Feedback

Gevonden zoektermen

Zoekresultaat - inzien document

ECLI:NL:RBROT:2017:10835

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
27-11-2017
Datum publicatie
03-04-2018
Zaaknummer
10/117249-17
Rechtsgebieden
Strafrecht
Bijzondere kenmerken
Proces-verbaal
Inhoudsindicatie

Wraakporno. Gemotiveerde vrijspraak voor smaad(schrift); veroordeling voor eenvoudige belediging.

Vindplaatsen
Rechtspraak.nl
Verrijkte uitspraak

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team straf 1

Parketnummer: 10-117249-17

Proces-verbaal van de openbare terechtzitting van de politierechter in de rechtbank Rotterdam op 27 november 2017.

Tegenwoordig als:

politierechter mr. E. Rabbie,

officier van justitie mr. V.A.M.G. van de Bilt,

griffier J. Gouma.

De zaak tegen na te noemen verdachte wordt uitgeroepen.

De verdachte, op de terechtzitting aanwezig, antwoordt op de vragen van de politierechter te zijn genaamd

[naam verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats verdachte] op [geboortedatum verdachte] ,

ingeschreven in de basisregistratie personen op het adres:

[adres verdachte] , [woonplaats verdachte] .

De politierechter heeft door deze ondervraging de identiteit van de verdachte vastgesteld.

Als raadsman van de verdachte is aanwezig mr. H.L. Bakker, advocaat te Rotterdam.

In dit proces-verbaal zijn verklaringen en mededelingen steeds zakelijk weergegeven.

De politierechter vermaant de verdachte oplettend te zijn op hetgeen hij zal horen en deelt hem mede, dat hij niet tot antwoorden is verplicht.

De officier van justitie draagt de zaak voor.

De politierechter gelast dat in het proces-verbaal van de terechtzitting wordt aangetekend dat de stukken als bedoeld in artikel 301 van het Wetboek van Strafvordering zijn overgelegd.

De verdachte verklaart gebruik te maken van zijn zwijgrecht.

De officier van justitie voert het woord, leest de vordering voor en legt die aan de politierechter over. Zij vordert dat de verdachte ter zake van het primair ten laste gelegde feit wordt veroordeeld tot een taakstraf van 40 uren. Daarnaast vordert zij toewijzing van de vordering van de benadeelde partij tot een bedrag van € 750 voor immateriële schade te vermeerderen met de wettelijke rente en niet-ontvankelijkverklaring voor het overige met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel, subsidiair 15 dagen hechtenis.

De raadsman voert het woord en bepleit vrijspraak wegens gebrek aan wettig bewijs. Hij bepleit, ingeval de politierechter wel tot een bewezenverklaring komt, matiging van de vordering van de benadeelde partij.

De officier van justitie repliceert en de raadsman dupliceert.

De verdachte wordt het recht gelaten het laatst te spreken.

De politierechter verklaart het onderzoek gesloten en zegt terstond mondeling vonnis te zullen geven.

De politierechter spreekt het vonnis uit ter openbare terechtzitting.

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------

A a n t e k e n i n g van het m o n d e l i n g v o n n i s

--------------------------------------------------------------------

Inhoud van de tenlastelegging

Bij de dagvaarding is aan de verdachte ten laste gelegde dat

hij op een (of meer) tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 27

december 2015 tot en met 29 december 2015, in de gemeente Papendrecht,

althans in Nederland opzettelijk, door middel van het verspreiden en/of

openlijk tentoonstellen van afbeeldingen, de eer en/of de goede naam van

[naam slachtoffer] heeft aangerand door telastlegging van een of meer

bepaald(e) feit(en), met het kennelijke doel om daaraan ruchtbaarheid te

geven, immers heeft verdachte met voormeld doel een of meer

afbeelding(en), te weten meerdere foto's en/of filmpjes, waarop

voornoemde [naam slachtoffer] naakt (en/of met ontbloot bovenlichaam) stond

afgebeeld en/of waarop seksuele gedragingen van voornoemde [naam slachtoffer]

zichtbaar zijn, (via de social media, waaronder Instagram) tentoongesteld

en/of verspreid;

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht

of zou kunnen leiden:

hij op een (of meer) tijdstip(pen) in of omstreeks de periode van 27

december 2015 tot en met 29 december 2015, in de gemeente Papendrecht,

althans in Nederland, opzettelijk een persoon genaamd [naam slachtoffer] , in

het openbaar bij afbeelding heeft beledigd, door privéfoto's en/of

privéfilmpjes waarop die voornoemde [naam slachtoffer] naakt te zien is en/of

waarop seksuele gedragingen van voornoemde [naam slachtoffer] zichtbaar zijn, via

Instagram, althans via de "social media" naar derden te versturen en/of te

verspreiden en/of voor derden zichtbaar te maken.

Vrijspraak van het primair tenlastegelegde feit

De politierechter acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het primair tenlastegelegde feit heeft begaan en spreekt hem daarvan vrij. Daartoe is het volgende redengevend. Voor bewezenverklaring van smaad is nodig dat de schuldige het slachtoffer een bepaald feit tenlastelegt. Daarbij moet het gaan om min of meer concreet omschreven misdrijven of zodanig omschreven feiten die met de positieve moraal strijden. Van het eerste is geen sprake. Naar het oordeel van de politierechter kan van het laatste evenmin gesproken worden waar het, zoals hier, gaat om het zichtbaar zijn van een persoon op beeldmateriaal met ontbloot (boven)lichaam en tijdens het verrichten van seksuele handelingen. Het verrichten van dergelijke handelingen op beeld, ook wanneer dat geschiedt door een 17- à 18-jarige jongvolwassene, kan in het huidige tijdsgewricht niet (langer) als zonder meer strijdig met de positieve moraal worden beschouwd.

Bewijsmiddelen en voor bewijs redengevende feiten en omstandigheden

1. Het ambtsedig proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer [proces-verbaalnummer 1] , opgemaakt en op 6 januari 2016 ondertekend door de opsporingsambtenaar [naam opsporingsambtenaar 1] , voor zover inhoudende als de op 6 januari 2016 tegenover de verbalisant afgelegde verklaring van de aangeefster [naam slachtoffer] (p. 3-6):

Ik woon in Papendrecht. Mijn ex-vriend genaamd [naam verdachte] heeft zonder mijn toestemming seksueel getinte foto's en filmpjes van mij op sociale media, Instagram geplaatst. Tijdens onze relatie heeft [naam verdachte] , met mijn toestemming, seksueel getinte filmpjes van mij gemaakt met zijn mobiele telefoon. Daarnaast heb ik tijdens onze relatie seksueel getinte foto’s verstuurd naar [naam verdachte] . Ik was toendertijd nog geen 18 jaar oud. Op 27 december 2017 kreeg ik een whatsappbericht van [naam verdachte] waarop ik niet gereageerd heb. Ik denk dat hij hier boos om was aangezien hij in het navolgende whatsappbericht dreigde om de seksueel getinte filmpjes en foto’s op internet te plaatsen. Diezelfde dag bleek dat [naam verdachte] , onder het voor iedereen zichtbare account [naam account] , de seksueel getinte filmpjes en foto’s op Instagram had gepost. Ik en nog vele anderen waren hierin getagt. Ik heb [naam verdachte] toen geappt met het verzoek de filmpjes en foto’s van internet te halen. Dit is toen gebeurd. Na 5 minuten stonden de filmpjes en foto’s echter weer op Instagram, waarna 2 minuten later het account verwijderd is. Op 29 december 2016 heeft [naam verdachte] wederom seksueel getinte filpmjes en foto’s van mij op Instagram geplaatst.

2. Het ambtsedig proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer [proces-verbaalnummer 2] , opgemaakt en op 21 januari 2016 ondertekend door de opsporingsambtenaar [naam opsporingsambtenaar 2] , voor zover inhoudende als de op 6 januari 2016 tegenover de verbalisant afgelegde verklaring van getuige [naam getuige] (p. 41-42):

Eind december 2015 hoorde ik van mijn zusje dat er foto's en filmpjes van mijn vriendin [naam slachtoffer] op Instagram stonden. Op deze filmpjes is te zien dat [naam slachtoffer] seksuele handelingen verricht, onder andere orale sex. Ik heb gelijk contact met [naam slachtoffer] opgenomen. Zij vertelde mij dat ze op de hoogte was van deze foto's en filmpjes en dat haar ex-vriendje dat op Instagram had gezet. [naam slachtoffer] vertelde dat het al de tweede keer was dat er zulke foto's en filmpjes van haar op Instagram stonden. [naam slachtoffer] had haar relatie beëindigd en haar ex-vriendje kon dat niet hebben, dus heeft hij die foto's op Instagram gezet. Ik ben niet getagt in de foto's, maar het profiel was openbaar dus iedereen kon de foto's zien.

3. Een geschrift, te weten de uitdraai van een whatsappgesprek tussen aangeefster [naam slachtoffer] en een persoon met nickname ‘ [nickname verdachte] ’ van 27 december 2015, als bijlage 2 gevoegd bij het proces-verbaal van bevindingen van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer [proces-verbaalnummer 3] , opgemaakt en op 1 maart 2016 ondertekend door de opsporingsambtenaar [naam opsporingsambtenaar 2] , voor zover dit inhoudt (p. 14-29):

[naam slachtoffer] : Verwijder die dingen

[nickname verdachte] : Ik verwijder niks

[nickname verdachte] : Tot ik alles heb gehad wat ik wilde horen

[nickname verdachte] : Aii en ik expose je ass

[nickname verdachte] : Nu

[naam slachtoffer] : Doe normaal

[naam slachtoffer] : Kam je niet maken

[nickname verdachte] : 1 klik ervan verwijderd

[nickname verdachte] : Aangezien je als slet wil gedragen

[naam slachtoffer] : Ik gedraag me niet als een slet

[naam slachtoffer] : K ben niet meer verliefd op je

[nickname verdachte] : Nee op [naam 1] toch

[nickname verdachte] : Aii expose

[naam slachtoffer] : Je verpest me hele toekomst dan

[nickname verdachte] : Ik ga alles verpesten

[nickname verdachte] : Je relatie

[nickname verdachte] : Je toekomst

[nickname verdachte] : Ik ga je op fb [de politierechter verstaat: Facebook] gooien en je ouders linken

[naam slachtoffer] : Je kan te ver gaan [naam verdachte]

[nickname verdachte] : Je gooit me uit het niets uit je leven

[nickname verdachte] : Maar ondertussen wel met je ex takkie en met je nieuwe lover

[nickname verdachte] : Even kijken hoe hun je foto’s vinden

[nickname verdachte] : Alles kan je krijgen [naam slachtoffer]

[nickname verdachte] : Ik link je vriendinnen ouders alles

[nickname verdachte] : Verspreid de foto’s

[nickname verdachte] : En nu kookt me bloed eh en zeg ik alles miss ook dingen waar ik spijt van krijg maar hoe je nu met me bent omgegaan

[nickname verdachte] : Als een kk respectloze hoer

[nickname verdachte] : Gelijk naar een ander ai

[nickname verdachte] : Dan zal ik de ander even laten zien hoe je bent

[naam slachtoffer] : Jij bent veeeeeel te ver gegaan

[naam slachtoffer] : En je verwijderd nu die dingen

[naam slachtoffer] : Of k laat politie er mee bemoeien

[nickname verdachte] : Dus nu kan je wel praten

[naam slachtoffer] : Haal die fotos er nu af

[nickname verdachte] : whuhah oke succes

[nickname verdachte] : Nee

[naam slachtoffer] : want je heb echt een heel groot probleem

[nickname verdachte] : Man van me woord

[nickname verdachte] : Facebook is next

[nickname verdachte] : Als je als slet wilt gedragen

[nickname verdachte] : Word je zo behandeld

[nickname verdachte] : Dag [naam slachtoffer]

: verwijder alles van die fotos alle filmpjes die insta

[nickname verdachte] : Nee

[nickname verdachte] : Niet voor ik antwoord krijg of je me blokt

[nickname verdachte] : 1 appje

[nickname verdachte] : Is voldoende

[nickname verdachte] : Voor de volgende post

[nickname verdachte] : En dan zorg ik ervoor dat er weer "vrienden getagged worden"

4. Een geschrift, te weten de uitdraai van een whatsappgesprek tussen [naam 2] en de gebruiker van het telefoonnummer [gsm-nummer] van 29 december 2015, als bijlage 5 gevoegd bij het proces-verbaal van bevindingen van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer [proces-verbaalnummer 3] , opgemaakt en op 1 maart 2016 ondertekend door de opsporingsambtenaar [naam opsporingsambtenaar 2] , voor zover dit inhoudt (p. 36-38):

[naam 2] : iedereen denkt nu dat jij t hebt gedaan. Dus kan me geen kkr schelen hoe je dit opvay

[naam 2] : Het is beter voor jou als je zegt wie t was

[gsm-nummer] : Maar jij kan niet bewijzen met wie je appy

[naam 2] : [naam verdachte]

[naam 2] : Nee je hebt bij deze toegegeven dat ik tegen [naam verdachte] praat

[gsm-nummer] : ik ben [naam verdachte] en zelfs al zou ik dat zeggen hoe weet je dat 100% zeker

[gsm-nummer] : Alle info heb je ook maar van [naam slachtoffer]

[gsm-nummer] : Heb je verder nog iets te zeggen

[naam 2] : Mag ik 1 ding vragen

[gsm-nummer] : Tuurlijk

[gsm-nummer] : Jij wel

[naam 2] : Hoe oud ben je?

[gsm-nummer] : Oh heeft [naam slachtoffer] dat niet verteld

[naam 2] : Nee

[gsm-nummer] : Slecht hoor

[gsm-nummer] : Maar 21

[gsm-nummer] : Nog meer vragen

[naam 2] : Maar je bent dom dat je nu letterlijk toegeeft dat je [naam verdachte] bent haha

5. Het ambtsedig proces-verbaal van de politie Rotterdam-Rijnmond, nummer [proces-verbaalnummer 4] , opgemaakt en op 20 januari 2016 ondertekend door de opsporingsambtenaar [naam opsporingsambtenaar 3] , voor zover inhoudende als de op 20 januari 2016 tegenover de verbalisant afgelegde verklaring van de verdachte (p. 43-4):

Mijn mobiele telefoonnummer is het nummer waarop uw collega mij gebeld heeft. Ik weet dat het nummer op 12 eindigt. Het zou kunnen dat het nummer [gsm-nummer] is. De naam van mijn Instagramaccount was Jerra Sparrow.

De inhoud van de bewijsmiddelen is steeds zakelijk weergegeven.

Bewijsmotivering; aanvullende bewijsoverweging

De bewezenverklaring steunt op de inhoud van de hiervoor opgegeven bewijsmiddelen, voor zover redengevend voor het bewijs, leverende op de redengevende feiten en omstandigheden voor die bewezenverklaring.

In het bijzonder overweegt de politierechter nog het volgende. De verdachte heeft naaktfoto’s van aangeefster en filmpjes waarop zij te zien is terwijl zij seksuele handelingen verricht via sociale media openbaar gemaakt. Daarmee is sprake van aanranding van de waardigheid en aantasting van de eer en goede naam van aangeefster. Er is sprake van belediging nu het opzet van de verdachte, gelet op deze gedragingen, was gericht op aantasting van haar eer en goede naam (zie gerechtshof Amsterdam, 17 september 2013, ECLI:NL:GHAMS:2013:3567). Dit opzet blijkt duidelijk uit de bewoordingen van het whatsappgesprek tussen verdachte en aangeefster.

Bewezenverklaring

Wettig en overtuigend is bewezen dat de verdachte het subsidiair ten laste gelegde feit heeft begaan op die wijze dat

hij in de periode van 27 december 2015 tot en met 29 december 2015, in de gemeente Papendrecht, opzettelijk een persoon genaamd [naam slachtoffer] , in het openbaar bij afbeelding heeft beledigd, door privéfoto's en

privéfilmpjes waarop die voornoemde [naam slachtoffer] naakt te zien is en waarop seksuele gedragingen van voornoemde [naam slachtoffer] zichtbaar zijn, via Instagram, naar derden te versturen en te verspreiden en voor derden zichtbaar te maken.

Kwalificatie

Het bewezen feit levert op:

eenvoudige belediging.

Strafbaarheid feit

Het feit is strafbaar.

Strafbaarheid verdachte

De verdachte is strafbaar.

Toegepaste wetsartikelen

Artikelen

9, 22c, 22d, 24a, 24c, 36f, 266 van het Wetboek van Strafrecht.

Strafoplegging

Een taakstraf voor de duur van 40 (veertig) uren, waarbij Reclassering Nederland dient te bepalen uit welke werkzaamheden de taakstraf dient te bestaan,

met bevel dat, voor het geval de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende hechtenis zal worden toegepast voor de duur van 20 dagen.

Motivering strafoplegging

De straf die aan de verdachte wordt opgelegd is gegrond op de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte.

Daarbij wordt in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het beledigen van het slachtoffer [naam slachtoffer] , destijds sedert kort zijn ex-vriendin, door seksueel getinte foto’s en films van voornoemd slachtoffer online te plaatsen op Instagram en daarbij haar vrienden te ‘taggen’. Door op deze wijze te handelen heeft de verdachte het slachtoffer in haar eer aangetast en gevoelens van angst en schaamte veroorzaakt bij het slachtoffer. De verdachte heeft door zijn handelen blijk gegeven van een gebrek aan respect jegens het slachtoffer nu de foto’s en filmpjes hem in vertrouwen zijn toegestuurd. De politierechter is van oordeel dat de gevorderde straf rechtdoet aan de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder het is begaan.

Motivering beslissing op vordering benadeelde partij

Vast is komen te staan dat aan de benadeelde partij door het bewezen verklaarde strafbare feit, waarmee bij de strafoplegging rekening is gehouden, rechtstreeks immateriële schade is toegebracht. Die schade zal naar maatstaven van billijkheid worden vastgesteld op € 750, zodat de vordering dit bedrag zal worden toegewezen, vermeerderd met de wettelijke rente. De benadeelde partij zal voor het overige niet-ontvankelijk worden verklaard.

Nu de vordering van de benadeelde partij (in overwegende mate) zal worden toegewezen, zal de verdachte worden veroordeeld in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken.

Beslissing op vordering benadeelde partij

De vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen. De vordering van de benadeelde partij wordt toegewezen tot een bedrag van € 750 (zevenhonderdvijftig euro), bestaande uit immateriële schade. De verdachte wordt veroordeeld dit bedrag tegen kwijting aan de benadeelde partij [naam benadeelde] , te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 27 december 2015 tot aan de dag van de algehele voldoening.

De benadeelde partij wordt niet-ontvankelijk verklaard in het resterende deel van de vordering. Dit deel van de vordering kan slechts worden aangebracht bij de burgerlijke rechter.

De verdachte wordt tevens veroordeeld in de kosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op nihil, en in de kosten ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken.

Motivering beslissing schadevergoedingsmaatregel ex art. 36f Wetboek van Strafrecht

Het wordt wenselijk geacht, dat naast de voor de benadeelde partij zelf bestaande mogelijkheid tot tenuitvoerlegging van de aan de verdachte op te leggen verplichting tot betaling van schadevergoeding, ook het openbaar ministerie met die tenuitvoerlegging wordt belast. Aan de verdachte zal daarom tevens de schadevergoedingsmaatregel met vervangende hechtenis worden opgelegd.

Oplegging schadevergoedingsmaatregel ex art. 36f Wetboek van Strafrecht

Aan de verdachte wordt de maatregel tot schadevergoeding opgelegd, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van het slachtoffer [naam slachtoffer] te betalen € 750 (zevenhonderdvijftig euro), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 27 december 2015 tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van volledige betaling en volledig verhaal van het bedrag van € 750 (zevenhonderdvijftig euro) zal vervangende hechtenis worden toegepast voor de duur van 15 dagen. Toepassing van de vervangende hechtenis heft de betalingsverplichting niet op.

Het bij de maatregel tot schadevergoeding genoemde bedrag mag in 10 gedeelten van € 75 (vijfenzeventig euro) per maand worden voldaan.

De betaling aan de benadeelde partij geldt tevens als betaling aan de Staat ten behoeve van de benadeelde partij en omgekeerd.

__________________________________________________________________

De politierechter geeft aan de verdachte kennis dat hij binnen veertien dagen hoger beroep kan instellen tegen dit vonnis en maakt hem opmerkzaam op het recht om op de terechtzitting van dat rechtsmiddel afstand te doen.

Dit proces-verbaal is vastgesteld en ondertekend door de politierechter en de griffier.