Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2017:9461

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
02-11-2017
Datum publicatie
01-12-2017
Zaaknummer
10/681186-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Drugslab in loods Hendrik Ido Ambacht. Verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan het uitwinnen en vervoeren van een grote hoeveelheid methamfetamine. Het vervaardigen van methamfetamine is gevaarlijk voor personen en goederen. Dit gevaar heeft zich ook daadwerkelijk verwezenlijkt, nu een explosie heeft plaatsgevonden in de loods waarin het drugslab zich bevond.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 2

Parketnummer: 10/681186-17

Datum uitspraak: 2 november 2017

Tegenspraak

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[naam verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats verdachte] ( [geboorteland verdachte] ) op [adres verdachte] ,

niet ingeschreven in de basisregistratie personen en zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,

ten tijde van het onderzoek op de terechtzitting preventief gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting Krimpen aan den IJssel,

raadsman mr. T. Sen, advocaat te Rotterdam.

1 Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 19 oktober 2017.

2 Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

3 Eis officier van justitie

De officier van justitie mr P. Wijnands heeft gevorderd:

  • -

    bewezenverklaring van het ten laste gelegde feit;

  • -

    veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 maanden met aftrek van voorarrest.

4 Waardering van het bewijs

4.1.

Bewijswaardering

4.1.1.

Standpunt verdediging

De raadsman heeft vrijspraak van het ten laste gelegde feit bepleit. Hij heeft hiertoe aangevoerd dat er geen enkele indicatie is dat de verdachte bij de bereiding van de drugs betrokken is geweest. De verdachte had weliswaar een vuilniszak bij zich waarin de methamfetamine zat, maar nu de verdachte niet wist wat er in de vuilniszak zat, kan niet worden vastgesteld dat hij daadwerkelijk opzet heeft gehad op het meenemen of aanwezig hebben van die drugs. De raadsman bepleit primair vrijspraak van het ten laste gelegde feit, omdat de verdachte niet het oogmerk had op het aanwezig hebben van de drugs. Subsidiair bepleit de raadsman vrijspraak van het ten laste gelegde feit, omdat de verdachte de methamfetamine niet heeft bereid, verwerkt, vervoerd of heeft vervaardigd. Nu er geen bewijs aanwezig is voor een nauwe en bewuste samenwerking bij het ten laste gelegde feit, dient de verdachte van het medeplegen van het ten laste gelegde feit te worden vrijgesproken.

4.1.2.

Beoordeling

Uit de bewijsmiddelen kan het volgende worden afgeleid. Blijkens het proces-verbaal van bevindingen van 15 juli 2017 was er die dag omstreeks 11.38 uur een melding van een explosie in een loods op het adres [adres delict] te Hendrik Ido Ambacht. Na de explosie zijn drie mannen weggelopen. De verbalisanten die ter plaatse zijn gegaan, treffen in de buurt van de loods twee mannen aan die voldoen aan het doorgegeven signalement van twee van de drie weggelopen mannen. Zij houden deze twee mannen aan. Dit zijn de verdachte en de medeverdachte. De verdachte droeg een zwarte vuilniszak in zijn handen, waarin na onderzoek een grote hoeveelheid methamfetamine bleek te zitten (circa 6 kilogram).

De verdachte heeft verklaard dat hij die dag vanaf ongeveer 09.00 uur in de loods aanwezig was, na de explosie de loods heeft verlaten en dat hij vaker in de loods is geweest. De verdachte heeft tevens bekend dat hij de zwarte vuilniszak mee naar buiten heeft genomen. Een getuige zegt de aangehouden mannen te hebben gezien bij de loods in de weken voorafgaand aan de explosie.

In het pand werd vervolgens een onderzoek ingesteld. Op beide verdiepingen werden vloeistoffen en productiemiddelen aangetroffen die gebruikt werden voor het terugwinnen, het wassen en het drogen van amfetamine (crystal meth). Ook werden resten aangetroffen van in totaal 69,7 gram, hetgeen na onderzoek methamfetamine bleek te zijn. De schoenen van de verdachte en de medeverdachte zijn onderzocht. Hierop zijn sporen van methamfetamine aangetroffen. Deze bevindingen zijn later door laboratoriumonderzoek bevestigd.

De verdachte en de medeverdachte hebben verklaard dat zij verbleven in een vakantiehuisje nummer [nummer] op het adres [adres] te [plaats] . Bij een onderzoek in een slaapkamer van dit huisje werd een briefje aangetroffen in een broekzak van een broek, waarvan het vermoeden bestond dat deze met de aangetroffen situatie op het [adres delict] te Hendrik Ido Ambacht, te maken zou kunnen hebben. Op dit briefje stonden in het Spaans materialen vermeld die benodigd zijn voor het bereiden van drugs. Materialen zoals opgesomd op dit briefje zijn in de loods aangetroffen.

De verdachte kwam volgens zijn verklaring in de loods omdat hij dacht dat het een werkplaats was voor een pottenbakkerij en hij daar graag wilde gaan werken. Gelet op hetgeen uit de bewijsmiddelen kan worden afgeleid, acht de rechtbank de verklaring van de verdachte omtrent zijn verblijf in de loods volstrekt ongeloofwaardig. Gelet op hetgeen is aangetroffen in de loods, de omstandigheid dat de verdachte op de dag van zijn aanhouding zeker zo’n 2 uur in die loods aanwezig was, daar ook vaker is geweest, gezien de inhoud van het op zijn verblijfplaats aangetroffen briefje en het feit dat hij na de explosie meteen is weggelopen met de vuilniszak met drugs, kan het niet anders dan dat de verdachte heel goed wist wat er in die vuilniszak zat. Uit de hierboven besproken bewijsmiddelen kan worden vastgesteld dat er sprake was van de wetenschap van en een nauwe en bewuste samenwerking bij de bereiding, bewerking, verwerking, vervaardiging en het vervoer van een hoeveelheid methamfetamine, waarbij de rolverdeling niet volstrekt duidelijk hoeft te blijken.

4.1.3.

Conclusie

Het ten laste gelegde feit is wettig en overtuigend bewezen.

4.2.

Bewezenverklaring

In bijlage II heeft de rechtbank de inhoud van wettige bewijsmiddelen opgenomen, houdende voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden. Op grond daarvan, en op grond van de redengevende inhoud van het voorgaande, is wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan op die wijze dat:

Hij op 15 juli 2017 te Hendrik-Ido-Ambacht,

tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk heeft bereid en bewerkt en verwerkt en

vervoerd en vervaardigd, een hoeveelheid van een materiaal

bevattende methamfetamine, zijnde methamfetamine een middel als bedoeld in de

bij de Opiumwet behorende lijst I

Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.

5 Strafbaarheid feit

Het bewezen feit levert op:

Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder B en D van de Opiumwet gegeven verbod.

Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van het feit uitsluiten.

Het feit is dus strafbaar.

6 Strafbaarheid verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit.

De verdachte is dus strafbaar.

7 Motivering straf

7.1.

Algemene overweging

De straf die aan de verdachte wordt opgelegd, is gegrond op de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

7.2.

Feit waarop de straf is gebaseerd

De verdachte heeft zich samen met anderen schuldig gemaakt aan de bereiding, bewerking, verwerking, vervaardiging en het vervoer van een grote hoeveelheid methamfetamine. De handel in harddrugs is uiterst lucratief en hiermee zijn grote bedragen gemoeid. Verdachte heeft zich kennelijk uitsluitend laten leiden door zijn behoefte aan geldelijk gewin, zonder acht te slaan op de gevaren die het gebruik van chemisch vervaardigde harddrugs met zich brengen voor de volksgezondheid. Aan het vergroten van die gevaren heeft de verdachte een bijdrage geleverd. Het vervaardigen van methamfetamine gaat bovendien gepaard met grote risico’s voor personen en goederen. Dit is niet alleen gevaarlijk voor direct betrokkenen , maar ook voor de omgeving. Dit gevaar heeft zich ook daadwerkelijk verwezenlijkt, nu er een explosie heeft plaatsgevonden in de loods waarin het drugslab zich bevond. Tevens gaat de handel in verdovende middelen gepaard met diverse vormen van ondermijnende criminaliteit, veroorzaakt door de grote winsten die er gemaakt kunnen worden.

7.3.

Persoonlijke omstandigheden van de verdachte

7.3.1.

Strafblad

De rechtbank heeft acht geslagen op een uittreksel uit de justitiële documentatie van 25 september 2017, waaruit blijkt dat de verdachte niet eerder is veroordeeld voor strafbare feiten.

7.4.

Conclusies van de rechtbank

Gelet op hetgeen de rechtbank hierboven heeft overwogen, komt zij tot de volgende conclusies.

Gezien de ernst van het feit kan niet anders worden gereageerd dan met het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van geruime duur. Bij de bepaling van de duur van de gevangenisstraf heeft de rechtbank acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken plegen te worden opgelegd en op de noodzaak om door hoge straffen potentiële daders af te schrikken.

Alles afwegend acht de rechtbank de hierna te noemen straf passend en geboden.

8 Toepasselijke wettelijke voorschriften

Behalve op het reeds genoemde artikel, is gelet op artikel 47 van het Wetboek van Strafrecht en artikel 10 van de Opiumwet.

9 Bijlagen

De in dit vonnis genoemde bijlagen maken deel uit van dit vonnis.

10 Beslissing

De rechtbank:

verklaart bewezen, dat de verdachte het ten laste gelegde feit, zoals hiervoor omschreven, heeft begaan;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders ten laste is gelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

stelt vast dat het bewezen verklaarde oplevert het hiervoor vermelde strafbare feit;

verklaart de verdachte strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 (dertig) maanden;

beveelt dat de tijd die door de veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering wordt gebracht, voor zover deze tijd niet reeds op een andere vrijheidsstraf in mindering is gebracht.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. H. Benaissa, voorzitter,

en mrs. P. van Dijken en W.H.S. Duinkerke, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. A.K. van Zanten, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op de datum die in de kop van dit vonnis is vermeld.

Bijlage I

Tekst tenlastelegging

Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat

hij op of omstreeks 15 juli 2017 te Hendrik-Ido-Ambacht,

althans in Nederland,

tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,

opzettelijk

heeft bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of afgeleverd

en/of verstrekt en/of vervoerd en/of vervaardigd,

in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad,

ongeveer 6019 gram, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal

bevattende methamfetamine, zijnde methamfetamine een middel als bedoeld in de

bij de Opiumwet behorende lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid

van artikel 3a van die wet;

art 2 ahf/ond B Opiumwet

art 47 lid 1 ahf/sub 1 Wetboek van Strafrecht

art 10 lid 4 Opiumwet