Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2017:8662

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
06-11-2017
Datum publicatie
09-11-2017
Zaaknummer
C/10/538128 / KG ZA 17-1209
Rechtsgebieden
Civiel recht
Bijzondere kenmerken
Kort geding
Inhoudsindicatie

Beperkt verbod om rechts- en bewarende maatregelen te treffen, gelet op de belangenafweging, toegewezen. Bevoegdheid. IE: geëxpireerd octrooi, uniemerken, auteursrechten. Onrechtmatige daad: slaafse nabootsing. Artikel 1019h Rv. Liquidatietarief. Leidingdoorvoermodules.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK ROTTERDAM

Team Handel

zaaknummer / rolnummer: C/10/538128 / KG ZA 17-1209

Vonnis in kort geding van 6 november 2017

in de zaak van

de vennootschap naar vreemd recht

WALLMAX S.R.L.,

gevestigd te Milaan, Italië,

eiseres,

advocaten mrs. A.E. Heezius te Amsterdam en F.I.S.A.L. van Velsen te Rotterdam,

tegen

1. de vennootschap naar vreemd recht

ROXTEC AB,

gevestigd te Sundsvall, Zweden,

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

ROXTEC B.V.,

gevestigd te Harderwijk,

gedaagden,

advocaten mrs. G.S.P. Vos en R.A.C. Stoop te Amsterdam.

Partijen zullen hierna Wallmax en Roxtec c.s. genoemd worden. Gedaagden zullen hierna afzonderlijk aangeduid worden als Roxtec AB en Roxtec B.V.

1 De procedure

1.1.

Het verloop van de procedure blijkt uit:

  • -

    de dagvaarding van 31 oktober 2017 te 14:55 uur

  • -

    producties EP1 tot en met EP12 van Wallmax

  • -

    producties 1 tot en met 8 van Roxtec c.s.

  • -

    de mondelinge behandeling op 1 november 2017 te 09:30 uur

  • -

    de pleitnota van mr. Van Velsen, voor en namens Wallmax

  • -

    de pleitnota van mr. Heezius, voor en namens Wallmax

  • -

    de pleitnota van Roxtec c.s.

  • -

    het conform ter zitting gemaakte afspraken met deze voorzieningenrechter nadien toegestuurde vonnis van 3 november 2017 van de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam in de zaak met zaak-/rolnummer C/13/637008 / KG ZA 17-1135 en de e-mail van 6 november 2017 te 8:21 uur van mrs. Heezius en Van Velsen, alsmede de e-mail van 6 november 2017 te 8:21 uur van mrs. Vos en Stoop aangaande dat vonnis.

1.2.

Ten slotte is, mede in verband met de spoedeisendheid, vonnis bepaald op maandag 6 november 2017 tussen 14:30 en 16:30 uur. Met instemming van partijen zal worden volstaan met een - verkort - vonnis dat alleen bevat: (1) het verloop van de procedure, (2) de weergave van het geschil, (3) de voor de beoordeling dragende overwegingen en (4) het dictum.

2 Het geschil

2.1.

Wallmax vordert bij vonnis, volledig uitvoerbaar bij voorraad, om:

  1. Primair: Roxtec c.s. te verbieden feitelijke en/of (bewarende) rechtsmaatregelen te nemen die Wallmax het ‘ongestoord’ houden van de beurzen in Amsterdam en/of Rotterdam belemmeren, met betrekking tot de ten processe bedoelde producten;

  2. Subsidiair: Roxtec c.s. te verbieden feitelijke en/of (bewarende) rechtsmaatregelen te nemen die Wallmax het ‘ongestoord’ houden van de beurzen in Amsterdam en/of Rotterdam belemmeren, met betrekking tot de ten processe bedoelde producten waarvan het ronde opvuldeel door Wallmax is voorzien van een witte sticker met het Wallmax logo als in productie EP8;

  3. een en ander op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 50.000,00 voor iedere dag (een deel van een dag als een hele dag gerekend) waarop, dan wel - ter keuze van Wallmax - € 10.000,00 per product waardoor het verbod wordt overtreden;

  4. Roxtec c.s. hoofdelijk te veroordelen - des dat de een betalende de ander zal zijn gekweten - in de volledige proceskosten ex artikel 1019h Rv, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over dat bedrag van de volledige proceskosten, met ingang van de vijftiende dag na de datum waarop dit vonnis is gewezen tot de dag van volledige betaling.

2.2.

Roxtec c.s. voert gemotiveerd verweer en concludeert tot onbevoegdverklaring dan wel afwijzing met proceskostenveroordeling.

2.3.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

3 De beoordeling

Inleiding

3.1.

Roxtec AB (althans haar rechtsvoorganger) is een in 1990 in Zweden opgericht bedrijf dat, net als Roxtec B.V., behoort tot de Roxtec Groep.

3.2.

De producten van Roxtec c.s. bestaan uit flexibele leiding/kabeldoorvoermodules die geschikt zijn voor het afdichten van meerdere kabel- of pijpdikten. De modules bestaan uit twee helften; aan de binnenzijde van beide helften kunnen laagjes worden afgepeld, totdat de module de dikte van de af te dichten kabel heeft. Het uiterlijk van de voor- en achterzijde van de module bestaat uit een vierkant met cirkels en een zwarte kern, door Roxtec c.s. aangeduid als “bulls-eye” (ofwel schietschijf), in verschillende kleurstellingen van telkens twee kleuren.

3.3.

In 1990 heeft het European Patent Office aan Roxtec AB een octrooi verleend onder nummer EP 0 429 916 Bi (hierna: het Octrooi). Het Octrooi heeft betrekking op een verpakking voor een kabeldoorvoer, bestaande uit twee helften van een omhulsel met elk een cilindrische holte die weer bestaat uit een veelheid van lagen die op elkaar liggen (“verscheidene Schichten”) en van elkaar losgemaakt kunnen worden en die verschillende kleuren (“unterschiedbare Farbe”) hebben. Het Octrooi is in 2015 geëxpireerd.

3.4.

Roxtec AB beschikt over zeven verschillende Europese Uniemerkregistraties. Het oudste merk dateert van 2008, de zes overige merken dateren van 2015. De beeldmerken zijn tweedimensionale weergaves van het vooraanzicht van een kabeldoorvoermodule en bestaan voor zover nu van belang uit een zwart vierkant met daarin blauwe cirkels, een oranje vierkant met daarin zwarte cirkels en een zwart vierkant met daarin oranje cirkels, steeds met een ronde zwarte kern.

3.5.

Wallmax is in 2011 in Italië opgericht. Zij houdt zich net als Roxtec c.s. bezig met de productie van oplossingen voor kabel- en pijpafdichting voor de (middel)zware industrie. Zij brengt sinds kort kabel/leidingdoorvoermodules op de markt in een multicolor kleurstelling (door Wallmax het nieuwe Product genoemd, hierna: het multicolor product of de multicolor producten). Het uiterlijk van de voor- en achterzijde van het multicolor product bestaat uit een vierkant met cirkels, van binnen naar buiten eerst geel, dan lila en dan roze, met een ronde zwarte kern. Voor de kleinere maten ontbreken de twee gele cirkels.

Wallmax brengt al langer kabel/leidingdoorvoermodules op de markt waarvan het uiterlijk aan voor- en achterzijde bestaat uit een oranje vierkant met zwarte concentrische cirkels en een ronde zwarte kern (hierna: het oranje product).

3.6.

Wallmax heeft nietigheidsacties ingesteld tegen de uniemerkregistraties met de nummers 014338735 (het zwarte vierkant met de blauwe cirkels) en 014784375 (het oranje vierkant met de zwarte cirkels). Op 14 maart 2017 heeft het Europese bureau voor de intellectuele eigendom (EUIPO) het merk met nummer 014338735 in stand gelaten. Tegen deze beslissing heeft Wallmax op 8 mei 2017 beroep ingesteld. Het EUIPO heeft nog geen uitspraak gedaan in de nietigheidsactie tegen het merk met nummer 014784375.

3.7.

Wallmax heeft aangekondigd aanwezig te zullen zijn op twee beurzen in Nederland, te weten op de Europort Exhibition for Maritime Technology 2017 (van 7-10

november 2017 in Rotterdam) (hierna: de Europort Exhibition) en op de Marine Equipment Trade Show (van 14-16 november 2017 in Amsterdam) (hierna: de METStrade), zulks ter positionering van haar leidingdoorvoermodules op de relevante markt. Zij zal daar uitsluitend het multicolor product (in diverse maten) en haar oranje product (eveneens in verschillende maten) presenteren.

Bevoegdheid

3.8.

Roxtec c.s. heeft vóór alle weren een beroep gedaan op de onbevoegdheid van deze voorzieningenrechter. Roxtec c.s. voert daartoe aan dat Wallmax in het onderhavige kort geding bij dagvaarding precies dezelfde vordering(en) met dezelfde grondslag(en) heeft ingesteld als zij in de kort gedingprocedure bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam (KG ZA 17-1135, zie hiervoor) in voorwaardelijke reconventie heeft gedaan. In de Amsterdamse procedure heeft de zitting op donderdag 26 oktober 2017 plaatsgehad en, terwijl partijen nog in afwachting waren van de uitspraak van de voorzieningenrechter Amsterdam op vrijdag 3 november 2017, is door Wallmax bij dagvaarding van 31 oktober 2017 dit kort geding aangebracht en heeft op 1 november 2017 in Rotterdam de zitting plaatsgehad. In beide kort gedingen heeft Wallmax, aldus Roxtec c.s., het standpunt ingenomen dat sprake is van een serieuze, niet te verwaarlozen kans dat de IE-rechten op de leidingdoorvoermodules van Roxtec c.s. ongeldig zouden zijn, althans dat daarop geen inbreuk zou worden gemaakt met de nieuwe productvormgeving van Wallmax. Daarmee is, aldus Roxtec c.s., het gevaar ontstaan dat tussen dezelfde partijen tegenstrijdige beslissingen worden gewezen over hetzelfde geschilpunt binnen slechts een tijdsbestek van een paar dagen.

Wat daarvan - mede gelet op het inmiddels gewezen en in deze procedure ingebrachte Amsterdamse vonnis - verder ook zij, gelet op de verduidelijking van Wallmax dat haar vordering in deze procedure (in alle onderdelen) enkel ziet op de multicolor producten (zie ook hierna onder 3.10) gaat dit litispendentieverweer niet op. Roxtec c.s. heeft op het punt van de bevoegdheid geen verder verweer heeft gevoerd. In beginsel is alleen de rechtbank Den Haag bevoegd om van vorderingen die zien op inbreuk op uniemerken kennis te nemen. De voorzieningenrechter van een andere rechtbank kan echter in voorkomend geval in kort geding voorlopige maatregelen als in dit geding gevorderd treffen (ECLI:NL:GHAMS:

2007:AZ5613).

De materiële beoordeling in dit kort geding

3.9.

Vast staat dat de producten van Wallmax en Roxtec c.s. gelijk zijn en voor dezelfde doelen worden gebruikt. Niet in geschil tussen partijen is voorts dat volgens het Octrooi de uitvindingsgedachte achter de leidingdoorvoermodules is dat de half-cilindrisch gevormde binnenkant van de module afpelbare laagjes bevat, met meerdere, te onderscheiden kleuren (niet per se contrasterende kleuren), zodat de module door de installateur ter plaatse op de diameter van de door te voeren kabel of leiding is in te stellen. De doelstelling van de te onderscheiden kleuren van de verschillende laagjes is dat - ook onder de minder goed belichte omstandigheden waar de leidingdoorvoermodules moeten worden geplaatst (zoals bijvoorbeeld scheepsruimen) - eenvoudig zichtbaar van beide helften een gelijk aantal laagjes wordt verwijderd. Het is dus op basis van de hiervoor reeds aangeduide “unterschiedliche Farbe” van de verschillende afpelbare lagen dat het Octrooi is verleend, waarmee de aanwezigheid van de kleuren (en daarmee het vooraanzicht van de leidingdoorvoermodule) een technisch karakter heeft, ongeacht met welke kleuren dit patroon bereikt wordt.

3.10.

In dit kort geding is van belang dat Roxtec c.s. als kleuren voor de afpelbare rubberen laagjes onder meer zwart en blauw gebruikt, waarbij de voorwerpen verder overwegend zwart zijn. Wallmax past na expiratie van het Octrooi dezelfde technologie als Roxtec c.s. toe, maar hanteert als kleuren voor de afpelbare rubberen laagjes:

(1) oranje en zwart, terwijl haar producten overigens overwegend oranje zijn, dan wel

(2) zwart en geel, lila en roze dan wel zwart, lila en roze, terwijl haar producten overigens overwegend zwart zijn. De producten van Wallmax zijn verder, duidelijk zichtbaar op de zijkant gedrukt, voorzien van de naam Wallmax en haar websiteadres. Ter zitting heeft Wallmax, desgevraagd, de grondslagen van haar vordering aangescherpt en aangegeven dat het onderwerp van discussie in dit kort geding enkel haar producten in de kleurstelling zwart, geel, lila en roze en/of zwart, lila en roze zijn (de multicolor producten).

3.11.

De producten die een centrale rol in dit kort geding spelen, zijn hieronder afgebeeld; de producten van Roxtec c.s. in zwart-blauw en die van Wallmax in zwart-multicolor (in voorkomend geval, afhankelijk van de maatvoering, zonder de kleur geel).

3.12.

Roxtec c.s. heeft, in navolging van in India, Italië, Duitsland en de Verenigde Staten aangespannen procedures, bij kort gedingdagvaarding van 18 oktober 2017 (o.a.) Wallmax in Nederland gedagvaard om ter zitting van de voorzieningenrechter van de rechtbank Amsterdam van 26 oktober 2017 te verschijnen. Roxtec c.s. heeft zich daarbij beroepen op haar zeven Europese Uniemerkrechten (zie 3.4), auteursrechten en slaafse nabootsing. De voorzieningenrechter in de rechtbank Amsterdam heeft op vrijdag 3 november 2017 uitspraak gedaan. Zij heeft de vorderingen in conventie van Roxtec c.s. tot het staken en gestaakt houden van het maken van inbreuk op haar intellectuele eigendomsrechten en onrechtmatig handelen bestaande uit het slaafs nabootsen van de producten van Roxtec c.s. afgewezen. De vordering in voorwaardelijke reconventie van Wallmax heeft zij eveneens afgewezen. De aanleiding voor het Amsterdamse kort geding vormde, net als in dit Rotterdamse kort geding, het plaatsvinden van de hiervoor onder 3.7 reeds aangeduide Europort Exhibition te Rotterdam en de METStrade te Amsterdam. Wallmax vraagt in dit kort geding om Roxtec c.s. te verbieden tijdens die beurzen maatregelen jegens haar, Wallmax, te treffen. Het verschil tussen de reconventionele Amsterdamse en deze Rotterdamse procedure is gelegen in de omstandigheid dat het daar ging om de oranje, en hier om de multicolor producten van Wallmax.

3.13.

Als Roxtec c.s. beschikt over merk- dan wel auteursrechten waarop door Wallmax inbreuk wordt gemaakt of dreigt te worden gemaakt mag zij maatregelen treffen en rechtshandhavend optreden, onder meer door (als zij daartoe verlof heeft verkregen) beslag te leggen op de multicolor producten van Wallmax op de beurzen. Het treffen van dergelijke maatregelen is aan de zijde van een handhavende partij pas onrechtmatig - en voor een verbod is dus pas plaats - als:

a. het zeer aannemelijk is dat de handhavende partij niet het recht heeft waarop gesteld wordt dat inbreuk wordt gemaakt; of

b. het zeer aannemelijk is dat geen sprake is van inbreuk door de partij tot wie de handhaving zich richt; of

c. de handhavingsmaatregelen enkel worden gebruikt om de wederpartij te schaden.

3.13.1.

Ad. a.

Hoewel het Octrooi van Roxtec c.s. is geëxpireerd is wel aannemelijk dat zij houder van intellectuele eigendomsrechten is. Van de geldigheid van haar uniemerken moet voorshands worden uitgegaan. Voor het auteursrecht geldt het volgende.

Nu het Octrooi eenmaal is geëxpireerd mag het eerder beschermde object in beginsel vrij worden gekopieerd. Er moet immers voor worden gewaakt dat een monopolie op een bepaalde technologie na afloop van een octrooi kunstmatig wordt verlengd door het inroepen van langere alternatieve (IE-)rechten. Vast staat dat de maatvoering, de vorm (vierkant met een ronde binnenkant) en het materiaal technisch bepaald en dus niet beschermd zijn. Verder geldt dat aannemelijk is dat de leidingdoorvoer die bestaat uit meerdere rubberlagen technisch bepaald is om de flexibele binnendiameter te bewerkstelligen en dat ook het gebruik van de verschillende kleuren van die lagen technisch is bepaald om de gebruiker in één oogopslag te laten zien dat beide helften van de module evenveel rubberlagen bevatten. Dat neemt echter niet weg dat nog wel enige creatieve keuze (met name ten aanzien van de kleur) mogelijk is.

3.13.2.

Ad. c.

De stelling dat Roxtec c.s. enkel handhavend jegens Wallmax zal optreden om Wallmax te schaden heeft Wallmax niet nader feitelijk toegelicht of onderbouwd. Dat Roxtec c.s. niet heeft willen toezeggen niet op te zullen treden is daartoe onvoldoende, zeker nu aannemelijk is dat Roxtec c.s. eerst recent met de multicolor producten bekend is geraakt. Roxtec c.s. heeft bovendien de stelling van Wallmax betwist, zodat deze niet aannemelijk is geworden.

3.13.3.

Ad. b. Auteursrecht

Voor zover de modules van Roxtec c.s. auteursrechtelijk zijn beschermd, heeft Wallmax, gelet op de totaalindrukken van de producten, voldoende afstand gehouden. Het gaat daar, nu zowel de vorm als de afmetingen en het materiaal als de basis van een vierkant met daarin concentrische cirkels technisch bepaald zijn, eigenlijk alleen om de kleur. Zeker bij de multicolor producten met geel, roze en lila maar ook bij die met alleen roze en lila wijken de kleuren naar voorshands oordeel voldoende af van de door Roxtec c.s. gebruikte kleuren.

3.13.4.

Ad. b. Uniemerken

Dat één van de merken van Roxtec c.s. een bekend merk is, is niet aannemelijk geworden.

Het beweerdelijk inbreukmakende teken van Wallmax is driedimensionaal, terwijl de merken van Roxtec c.s. tweedimensionaal zijn. De geïnteresseerden op de relevante markt zullen echter het merk van Roxtec c.s. herkennen als het vooraanzicht van een leidingdoorvoermodule van Roxtec c.s. Vast staat immers dat alleen gespecialiseerde bedrijven de verschillende producten gebruiken; zij (hun inkopers) kennen het productaanbod en zullen meer dan gemiddeld oplettend zijn, zeker nu kennelijk de certificering verschilt. De producten zijn niet beschikbaar voor “gewone” consumenten en op de beurs waarover dit geschil gaat zullen de producten, naar Wallmax onbetwist heeft gesteld en ook aannemelijk is, zeer nadrukkelijk als van Wallmax afkomstig worden gepresenteerd. Op de multicolor producten van Wallmax staan duidelijk de naam dan wel het internetadres van Wallmax aangegeven. Voorts wijken de kleuren en daarmee de totaalindrukken voldoende duidelijk af van de merken van Roxtec c.s.

Gelet op het voorgaande is gevaar voor verwarring niet aannemelijk geworden.

Niet aannemelijk is voorts dat Wallmax profiteert van de inspanningen van Roxtec c.s. om haar merken aantrekkelijk te maken; het lijkt veeleer de, nu vrije, technische vinding van Roxtec c.s. te zijn waarvan Wallmax nu ook, maar voorshands toelaatbaar, de vruchten plukt.

3.13.5.

Op mutatis mutandis dezelfde gronden is slaafse nabootsing niet aannemelijk.

3.14.

De conclusie is dat op het eerste gezicht geen sprake is van (dreigend) inbreukmakend en/of onrechtmatig handelen van Wallmax.

Het verbod ziet op alle rechts- en bewarende maatregelen

Voor zover het gaat om het verstrekken van monsters is ter zitting door Wallmax verklaard dat een complete set monsters onderweg is, terwijl sommige producten tevens ter zitting aanwezig waren, zodat aannemelijk is dat Roxtec c.s. op dat punt geen rechtens te respecteren belang meer heeft bij te treffen maatregelen als bedoeld in artikel 1019b lid 1 Rv. Roxtec c.s. heeft zelf ter zitting verklaard dat zij met Wallmax ervan uitgaat dat het hier in feite gaat om de maatregel van het leggen van beslag.

Hoewel een verbod om bewarende maatregelen te treffen - in dit geval dus met name beslag te leggen- in beginsel zelden wordt toegewezen, omdat immers bij het vragen van verlof om dergelijke maatregelen te mogen treffen altijd ook een marginale toets (door de verlofverlenende rechter) plaatsvindt, acht de voorzieningenrechter in dit geval, gelet op de belangenafweging, voldoende bijzondere omstandigheden aanwezig om dit uitgangspunt te verlaten.

In de eerste plaats gaat het hier om een beperkt verbod. Wallmax heeft uitdrukkelijk toegezegd dat zij op de beurzen louter (de oranje producten, waarop dit vonnis niet ziet, en) de multicolor producten zal presenteren en het gaat uitdrukkelijk slechts om twee beurzen (ook al zijn die, volgens beide partijen) wel van belang.

Wallmax heeft geïnvesteerd om haar nieuwe lijn op de beurzen te kunnen introduceren. Het is aannemelijk dat het ten laste van haar leggen van beslag op een van de twee beurzen leidt tot reputatieschade en tot terughoudendheid bij potentiële klanten om zaken met haar te doen. Daarom wenst zij zekerheid dat de ex-monopolist Roxtec c.s. die met de dreiging van het mogelijk treffen van bewarende maatregelen ten tijde van het plaatsvinden van beide beurzen in Rotterdam en Amsterdam druk uitoefent, die dreiging niet waar mag maken. Daartegenover staat het belang van Roxtec c.s. om de middelen die de wet haar biedt om haar rechten te beschermen, te gebruiken. Nu (dreigende) inbreuk op die rechten echter, gelet op het voorgaande, ernstig betwijfeld mag worden weegt dat belang minder zwaar dan dat van Wallmax. Dat Roxtec c.s. graag een nieuwe speler zou beletten zich op de markt te introduceren is, gelet op de vrijheid van mededinging, geen mee te wegen belang.

3.15.

Het primair gevraagde verbod zal daarom worden toegewezen als na te melden. De voorzieningenrechter gaat ervan uit dat Wallmax haar multicolor producten op de gebruikelijke wijze zal presenteren en zich zal gedragen naar normale normen van zakelijk fatsoen; dit vonnis is geen vrijbrief voor oneerlijke concurrentie of onrechtmatig gedrag jegens Roxtec c.s. De gevorderde dwangsom zal worden beperkt en gemaximeerd. Hetgeen partijen over en weer overigens hebben aangevoerd behoeft dan geen nadere bespreking.

Proceskosten

3.16.

Als de in het ongelijk gestelde partij zal Roxtec c.s. hoofdelijk worden veroordeeld in de kosten van dit geding. Hierbij heeft te gelden dat Wallmax slechts aanspraak kan maken op een vergoeding op basis van artikel 1019h Rv voor dat deel van haar kosten dat betrekking heeft op de handhaving van de door haar gestelde intellectuele eigendomsrechten. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter gaat het in dit kort geding niet slechts marginaal, zoals Roxtec c.s. betoogt, doch voor de helft over (beweerdelijke) inbreuk op intellectuele eigendomsrechten. Het bepaalde in artikel 1019h Rv kan mitsdien in zoverre toepassing vinden.

Voor het salaris advocaat wordt verwezen naar het als productie EP12 overgelegde proceskostenoverzicht van de zijde van Wallmax die sluit op een totaalbedrag van € 18.960,00 aan advocaatkosten en, geschat, € 3.000,00 aan vertaalkosten. De voorzieningenrechter ziet aanleiding om bij de vraag of en in hoeverre het hierbij gaat om redelijke en evenredige kosten aansluiting te zoeken bij de indicatietarieven in IE-zaken, waarin voor “normale” korte gedingen (als het onderhavige) een maximumbedrag is genoemd van € 15.000,00. De (advocaat- en vertaal)kosten worden dan ook begroot op € 7.500,00 + € 408,00 (de helft van het gebruikelijke liquidatietarief).

De kosten aan de zijde van Wallmax worden begroot op:

- dagvaarding € 97,31

- griffierecht € 618,00

- salaris advocaat € 7.908,00

Totaal € 8.623,31

4 De beslissing

De voorzieningenrechter

4.1.

verbiedt Roxtec c.s. feitelijke en/of (bewarende) rechtsmaatregelen te nemen die Wallmax belemmeren om ongestoord aanwezig te zijn en haar multicolor producten te presenteren op de ten processe bedoelde beurzen, te weten de Europort Exhibition for Maritime Technology 2017 van 7-10 november 2017 in Rotterdam en de Marine Equipment Trade Show van 14-16 november 2017 in Amsterdam;

4.2.

veroordeelt Roxtec c.s. om aan Wallmax een dwangsom te betalen van € 10.000,00 voor iedere dag of gedeelte daarvan dat zij niet aan de in 4.1 uitgesproken hoofdveroordeling voldoet tot een maximum van € 100.000,00 is bereikt,

4.3.

veroordeelt Roxtec c.s. hoofdelijk in de proceskosten, aan de zijde van Wallmax tot op heden begroot op € 8.623,31, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over dit bedrag met ingang van de vijftiende dag na de datum waarop dit vonnis is gewezen tot de dag van volledige betaling,

4.4.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

4.5.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. P.F.G.T. Hofmeijer-Rutten en in het openbaar uitgesproken op 6 november 2017.1734/106