Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2017:9517

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
06-12-2017
Datum publicatie
06-12-2017
Zaaknummer
C/10/537976 / KG ZA 17-1195
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Geldvordering in kort geding ter zake met asbest verontreinigd straalgrit Non-conformiteit Algemene voorwaarden en exoneratie Nakoming toezegging

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
AR 2017/6410
NJF 2018/95
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Handel

zaaknummer / rolnummer: C/10/537976 / KG ZA 17-1195

Vonnis in kort geding van 6 december 2017

in de zaak van

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

MUEHLHAN B.V.,

gevestigd te Vlaardingen,

eiseres,

advocaat mr. J.G. Mahn te Amsterdam,

tegen

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

EUROGRIT B.V.,

gevestigd te Papendrecht,

2. naamloze vennootschap

SIBELCO NEDERLAND N.V.,

gevestigd te Maastricht,

3. naamloze vennootschap naar het recht van België

SCR-SIBELCO N.V.,

gevestigd te Antwerpen, België,

gedaagden,

advocaat mr. T.R.B. de Greve te Amsterdam.

Partijen zullen hierna Muehlhan en Eurogrit, Sibelco en SCR-Sibelco genoemd worden. Eurogrit, Sibelco en SCR-Sibelco tezamen zullen Eurogrit c.s. genoemd worden.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaardingen met producties 1 t/m 53,

  • -

    de aanvullende producties 54 t/m 118 van Muehlhan, toegezonden bij brief van 19 november 2017,

  • -

    de aanvullende productie 119 van Muehlhan, toegezonden bij brief van 20 november 2017,

  • -

    de producties 1 t/m 51 van Eurogrit c.s., toegezonden bij brief van 21 november 2017,

  • -

    de mondelinge behandeling ter openbare zitting van 22 november 2017,

  • -

    de akte vermeerdering van eis, toegezonden bij brief van 20 november 2017,

  • -

    de partiële conclusie van antwoord, toegezonden bij brief van 21 november 2017,

  • -

    de pleitnotities van Muehlhan,

  • -

    de spreekaantekeningen van Eurogrit c.s. met inlegvel.

1.2.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2 De feiten

2.1.

Muehlhan is een onderneming die zich bezig houdt met de reparatie en het onderhoud van schepen, scheepsonderdelen, booreilanden, bruggen en de oppervlaktebehandeling en bekleding van metaal. Bij de uitvoering van die werkzaamheden wordt gebruik gemaakt van de techniek van gritstralen voor het schoonmaken van metalen oppervlakten en het verwijderen van verf. Muehlhan voert deze werkzaamheden uit op locaties van haar opdrachtgevers.

2.2.

Sibelco is enig aandeelhouder en bestuurder van Eurogrit en heeft een verklaring afgegeven waarbij zij zich vanaf 1 januari 2012 hoofdelijk aansprakelijk stelt overeenkomstig artikel 2:403 lid 1 sub f BW voor de uit rechtshandelingen van Eurogrit voortvloeiende schulden. SRC-Sibelco is enig aandeelhouder van Sibelco en is de consoliderende rechtspersoon als bedoeld in artikel 2:403 lid 1 BW.

2.3.

Eurogrit levert sinds dertig jaren straalgrit aan Muehlhan.

2.4.

Eén van de producten van Eurogrit is aluminium silicaat straalgrit (verder: het straalgrit). Eurogrit vervaardigt het straalgrit uit door haar geïmporteerde smeltslakken (een bijproduct van kolencentrales).

2.5.

Op 5 oktober 2017 heeft Eurogrit haar relaties geïnformeerd over de mogelijke besmetting van het straalgrit met asbest. In het bericht is vermeld - voor zover hier van belang - :

"(…)

Wij hebben aanwijzingen dat er in ons product Eurogrit, een aluminium silicaat (smeltslak) straalmiddel, asbestvezels terecht gekomen zijn. Het gaat hierbij om asbest van het type chrysotiel ook wel "witte asbest" genoemd. Wij hebben dit gemeld bij overheidsinstanties en een onafhankelijk en gecertificeerd bedrijf opdracht gegeven om nader onderzoek te doen. Dat betekent dat het product Eurogrit, een aluminium silicaat (smeltslak) straalmiddel, uit voorzorg met onmiddellijke ingang op geen enkele manier door u mag worden gebruikt, verwerkt of doorgeleverd.

Verder moet dit product dusdanig worden opgeslagen dat het niet verder kan worden verspreid.

(…)"

2.6.

Naar aanleiding van voormeld bericht van Eurogrit heeft Muehlhan het werk stil gelegd en de locaties waar met het straalgrit werd gewerkt ontruimd. Dit betreft de volgende locaties:

  • -

    straal- en spuithal te Schiedam met rijdend materieel bij [persoon 1] B.V.,

  • -

    een straaldok en ruimte van de Technische Dienst van Muehlhan bij [persoon 2] Shiprepair Rotterdam B.V.,

  • -

    een straaldok van [persoon 2] Shiprepair Van Brink Rotterdam,

  • -

    drie schepen ( [naam van de straalboot] , 3 en 4) bij Black B.V. te Rotterdam,

  • -

    een booreiland (platform P15) van Taqa Offshore B.V.,

  • -

    opslagtanks van Euro Tank Terminal B.V. te Rotterdam,

  • -

    Aliphos Vlaardingen.

2.7.

Bij brief van 7 oktober 2017 heeft Eurogrit haar relaties nader geïnformeerd. In dit bericht is vermeld – voor zover hier van belang – :

"(…)

De aanwezigheid van asbest (chrysotiel, ook wel "witte asbest" genoemd) is in analyses bevestigd. Gezien de specifieke toepassing van het straalgrit blijven wij u - uit voorzorg - het gebruik of doorleveren van het straalgrit afraden.

De tot nu toe gevonden concentratie van dit asbest is onder de 100 mg/kg droge stof zoals bedoeld in onder meer het Productenbesluit en het Arbeidsomstandigheden besluit.

Ten aanzien van het gebruikte product merken we het volgende op. Op enkele plaatsen waar het straalgrit is toegepast, hebben ook analyses door deskundigen plaatsgevonden. Hieruit is gebleken dat in het stof en in gebruikte grit op de meeste van die plekken geen asbestvezels (meer) te vinden zijn. Dit betekent dat er op die locaties al normale opruimacties plaats hebben gevonden, met inachtneming van de reguliere arbeidshygiëne.

Het zo spoedig mogelijk uitvoeren van een asbestanalyse door een deskundige op het stof en/of op het gebruikte straalgrit kan ook bijdragen om uw bedrijfsvoering optimaal te kunnen continueren.

Als u een asbestdeskundige hiertoe opdracht geeft of u dit reeds heeft laten doen, zijn wij bereid deze kosten te vergoeden. (…)"

2.8.

Op de voormelde locaties zijn in opdracht van Muehlhan (spoed) asbestinventarisatieonderzoeken uitgevoerd door een gecertificeerd asbestinventarisatiebedrijf. Met uitzondering van de locatie Aliphos Vlaardingen zijn op die locaties inmiddels saneringswerkzaamheden uitgevoerd of bezig.

2.9.

Bij brief van 13 oktober 2017 heeft Muehlhan Eurogrit en Sibelco aansprakelijk gesteld voor de schade die zij heeft geleden en zal lijden als gevolg van de levering van het met asbest besmette straalgrit. Bij brief van 25 oktober 2017 heeft zij SRC-Sibelco eveneens daarvoor aansprakelijk gesteld.

2.10.

Bij e-mail van 15 november 2017 heeft Eurogrit Muehlhan geïnformeerd over de wijze waarop het ongebruikte straalgrit bij Muehlhan zal worden opgehaald.

2.11.

Eurogrit hanteert algemene voorwaarden die dateren van 1 april 2011. De relevante bepalingen in deze algemene voorwaarden luiden:

“[…]

Artikel 10 – Garantie en reclames

“[…]

10.4

Ingeval van een geaccepteerde reclame zullen onze verplichtingen gelimiteerd zijn tot het vervangen of herstellen van de gebrekkige goederen of het vergoeden van het netto factuurbedrag, zulks te onzer keuze, zonder dat er enige andere verplichting tot schadevergoeding van onze kant zal zijn.

[…]

Artikel 11 - Aansprakelijkheid

11.1

Onverminderd wettelijke bepalingen met betrekking tot productaansprakelijkheid, zijn wij onder door ons gesloten overeenkomsten slechts aansprakelijk voor directe schade.

[…]”

2.12.

In 2015 heeft Muehlhan orderbevestigingen en facturen van Eurogrit ontvangen waarop is vermeld: “Onze algemene voorwaarden en silo voorwaarden zijn op al onze leveringen en diensten van toepassing. Deze voorwaarden worden op aanvraag aan u verstrekt”.

In 2016 en 2017 heeft Muehlhan orderbevestigingen en facturen van Eurogrit ontvangen waarop aan de achterzijde de algemene voorwaarden van Eurogrit zijn vermeld.

3 Het geschil

3.1.

Muehlhan vordert na vermeerdering van eis – samengevat – Eurogrit c.s. hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, te veroordelen tot betaling van € 2.405.448,68, met veroordeling van Eurogrit c.s. in de kosten van deze procedure.

3.2.

Eurogrit c.s. voert verweer.

3.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1.

Met betrekking tot een voorziening in kort geding, bestaande in veroordeling tot betaling van een geldsom, is terughoudendheid op zijn plaats. De rechter zal daarbij niet alleen hebben te onderzoeken of het bestaan van een vordering van de eiser op de gedaagde voldoende aannemelijk is, maar ook of daarnaast sprake is van feiten en omstandigheden die meebrengen dat uit hoofde van onverwijlde spoed een onmiddellijke voorziening is vereist, terwijl de rechter in de afweging van de belangen van partijen mede zal hebben te betrekken de vraag naar - kort gezegd - het risico van onmogelijkheid van terugbetaling, welk risico kan bijdragen tot weigering van de voorziening.

4.2.

Voorop gesteld dient te worden dat het onderhavige geschil geen overlijdensschade, letselschade of schade aan privé-zaken betreft, zodat de derde afdeling van titel 3 boek 6 BW niet van toepassing is.

4.3.

Een verkochte zaak dient bij aflevering te beantwoorden aan de koopovereenkomst. Een zaak beantwoordt niet daaraan indien deze niet de eigenschappen bezit die voor een normaal gebruik daarvan nodig zijn en waarvan de koper de aanwezigheid niet behoefde te betwijfelen. Niet ter discussie staat dat het normaal is om bij gritstralen voor het schoonmaken van metalen oppervlakten en het verwijderen van verf straalgrit te gebruiken. Eurogrit heeft Muehlhan straalgrit geleverd dat is besmet met chrysoliet (witte asbest) met een ten tijde van de levering onbekende concentratie en heeft Muehlhan bij brief van 5 oktober 2017 meegedeeld dat het product uit voorzorg met onmiddellijke ingang niet meer gebruikt mag worden. Voorts wordt het ongebruikte straalgrit door Eurogrit bij Muehlhan opgehaald. Dit tezamen is voldoende om aan te kunnen nemen dat het door Eurogrit aan Muehlhan geleverde straalgrit voor een normaal gebruik ongeschikt is en derhalve niet de eigenschappen bezit die voor een normaal gebruik nodig zijn en dat Eurogrit aldus is tekortgeschoten in de nakoming van haar leveringsverplichting jegens Muehlhan. Deze tekortkoming kan aan Eurogrit worden toegerekend, omdat zij het straalgrit heeft geproduceerd en op de markt heeft gebracht en de levering van het straalgrit haar contractuele hoofdverplichting jegens Muehlhan vormt. Ook indien Eurogrit, zoals zij aanvoert, geen schuld heeft aan de verontreiniging, brengen de verkeersopvattingen dat in beginsel mee. De door Eurogrit aangevoerde wanverhouding tussen de koopprijs en de gevorderde schadevergoeding levert geen uitzondering op dat beginsel op, omdat Eurogrit haar aansprakelijkheid jegens professionele kopers contractueel kan beperken, zoals zij bijvoorbeeld bij haar algemene voorwaarden heeft gedaan. Hetzelfde geldt voor de overige omstandigheden die Eurogrit c.s. ter bestrijding van de toerekenbaarheid van haar tekortkoming heeft aangevoerd.

4.4.

De gestelde hoofdelijke aansprakelijkheid van Sibelco en SRC-Sibelco voor de uit rechtshandelingen van Eurogrit voortvloeiende schulden uit hoofde van de zogenaamde 403-verklaring, is onweersproken en kan derhalve worden aangenomen. Daargelaten dat SRC-Sibelco geen bestuurder van Eurogrit is, heeft Muehlhan in het kader van deze procedure geen feiten of omstandigheden gesteld waaruit volgt dat de bestuurders van Eurogrit onrechtmatig jegens Muehlhan hebben gehandeld. Dat Sibelco en SRC-Sibelco, zoals Muehlhan stelt, tevens uit hoofde van de hoedanigheid van bestuurder hoofdelijk aansprakelijk zijn is daarom niet aannemelijk.

4.5.

Onbestreden is dat algemene voorwaarden in de branche waarin partijen opereren gebruikelijk zijn. Muehlhan diende er daarom bedacht op te zijn dat Eurogrit algemene voorwaarden van toepassing zou verklaren op hun rechtsverhouding. De reeds lang bestaande zakelijke relatie tussen partijen, waarop Muehlhan zich beroept, maakt dat niet anders. Voorts is op grond van de door Eurogrit c.s. overgelegde selecties van aan Muehlhan gerichte orderbevestigingen en facturen uit 2015, 2016 en 2017 aannemelijk dat Muehlhan van de verklaring van Eurogrit, dat haar algemene voorwaarden op al haar diensten en leveringen van toepassing zijn, heeft kennis genomen. Nu onbestreden is dat de betreffende facturen door Muehlhan zijn voldaan en niet gebleken is van enig protest van Muehlhan tegen de toepasselijkverklaring van de algemene voorwaarden van Eurogrit is voorts aannemelijk dat de algemene voorwaarden van Eurogrit deel uitmaken van de overeenkomsten tussen partijen die ten grondslag liggen aan de levering van het straalgrit dat Muehlhan op 5 oktober 2017 in bezit had.

4.6.

Het gaat hier om overeenkomsten tussen twee bedrijven - een producent en leverancier van straalgrit en een bedrijf dat de techniek van gritstralen toepast - die behoren tot bedrijfstakken die regelmatig met elkaar van doen hebben. Onbestreden is dat in die bedrijfstakken standaardisering van overeenkomsten door algemene voorwaarden met exoneraties gebruikelijk is en dat de door Muehlhan gehanteerde algemene voorwaarden exoneraties bevat die vergelijkbaar zijn met die van Eurogrit. In die situatie is alleen de wanverhouding tussen de exoneratie en de omvang van de schade onvoldoende om op grond van de maatstaven van redelijkheid en billijkheid Eurogrit een beroep op haar exoneraties te ontzeggen. Vereist is dat Eurogrit een verwijt ter zake van de besmetting van het straalgrit met chrysoliet asbest kan worden gemaakt. Eurogrit c.s. heeft dat betwist en daartoe aangevoerd dat er voor Eurogrit geen aanleiding bestond om te vermoeden dat de smeltslakken met asbest verontreinigd konden raken. Daarbij heeft Eurogrit c.s., onder verwijzing naar het door haar overgelegde rapport van TNO van 13 november 2017, voorts aangevoerd dat bij het productieproces waarvan smeltslakken het afvalproduct vormt, wordt gewerkt met een dermate hoge tempratuur (ca. 1000 ̊C) dat chrysotiel asbest denatureert. Muehlhan heeft daar geen feiten tegenover gesteld waaruit volgt dat Eurogrit wel rekening met een dergelijke verontreiniging diende te houden. De door Muehlhan gestelde omstandigheid dat Eurogrit, anders dan Muehlhan, over deskundigheid ter zake de eigenschappen, samenstelling en het productieproces van het straalgrit beschikt, is daarom geen bijkomende omstandigheid die meebrengt dat Eurogrit naar de maatstaven van redelijkheid en billijkheid geen beroep op haar exoneraties toekomt. Dit leidt ertoe dat het beroep op artikel 6:248 lid 2 BW dat Muehlhan ter afwering van het beroep van Eurogrit c.s. op de exoneraties in de algemene voorwaarden van Eurogrit heeft gedaan in dit kort geding niet slaagt.

4.7.

Op basis van de door Eurogrit over de maanden juli, augustus en september 2017 aan Muehlhan gefactureerde netto bedragen voor leveranties van het straalgrit heeft Eurogrit c.s. het maximale schadebedrag dat zij aan Muehlhan dient te vergoeden begroot op € 11.770,68. Muehlhan heeft ter betwisting daarvan aangevoerd dat zij nog vele tonnen van het straalgrit in voorraad heeft en dat er reeds vanaf mei 2015 met asbest besmet straalgrit is geleverd. Wat daar ook van zij, voor de begroting van het maximale schadebedrag waarvoor Eurogrit op de voet van artikel 10.4 van de algemene voorwaarden aansprakelijk is zijn slechts die facturen van belang die betrekking hebben op leveringen die in causaal verband staan met de schade waarvoor Muehlhan Eurogrit c.s. aanspreekt. Dat dit een hoger factuurbedrag betreft dan Eurogrit c.s. heeft begroot is door Muehlhan niet met cijfers onderbouwd.

4.8.

Het vorenstaande leidt ertoe dat in dit kort geding dient te worden aangenomen dat de aansprakelijkheid van Eurogrit c.s. voor de schade die Muehlhan door de toerekenbare tekortkoming van Eurogrit lijdt is beperkt tot het bedrag van € 11.770,68.

4.9.

Voldoende aannemelijk is dat Muehlhan buiten de asbestinventarisatie en –analysekosten, waarop hierna zal worden ingegaan, door de leveringen van met asbest besmet straalgrit voor een bedrag van ten minste € 11.770,68 directe schade heeft geleden. Immers, in opdracht van Muehlhan hebben al diverse saneringswerkzaamheden plaatsgevonden en er is ten aanzien van de sanering op locatie [persoon 1] niet door Eurogrit c.s. bestreden dat de sanering het gevolg is van leveringen van met asbest besmet straalgrit en dat kosten daarvan directe schade voor Muehlhan opleveren. Eurogrit c.s. bestrijdt weliswaar de omvang van die schade, die door Muehlhan op € 659.669,97 is begroot, maar ook indien wordt rekening gehouden met hetgeen Eurogrit c.s. daartoe aanvoert, is voldoende aannemelijk dat de kosten die voor vergoeding in aanmerking zouden komen ten minste € 11.770,68 bedragen.

4.10.

De voormelde beperking van de aansprakelijkheid geldt niet voor de kosten van abestinventarisaties en –analyses. Immers, Eurogrit heeft bij haar brief van 7 oktober 2017 zonder enig voorbehoud toegezegd de kosten daarvan te zullen vergoeden en dat levert, zoals Muehlhan stelt, een afzonderlijke rechtsgrond voor de vergoeding van die kosten op.

4.11.

Muehlhan heeft haar kosten voor asbestinventarisaties en –analyses begroot op € 79.114,- (€ 57.114,- + € 22.000,-) excl. BTW. Eurogrit c.s. betwist dat zij daarvoor meer dan het door haar voldane bedrag van € 12.116,25 excl. BTW verschuldigd is en voert daartoe aan dat de overige door Muehlhan in het geding gebrachte kosten buitenproportioneel zijn. Eurogrit c.s. heeft daarbij een groot aantal kanttekeningen bij de door Muehlhan overgelegde facturen c.q. begrote bedragen geplaatst, waarop Muehlhan ter zitting niet heeft gereageerd. Door Muehlhan zijn echter dertien rapporten van asbestinventarisaties en –analyses overgelegd die in een tijdbestek van tien dagen hebben plaatsgevonden. Aannemelijk is dat het belang bij continuering van haar bedrijfsvoering ter beperking van de schade Muehlhan tot de uitvoering van die onderzoeken in dat korte tijdbestek noopte en dat dit kostenverhogend heeft gewerkt. Dat alsmede de omstandigheid dat de door Eurogrit c.s. geplaatste kanttekeningen bij de door Muehlhan overgelegde facturen c.q. begrote bedragen pas een dag voor de zitting aan Muehlhan zijn bekend gemaakt, maakt aannemelijk dat Muehlhan in een later stadium een belangrijk deel van de betreffende kosten voldoende zal kunnen onderbouwen. Voorts geldt dat de toezegging van Eurogrit niet geclausuleerd is en dat zij haar relaties de vrije hand heeft gegeven bij de keuze van het gecertificeerde inventarisatie- en keuringsbureau, de wijze van uitvoering van de asbestinventarisaties en –analyses en de daarvoor te betalen bedragen. Daarbij past niet dat Eurogrit zich bij de nakoming van haar toezegging terughoudend opstelt en met een stofkam door de door Muehlhan overgelegde facturen en andere bewijsstukken gaat. Gelet op dit alles is voorshands voldoende aannemelijk dat Muehlhan ter zake asbestinventarisatie en –analysekosten een bedrag van € 50.000,- van Eurogrit c.s. te vorderen heeft, met dien verstande dat daarop het bedrag van € 12.116,25 in mindering dient te worden gebracht. Immers, na het tonen van het stortingsbewijs ter zitting wordt niet langer door Muehlhan bestreden dat Eurogrit dat bedrag op de derdengeldenrekening van de advocaat van Muehlhan heeft voldaan en is door Eurogrit medegedeeld dat die betaling de asbestinventarisatie en –analysekosten betreft.

4.12.

Voor zover Muehlhan met haar beroep op een onrechtmatige daad van Eurogrit heeft beoogd zich te beroepen op de jurisprudentie ter zake de onrechtmatigheid van het als producent in het verkeer brengen van een product dat bij normaal gebruik voor het doel waarvoor het is bestemd schade veroorzaakt met als gevolg dat de exoneratie van artikel 10.4 van de algemene voorwaarden van Eurogrit toepassing zou missen, heeft Muehlhan dat in het kader van dit kort geding onvoldoende feitelijk onderbouwd.

4.13.

Op grond van het vorenstaande is voldoende aannemelijk dat Muehlhan op grond van de toerekenbare tekortkoming van Eurogrit een vordering tot schadevergoeding op Eurogrit c.s. heeft van € 11.770,68 en op grond van nakoming van haar toezegging bij brief van 7 oktober 2017 een vordering van (€ 50.000,- minus € 12.116,25=) € 37.883,75 heeft. Voorts behoeft op grond van het vorenstaande - bij gebrek aan belang voor de beslissing op de vordering in dit kort geding - niet nader op het gestelde onrechtmatig handelen van Eurogrit te worden ingegaan. Hetzelfde geldt voor het (uitvoerige) debat tussen partijen over de ernst van de verontreiniging met asbest en de risicoklasse waarin de saneringen dient plaats te vinden.

4.14.

Aannemelijk is voorts dat Muehlhan het vereiste spoedeisend belang heeft bij toewijzing van die vorderingen in kort geding. Gelet op de verdere schade die Muehlhan door het door Eurogrit aan haar geleverde met asbest besmet straalgrit lijdt en die op haar liquiditeitspositie drukt is immers voldoende aannemelijk dat niet van Muehlhan kan worden gevergd dat zij schade en de asbestinventarisatie en –analysekosten die voor rekening van Eurogrit c.s. komen draagt totdat hierover in een bodemprocedure is beslist.

4.15.

Eurogrit c.s. heeft een beroep gedaan op het bestaan van een restitutierisico en daartoe gesteld dat Muehlhan over de boekjaren 2015 en 2016 geen goedkeurende verklaring van haar accountants heeft gekregen, dat Muehlhan hoofdelijk aansprakelijk is voor bankschulden van haar enig aandeelhouder Muehlhan AG tot een bedrag van € 23.000.000,- en dat er op 7 maart 2017 conservatoir beslag is gelegd op de aan Muehlhan toebehorende straalboot [naam van de straalboot] . Dit alles maakt onvoldoende concreet dat er een reëel risico bestaat dat Muehlhan het toe te wijzen bedrag van (€ 37.833,75 + € 11.770,68 =) € 49.654,43 in totaal, in het geval dat later anders wordt beslist, niet zal kunnen terug betalen.

4.16.

Het vorenstaande leidt tot toewijzing van een voorschot op de schade en op de asbestinventarisatie en –analysekosten van in totaal (11.770,68 + € 50.000,- - € 12.116,25 =) € 49.654,43.

4.17.

Eurogrit c.s. zal als de grotendeels in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. Omdat een aanzienlijk deel van het gevorderde bedrag wordt afgewezen, worden de proceskosten aan de zijde van Muehlhan op basis van het toegewezen bedrag op:

  • -

    dagvaardingen € 241,26

  • -

    griffierecht € 1.924,00

  • -

    salaris advocaat € 816,00

totaal € 2.981,26.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter

veroordeelt Eurogrit c.s. hoofdelijk, des dat de een betalende de ander zal zijn bevrijd, tot betaling aan Muehlhan van een bedrag van € 49.654,43;

veroordeelt Eurogrit c.s. in de proceskosten, aan de zijde van Muehlhan tot op heden begroot op € 2.981,26;

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. A. Eerdhuijzen en in het openbaar uitgesproken op 6 december 2017.

2515/2294