Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2017:6363

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
10-08-2017
Datum publicatie
18-08-2017
Zaaknummer
10/741173-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie

Vrijspraak van poging doodslag c.q. poging tot zware mishandeling van een politieagent en van een ander persoon.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 1

Parketnummer: 10/741173-17

Datum uitspraak: 10 augustus 2017

Tegenspraak

Vonnis van de rechtbank Rotterdam, meervoudige kamer voor strafzaken, in de zaak tegen de verdachte:

[naam verdachte] ,

geboren op [geboortedatum verdachte] te [geboorteplaats verdachte] ,

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres [adres verdachte] , [woonplaats verdachte] ,

gemachtigd raadsvrouw mr. K.C.A. van der Meijden, advocaat te Helmond.

Onderzoek op de terechtzitting

Gelet is op het onderzoek op de terechtzitting van 27 juli 2017.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd hetgeen is vermeld in de dagvaarding. De tekst van de tenlastelegging is als bijlage I aan dit vonnis gehecht.

Eis officier van justitie

De officier van justitie mr. E.M. Loppé heeft gevorderd:

  • -

    vrijspraak van het onder 1 primair en 2 primair ten laste gelegde;

  • -

    bewezenverklaring van het onder 1 subsidiair en 2 subsidiair ten laste gelegde;

  • -

    veroordeling van de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 196 dagen met aftrek van voorarrest, waarvan 180 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar en als bijzondere voorwaarden een meldplicht bij de reclassering, een ambulante behandeling bij De Omslag en een drugs- en alcoholverbod;

  • -

    veroordeling van de verdachte tot ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de tijd van zes maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar.

Waardering van het bewijs

Standpunt officier van justitie

De officier van justitie heeft op basis van het dossier gerekwireerd tot bewezenverklaring van het onder 1 en 2 subsidiair ten laste gelegde; bedreiging door opzettelijk met hoge snelheid met een auto als bestuurder in de richting van een agent ( [naam slachtoffer 1] ) respectievelijk een persoon ( [naam slachtoffer 2] ) en een groep onbekende personen te rijden.

Beoordeling

De feitelijke toedracht zoals omschreven in de tenlastelegging – zowel ten aanzien van feit 1 primair en subsidiair als feit 2 primair en subsidiair – kan op basis van het dossier en het onderzoek ter terechtzitting niet worden vastgesteld. Dat betekent dat de tenlastegelegde feiten niet wettig en overtuigend kunnen worden bewezen, zodat de verdachte hiervan zal worden vrijgesproken.

Bijlage

De in dit vonnis genoemde bijlage maakt deel uit van dit vonnis.

Beslissing

De rechtbank:

verklaart niet bewezen, dat de verdachte de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij;

heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte, die bij eerdere beslissing is geschorst.

Dit vonnis is gewezen door:

mr. J. van der Groen, voorzitter,

en mrs. M.M. Koevoets en E.G. Fels, rechters,

in tegenwoordigheid van A.C. de Sain, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank op 10 augustus 2017.

Bijlage I

Tekst tenlastelegging

Aan de verdachte wordt ten laste gelegd dat

1.

hij op of omstreeks 17 april 2017 te Rotterdam

ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om

opzettelijk een persoon genaamd [naam slachtoffer 1] , hoofdagent van de politie

Eenheid Rotterdam, van het leven te beroven,

althans zwaar lichamelijk letsel toe te brengen,

met dat opzet als bestuurder van een personenauto met hoge/verhoogde snelheid

is gereden in de richting van die [naam slachtoffer 1] ,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

(artikel 287/302 jo 45 Wetboek van Strafrecht)

art 287 Wetboek van Strafrecht

art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht

Subsidiair, voorzover het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou

kunnen leiden:

hij op of omstreeks 17 april 2017 te Rotterdam

[naam slachtoffer 1] , hoofdagent van de politie Eenheid Rotterdam, heeft bedreigd met

enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling,

immers heeft verdachte opzettelijk dreigend als bestuurder van een

personenauto met hoge/verhoogde snelheid gereden in de richting van die

[naam slachtoffer 1] ;

(artikel 285 Wetboek van Strafrecht)

art 285 lid 1 Wetboek van Strafrecht

2.

hij op of omstreeks 17 april 2017 te Rotterdam

ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om

opzettelijk een persoon genaamd [naam slachtoffer 2] en/of een of meer (tot op heden)

onbekend gebleven anderen van het leven te beroven,

althans zwaar lichamelijk letsel toe te brengen,

met dat opzet als bestuurder van een personenauto met hoge/verhoogde snelheid

is gereden in de richting van die [naam slachtoffer 2] en/of die onbekend gebleven

anderen,

terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;

(artikel 287/302 jo 45 Wetboek van Strafrecht)

art 287 Wetboek van Strafrecht

art 45 lid 1 Wetboek van Strafrecht

Subsidiair, voorzover het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou

kunnen leiden:

hij op of omstreeks 17 april 2017 te Rotterdam

[naam slachtoffer 2] en/of een of meer (tot op heden) onbekend gebleven anderen heeft

bedreigd met

enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling,

immers heeft verdachte opzettelijk dreigend als bestuurder van een

personenauto met hoge/verhoogde snelheid gereden in de richting van die

[naam slachtoffer 2] en/of die onbekend gebleven anderen;

(artikel 285 Wetboek van Strafrecht)