbij als voorwaarden de verplichting de behandeling af te ronden en zich onder toezicht te stellen van de reclassering. Daarbij is mede betrokken dat blijkens het uittreksel uit de justitiële documentatie van 24 januari 2018 de verdachte niet eerder is veroordeeld, dat hij voorts welgemeende spijt heeft betuigd en verantwoording heeft genomen voor zijn handelen door openheid van zaken te geven.

Naast een voorwaardelijke gevangenisstraf zal als onvoorwaardelijke straf een taakstraf worden opgelegd. Gezien het feit dat de klinische behandeling van de verdachte nog geruime tijd zal duren, krijgt de verdachte twee jaar de tijd om die taakstraf uit te voeren.

Alles afwegend acht de rechtbank de hierna te noemen straffen passend en geboden.

9 In beslag genomen voorwerpen

De officier van justitie heeft gevorderd de in beslag genomen goederen, hierna te noemen in het dictum, verbeurd te verklaren.

De verdediging heeft zich met betrekking tot die verbeurdverklaring gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

De rechtbank zal, overeenkomstig de vordering van de officier van justitie, de inbeslaggenomen voorwerpen verbeurdverklaren. De voorwerpen zijn daarvoor vatbaar, nu de bewezen feiten daarmee zijn begaan en deze toebehoren aan de verdachte.

10 Vorderingen benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregel

Als benadeelde partij heeft zich in het geding gevoegd: [naam benadeelde 1] ter zake van het onder 2 ten laste gelegde feit. De benadeelde partij heeft een vergoeding gevorderd ter zake van materiele schade van € 17,90, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 15 februari 2016, zijnde de datum waarop de schade is ontstaan.

Als benadeelde partij heeft voorts zich in het geding gevoegd: [nam benadeelde] ter zake van het onder 6 ten laste gelegde feit. Deze benadeelde partij heeft een vergoeding gevorderd ter zake van immateriële schade van € 750,- te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 28 oktober 2016, zijnde de datum waarop de schade is ontstaan.

De rechtbank zal beide vorderingen toewijzen, nu is komen vast te staan dat aan de benadeelde partijen door het onder 2 respectievelijk 6 bewezen verklaarde strafbare feit, rechtstreeks schade is toegebracht, de vorderingen niet zijn betwist en op de wet zijn gegrond.

Nu de vordering van de benadeelde partijen worden toegewezen, zal de verdachte worden veroordeeld in de kosten door elk van de benadeelde partijen gemaakt, tot op heden telkens begroot op nihil.

Het wordt wenselijk geacht, dat naast de voor de benadeelde partijen zelf bestaande mogelijkheid tot tenuitvoerlegging van de aan de verdachte op te leggen verplichting tot betaling van schadevergoeding, ook het openbaar ministerie met die tenuitvoerlegging wordt belast. Aan de verdachte zal daarom ten aanzien van beide vorderingen tevens de schadevergoedingsmaatregel met vervangende hechtenis worden opgelegd.

11 Toepasselijke wettelijke voorschriften

Gelet is op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 24c, 33, 33a, 36f, 57, 231b en 285 van het Wetboek van Strafrecht.

12 Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.

13 Beslissing

De rechtbank:

verklaart niet bewezen, dat de verdachte het onder 3 ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij;

verklaart bewezen, dat de verdachte de onder 1, 2, 4, 5 en 6 ten laste gelegde feiten, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte ook daarvan vrij;

stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert de hiervoor vermelde strafbare feiten;

verklaart de verdachte strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) maanden;

bepaalt dat deze gevangenisstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechtbank later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van de proeftijd, die hierbij wordt gesteld op 3 jaar, na te melden voorwaarden overtreedt;

stelt als algemene voorwaarden:

  • -

    de veroordeelde zal zich vóór het einde van de proeftijd niet aan een strafbaar feit schuldig maken;

  • -

    de veroordeelde zal ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verlenen aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbieden;

  • -

    de veroordeelde zal medewerking verlenen aan reclasseringstoezicht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen;

stelt als bijzondere voorwaarden:

1. de veroordeelde zal op geen enkele wijze gebruik maken van social media zolang de reclassering dat nodig acht;

2. de veroordeelde zal zich melden bij een door Reclassering Nederland aan te wijzen instantie, zolang en frequent als die reclasseringstelling noodzakelijk vindt;

3. de veroordeelde zal zich onthouden van het gebruik van verdovende middelen en zal ten behoeve van de naleving van dit verbod meewerken aan urineonderzoek;

4. de veroordeelde zal zich voor behandeling van zijn verslavingsproblematiek klinisch laten opnemen in De Mare, of een soortgelijke instelling, en zal zich houden aan de aanwijzingen die door of namens de (geneesheer-)directeur van die instelling worden gegeven, zolang de (geneesheer-) directeur van die instelling nodig vindt met een maximum van een jaar;

5. de veroordeelde zal aansluitend op de klinische opname verblijven in de instelling voor begeleid wonen GGZ WNB of een soortgelijke instelling, en zal zich houden aan de aanwijzingen die door of namens de directeur van die instelling worden gegeven;

6. de veroordeelde zal zich aan een dagprogramma houden;

7. de veroordeelde zal zich onder ambulante behandeling stellen voor zijn verslavingsproblematiek met de mogelijkheid tot kortdurende klinische opname van maximaal 6 weken, zolang als de reclassering verantwoord vindt;

8. de veroordeelde zal meewerken aan schuldhulpverlening;

geeft aan genoemde reclasseringsinstelling opdracht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;

veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 180 (honderdtachtig) uren, waarbij de Reclassering Nederland dient te bepalen uit welke werkzaamheden de taakstraf dient te bestaan;

beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde taakstraf in mindering wordt gebracht volgens de maatstaf van twee uren per dag, zodat na deze aftrek 174 (honderdvierenzeventig) uren te verrichten taakstraf resteert;

beveelt dat, voor het geval de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 87 dagen;

beslist ten aanzien van de voorwerpen, geplaatst op de lijst van inbeslaggenomen en nog niet teruggegeven voorwerpen, als volgt:
- verklaart verbeurd voor de feiten 1,2,4,5 en 6:

1.00

STK Randapparatuur SANDDISK Micro Goednummer [beslagnummer 1]

1.00

STK Randapparatuur HC Micro sd Goednummer [beslagnummer 2]

1.00

STK Randapparatuur KI:Blauw EMERSON usb stick Goednummer [beslagnummer 3]

1.00

STK GSM zaktelefoon KliZilverkl APPLE Iphone 6 Goednummer [beslagnummer 4]

1.00

STK Randapparatuur KlrZilverkl. TOMTEC Goednummer [beslagnummer 5]

1.00

STK Randapparatuur KI:Zwart ONBEKEND usb Stick Goednummer [beslagnummer 6]

1.00

STK Randapparatuur Kl:Zilverkl. KINGSTON 16gb Goednummer [beslagnummer 7]

1.00

STK Harddisk SEAGATE Goednummer [beslagnummer 8]

1.00

STK Harddisk HITACHI Goednummer [beslagnummer 9]

1.00

STK Harddisk SEAGATE Goednummer [beslagnummer 10]

1.00

STK Harddisk HITACHI Goednummer [beslagnummer 11] ;

veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij [naam benadeelde 1], te betalen een bedrag van € 17,90 (zegge: zeventien euro en negentig eurocent), ter zake van materiële schade;

veroordeelt de verdachte in de proceskosten door de benadeelde partij voor haar gemaakt, tot op heden aan de zijde van de benadeelde partij begroot op nihil;

legt aan de verdachte de maatregel tot schadevergoeding op, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [naam benadeelde 1] te betalen € 17,90 (zegge: zeventien euro en negentig eurocent); vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 15 februari 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening; beveelt dat bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal van het bedrag van € 17,90 vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 1 dag; toepassing van de vervangende hechtenis heft de betalingsverplichting niet op;

verstaat dat betaling aan de benadeelde partij [naam benadeelde 1] , tevens geldt als betaling aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [naam benadeelde 1] en omgekeerd.

veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij [naam benadeelde 2], te betalen een bedrag van € 750,- (zegge: zevenhonderdenvijftig euro), ter zake van immateriële schade;

veroordeelt de verdachte in de proceskosten door de benadeelde partij voor haar gemaakt, tot op heden aan de zijde van de benadeelde partij begroot op nihil;

legt aan de verdachte de maatregel tot schadevergoeding op, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [naam benadeelde 2] te betalen € 750,- (hoofdsom, zegge: zevenhonderdenvijftig euro); vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 28 oktober 2016 tot aan de dag van de algehele voldoening; beveelt dat bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal van het bedrag van € 750,- vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 15 dagen; toepassing van de vervangende hechtenis heft de betalingsverplichting niet op;

verstaat dat betaling aan de benadeelde partij [naam benadeelde 2] , tevens geldt als betaling aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [naam benadeelde 2] en omgekeerd;

heft op het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. M.K. Asscheman-Versluis, voorzitter,

en mrs. G.P. van de Beek en M.J.M. van Beckhoven, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. A. van den Bosch, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.

Bijlage I

Tekst gewijzigde tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat

1.

hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 08 april 2016 tot en met 10 april 2016 te Groot-Ammers en/of Brandwijk, gemeente Molenwaard, in elk geval in Nederland, [naam slachtoffer 1] heeft bedreigd met verkrachting, immers heeft verdachte (onder de naam [valse naam 1 verdachte] ) opzettelijk ten overstaan van [naam zus slachtoffer 1] , de zus van voornoemde [naam slachtoffer 1] , (via (een) chatbericht(en) op facebook) dreigend (onder meer) de woorden toegevoegd dat hij die [naam slachtoffer 1] een flinke klap wilde geven zodat zij knock out zou gaan en die [naam slachtoffer 1] hierna bruut wilde verkrachten, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking, welk(e) bericht(en) [naam zus slachtoffer 1] aan die [naam slachtoffer 1] heeft laten lezen;

2.

hij op of omstreeks 15 februari 2016 te Ameide en/of Brandwijk, gemeente Molenwaard, in elk geval in Nederland, [naam slachtoffer 2] (via (een) chatbericht(en) op facebook) heeft bedreigd met verkrachting, immers heeft verdachte (onder de naam [valse naam 2 verdachte ] )

opzettelijk voornoemde [naam slachtoffer 2] dreigend de woorden toegevoegd:

"laat me je nou ophalen en naar mij toe gaan, zodat ik je bij mij thuis kan

vastbinden aan mijn bed, en je kleren van je lijf afscheuren en je daarna

keihard te gaan verkrachten met mijn voorbinddildo",

althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

3.

hij in of omstreeks de periode van 30 januari 2016 tot en met 10 april 2016 te Giessenburg, gemeente Giessenlanden en/of te Brandwijk en/of Ottoland, gemeente Molenwaard en/of Gorinchem en/of Ameide, gemeente Zederik en/of Utrecht, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal,

opzettelijk en wederrechtelijk identificerende persoonsgegevens, niet zijnde biometrische persoonsgegevens (namelijk een voor- en achternaam), van een ander (namelijk [naam slachtoffer 6] en/of [naam slachtoffer 7] en/of [naam slachtoffer 8] en/of [naam slachtoffer 9] en/of [naam slachtoffer 10] ) heeft gebruikt met het oogmerk om zijn identiteit te verhelen, waardoor uit dat gebruik enig nadeel kan/is ontstaan (namelijk reputatieschade van degene wiens identificerende gegevens hij heeft gebruikt en/of emotioneel nadeel (angst, onzekerheid) bij degene die hij benadert onder die (valse) identificerende gegevens);

4.

hij op of omstreeks 07 februari 2016 te Groot-Ammers en/of Brandwijk, gemeente Molenwaard, in elk geval in Nederland, meermalen, althans eenmaal, opzettelijk en wederrechtelijk identificerende persoonsgegevens, niet zijnde biometrische persoonsgegevens (namelijk een facebook account en/of de voor- en achternaam en/of de geboortedatum en/of de woonplaats en/of (gefotoshopte) foto('s)), van een ander (namelijk [naam slachtoffer 3] ) heeft gebruikt met het oogmerk om zijn identiteit te verhelen of misbruiken, waardoor uit dat gebruik enig nadeel kan/is ontstaan (namelijk reputatieschade en gevoelens van angst, onzekerheid, schaamte en vernedering);

5.

hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 17 juli 2016 tot en met 19 juli 2016 te Kesteren, gemeente Neder-Betuwe en/of Brandwijk, gemeente Molenwaard, in elk geval in Nederland, [naam slachtoffer 4] (via (een) chatbericht(en) op facebook) heeft bedreigd met verkrachting van haar dochters, immers heeft verdachte (onder de naam Romy Versluis) opzettelijk voornoemde [naam slachtoffer 4] dreigend de woorden toegevoegd : "hey Wat heeft u 2 mooie dochters zeg!! Echt super mooi gewoon! Haar nu ga ik 1 van hun verkrachten! Dat is zeker! alleen u mag kiezen welke het wordt., dus van welke 2 houdt u het meeste? [naam 1] of [naam 2] ?? Wilt u dat ik uw jongste of oudste verkracht? Als ik niks van u hoort binnen 1 week, pak ik ze beide teglijk, en laat ik ze onder dwang ook nog sex net elkaar hebben! Ik sla [naam 2] net zolang op haar grote borsten tot ze het niet meer aankan, en [naam 1] ghaar jonge kutje gaat likken! dus ik neem aan dat ik snel wat van u hoor?!? dan kom ik snel even in kesteren kijken :) (smiley)", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking;

6.

hij op een of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 26 oktober 2016 tot en met 28 oktober 2016 te Volendam, gemeente Edam-Volendam en/of Brandwijk, gemeente Molenwaard, in elk geval in Nederland, [naam slachtoffer 5] (via (een) chatbericht(en) op facebook) heeft bedreigd met verkrachting van haar dochter, immers heeft verdachte (onder de naam [valse naam 4 verdachte] ) opzettelijk voornoemde [naam slachtoffer 5] dreigend de woorden toegevoegd:

"Hoeveel geld zou u van mij willen hebben als ik uw dochter 1 avond mag gebruiken en misbruiken? ik bedoel ook echt hard dan, zodat ik tranen in haar bange oogjes zal zien..en ze het uit zal schreeuwen van de pijn, als ik mijn lui in lx in haar kutje en kontje zal schuiven., noem maar een prijs... :) (smiley) noem je prijs voor dit geile sletje van je...", en/of “komt vanavond uit? anders pik ik er (haar) meteen op van school vanmiddag”, althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.